RECHTBANK AMSTERDAM INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER Parketnummer: 13/007225-24 Datum uitspraak: 7 maart 2024 TUSSEN UITSPRAAK op de vordering van 10 januari 2024 van de officier van justitie bij deze rechtbank tot het in behandeling nemen van een Europees aanhoudingsbevel (EAB). Dit EAB is uitgevaardigd op 24 mei 2023 door the County Court in Poznan (Polen, hierna: de uitvaardigende justitiële autoriteit) en strekt tot de aanhouding en overlevering van: [opgeëiste persoon] , geboren in [geboorteplaats] (Polen) op [geboortedag] 1991, zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland, gedetineerd in [naam PI] , hierna ‘de opgeëiste persoon’. 1Procesgang De behandeling van het EAB heeft plaatsgevonden op de zitting van 22 februari 2024, in aanwezigheid van mr. K. van der Schaft, officier van justitie. De opgeëiste persoon heeft afstand gedaan van zijn recht op zitting te worden gehoord. Hij is vertegenwoordigd door zijn gemachtigd raadsman, mr. S. de Goede, advocaat in Breda. 2Identiteit van de opgeëiste persoon De rechtbank heeft de identiteit van de opgeëiste persoon onderzocht en vastgesteld dat de bovenvermelde persoonsgegevens juist zijn en dat de opgeëiste persoon de Poolse nationaliteit heeft. 3Grondslag en inhoud van het EAB Het EAB vermeldt een aanhoudingsbevel van the District Court Poznan-Stare Miasto in Poznan van 13 december 2022 (dossiernummer: VIII Kp 972/22). De uitvaardigende justitiële autoriteit verzoekt de overlevering vanwege het vermoeden dat de opgeëiste persoon zich schuldig heeft gemaakt aan een naar Pools recht strafbaar feit. Dit feit is omschreven in het EAB. 4Strafbaarheid; feit waarvoor dubbele strafbaarheid is vereist De uitvaardigende justitiële autoriteit heeft het feit niet aangeduid als feit waarvoor het vereiste van toetsing van dubbele strafbaarheid niet geldt. Overlevering kan in dat geval worden toegestaan, wanneer – kort gezegd - voldaan is aan het vereiste dat op het feit naar het recht van de uitvaardigende lidstaat een vrijheidsstraf met een maximum van ten minste twaalf maanden is gesteld en dat het feit ook naar Nederlands recht strafbaar is. De rechtbank stelt vast dat hieraan is voldaan. Het feit levert naar Nederlands recht op: openlijk in vereniging geweld plegen tegen personen, terwijl dat geweld de dood ten gevolge heeft. 5Afwijzing verzoek om aanhouding van de raadsman De raadsman heeft naar voren gebracht dat de opgeëiste persoon heeft verklaard dat zijn enige rol bij de geweldpleging die aan het EAB ten grondslag ligt, is dat hij één van de gewonden naar het ziekenhuis heeft gebracht. Verder heeft de raadsman aangevoerd dat hij van de Poolse advocaat van de opgeëiste persoon heeft vernomen dat de Poolse justitiële autoriteiten de opgeëiste persoon willen horen als getuige. Gelet hierop heeft de raadsman om aanhouding verzocht om de uitvaardigende justitiële autoriteit te vragen of de overlevering van de opgeëiste persoon wordt gevraagd om hem te vervolgen als verdachte of dat de Poolse justitiële autoriteiten hem slechts willen horen als getuige. De officier van justitie vindt dat het verzoek om aanhouding van de raadsman moet worden afgewezen, omdat het onvoldoende is onderbouwd. De rechtbank wijst het verzoek om aanhouding van de raadsman af en motiveert dit als volgt. De Poolse justitiële autoriteiten hebben in 2022 een nationaal aanhoudingsbevel en in 2023 een EAB tegen de opgeëiste persoon uitgevaardigd. Het nationale aanhoudingsbevel strekt ertoe de opgeëiste persoon voor een periode van 3 maanden in voorlopige hechtenis te nemen in Polen, zoals blijkt uit de tekst zoals die in het EAB onder B. opgenomen is. Het EAB strekt ertoe het nationale aanhoudingsbevel uit te voeren en de opgeëiste persoon te vervolgen. Daarbij volgt uit onderdeel
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.