vonnis RECHTBANK AMSTERDAM Afdeling privaatrecht zaaknummer / rolnummer: C/13/730244 / HA ZA 23-187 Vonnis van 5 april 2023 in de zaak van
- de naamloze vennootschap ZILVEREN KRUIS ZORGVERZEKERINGEN N.V., gevestigd te Utrecht,
- de naamloze vennootschap INTERPOLIS ZORGVERZEKERINGEN N.V., gevestigd te Utrecht,
- de naamloze vennootschap FBTO ZORGVERZEKERINGEN N.V., gevestigd te Leeuwarden, eiseressen, advocaat mr. J. Ekelmans te 's-Gravenhage tegen [gedaagde] , wonende te [woonplaats] , gedaagde, niet verschenen. 1De procedure 1.
- Het verloop van de procedure blijkt uit: de dagvaarding, de akte overleggen producties, het tegen gedaagde verleende verstek. 1.
- Ten slotte is vonnis bepaald. 2De beoordeling 2.
- Eiseressen vorderen gedaagde te veroordelen tot betaling van de beslagkosten. Deze vordering is gelet op het bepaalde in art. 706 Rv toewijsbaar. De beslagkosten worden begroot op € 1.624,44 voor verschotten (inclusief € 676,00 griffierecht beslagrekest) en € 2.645,00 voor salaris advocaat (1 rekest x € 2.645,00). Eiseres vordert gedaagde te veroordelen tot betaling van de beslagkosten. Deze kosten voor de beslaglegging onder de derden zal worden afgewezen. Het beslag moet nietig worden geacht, nu gesteld noch gebleken is dat de dagvaarding aan de derde is betekend binnen de gestelde termijn van acht dagen, hetgeen ingevolge art. 721 Rv op straffe van nietigheid is voorgeschreven. 2.
- Het gevorderde komt de rechtbank voor het overige niet onrechtmatig of ongegrond voor en zal als volgt worden toegewezen. 2.
- Gedaagde zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van eiseressen worden begroot op: - dagvaarding € 130,67 - griffierecht 5.061,00 - salaris advocaat 2.645,00 (1,0 punt × tarief € 2.645,00) Totaal € 7.836,67 3De beslissing De rechtbank 3.
- veroordeelt gedaagde om aan eiseressen te betalen een bedrag van € 332.810,61 (driehonderdtweeëndertig duizendachthonderdtien euro en éénenzestig eurocent), vermeerderd met de wettelijke rente als bedoeld in art. 6:119 BW over dit bedrag met ingang van 1 februari 2023 tot de dag van volledige betaling, 3.
- veroordeelt gedaagde in de beslagkosten, tot op heden begroot op € 4.269,44, 3.
- veroordeelt gedaagde in de proceskosten, aan de zijde van eiseressen tot op heden begroot op € 7.836,67, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in art. 6:119 BW over dit bedrag met ingang van de veertiende dag na de betekening van dit vonnis tot de dag van volledige betaling, 3.
- veroordeelt gedaagde in de na dit vonnis ontstane kosten, begroot op € 173,00 aan salaris advocaat, te vermeerderen, onder de voorwaarde dat gedaagde niet binnen 14 dagen na aanschrijving aan het vonnis heeft voldaan en er vervolgens betekening van de uitspraak heeft plaatsgevonden, met een bedrag van € 90,00 aan salaris advocaat en de explootkosten van betekening van de uitspraak, 3.
- verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad, 3.
- wijst het meer of anders gevorderde af. Dit vonnis is gewezen door mr. J.T. Kruis en in het openbaar uitgesproken op 5 april
- type: AAK coll:
🔗 Naar officiële bron
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.