← Nederland

ECLI:NL:RBAMS:2024:2873

RECHTBANK AMSTERDAM Civiel recht Kantonrechter Zaaknummer: 10898398 \ CV EXPL 24-895 Vonnis van 3 mei 2024 in de zaak van WMD DRINKWATER N.V., gevestigd te Assen, eisende partij, gemachtigde: H.G. Zeiger, tegen [gedaagde] , handelend onder de naam Bom Brasil Events, wonende te [woonplaats] , gedaagde partij, procederend in persoon. De kantonrechter noemt partijen hierna: WMD Drinkwater en [gedaagde] . 1De procedure 1.

  1. In het dossier van de kantonrechter zitten: - de dagvaarding van 16 januari 2024, met producties, - de brief van [gedaagde] van 24 januari 2024, - de e-mail van 2 april 2024 van WMD Drinkwater met als bijlage de Algemene Voorwaarden drinkwater, - het tussenvonnis van 20 februari 2024, waarbij de mondelinge behandeling is bepaald, - de mondelinge behandeling van 5 april 2024, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt. 1.
  2. De kantonrechter heeft bepaald dat zij het vonnis vandaag wijst. 2De feiten 2.
  3. Op 11 februari 2020 is namens Bom Brasil Events een overeenkomst voor de levering van water gesloten met WMD Drinkwater. De overeenkomst is beëindigd per 7 juni
  4. 2.
  5. De eindafrekening van 17 juni 2022 bedroeg € 13.961,
  6. [gedaagde] heeft de factuur van de eindafrekening niet betaald. WMD Drinkwater heeft daarom op 13 december 2022 een sommatie-exploot betekend aan [gedaagde] . Naar aanleiding daarvan hebben partijen een betalingsregeling afgesproken. Deze regeling hield in dat [gedaagde] een totaal bedrag van € 14.996,92 (de hoofdsom, vermeerderd met rente en kosten) moet betalen in termijnen van € 500,- per maand. [gedaagde] heeft in de betalingstermijn van december 2023 niet betaald. Daarna heeft hij weer elke maand betaald. 3Het geschil 3.
  7. Na vermindering van de vordering tijdens de mondelinge behandeling, vordert WMD Drinkwater dat de rechtbank [gedaagde] veroordeelt om te betalen € 7.601,44 plus de wettelijke rente. WMD Drinkwater vordert dat de kantonrechter daarbij bepaalt dat het vonnis ook moet worden uitgevoerd als hoger beroep wordt ingesteld (uitvoerbaar bij voorraad). 3.
  8. WMD Drinkwater berekent de vordering zo: Hoofdsom € 13.961,26 Buitengerechtelijke incassokosten € 914,61 Rente tot 16 januari 2024 € 725,57 + € 15.601,44 In mindering voldaan € 8.000,00 - Totaal € 7.601,44 WMD Drinkwater stelt dat zij op basis van de tussen partijen gesloten overeenkomst water heeft geleverd. Inmiddels is de overeenkomst beëindigd en heeft WMD Drinkwater een eindafrekening gestuurd. [gedaagde] heeft de factuur van de eindafrekening niet betaald. De betalingsregeling die daarna met hem is getroffen, komt hij niet na. [gedaagde] moet daarom het restant betalen. 3.
  9. [gedaagde] betwist de vordering op zichzelf niet. Hij wil alleen dat de betalingsregeling wordt voortgezet, omdat hij niet het hele bedrag ineens kan betalen. 4De beoordeling 4.
  10. De kantonrechter stelt vast dat [gedaagde] de overeenkomst met WMD Drinkwater heeft gesloten voor zijn eenmanszaak Bom Brasil Events. De consument- beschermende bepalingen zijn daarom niet van toepassing. 4.
  11. [gedaagde] voert geen verweer tegen de vordering. De vordering komt de kantonrechter niet ongegrond of onrechtmatig voor. Zij wijst daarom de vordering toe. WMD Drinkwater heeft tijdens de mondelinge behandeling toegezegd dat de betalingsregeling met een betalingstermijn van € 500,- per maand voortgezet wordt. Daarbij gaat de kantonrechter ervan uit dat de betalingstermijn(en) die [gedaagde] heeft voldaan in de periode tussen de mondelinge behandeling en het vonnis in mindering worden gebracht op het bedrag dat in de beslissing staat. Proceskosten 4.
  12. [gedaagde] krijgt dus ongelijk. Hij moet daarom de proceskosten van WMD Drinkwater betalen. De kantonrechter stelt de kosten van de rechtszaak die WMD Drinkwater heeft gemaakt vast op: - dagvaarding € 126,39 - griffierecht € 524,- - salaris gemachtigde € 678,- (2 punten × tarief € 339,-) - nakosten € 135,- Totaal € 1.463,39 5De beslissing De kantonrechter 5.
  13. veroordeelt [gedaagde] om aan WMD Drinkwater te betalen een bedrag van € 7.601,44, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW, met ingang van 16 januari 2024 tot de dag van volledige betaling, 5.
  14. veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten van € 1.463,39, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe. Als [gedaagde] niet op tijd aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend, dan moet [gedaagde] ook de wettelijke/Btag kosten van betekening betalen, 5.
  15. verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad, 5.
  16. wijst het meer of anders gevorderde af. Dit vonnis is gewezen door mr. Q.R.M. Falger, rechter, bijgestaan door mr. D.K.W. Collins, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 3 mei
  17. Btag is het tarief van het Besluit Tarieven Ambtshandelingen Gerechtsdeurwaarders

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.