RECHTBANK AMSTERDAM INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER Parketnummer: 13/046467-23 Datum uitspraak: 3 mei 2023 UITSPRAAK op de vordering van 23 februari 2023 van de officier van justitie bij deze rechtbank tot het in behandeling nemen van een Europees aanhoudingsbevel (EAB). Dit EAB is uitgevaardigd op 20 augustus 2018 door the Lugoj District Court (Roemenië) en strekt tot de aanhouding en overlevering van: [opgeëiste persoon] Geboren te [geboorteplaats] (Roemenië) op [geboortedag] 1968 zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland gedetineerd in de Penitentiaire Inrichting [P.I.] hierna ‘de opgeëiste persoon’. 1Procesgang De behandeling van het EAB heeft plaatsgevonden op de zitting van 19 april
- Het openbaar ministerie heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. W.H.R. Hogewind, officier van justitie. De opgeëiste persoon is verschenen en bijgestaan door zijn raadsman, mr. P.D. Popescu, advocaat te Amsterdam en door een tolk in de Roemeense taal. De rechtbank heeft de termijn waarbinnen zij op grond van de Overleveringswet (OLW) uitspraak moet doen over de verzochte overlevering met 30 dagen verlengd. 2Identiteit van de opgeëiste persoon Ter zitting heeft de opgeëiste persoon verklaard dat de bovenvermelde persoonsgegevens juist zijn en dat hij de Roemeense nationaliteit heeft. 3Grondslag en inhoud van het EAB Het EAB vermeldt een final and enforcable court decision no. 553 delivered on 20-th July 2018 by Lugoj District Court, final on 07-th August 2018, reference file no. 779/252/2018 of Lugoj District Court. Bij deze beslissing is de tenuitvoerlegging bevolen van een straf voor de duur van één jaar en zes maanden opgelegd door de Lugoj District Court van 18 februari 2016, zoals na het instellen van hoger beroep bevestigd door het Timisoara Court of Appeal op 25 mei
- De opgeëiste persoon was aanwezig tijdens de zitting van het hoger beroep bij het Appeal Court van 11 mei 2016 en heeft tijdens die zitting een verklaring afgelegd. De grondslag van de omzetting was gelegen in de omstandigheid dat de opgeëiste persoon niet had voldaan aan de hem bij genoemde beslissingen opgelegde voorwaarde die strekte tot betaling van schadevergoeding aan de gelaedeerde partij. De overlevering wordt verzocht ten behoeve van de tenuitvoerlegging van een vrijheidsstraf voor de duur van 1 jaar en 6 maanden, door de opgeëiste persoon te ondergaan op het grondgebied van de uitvaardigende lidstaat. Deze beslissing betreft het feit zoals omschreven in het EAB. 4Strafbaarheid Feit waarvoor dubbele strafbaarheid is vereist De uitvaardigende justitiële autoriteit heeft het feit waarvoor de overlevering wordt gevraagd niet aangeduid als feit waarvoor het vereiste van toetsing van dubbele strafbaarheid niet geldt. Overlevering kan in dat geval worden toegestaan, indien voldaan wordt aan de kaderbesluitconform uitgelegde eisen die in artikel 7, eerste lid, aanhef en onder b, OLW juncto artikel 7, eerste lid, onder a 2°, OLW zijn neergelegd. De rechtbank stelt vast dat hieraan is voldaan. Het feit levert naar Nederlands recht op: zware mishandeling. 5Artikel 11 OLW: Roemeense detentieomstandigheden De rechtbank stelt vast dat er ten aanzien van de Roemeense detentieomstandigheden voor opgeëiste personen sprake is van een algemeen gevaar voor schending van artikel 4 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie (Handvest). Bij brief van 1 maart 2023 is door het Ministry of Justice National Administration of Penitentiaries (Roemenië) een detentiegarantie verschaft waarin de volgende garantie is gegeven: “(…)
- If the person deprived of his liberty is handed over to the Romanian authorities at Henri Coandă Bucharest Airport, he will be initially taken to the Rahova Bucharest Penitentiary in order to carry out the quarantine period for a 21- day period, in a room where he will have a minimum space of 3 square meters. All the persons deprived of liberty in the quarantine and observation period are included in a multidisciplinair program. (…) Given the amount of the punishment, he will most likely serve initially the sentence of imprisonment in the semi-open regime . At the same time, considering his residence, most likely, for the beginning, he will serve the sentence in the Timişoara Penitentiary . (…) The detention rooms in the Timisoara Penitentiary are provided with facilities according to the regulations in force, providing individual bed and the necessary bedding for each detainee, with individual ventilation, natural lighting and the installations necessary for the artificial lighting. Each detention room is provided with a private bathroom, with a sink, shower and toilet. The access to cold water is permanent and hot water is provided daily in accordance with the program approved by the prison manager. Each room is equipped with furniture, standard wardrobes for storage of personal belongings and an additional storeroom, where shelves are installed, so that the detainees can store their personal belongings. Regarding the hygiene in the rooms, we specify that periodic actions are carried out for the disinsectization and disinfestation of the detention spaces. The administration of each penitentiary provides adequate conditions for the preparation, distribution and serving of food according to the food hygiene rules, according to age, health status, nature of the work performed, respecting the religious convictions assumed by the convicted person. (…) The right to medical care, treatment and care of convicted persons is guaranteed, Without discrimination in terms of their legal status. The right to health care includes medical