RECHTBANK AMSTERDAM Bestuursrecht zaaknummers: AMS 23/5570, 23/5751, 23/5783, 23/5784, 23/5785, 23/5816 en 23/5817, 23/5868 uitspraak van de meervoudige kamer van 24 mei 2024 in de zaken tussen de besloten vennootschap Fastned B.V. (Fastned), te Amsterdam, eiseres (gemachtigden: mr. L.P.W. Mensink en mr. I.A. Siskina), en de minister van Infrastructuur en Waterstaat (de minister), verweerder (gemachtigden: mr. K.E. Masmeijer, mr. M.E.G. Otten, M. Top, mr. E.W. Vervelde en [naam 1] ). Als derde-partijen hebben aan de zaken deelgenomen: In de zaken met zaaknummers AMS 23/5570, 23/5751, 23/5783, 23/5784, 23/5785, 23/5816 en 23/5817: de besloten vennootschap Shell Nederland Verkoopmaatschappij B.V. (Shell), te Rotterdam, vergunninghouder (gemachtigden: mr. R.J. Donkersloot en mr. J.E. van der Holst). In de zaak met zaaknummer AMS 23/5868: BP Europe SE/BP Nederland (BP), te Rotterdam, vergunninghouder (gemachtigde: G.J. van de Zeeuw-Mulder) Inleiding 1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank de beroepen van Fastned tegen de aan Shell en BP verleende vergunningen op grond van de Wet beheer rijkswaterstaatswerken (Wbr) voor: - een energielaadpunt met vier laadplekken als aanvullende voorziening bij het benzinestation langs [rijksweg 1] op [verzorgingsplaats 1] in de gemeente Arnhem (AMS 23/5570); - een energielaadpunt met twee laadplekken als aanvullende voorziening bij het benzinestation langs [rijksweg 2] op [verzorgingsplaats 2] in de gemeente Apeldoorn (AMS 23/5751); - een energielaadpunt met twee laadplekken als aanvullende voorziening bij het benzinestation langs [rijksweg 3] op [verzorgingsplaats 3] in de gemeente Apeldoorn (AMS 23/5783); - twee energielaadpunten met twee laadplekken als aanvullende voorziening bij het benzinestation langs [rijksweg 4] op [verzorgingsplaats 4] in de gemeente Staphorst (AMS 23/5784); - een energielaadpunt met vier laadplekken als aanvullende voorziening bij het benzinestation langs [rijksweg 4] op [verzorgingsplaats 5] in de gemeente Zwolle (AMS 23/5785); - een energielaadpunt met twee laadplekken als aanvullende voorziening bij het benzinestation langs [rijksweg 2] op [verzorgingsplaats 6] in de gemeente Rijssen-Holten (AMS 23/5816); - een energielaadpunt met vier laadplekken als aanvullende voorziening bij het benzinestation langs [rijksweg 5] op [verzorgingsplaats 7] in de gemeente Neder-Betuwe (AMS 23/5817); en - een energielaadpunt met vier laadplekken als aanvullende voorziening bij het benzinestation langs [rijksweg 6] op [verzorgingsplaats 8] in de gemeente Oegstgeest (AMS 23/5868). 1.1. De minister heeft op de beroepen gereageerd met een verweerschrift. 1.2. De rechtbank heeft de beroepen gelijktijdig met de zaak AMS 23/5246 behandeld op de zitting van 15 april 2024. Aan de zitting hebben deelgenomen: de gemachtigden van Fastned en [naam 2] , de gemachtigden van de minister, de gemachtigden van Shell en mr. L. Yuen. Namens BP is niemand verschenen. Totstandkoming van de besluiten Zaaknummer 23/5570 ( [verzorgingsplaats 1] ) 2. Shell beschikt over een vergunning voor het behouden en onderhouden van het benzinestation [verzorgingsplaats 1] als basisvoorziening op grond van de Wbr. De huurrechten van het benzinestation lopen af op 9 september 2035. Fastned beschikt over een vergunning voor een energielaadpunt met vier laadplekken als basisvoorziening. Deze vergunning loopt tot 10 juni 2030. 