← Nederland

ECLI:NL:RBAMS:2024:5130

RECHTBANK AMSTERDAM Wrakingskamer Beslissing van 30 mei 2024 op het op 14 mei 2024 gedane en onder zaaknummer C/13/750815 HA RK 24/160 ingeschreven verzoek van: [verweersters] , wonende te [woonplaats] , verzoeker, welk verzoek strekt tot wraking van mr. M.R.J. van de Wel, politierechter, hierna de rechter. Verloop van de procedure De wrakingskamer heeft kennisgenomen van een proces-verbaal van de zitting van 14 mei 2024 in de zaak waarin verzoeker als verdachte is aangemerkt (parketnummer [nummer] ). In het proces-verbaal is het verzoek tot wraking opgenomen. Dit verzoek is behandeld ter zitting van de wrakingskamer op 23 mei

  1. Verzoeker en de rechter zijn niet verschenen. De rechter heeft op 23 mei 2024 een schriftelijk standpunt ingediend bij de wrakingskamer. 1De feiten Van de volgende feiten wordt uitgegaan. Verzoeker is verdachte in een strafzaak met parketnummer [nummer] . Op 14 mei 2024 heeft in de zaak van verzoeker een zitting plaatsgevonden. Van de zitting is een proces-verbaal opgemaakt. Hierin staat onder meer het volgende: 2De gronden van het verzoek De gronden van het verzoek blijken uit het proces-verbaal. Verzoeker was niet aanwezig op de zitting van de wrakingskamer om zijn verzoek (verder) toe te lichten. 3
  2. De reactie van de rechter De rechter berust niet in het verzoek om wraking en heeft op 23 mei 2024 het volgende schriftelijke standpunt ingediend bij de wrakingskamer: Kort samengevat is de reactie van de rechter dat hij, hoewel hij nog steeds achter de inhoud van die opmerking staat, achteraf gezien beter voor minder directe bewoordingen had kunnen kiezen. Hij vindt niet dat deze ietwat ongelukkig geformuleerde woorden blijk geven van enige vooringenomenheid of de schijn daarvan opwekken. Wat hem betreft kan hij de behandeling van de zaak voortzetten, waarbij hij verzoeker desgewenst kan toelichten wat hij met zijn opmerking heeft bedoeld. 4De beoordeling van het verzoek 4.1 Op grond van artikel 512 Sv kan een rechter worden gewraakt op grond van feiten of omstandigheden waardoor de rechterlijke onpartijdigheid schade zou kunnen lijden. Daarbij staat voorop dat een rechter uit hoofde van zijn aanstelling moet worden vermoed onpartijdig te zijn, tenzij zich uitzonderlijke omstandigheden voordoen die een zwaarwegende aanwijzing vormen dat een rechter jegens een procespartij partijdig is, althans dat de bij die partij daarvoor bestaande vrees objectief gerechtvaardigd is. 4.2 De schriftelijke reactie van de rechter is ontvangen op de dag van de mondelinge behandeling van het wrakingsverzoek. Omdat van verzoeker geen e-mailadres bekend was, kon die reactie niet per e-mail naar hem worden toegezonden. Indien hij op de mondelinge behandeling was verschenen, zou hij in de gelegenheid zijn gesteld in een korte schorsing de reactie te lezen. 4.3 De rechter heeft in zijn reactie terecht aangevoerd dat de door hem gebruikte woorden (die naar zijn zeggen ietwat ongelukkig geformuleerd waren) geen blijk geven van vooringenomenheid of van de gerechtvaardigde schijn daarvan. Derhalve is geen sprake van een wrakingsgrond. Het verzoek zal dan ook worden afgewezen. BESLISSING De wrakingskamer van de rechtbank: wijst het wrakingsverzoek af; bepaalt dat de zaak met parketnummer [nummer] wordt voortgezet in de stand waarin die zaak zich bevond op het moment van wraking. Aldus gegeven door mr. A.W.J. Ros, voorzitter, mr. C.M. Degenaar en mr. R.H. Mulderije, leden, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 30 mei 2024 in tegenwoordigheid van de griffier. Tegen deze beslissing staat op grond van het bepaalde in artikel 515 lid 5 Sv geen voorziening open.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.