RECHTBANK AMSTERDAM Bestuursrecht zaaknummer: AMS 21/1849 uitspraak van de meervoudige kamer van 22 februari 2022 in de zaak tussen [eiser] , te Amsterdam, eiser en het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam, verweerder (gemachtigden: mr. J. Bootsma, mr. S. van Heukelom-Verhage, mr. B.S. Jaasma en mr. M. de Wit). Procesverloop Bij besluit van 4 juni 2020 (het primaire besluit) heeft verweerder de exploitatievergunning van eiser ambtshalve gewijzigd in een vergunning voor bepaalde tijd voor het vaartuig: - [naam boot 1] met als einddatum 1 maart 2030; - [naam boot 2] met als einddatum 1 maart 2028; - [naam boot 3] (sloepvrienden) met als einddatum 1 maart 2024; - [naam boot 4] met als einddatum 1 maart 2026; - [naam boot 5] met als einddatum 1 maart
- Bij besluit van 10 februari 2021 (het bestreden besluit) heeft verweerder het bezwaar van eiser ongegrond verklaard. Eiser heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. De rechtbank heeft in deze zaak en de zaken genoemd in de bijlage bij deze uitspraak een regiezitting gehouden op 22 april 2021, waarbij met partijen afspraken zijn gemaakt over het verloop van de procedure. Verweerder heeft een verweerschrift ingediend. Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden van dinsdag 16 november 2021 tot en met 30 november 2021 in deze zaak en de zaken genoemd in de bijlage. De zaken zijn gezamenlijk behandeld. De rechtbank heeft vervolgens het onderzoek in alle zaken gesloten. Eiser is daar vertegenwoordigd door [naam 1] . Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door bovenstaande gemachtigden. De rechtbank heeft het onderzoek ter zitting gesloten. Conclusie
- De rechtbank stelt eiser niet in het gelijk.
- De rechtbank heeft het beroep van eiser gelijktijdig behandeld met de beroepen van andere Amsterdamse reders voor passagiersvaart. Al deze reders komen op tegen de omzetting van hun exploitatievergunning passagiersvaart van onbepaalde tijd naar bepaalde tijd. De reders hebben een aantal beroepsgronden gezamenlijk ingediend en tijdens de behandeling hebben de reders ook over en weer naar elkaars standpunten verwezen. De rechtbank heeft er voor gekozen de gezamenlijke standpunten te bespreken en te beoordelen in één enkele uitspraak. Bij uitspraak van 22 februari 2022 heeft de rechtbank geoordeeld dat de omzetting van de exploitatievergunning van onbepaalde tijd naar bepaalde tijd niet in strijd is met het geschreven of ongeschreven recht. Voor alle gezamenlijke gronden en het oordeel daarover, verwijst de rechtbank naar die uitspraak. De uitspraak is bijgevoegd en maakt onderdeel uit van deze uitspraak. Feiten en omstandigheden 3.1 Bij besluit van 4 november 2013 heeft eiser een exploitatievergunning verkregen voor het vaartuig [naam boot 3] . Het vaartuig valt onder het segment bemand open. De vergunning is verleend voor onbepaalde tijd. 3.2 Bij besluit van 29 maart 2016 heeft eiser een exploitatievergunning verkregen voor het vaartuig [naam boot 5] . Het vaartuig valt in het segment bemand open. De vergunning is verleend voor onbepaalde tijd. 3.3 Bij besluit van 29 maart 2016 heeft eiser een exploitatievergunning verkregen voor het vaartuig [naam boot 4] . Het vaartuig valt in het segment bemand gesloten. De vergunning is verleend voor onbepaalde tijd. 3.3 Bij besluit van 25 oktober 2017 heeft rederij Lovers een exploitatievergunning verkregen voor het vaartuig [naam boot 6] . Het vaartuig valt in het segment bemand gesloten. De vergunning is verleend voor onbepaalde tijd. Bij besluit van 30 november 2018 is de exploitatievergunning overgezet naar eiser. Bij besluit van 7 december 2018 is de vergunning gewijzigd door het vervangen van het vergunde vaartuig [naam boot 6] voor het nieuwe vaartuig [naam boot 1] . 3.4 Bij besluit van 13 februari 2018 heeft eiser een exploitatievergunning verkregen voor het vaartuig [naam boot 2] . Het vaartuig valt in het segment onbemand. De vergunning is verleend voor onbepaalde tijd. Individuele gronden
- Op 26 maart 2021 heeft de rechtbank de gronden van beroep van eiser ontvangen. In het verweerschrift en in het dupliek is het college ingegaan op deze gronden. De aangevoerde gronden komen overeen met die in de hiervoor aangehaalde uitspraak van 22 februari
- Conclusie
- Het beroep is ongegrond.