2.1. Op 17 januari 2019 heeft Shell een Wbr-vergunning aangevraagd voor een energielaadpunt met twee laadplekken op [verzorgingsplaats 1] als aanvullende voorziening bij het benzinestation. Op 24 juni 2019 heeft de minister de gevraagde vergunning aan Shell verleend. Fastned heeft tegen dit besluit bezwaar gemaakt. 2.2. Op 18 oktober 2019 heeft Shell een aanvraag ingediend tot wijziging van de vergunning. De wijziging betrof een locatiewijziging om de laadplekken te verplaatsen naar het voorterrein van de shop. Met een besluit van 20 februari 2020 heeft de minister de gevraagde wijzigingsvergunning verleend. 2.3. Op 14 juli 2021 heeft Shell nogmaals een aanvraag ingediend tot wijziging van de vergunning. Deze wijziging betrof een uitbreiding van twee naar vier laadplekken. Met een besluit van 29 oktober 2021 heeft de minister de gevraagde wijzigingsvergunning verleend. 2.4. Met het bestreden besluit van 1 augustus 2023 heeft de minister het bezwaar van Fastned ongegrond verklaard en het besluit van 29 oktober 2021 in stand gelaten. Fastned heeft tegen dit besluit beroep ingesteld. Zaaknummer 23/5751 ( [verzorgingsplaats 2] ) 3. Shell beschikt over een vergunning voor het behouden en onderhouden van het benzinestation [verzorgingsplaats 2] als basisvoorziening op grond van de Wbr. De huurrechten van het benzinestation lopen af op 14 september 2037. Fastned beschikt over een vergunning voor een energielaadpunt met acht laadplekken als basisvoorziening. Deze vergunning loopt tot 22 april 2029. 3.1. Op 18 juni 2019 heeft Shell een Wbr-vergunning aangevraagd voor een energielaadpunt met twee laadplekken op [verzorgingsplaats 2] als aanvullende voorziening bij het benzinestation. Op 5 november 2019 heeft de minister de gevraagde vergunning aan Shell verleend. Fastned heeft tegen dit besluit bezwaar gemaakt. 3.2. Met het bestreden besluit van 10 augustus 2023 heeft de minister het bezwaar van Fastned ongegrond verklaard en het besluit van 5 november 2019 in stand gelaten. Fastned heeft tegen dit besluit beroep ingesteld. Zaaknummer 23/5783 ( [verzorgingsplaats 3] ) 4. Shell beschikt over een vergunning voor het behouden en onderhouden van het benzinestation [verzorgingsplaats 3] als basisvoorziening op grond van de Wbr. De huurrechten van het benzinestation lopen af op 9 september 2030. Fastned beschikt over een vergunning voor een energielaadpunt met acht laadplekken als basisvoorziening. Deze vergunning loopt tot 5 juni 2028. 4.1. Op 17 januari 2019 heeft Shell een Wbr-vergunning aangevraagd voor een energielaadpunt met twee laadplekken op [verzorgingsplaats 3] als aanvullende voorziening bij het benzinestation. Op 2 juli 2019 heeft de minister de gevraagde vergunning aan Shell verleend. Fastned heeft tegen dit besluit bezwaar gemaakt. 4.2. Op 18 oktober 2019 heeft Shell een aanvraag ingediend tot wijziging van de vergunning. De wijziging betrof het toestaan van haaks parkeren in plaats van kamparkeren bij de laadplekken. Met een besluit van 17 december 2019 heeft de minister de gevraagde wijzigingsvergunning verleend. 4.3. Met het bestreden besluit van 9 augustus 2023 heeft de minister het bezwaar van Fastned ongegrond verklaard en het besluit van 2 juli 2019 in stand gelaten. Fastned heeft tegen dit besluit beroep ingesteld. Zaaknummer 23/5784 ( [verzorgingsplaats 4] ) 5. Shell beschikt over een vergunning voor het behouden en onderhouden van het benzinestation [verzorgingsplaats 4] als basisvoorziening op grond van de Wbr. De huurrechten van het benzinestation lopen af op 13 september 2032. Fastned beschikt over een vergunning voor een energielaadpunt met vier laadplekken als basisvoorziening. Deze vergunning loopt tot 19 mei 2030. 