vonnis RECHTBANK AMSTERDAM Afdeling privaatrecht, voorzieningenrechter civiel zaaknummer / rolnummer: C/13/730116 / KG ZA 23-137 MDvH/MvG Vonnis in kort geding van 21 maart 2023 in de zaak van 1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid TROUWAUTOVERHUUR ENZOJET B.V., gevestigd te Amsterdam, 2. [eiser 2], 3. [eiser 3], beiden wonende te [woonplaats] , eisers bij dagvaarding op verkorte termijn van 27 februari 2023, advocaat mr. J.A.M. van de Sande te Rijswijk, tegen de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [gedaagde] B.V., gevestigd te [vestigingsplaats] , gedaagde, advocaat mr. N. Mauer te Eindhoven. Partijen zullen hierna Enzojet, [eiser 2] , [eiser 3] en de [gedaagde] worden genoemd. 1De procedure 1.1. Tijdens de mondelinge behandeling van dit kort geding op 6 maart 2023 hebben eisers de vorderingen zoals omschreven in de dagvaarding en de akte vermeerdering van eis toegelicht. De [gedaagde] heeft verweer gevoerd. Beide partijen hebben producties en een pleitnotitie in het geding gebracht. Aanvankelijk was vonnis bepaald op 20 maart 2023. Aan partijen is meegedeeld dat vonnis nader is bepaald op vandaag. 1.2. Bij de mondelinge behandeling waren aanwezig: - aan de zijde van eisers: [eiser 2] met mr. Van de Sande; - aan de zijde van de [gedaagde] : [naam] , [functie] , met mr. Mauer. 2. De feiten 2.1. [eiser 2] en [eiser 3] zijn beiden tandarts. Zij zijn gehuwd en voeren al ongeveer 30 jaar gezamenlijk praktijk. Zij voerden hun praktijk voorheen via de [gedaagde] , waarvan [eiser 2] via zijn holding ( [bedrijf 1] B.V.) enig aandeelhouder was. [eiser 2] en [eiser 3] zijn de bestuurders van Enzojet, een andere vennootschap waarvan [eiser 2] enig aandeelhouder is. 2.2. Bij overeenkomst van 24 januari 2020 (hierna: de Koopovereenkomst) heeft [eiser 2] via zijn holding alle aandelen in de [gedaagde] voor € 1,7 miljoen verkocht aan RDW Holland B.V. (thans Denteam). [eiser 2] en [eiser 3] hebben de Koopovereenkomst ook in privé meegetekend. Op 1 maart 2020 zijn de aandelen geleverd. Denteam is sindsdien enig aandeelhouder van de [gedaagde] . 2.3. In artikel 10 van de Koopovereenkomst is bepaald dat [eiser 2] en [eiser 3] nog tenminste 12 maanden na de levering van de aandelen als tandarts/manager werkzaam zullen blijven in de [gedaagde] op basis van een overeenkomst van opdracht. Artikel 11 van de Koopovereenkomst bevat een non-concurrentiebeding, dat luidt, voor zover relevant: "11.1 Zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van Koper is het Verkoper en [eiser 2] en [eiser 3] en iedere aan (een van) hen gelieerde (rechts)personen verboden om gedurende een periode van drie jaar vanaf de Leveringsdatum respectievelijk vanaf de beëindiging van de op Closing te sluiten Overeenkomst van Opdracht, zelfstandig of anderszins, direct of indirect, al dan niet voor derden, in Nederland, werkzaamheden te verrichten die concurreren met de activiteiten van de door de Vennootschap gedreven Onderneming voor of ten behoeve van patiënten die voorkomen in het Patiëntenbestand (…).” In lid 3 is op overtreding van dit beding een boete gesteld van € 25.000,00 ineens en € 2.500,00 per dag of dagdeel dat de overtreding voortduurt. 2.4. Sinds 1 maart 2021 hebben [eiser 2] en [eiser 3] hun werkzaamheden in de [gedaagde] voortgezet op basis van een nieuwe (tweede) overeenkomst van opdracht, gesloten tussen de [gedaagde] als opdrachtgever en Enzojet als opdrachtnemer voor onbepaalde tijd (hierna: de Overeenkomst). Artikel 11 van de Overeenkomst bevat eveneens een non-concurrentiebeding, dat luidt als volgt: “11. GEVOLGEN VAN BEËINDIGING 11.1 Bij het einde van de overeenkomst staakt OPDRACHTNEMER zijn werkzaamheden in de praktijk en worden nadere afspraken gemaakt, schriftelijk vastgesteld en kenbaar gemaakt over de lopende activiteiten ten aanzien van betrokken patiënten (inzake onder meer dossieroverdracht, behandeling en eventuele klachten). OPDRACHTNEMER respectievelijk [eiser 2] en [eiser 3] dan wel diens vervanger hebben dan het recht zich elders