- Voor een proceskostenveroordeling of vergoeding van het griffierecht bestaat geen aanleiding. Beslissing De rechtbank verklaart het beroep ongegrond. Deze uitspraak is gedaan door mr. L.H. Waller, voorzitter, en mr. M.F. Ferdinandusse en mr. S.D. Arnold, leden, in aanwezigheid van mr. J.C.E. Krikke en mr. T. van Soldt, griffiers. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 22 februari
- griffier voorzitter Afschrift verzonden aan partijen op: Rechtsmiddel Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken na de dag van verzending daarvan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Als hoger beroep is ingesteld, kan bij de voorzieningenrechter van de hogerberoepsrechter worden verzocht om het treffen van een voorlopige voorziening of om het opheffen of wijzigen van een bij deze uitspraak getroffen voorlopige voorziening. BIJLAGE 1 – OVERZICHT ZAAKNUMMERS Gemachtigde: Adviesburo Monster, mr. J. Monster 21/776 [naam 2] 21/777 Arviro b.v. en B.S.V. Amsterdam 21/778 Demi Trading B.V. 21/779 De Rederij c.v. 21/780 [naam 3] 21/781 Flagship Amsterdam V.o.f. 21/782 Indysign B.V. 21/783 Luxe Boten B.V. 21/784 Rederij Mokum B.V. 21/785 Mokumboot B.V. 21/786 Mokumboot B.V. 21/787 Rederij Friendship v.o.f. 21/788 [naam 4] 21/799 R.K. Management Beheer B.V. 21/790 Starboard Boats B.V. 21/791 [naam 5] 21/792 [naam 6] 21/793 [naam 7] Gemachtigde: AKD, mr. E. Dans 21/1701 Stromma Holland B.V. Stromma Nederland B.V. Canal Bus B.V. Canal Rondvaart B.V. Meijers Rondvaarten B.V. Gemachtigde: jhr. mr. A.R.Ph. Boddaert 21/1502 [naam 8] Gemachtigde Van Doorne N.V., mr. C.W. Kniestedt, mr. A. Vegt 21/1699 Reederij P. Kooij B.V. Reederij E.E. Plas B.V. Beleggingsmaatschappij P. Kooij B.V. [naam 9] Gemachtigde: Duijn Bloem Voss Advocaten, mr. M.S.F. Loor 21/1767 Amsterdam Sloep Huur V.o.f. Gemachtigde: LNW advocaten, mr. P.A. Willemsen 21/845 [naam 10] 21/846 [naam 11] 21/847 [naam 12] 21/848 [naam 13] 21/849 Sinta B.V. [naam 14] [naam 15] [naam 16] [naam 17] [naam 18] [naam 19] Gemachtigde: ngnb advocaten, mr. A.B. Blomberg 21/1695 [naam 20] Gemachtigde: mr. P. Nicolaï 21/1642 Amsterdam Boat Events B.V. 21/1643 [naam 21] 21/1644 Rederij Amsterdam B.V. Amsterdam Boats B.V. RAAB B.V. 21/1645 [naam 22] Adeline B.V. Salonboot Dame van Amstel B.V. Emmerik & Vellekoop Holding B.V. 21/1646 Rederij Belle B.V. 21/1647 Smidtje Holding B.V. 21/1648 Smidtje Beheer B.V. 21/1649 [naam 23] 21/1650 [naam 24] [naam 25] 21/1651 De Kleijn Amsterdam B.V. CBD 21/1652 [naam 26] 21/1653 De Muze B.V. CBD Holding 21/1654 [naam 27] Gemachtigde: mr. C. Post 21/1523 [naam 28] Gemachtigde: Six Advocaten, mr. I. van den Berg 21/1447 [naam 29] 21/1448 V.O.F. JoMart 21/1449 [naam 30] 21/1450 [naam 31] 21/1452 Rederij Aemstelland B.V. 21/1453 Paradis Private Boat Tours B.V. 21/1454 Amsterdamse Salonboot Rederij B.V. 21/1456 [naam 32] 21/1457 [naam 33] 21/1459 [naam 34] 21/1460 [naam 35] 21/1461 [naam 36] 21/1462 [naam 37] 21/1463 De Wolfsburght B.V. Gemachtigde: Stek Advocaten, mrs. R. Elkerbout, Z. van den Bosch en L. Bremmer 21/1364 [naam 38] [naam 39] Rederij Nassau B.V. [naam 40] Amsterdam bootverhuur B.V. [naam 41] Gemachtigde: Wieringa Advocaten, mrs. S. Levelt en L. Tellegen 21/1737 [naam 42] Smidtje Exploitatie B.V. New Orange B.V. Rederij Lovers B.V. 21/1307 Boat2Go B.V. Procedeert zelf 21/1770 Sloepdelen B.V. Adam’s Boats B.V. 21/1635 Boaty B.V. BIJLAGE 2 – UITSPRAAK VAN 22 FEBRUARI 2022 Zie bijlage
- Voor een overzicht van alle zaaknummers, zie bijlage
- ECLI:NL:RBAMS:2022:
- Zie bijlage 2.