5.1. Op 21 maart 2019 heeft Shell een Wbr-vergunning aangevraagd voor twee energielaadpunten met in totaal twee laadplekken op [verzorgingsplaats 4] als aanvullende voorziening bij het benzinestation. Op 11 juli 2019 heeft de minister de gevraagde vergunning aan Shell verleend. Fastned heeft tegen dit besluit bezwaar gemaakt. 5.2. Op 18 oktober 2019 heeft Shell een aanvraag ingediend tot wijziging van de op 11 juli 2019 verleende vergunning. Deze wijziging betrof een uitbreiding van twee naar vier laadplekken. Met een besluit van 17 december 2019 heeft de minister de gevraagde wijzigingsvergunning verleend. Het bezwaar van Fastned richt zich ook tegen dit besluit. 5.3. Met het bestreden besluit van 9 augustus 2023 heeft de minister het bezwaar van Fastned ongegrond verklaard en het besluit van 11 juli 2019, zoals gewijzigd op 17 december 2019, in stand gelaten. Fastned heeft tegen dit besluit beroep ingesteld. Zaaknummer 23/5785 ( [verzorgingsplaats 5] ) 6. Shell beschikt over een vergunning voor het behouden en onderhouden van het benzinestation [verzorgingsplaats 5] als basisvoorziening op grond van de Wbr. De huurrechten van het benzinestation lopen af op 11 september 2034. Fastned beschikt over een vergunning voor een energielaadpunt met zes laadplekken als basisvoorziening. Deze vergunning loopt tot 17 november 2029. 6.1. Op 21 december 2020 heeft Shell een Wbr-vergunning aangevraagd voor een energielaadpunt met vier laadplekken op [verzorgingsplaats 5] als aanvullende voorziening bij het benzinestation. Met een besluit van 26 oktober 2021 heeft de minister de gevraagde vergunning aan Shell verleend. Fastned heeft tegen dit besluit bezwaar gemaakt. 6.2. Op 5 april 2022 heeft Shell een aanvraag ingediend tot wijziging van de op 26 oktober 2021 verleende vergunning. De wijziging betrof een noodzakelijke verplaatsing van het energielaadpunt. Met een besluit van 27 juni 2022 heeft de minister de gevraagde wijzigingsvergunning verleend. 6.3. Met het bestreden besluit van 31 juli 2023 heeft de minister het bezwaar van Fastned ongegrond verklaard en het besluit van 27 juni 2022 in stand gelaten. Fastned heeft tegen dit besluit beroep ingesteld. Zaaknummer 23/5816 ( [verzorgingsplaats 6] ) 7. Shell beschikt over een vergunning voor het behouden en onderhouden van het benzinestation [verzorgingsplaats 6] als basisvoorziening op grond van de Wbr. De huurrechten van het benzinestation lopen af op 11 september 2034. Fastned beschikt over een vergunning voor een energielaadpunt met vier laadplekken als basisvoorziening. Deze vergunning loopt tot 2 januari 2029. 7.1. Op 20 maart 2020 heeft Shell een Wbr-vergunning aangevraagd voor een energielaadpunt met twee laadplekken op [verzorgingsplaats 6] als aanvullende voorziening bij het benzinestation. Met een besluit van 18 mei 2020 heeft de minister de gevraagde vergunning aan Shell verleend. Fastned heeft tegen dit besluit bezwaar gemaakt. 7.2. Met het bestreden besluit van 14 augustus 2023 heeft de minister het bezwaar van Fastned ongegrond verklaard en het besluit van 18 mei 2020 in stand gelaten. Fastned heeft tegen dit besluit beroep ingesteld. Zaaknummer 23/5817 ( [verzorgingsplaats 7] ) 8. Shell beschikt over een vergunning voor het behouden en onderhouden van het benzinestation [verzorgingsplaats 7] als basisvoorziening op grond van de Wbr. De huurrechten van het benzinestation lopen af op 11 september 2034. Fastned beschikt over een vergunning voor een energielaadpunt met vier laadplekken als basisvoorziening. Deze vergunning loopt tot 30 juli 2028. 