ter plaatse als tandarts te vestigen of in een andere praktijk werkzaam te zijn. Behoudens schriftelijke toestemming van OPDRACHTGEVER is het [eiser 2] en [eiser 3] respectievelijk diens vervanger binnen een tijdvak van vierentwintig maanden na 1-3-2021 verboden patiënten uit de praktijk van OPDRACHTGEVER in te schrijven in een praktijk waar OPDRACHTNEMER dan wel respectievelijk [eiser 2] en [eiser 3] diens vervanger werkzaam is, dan wel activiteiten te ontplooien en/of werkzaamheden te verrichten, al dan niet onder eigen naam of onder naam van derden, hetzij om niet, hetzij tegen vergoeding, in opdracht van en/of in dienst van en/of ten behoeve van patiënten van OPDRACHTGEVER, ook al verbreken de patiënten de relatie met OPDRACHTGEVER, anders dan in het kader van het behandelen van pijnklachten. OPDRACHTNEMER respectievelijk [eiser 2] en [eiser 3] respectievelijk diens vervanger zullen zich bovendien binnen het genoemde tijdvak na het einde van deze overeenkomst onthouden van het werven van patiënten van OPDRACHTGEVER, met het oogmerk patiënten over te halen zich in te schrijven in de praktijk waar OPDRACHTNEMER respectievelijk D.J.H- [eiser 2] en [eiser 3] respectievelijk diens vervanger werkzaam zijn. Dit artikel is niet van toepassing wanneer OPDRACHTNEMER respectievelijk [eiser 2] en [eiser 3] respectievelijk diens vervanger zich als tandarts vestigen op een afstand van tenminste 40 kilometer van het praktijkpand waar opdrachtgever is gevestigd en waar OPDRACHTNEMER respectievelijk [eiser 2] en [eiser 3] respectievelijk diens vervanger hoofdzakelijk de werkzaamheden hebben verricht. Voorgaande verplichtingen en verboden gelden niet voor de eerste 25 patiënten die OPDRACHTNEMER respectievelijk [eiser 2] en [eiser 3] respectievelijk diens vervanger volgen. Bij overtreding van de verplichtingen zoals vermeld in dit artikel verbeuren OPDRACHTNEMER en [eiser 2] en [eiser 3] hoofdelijk aan OPDRACHTGEVER dadelijk en ineens, dus zonder dat een nadere sommatie of ingebrekestelling is vereist, een opeisbare boete van € 500,- (zegge: vijfhonderd euro) per overtreding, met een maximum van € 15.000,- (zegge: vijftienduizend euro), onverminderd het recht van OPDRACHTGEVER om in plaats daarvan de volledige schade op OPDRACHTNEMER dan wel respectievelijk [eiser 2] en [eiser 3] te verhalen.”. 2.5. Na verloop van tijd is tussen partijen in toenemende mate wrevel en onenigheid ontstaan over de gang van zaken bij de [gedaagde] . Dit heeft ertoe geleid dat de Overeenkomst in september 2022 is geëindigd. 2.6. Bij brief van 24 oktober 2022 heeft de [gedaagde] Enzojet, [eiser 2] en [eiser 3] op grond van de non-concurrentiebedingen in de Koopovereenkomst en in de Overeenkomst gesommeerd om hun concurrerende activiteiten te staken en om de verbeurde contractuele boete te betalen. 2.7. Tussen partijen is eind 2022 een kortgedingprocedure gevoerd bij deze rechtbank. Enzojet, [eiser 2] en [eiser 3] vorderden in die procedure in conventie, voor zover van belang, schorsing van het non-concurrentiebeding zoals opgenomen in de Overeenkomst. De [gedaagde] vorderde in reconventie, samengevat, maar hieronder volledig weergegeven, Enzojet, [eiser 2] en [eiser 3] te gebieden het non-concurrentiebeding na te komen. Denteam – enig aandeelhouder van de [gedaagde] – vorderde in tussenkomst, samengevat, om [eiser 2] en [eiser 3] te veroordelen om het non-concurrentiebeding in de Koopovereenkomst na te komen. Bij vonnis van 22 december 2022 (hierna: het kortgedingvonnis) is de vordering van Enzojet, [eiser 2] en [eiser 3] (in conventie) afgewezen, de vordering van de [gedaagde] (uitvoerbaar bij voorraad) toegewezen en de vordering van Denteam afgewezen. In conventie zijn Enzojet, [eiser 2] en [eiser 3] hoofdelijk veroordeeld in de proceskosten, aan de zijde van de [gedaagde] begroot op € 3.853,00 en in de nakosten. De voorzieningenrechter heeft, voor zover van belang, als volgt overwogen: 4Het geschil in reconventie 4.1. [ de [gedaagde] , vzr] vordert: 1) Enzojet c.s., hoofdelijk, te gebieden om