← Nederland

ECLI:NL:RBAMS:2024:5613

RECHTBANK AMSTERDAM INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER Parketnummer: 13-087832-24 Datum uitspraak: 4 september 2024 UITSPRAAK op de vordering van 26 juni 2024 van de officier van justitie bij deze rechtbank tot het in behandeling nemen van een Europees aanhoudingsbevel (EAB). Dit EAB is uitgevaardigd op 11 maart 2024 en uitgevaardigd door de Arrondissementsrechtbank te Wiener Neustadt, afdeling 32, Oostenrijk (hierna: de uitvaardigende justitiële autoriteit) en strekt tot de aanhouding en overlevering van: [opgeëiste persoon] , geboren op [geboortedag] 1997 te [geboorteplaats] , ingeschreven in de Basisregistratie Personen op het adres: [BRP adres] , hierna ‘de opgeëiste persoon’. 1Procesgang De behandeling van het EAB heeft plaatsgevonden op de zitting van 21 augustus 2024 in aanwezigheid van mr. G.M. Kolman, officier van justitie. De opgeëiste persoon is verschenen en is bijgestaan door zijn raadsman, mr. S.C. van Klaveren, advocaat in Amsterdam. De rechtbank heeft de termijn waarbinnen zij op grond van de Overleveringswet (OLW) uitspraak moet doen over de verzochte overlevering met 30 dagen verlengd. Tevens heeft de rechtbank voor sluiting van het onderzoek ter zitting de gevangenhouding bevolen en die gevangenhouding direct geschorst onder voorwaarden. De raadsman heeft zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank. 2Identiteit van de opgeëiste persoon Ter zitting heeft de opgeëiste persoon verklaard dat de bovenvermelde persoonsgegevens juist zijn en dat hij de Nederlandse nationaliteit heeft. 3Grondslag en inhoud van het EAB Aan het EAB ligt ten grondslag – gelezen in samenhang met het A-formulier – een National Arrest Warrant (Bevel tot arrestatie) van 8 maart 2024 van the Public Prosecutor Wiener Neustadt with approval of the Regional court. De uitvaardigende justitiële autoriteit verzoekt de overlevering vanwege het vermoeden dat de opgeëiste persoon zich schuldig heeft gemaakt aan naar Oostenrijks recht strafbare feiten. Deze feiten zijn omschreven in het EAB. 4Strafbaarheid Feiten vermeld op bijlage 1 bij de OLW De uitvaardigende justitiële autoriteit wijst de strafbare feiten aan als zogenoemde lijstfeiten, die in Nederland in de lijst van bijlage 1 bij de OLW staan vermeld. De feiten vallen op deze lijst onder de nummers 1 en 18, te weten: deelneming aan een criminele organisatie en georganiseerde of gewapende diefstal. Uit het EAB volgt dat op deze feiten naar het recht van Oostenrijk een vrijheidsstraf met een maximum van ten minste drie jaren is gesteld. Dit betekent dat een onderzoek naar de dubbele strafbaarheid van de feiten waarvoor de overlevering wordt verzocht, achterwege moet blijven. 5De garantie als bedoeld in artikel 6, eerste lid, OLW De opgeëiste persoon heeft de Nederlandse nationaliteit en beroept zich op de garantie als bedoeld in artikel 6, eerste lid, OLW. De rechtbank stelt vast dat de opgeëiste persoon zodanige banden heeft met Nederland, dat de tenuitvoerlegging van een eventueel na overlevering opgelegde straf, uit het oogpunt van sociale re-integratie beter in Nederland kan plaatsvinden dan in de uitvaardigende lidstaat. Zijn overlevering kan daarom worden toegestaan, wanneer is gewaarborgd dat de opgeëiste persoon, in geval van veroordeling in de uitvaardigende lidstaat tot een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf na overlevering, deze straf in Nederland mag ondergaan. De regionale rechtbank Wiener Neustadt heeft op 10 juli 2024 de volgende garantie gegeven: Op verzoek van het Openbaar Ministerie Wiener Neustadt, geeft de regionale rechtbank Wiener Neustadt de garantie overeenkomstig artikel 29 lid 3 EU-JZG, volgens welke [opgeëiste persoon] , geboren op [geboortedag] 1997, met Nederlandse nationaliteit, zal worden overgeleverd aan Nederland voor de tenuitvoerlegging van een straf opgelegd door een Oostenrijkse rechtbank, eens de procedure is afgerond en het vonnis rechtsgeldig is. De garantie heeft betrekking op de strafbare feiten in het Europees aanhoudingsbevel d.d. 11-03-2024, dossiernummer 13 St 61/24 h. Naar het oordeel van de rechtbank is deze garantie voldoende. 6Slotsom De rechtbank stelt vast dat het EAB voldoet aan de eisen van artikel 2 OLW. Verder staan geen weigeringsgronden aan de overlevering in de weg en is geen sprake van een geval waarin aan het EAB geen gevolg mag worden gegeven. Om die reden staat de rechtbank de overlevering toe. 7Toepasselijke wetsartikelen De artikelen 2, 5, 6 en 7 OLW. 8Beslissing STAAT TOE de overlevering van [opgeëiste persoon] aan de Arrondissementsrechtbank te Wiener Neustadt, afdeling 32, Oostenrijk, voor de feiten zoals die zijn omschreven in onderdeel e) van het EAB. Deze uitspraak is gedaan door mr. A.J.R.M. Vermolen, voorzitter, mrs. M.C. Danel en R.W.L. Koopmans, rechters, in tegenwoordigheid van mr. A.T.P. van Munster, griffier, en in het openbaar uitgesproken op de zitting van 4 september 2024. Ingevolge artikel 29, tweede lid, OLW staat tegen deze uitspraak geen gewoon rechtsmiddel open. Zie artikel 23 Overleveringswet. Zie artikel 22, eerste en derde lid, OLW. Zie onderdeel e) van het EAB.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.