8.1. Op 17 juni 2019 heeft Shell een Wbr-vergunning aangevraagd voor een energielaadpunt met vier laadplekken op [verzorgingsplaats 7] als aanvullende voorziening bij het benzinestation. Met een besluit van 14 november 2019 heeft de minister de gevraagde vergunning aan Shell verleend. Fastned heeft tegen dit besluit bezwaar gemaakt. 8.2. Met het bestreden besluit van 14 augustus 2023 heeft de minister het bezwaar van Fastned ongegrond verklaard en het besluit van 14 november 2019 in stand gelaten. Fastned heeft tegen dit besluit beroep ingesteld. Zaaknummer 23/5868 ( [verzorgingsplaats 8] ) 9. BP beschikt over een vergunning voor het behouden en onderhouden van het benzinestation [verzorgingsplaats 8] als basisvoorziening op grond van de Wbr. De huurrechten van het benzinestation lopen af op 12 september 2033. Fastned beschikt over een vergunning voor een energielaadpunt met vier laadplekken als basisvoorziening. Deze vergunning loopt tot 11 april 2029. 9.1. Op 4 maart 2022 heeft BP een Wbr-vergunning aangevraagd voor een energielaadpunt met twee laadplekken. Op 12 oktober 2022 heeft de minister de gevraagde vergunning aan BP verleend, met een looptijd van 15 jaar. Fastned heeft tegen dit besluit bezwaar gemaakt. 9.2. Met het bestreden besluit van 17 augustus 2023 heeft de minister de aan BP verleende vergunning gewijzigd voor wat betreft de looptijd van de vergunning. In het bestreden besluit is de looptijd van de vergunning gekoppeld aan het gebruiksrecht voor de basisvoorziening benzinestation van BP die loopt tot 12 september 2033. Het bezwaar van Fastned is op dit punt gegrond verklaard. Voor het overige heeft de minister het besluit van 12 oktober 2022 in stand gelaten. Fastned heeft tegen dit besluit beroep ingesteld. Juridisch kader 10. Per 1 januari 2024 is de Wbr ingetrokken en is de Omgevingswet in werking getreden. Omdat vóór die datum de aanvraag om Wbr-vergunning is ingediend, is in deze zaken de Wbr met de onderliggende regelingen nog van toepassing. Dit volgt uit het overgangsrecht van artikel 4.3, aanhef en onder a, van de Invoeringswet Omgevingswet. 10.1. Artikel 3, eerste lid, van de Wbr bepaalt, voor zover hier relevant, dat een vergunning slechts kan worden geweigerd, gewijzigd of ingetrokken ter bescherming van waterstaatswerken en ter verzekering van het doelmatig en veilig gebruik van die werken, met inbegrip van het belang van verruiming of wijziging anderszins van die werken. Een aanvraag tot wijziging van een Wbr-vergunning moet, kort gezegd, worden beoordeeld op veiligheid en doelmatigheid. 10.2. Het toetsingskader voor aanvragen om een vergunning voor het aanbieden van voorzieningen op een verzorgingsplaats langs rijkswegen, als bedoeld in artikel 3 van de Wbr, is het beleid, zoals neergelegd in de Kennisgeving Voorzieningen op verzorgingsplaatsen langs rijkswegen (de Kennisgeving). De Kennisgeving is in 2004 vastgesteld en – voor zover in deze zaak relevant – in 2022 gewijzigd. Daarnaast is in aanvulling op de Kennisgeving op 23 december 2022 de Tijdelijke beleidsregel gepubliceerd in de Staatscourant. 10.3. Op grond van artikel 3, eerste lid, van de Tijdelijke beleidsregel wordt een vergunning slechts verleend of gewijzigd met een geldigheidsduur die in ieder geval is beperkt (
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.