← Nederland

ECLI:NL:RBAMS:2022:4520

beschikking RECHTBANK AMSTERDAM Afdeling privaatrecht zaaknummer / rekestnummer: C/13/719681 / JE RK 22/472 Beschikking van 7 juli 2022 in de zaak van William Schrikker Stichting Jeugdbescherming en Jeugdreclassering, locatie Amsterdam, hierna te noemen: de gecertificeerde instelling (de GI), betreffende [minderjarige] , geboren op [geboortedag] 2018 te [geboorteplaats] , hierna te noemen: [minderjarige] . De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan: Mw. [de moeder], hierna te noemen: de moeder, wonende te [woonplaats] , advocaat: mr. J.J.M. Kleiweg, te Amsterdam; de pleegouders van [minderjarige] . De kinderrechter merkt als informant aan: Stichting Philadelphia Zorg,hierna te noemen SPZ,gevestigd te Amsterdam. 1Het verloop van de procedure 1.

  1. De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder: - het verzoekschrift met bijlagen van de GI ingekomen bij de griffie op 5 juli
  2. 1.
  3. De zaak is vervolgens mondeling behandeld ter terechtzitting met gesloten deuren van 7 juli
  4. Verschenen en gehoord zijn: - de moeder, bijgestaan door haar mentor, door een vertegenwoordigster van SPZ en door haar advocaat mr. J.J.M. Kleiweg;- mw. [naam] als vertegenwoordigster van de GI. 2De feiten Het ouderlijk gezag over [minderjarige] wordt uitgeoefend door de moeder. [minderjarige] is onder toezicht gesteld van de GI. [minderjarige] verblijft met een machtiging tot uithuisplaatsing in een pleeggezin, bij een zus van moeder en haar gezin. 3Het verzoek en het verweer De GI heeft de kinderrechter gevraagd toestemming te geven om reisdocumenten voor [minderjarige] aan te vragen, welke toestemming die van de moeder zal vervangen. De moeder heeft zich niet verweerd tegen het verzoek van de GI. 4De beoordeling Artikel 34 van de Paspoortwet bepaalt dat bij een aanvraag (een verzoek tot verstrekking van een reisdocument) door of ten behoeve van een minderjarige een verklaring van toestemming wordt overgelegd van iedere persoon die het gezag uitoefent. Artikel 36 van de Paspoortwet bepaalt (samengevat) dat bij een aanvraag voor reisdocumenten ten behoeve van een minderjarige die onder toezicht is gesteld, de rechter daarvoor een verklaring van toestemming kan geven als een ouder met gezag die verklaring weigert. De moeder heeft zich niet verweerd tegen het verzoek van de GI, waardoor het verzoek in beginsel voor toewijzing gereed ligt. De kinderrechter acht het in het belang van [minderjarige] dat zij over geldige reisdocumenten kan beschikken. Daarom beslist de kinderrechter het volgende. 5De beslissing De kinderrechter: - verleent aan de GI toestemming, die de toestemming van de moeder vervangt, voor het aanvragen van reisdocumenten ten behoeve van het minderjarige kind van de moeder: [minderjarige] , geboren op [geboortedag] 2018 te [geboorteplaats] ; - verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad; - wijst het meer of anders verzochte af. Deze beschikking is gegeven door mr. M.P.G. Rietbergen, kinderrechter, en in het openbaar uitgesproken in tegenwoordigheid van mr. G. Veldman, griffier, op 7 juli
  5. De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 12 juli
  6. Voor zover tegen de beschikking hoger beroep openstaat kan dit via een advocaat worden ingesteld bij het Gerechtshof te Amsterdam (IJdok 20 / Postbus 1312, 1000 BH).Het beroep moet worden ingesteld:- door de verzoeker en door de verschenen wederpartij binnen drie maanden na dagtekening van de beschikking;- door de niet-verschenen wederpartij binnen drie maanden na de betekening van de beschikking in persoon of binnen drie maanden nadat deze beschikking op andere wijze is betekend en overeenkomstig art. 820, lid 2 Rv openlijk bekend is gemaakt.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.