terstond het concurrentiebeding als neergelegd in de Overeenkomst onverkort na te komen en na te blijven komen en hen te gebieden om de concurrerende activiteiten te staken en gestaakt te houden, waaronder (maar niet beperkt tot) het aanbieden van dergelijke diensten via tandartsotten.nl, het respecteren van het verbod om patiënten van [de [gedaagde] ] in te schrijven in een praktijk waar Enzojet c.s. werkzaam zijn, het ontplooien van activiteiten en/of werkzaamheden te verrichten ten behoeve van patiënten van [de [gedaagde] ] en patiënten van [de [gedaagde] ] te benaderen, op straffe van dwangsommen, met wettelijke rente; (…) 6De beoordeling in de hoofdzaak in conventie (…) 6.10. Voorop staat dat na beëindiging van de Overeenkomst een concurrentie- en relatiebeding als neergelegd in artikel 11 blijft gelden. Enzojet c.s. hebben deze afspraak zelf gemaakt en het gaat niet aan dat zij zich nu ineens met een beroep op het recht van de patiënt op vrije artskeuze – een recht dat aan de patiënt toekomt en niet aan Enzojet c.s. – daaraan willen onttrekken. Dat er van wanprestatie aan de zijde van [de [gedaagde] ] sprake is, kan, zoals hiervoor overwogen, in dit kort geding niet worden vastgesteld. Verder is de voorzieningenrechter het met [de [gedaagde] ] eens dat het hier evident gaat om een overeenkomst van opdracht en niet om een arbeidsovereenkomst, zodat er van reflexwerking geen sprake kan zijn. Overigens is de voorzieningenrechter het ook met [de [gedaagde] ] eens dat de meest logische uitleg van de uitzondering “Voorgaande verplichtingen en verboden gelden niet voor de eerste 25 patiënten die OPDRACHTNEMER respectievelijk [eiser 2] en [eiser 3] respectievelijk diens vervanger volgen.” is, dat met “25 patiënten” is bedoeld: 25 (en niet 50) patiënten in totaal voor Enzojet c.s. (en eventuele vervanger) gezamenlijk. 6.11. Dit betekent dat er geen grond is voor schorsing van het beding van artikel 11.1 van de Overeenkomst en dat vordering 3. zal worden afgewezen. (…) (…) 7De beoordeling in de hoofdzaak in reconventie 7.1. Enzojet c.s. hebben tegen de vordering van [de [gedaagde] ] tot nakoming van artikel 11.1 van de Overeenkomst aangevoerd dat zij nog geen nieuwe praktijk hebben opgezet en dat zij niet actief patiënten van de [gedaagde] ] gaan benaderen. 7.2. De voorzieningenrechter kan zich echter voorstellen dat [de [gedaagde] ] daar niet gerust op is, gelet op de verklaringen van het echtpaar [eiser 2] , onder meer inhoudende dat zij de zorg voor in ieder geval implantologie-patiënten die nog in behandeling zijn willen voortzetten (e-mail van 27 september 2022). Van belang is daarbij verder dat Enzojet c.s. in hun e-mail van 14 oktober 2022 hebben gesteld dat zij elders hun praktijk zullen dienen in te richten en dat op de website www.tandartsotten.nl staat dat het echtpaar [eiser 2] moest vertrekken bij [de [gedaagde] ]. Daarbij wordt wel aangetekend dat het Enzojet c.s. op grond van artikel 11.1 van de Overeenkomst is toegestaan om zich elders ter plaatse als tandarts te vestigen of in een andere praktijk werkzaam te zijn. Zij dienen zich daarbij echter wel te houden aan de voorwaarden van artikel 11.1, waaronder het relatiebeding, dat onder meer inhoudt dat het, behoudens schriftelijke toestemming van [de [gedaagde] ], tot 1 maart 2023 verboden is patiënten uit de praktijk van [de [gedaagde] ] in te schrijven in een praktijk waar Enzojet c.s. werkzaam zijn of die patiënten te werven. Er geldt alleen een uitzondering voor 25 patiënten zoals hierboven bedoeld onder 6.10. Tenslotte wijzen Enzojet c.s. er terecht op dat hen door [de [gedaagde] ] niet kan worden verboden om gebruik te maken van de website [website 1] . 