← Nederland

ECLI:NL:RBAMS:2024:5343

RECHTBANK AMSTERDAM Civiel recht Kantonrechter Zaaknummer: 142911134542 \ CV EXPL 24-6090 Vonnis van 30 augustus 2024 (bij vervroeging) in de zaak van [eiser] , te [woonplaats] , eisende partij, hierna te noemen: [eiser] , gemachtigde: A.P.M. Meijer, tegen [gedaagde] , te [woonplaats] , gedaagde partij, hierna te noemen: [gedaagde] , gemachtigde: mr. W.F. Wienen. 1De procedure 1.

  1. Het verloop van de procedure blijkt uit: - de dagvaarding van 13 mei 2024, met producties,- de rolmededeling van de kantonrechter van 5 juli 2024, met als bijlage het proces-verbaal van de mondelinge behandeling van 28 juni 2024 in de zaak die tussen partijen onder zaaknummer 10923122 \ CV EXPL 24-1429 (hierna: 24-1429) aanhangig is, - de rolmededeling van de kantonrechter van 19 juli 2024, waarbij is bepaald dat de conclusie van antwoord in de zaak 24-1429 ook als conclusie van antwoord in deze zaak zal worden aangemerkt en dat in beide zaken gelijktijdig een mondelinge behandeling zal worden gehouden, - de conclusie van antwoord van 26 april 2024 in zaak 24-1429, - het proces verbaal van de mondelinge behandeling in beide zaken van 22 augustus
  2. 1.
  3. Ten slotte is vonnis bepaald. 2Het geschil en de beoordeling 2.
  4. [eiser] heeft al eerder een zaak met dezelfde vordering tegen [gedaagde] bij deze rechtbank aanhangig gemaakt. Deze procedure is bij de rechtbank bekend onder zaaknummer 24-
  5. [eiser] heeft tijdens de mondelinge behandeling van 22 augustus 2022 aangegeven dat zijn vordering in één van beide zaken kan worden ingetrokken, waarbij het hem niet uitmaakt in welke van de twee zaken dit gebeurt. Het komt de kantonrechter het meest geraden voor de zaak die als eerste aanhangig is gemaakt inhoudelijk te behandelen en het zo te begrijpen dat [eiser] zijn vordering in deze tweede zaak vermindert tot nihil. Dat betekent dat in deze tweede zaak alleen over de proceskosten wordt geoordeeld. 2.
  6. [eiser] heeft deze zaak onnodig aanhangig gemaakt. [eiser] moet daarom de proceskosten van [gedaagde] betalen. De proceskosten van [gedaagde] worden begroot op: - salaris gemachtigde € 543 (1 punt × € 543) - nakosten € 135 (plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing) Totaal € 678 3De beslissing De kantonrechter 3.
  7. veroordeelt [eiser] in de proceskosten van € 678, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [eiser] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend, 3.
  8. verklaart deze kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad. Dit vonnis is gewezen door N. Versteeg en in het openbaar uitgesproken op 30 augustus 2024 (bij vervroeging).

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.