← Nederland

ECLI:NL:RBAMS:2024:4285

RECHTBANK AMSTERDAM INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER Parketnummer: 13/114812-24 (EAB IV) Datum uitspraak: 18 juni 2024 UITSPRAAK op de vordering van 4 april 2024 van de officier van justitie bij deze rechtbank tot het in behandeling nemen van een Europees aanhoudingsbevel (EAB). Dit EAB is uitgevaardigd op 13 maart 2024 door the District Court in Miskolc, Hongarije (hierna: de uitvaardigende justitiële autoriteit) en strekt tot de aanhouding en overlevering van: [opgeëiste persoon], geboren in [geboorteplaats] (Hongarije) op [geboortedag] 1995, zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland, gedetineerd in [detentieadres], hierna ‘de opgeëiste persoon’. 1Procesgang Zitting 30 april 2024 De behandeling van het EAB heeft plaatsgevonden op de zitting van 30 april 2024, in aanwezigheid van mr. K. van der Schaft, officier van justitie. De opgeëiste persoon is verschenen en is bijgestaan door zijn raadsman, mr. J.W. Ebbink, advocaat te Haarlem en door een tolk in de Hongaarse taal. De rechtbank heeft de termijn waarbinnen zij op grond van de Overleveringswet (OLW) uitspraak moet doen over de verzochte overlevering met 30 dagen verlengd. Tussenuitspraak 14 mei 2024 De rechtbank heeft op 14 mei 2024 een tussenuitspraak gewezen.Daarin is het onderzoek heropend en voor onbepaalde tijd geschorst, zodat gelijktijdig uitspraak kan worden gedaan in de zaken van EAB’s met parketnummers 13-070348-24 (EAB I), 13-070360-24 (EAB II) en 13-104063-24 (EAB III). Zitting 4 juni 2024 De rechtbank heeft het onderzoek op 4 juni 2024 – met instemming van partijen in gewijzigde samenstelling – hervat in de stand waarin het onderzoek zich bevond op het moment van de schorsing op 30 april

  1. De opgeëiste persoon is verschenen en is bijgestaan door zijn raadsman, mr. J.W. Ebbink, advocaat te Haarlem en door een tolk in de Hongaarse taal. 2Identiteit van de opgeëiste persoon Ter zitting heeft de opgeëiste persoon verklaard dat de bovenvermelde persoonsgegevens juist zijn en dat hij de Hongaarse nationaliteit heeft. 3Tussenuitspraak 14 mei 2024 De rechtbank zal de overlevering toestaan en verwijst daarbij naar haar tussenuitspraak van 14 mei
  2. Hierin heeft de rechtbank de grondslag van het EAB, de inhoud van het EAB, het genoegzaamheidsverweer en de strafbaarheid van de feiten al beoordeeld. De rechtbank heeft in haar uitspraak geconcludeerd dat de overlevering kan worden toegestaan. Deze overwegingen dienen hier als herhaald en ingelast te worden beschouwd. 4Toepasselijke wetsartikelen De artikelen 2, 5 en 7 OLW. 5Beslissing STAAT TOE de overlevering van [opgeëiste persoon] aan the District Court in Miskolc (Hongarije) voor de feiten zoals omschreven in onderdeel e) van het EAB. Deze uitspraak is gedaan door mr. J.P.W. Helmonds, voorzitter, mrs. E. Biçer en A.R. Vlierhuis, rechters, in tegenwoordigheid van mr. V.D. Bennett, griffier, en in het openbaar uitgesproken op de zitting van 18 juni
  3. Ingevolge artikel 29, tweede lid, OLW staat tegen deze uitspraak geen gewoon rechtsmiddel open. Zie artikel 23 Overleveringswet. Zie artikel 22, eerste en derde lid, OLW. ECLI:NL:RBAMS:2024:
  4. ECLI:NL:RBAMS:2024:2853.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.