intervention, primary health care, emergency medical care and specialized medical care. The right to medical care includes both health care and terminal care. Medical assistance, treatment and care in the penitentiaries are provided, with qualified personnel, free of charge, according to the law, on request or whenever necessary. The convicted persons receive free of charge, according to the law, care, medical treatment and medicines. (…) Considering the perspective of the implementation of the measures included in the "The Action plan for the period 2020-2025, prepared in order to enforce the guiding decision Rezmives and others versus Romania, as well as the decisions delivered in the cases group Bragadireanu versus Romania", as well as the trend currently registered by the number of detainees in the detention units of the National Penitentiary Administration, following the criminal policies adopted by the Romanian state, the National Administration of Penitentiaries guarantees the provision of a minimum individual space of 3 square meters for the entire period of serving the punishment , including the bed and the related furniture, without including the space for the bathroom. (…)“ Standpunt van de raadsman De raadsman heeft zich aan de hand van zijn ter zitting overgelegde pleitnota primair op het standpunt gesteld dat de omstandigheden in de detentie instelling van Timisoara (hierna: Timisoara) overlevering in de weg staan. Ter onderbouwing van zijn standpunt verwijst de raadsman naar een aantal uitspraken van het EHRM waarin een schending van artikel 3 EVRM is vastgesteld met betrekking tot de detentieomstandigheden in Timisoara. In het in het Roemeens opgestelde rapport van het bezoek van het Helsinki comité aan Roemenië van 21 april 2021 blijkt dat in Timisoara sprake is van een bezetting van 130%, dat er een tekort aan personeel is en er slechts 1 dokter en 20 assistenten in Timisoara aanwezig zijn. In het rapport van de Roemeense nationale ombudsman van 26 oktober 2021 wordt het bestuur van Timisoara aanbevolen om maatregelen te nemen tegen de bestaande overbevolking. Uit een krantenartikel uit de Banatul Azi van 16 februari 2023 wordt nog steeds geschreven over de overbevolking in Timisoara. Subsidiair verzoekt de raadsman om de behandeling van de zaak aan te houden voor het opvragen van nadere informatie over de detentieomstandigheden in Roemenië. Standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de rechtbank dient uit te gaan van de geboden zekerheid in de individuele detentiegarantie, welke het gevaar voor schending van artikel 4 van het Handvest voor de opgeëiste persoon wegneemt. De officier van justitie merkt nog op dat in het meest recente CPT-rapport van 14 april 2022 Timisoara niet wordt genoemd. Oordeel van de rechtbank De door de raadsman genoemde EHRM-arresten over Timisoara verwijzen naar detentieomstandigheden in een periode van een aantal jaar geleden en de aangehaalde rapporten hebben het met name over de overbevolking in Timisoara en de geboden gezondheidszorg. Ten slotte heeft de rechtbank kennisgenomen van het krantenartikel van de Banatul Azi van 16 februari 2023 waarin weliswaar staat vermeld dat Timisoara nog steeds kampt met overbevolking maar dat er (inmiddels) 92 extra plekken voor gedetineerden zijn ingericht. Aan de hand van een globale beoordeling van alle gegevens waarover zij beschikt, gaat de rechtbank uit van de geboden zekerheid in de hiervoor opgenomen garantie. De door de verdediging aangedragen bezwaren worden naar het oordeel van de rechtbank voldoende ondervangen door de individuele detentiegarantie. Hiermee is gegarandeerd dat de opgeëiste persoon in de detentie instellingen in Roemenië waar hij naar alle waarschijnlijkheid zal worden gedetineerd (the Bucharest - Rahova Penitentiary en the Timișoara Penitentiary) niet het gevaar loopt van een onmenselijke of vernederende behandeling als bedoeld in artikel 4 van het Handvest, zodat is gegarandeerd dat de opgeëiste persoon de beschikking zal hebben over een persoonlijke ruimte van minimaal 3m2 – ook als dit een celruimte voor meerdere personen betreft – daarbij de sanitaire voorzieningen niet inbegrepen. De rechtbank ziet gelet op het voorgaand geen aanleiding de behandeling van de zaak aan te houden. 6Slotsom De rechtbank stelt vast dat het EAB voldoet aan de eisen van artikel 2 OLW. Verder staan geen weigeringsgronden aan de overlevering in de weg en is geen sprake van een geval waarin aan het EAB geen gevolg mag worden gegeven. Om die reden staat de rechtbank de overlevering toe. 7Toepasselijke wetsbepalingen Artikel 302 Wetboek van Strafrecht en de artikelen 2, 5 en 7 OLW. 9Beslissing STAAT TOE de overlevering van [opgeëiste persoon] aan the Lugoj District Court (Roemenië) voor de feit zoals deze is omschreven in onderdeel e) van het EAB. Deze uitspraak is gedaan door mr. C. Klomp, voorzitter, mrs. J.P.W. Helmonds en R.A. Sipkens, rechters, in tegenwoordigheid van mr. H.L. van Loon, griffier, en in het openbaar uitgesproken op de zitting van 3 mei
- Ingevolge artikel 29, tweede lid, OLW staat tegen deze uitspraak geen gewoon rechtsmiddel open. Zie artikel 23 Overleveringswet. Zie artikel 22, eerste en derde lid, OLW. (of eerste, derde en vierde lid OLW) Zie onderdeel e) van het EAB. Onder andere de volgende uitspraken: * EHRM Gerneny en anderen tegen Roemenië (Application no. 1189/16) d.d. 13 april 2023 * EHRM Velici en anderen tegen Roemenië (Application no. 9302/16) d.d. 2 maart 2023 * EHRM Faur tegen Roemenië (Application no. 11501/09) d.d. 21 juni 2016 European Committee for the Prevention of Torture and Inhuman or Degrading Treatment or Punishment (CPT)