7.3. Dit alles betekent dat vordering 1) zal worden toegewezen zoals vermeld in de beslissing. [de [gedaagde] ] heeft daar ook spoedeisend belang bij. (…) 8De beoordeling in de tussenkomst 8.1. Denteam vordert [eiser 2] en [eiser 3] hoofdelijk te veroordelen om het concurrentiebeding in de Koopovereenkomst (…) na te komen. In de Koopovereenkomst is bepaald dat het beding geldt voor de duur van drie jaar vanaf de Leveringsdatum respectievelijk vanaf de beëindiging van de op de Closing te sluiten Overeenkomst van Opdracht. Enzojet c.s. stelt dat dit beding, dat strenger is voor Enzojet c.s. dan het concurrentiebeding in de Overeenkomst, geacht moet worden te zijn vervangen door het beding in de Overeenkomst nu dit dateert van latere datum en het in wezen dezelfde partijen betreft (…). Gebleken is dat de vanaf 1 maart 2020 (Closing) geldende overeenkomst van opdracht per 1 maart 2021 is vervangen door de Overeenkomst (…). Dit betekent dat het concurrentiebeding uit de Koopovereenkomst ten hoogste gelding zou hebben tot 1 maart 2024, een jaar langer dan dat uit de Overeenkomst waar [de [gedaagde] ] zich op beroept. Partijen verschillen van mening over de vraag of het beding uit de Koopovereenkomst is vervangen door dat uit de Overeenkomst of dat beide bedingen naast elkaar bestaan. Voorshands lijkt het standpunt van Enzojet c.s. niet onaannemelijk dat er sprake is van een vervanging van het beding uit de Koopovereenkomst door dat uit de Overeenkomst. Deze vordering komt daarom niet voor toewijzing in aanmerking. (…) 9De beslissing De voorzieningenrechter (…) in de hoofdzaak in reconventie 9.5. gebiedt Enzojet c.s. om het concurrentiebeding als neergelegd in de Overeenkomst onverkort na te komen en na te blijven komen en om concurrerende activiteiten te staken en gestaakt te houden, waarbij de in artikel 11.1 van de Overeenkomst bedoelde uitzondering voor “de eerste 25 patiënten” zo wordt uitgelegd dat het gaat om 25 patiënten voor Enzojet c.s. gezamenlijk, 9.6. veroordeelt Enzojet c.s. om aan [de [gedaagde] ] een dwangsom te betalen van € 2.500,00 voor iedere dag of gedeelte daarvan dat Enzojet c.s. niet aan de in 9.5 uitgesproken hoofdveroordeling voldoet, tot een maximum van € 500.000,00 is bereikt, (…). 2.8. Op 2 januari 2023 is het kortgedingvonnis aan Enzojet, [eiser 2] en [eiser 3] betekend. 2.9. Begin 2023 hebben [eiser 2] en [eiser 3] voorbereidingen getroffen om op ongeveer 200 meter afstand van de [gedaagde] een praktijk te starten onder de naam [bedrijf 2] . Op de website [website 2] heeft gestaan dat de praktijk per 1 maart 2023 geopend zal zijn. 2.10. Bij deurwaardersexploot van 12 januari 2023 is aan [eiser 2] en [eiser 3] bevel gedaan om te voldoen aan het kortgedingvonnis. 2.11. De [gedaagde] heeft CEFA Bedrijfsrecherche opdracht gegeven [eiser 2] en [eiser 3] te observeren en te onderzoeken of zij een [gedaagde] zijn gestart. Op 1, 2, 14, 15, 21 en 22 februari 2023 heeft CEFA Bedrijfsrecherche observaties uitgevoerd voor de deur van de praktijk van [eiser 2] en [eiser 3] , waarbij tevens video-opnames zijn gemaakt. 2.12. Bij deurwaardersexploot van 20 februari 2023 heeft de [gedaagde] dwangsommen laten aanzeggen aan Enzojet, [eiser 2] en [eiser 3] , omdat zij zich niet aan de veroordeling in het kortgedingvonnis zouden hebben gehouden. In het exploot heeft de [gedaagde] bevel gedaan om per direct tot betaling van € 82.500,00 over te gaan, bij gebreke waarvan executiemaatregelen zullen worden getroffen. In het exploot staat, voor zover van belang, het volgende: “dat [Enzojet, [eiser 2] en [eiser 3] , vzr] vanaf 18 januari 2023 niet aan voormeld bevel hebben voldaan door het ontplooien van (opnieuw) concurrerende activiteiten door het online zetten van de website https:// [website 2] waarop zij hun tandheelkundige diensten aanbieden en dat [de [gedaagde] , vzr] derhalve thans wenst over te gaan tot opeising van de inmiddels verbeurde dwangsommen over de periode 18 januari 2023 tot en met 19 februari 2023 ad € 2.500,00 per dag; (…)”. 3Het geschil 3.1. Enzojet, [eiser 2] en [eiser 3] vorderen – samengevat en na vermeerdering van eis – de [gedaagde] : 1. te verbieden de tenuitvoerlegging van het kortgedingvonnis voort te zetten; 2. te veroordelen om de executoriale beslagen op te heffen; 3. te veroordelen om de door de derde-geëxecuteerde(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.