beschikking RECHTBANK AMSTERDAM Familie- en Jeugdrecht Zittingsplaats: Amsterdam Zaakgegevens : C/13/725884 / JE RK 22-801 datum uitspraak: 15 december 2022 verlenging ondertoezichtstelling en uithuisplaatsing in de zaak van de William Schrikker Stichting Jeugdbescherming en Jeugdreclassering, hierna te noemen de Gecertificeerde Instelling (GI), gevestigd te Amsterdam betreffende [minderjarige] , geboren op [geboortedatum] 2005 te [geboorteplaats] , hierna te noemen de minderjarige/ [minderjarige] . De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan: [de moeder] , hierna te noemen de moeder, wonende te [woonplaats] , en [minderjarige] . De kinderrechter merkt als informant aan: [de vader] , de vader, wonende te [woonplaats] . Het procesverloop Het procesverloop blijkt uit de volgende stukken: - het verzoek met bijlagen van de GI van 18 november 2022, ingekomen bij de griffie op 24 november
- Op 15 december 2022 heeft de kinderrechter de zaak ter zitting met gesloten deuren behandeld. Gehoord is mevrouw [naam] namens de GI. [minderjarige] , de moeder en de vader, zijn opgeroepen maar niet verschenen. De feiten Het ouderlijk gezag over [minderjarige] wordt uitgeoefend door de moeder. [minderjarige] woont bij de ouders. Bij beschikking van de kinderrechter van 7 januari 2022 is [minderjarige] onder toezicht gesteld tot 7 januari
- Het verzoek De GI heeft verzocht de ondertoezichtstelling van [minderjarige] te verlengen met een jaar. De kinderrechter begrijpt: tot aan haar meerderjarigheid, dus tot 26 oktober
- Tevens wordt de uithuisplaatsing van [minderjarige] verzocht voor de duur van zes maanden. Het standpunt van belanghebbenden De GI heeft ter zitting, onder verwijzing naar de inleidende stukken, gepersisteerd bij het verzoek. De GI heeft bij de mondelinge behandeling hieraan toegevoegd dat [minderjarige] vindt dat de GI teveel druk op haar legt. Ze heeft aan de GI vandaag aangegeven niet meer mee te willen werken aan Yes we can. Omdat [minderjarige] niet gemotiveerd is, kunnen er geen stappen worden gezet. De hulpverlening die is ingezet, is vroegtijdig stopgezet. De GI geeft tevens aan dat bij de behandeling van de leerplichtzaak in januari, Reclassering Nederland ingezet kan worden om stappen vooruit te kunnen zetten. Uit de stukken komt naar voren dat ouders instemmen met de verzoeken. De GI heeft dit bij de mondelinge behandeling bevestigd. De beoordeling Uit de overgelegde stukken en de mondelinge behandeling komt naar voren dat er nog steeds sprake is van een ernstige bedreiging in de ontwikkeling van [minderjarige] . [minderjarige] is zelfbepalend, houdt zich niet aan afspraken en verzet zich tegen de hulpverlening, waardoor de ingezette trajecten vroegtijdig zijn gestopt. De doelen die zijn gesteld in het kader van de ondertoezichtstelling zijn daardoor nog niet behaald. [minderjarige] is aangemeld bij de Yes we can kliniek maar zij is aldus de GI wisselend in haar bereidheid tot medewerking. De situatie is zeer zorgelijk en er moet, ondanks de weerstand bij [minderjarige] , alles worden geprobeerd om [minderjarige] alsnog mee te laten werken om zodoende de ontwikkelings-bedreigingen weg te nemen. [minderjarige] verdient die inzet hoe moeilijk dat voor haar ook kan voelen. Uit voorgaande volgt dat is voldaan aan het wettelijke criterium genoemd in artikel 1:255 BW. Op dit moment zijn de doelen om de bedreigingen in de ontwikkeling van [minderjarige] weg te nemen waaraan in ieder geval gewerkt moet worden: [minderjarige] heeft structuur en grenzen in haar opvoedsituatie en accepteert deze; [minderjarige] heeft een gezond dag/nachtritme; [minderjarige] heeft een zinvolle dagbesteding in de vorm van onderwijs en een bijbaan; [minderjarige] verwerkt alle ingrijpende gebeurtenissen uit het verleden; [minderjarige] herkent haar eigen grenzen en kan ‘nee’ zeggen tegen leeftijdsgenoten als zij iets niet wil doen; Er wordt onderzocht wat een goede, veilige plek is waar [minderjarige] kan gaan wonen. De kinderrechter zal daarom de ondertoezichtstelling van [minderjarige] verlengen tot aan haar meerderjarigheid, te weten tot 26 oktober
- Ook is de uithuisplaatsing van [minderjarige] noodzakelijk in het belang van de verzorging en opvoeding (artikel 1:265b, eerste lid, BW). De Yes we can kliniek lijkt passend en wordt gezien als laatste kans voor [minderjarige] om passende hulp te kunnen krijgen voor haar meerderjarigheid. De beslissing De kinderrechter: verlengt, aansluitend, de ondertoezichtstelling van [minderjarige] met ingang van 7 januari 2023 tot 16 oktober 2023; verleent machtiging tot uithuisplaatsing van [minderjarige] in een accommodatie jeugdhulpaanbieder, met ingang van 15 december 2022 tot uiterlijk 15 juni 2023; verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad. Deze beschikking is gegeven door mr. M.P.G. Rietbergen, kinderrechter, in tegenwoordigheid van J.O. van Saase-Zaagman als griffier en in het openbaar uitgesproken op 15 december
- De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 15 december
- Hoger beroep tegen deze beschikking kan worden ingesteld: - door de verzoekers en degenen aan wie een afschrift van de beschikking is verstrekt of verzonden, binnen drie maanden na de dag van de uitspraak, - door andere belanghebbenden binnen drie maanden na de betekening daarvan of nadat de beschikking aan hen op een andere wijze bekend is geworden. Het hoger beroep moet, door tussenkomst van een advocaat, worden ingediend ter griffie van het gerechtshofAmsterdam