vonnis RECHTBANK AMSTERDAM Afdeling Publiekrecht Team Strafrecht Parketnummer: 81/186969-24 Parketnummer vordering tul: 03/129348-21 Datum uitspraak: 8 november 2024 Vonnis van de rechtbank Amsterdam, meervoudige kamer voor de behandeling van strafzaken, in de zaak tegen: [verdachte] , geboren op [geboortedatum] 1996 in [geboorteplaats] , zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland. 1Onderzoek op de zitting Dit vonnis is op tegenspraak gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de zittingen van 12 september 2024 en 25 oktober 2024. Op de zitting van 12 september heeft de rechtbank de zaak aangehouden en aan de officier van justitie de opdracht gegeven om de politie een proces-verbaal te laten opstellen waarin de vier verbalisanten ( [verbalisant 1] , [verbalisant 2] , [verbalisant 3] en [verbalisant 4] ) aangeven hoe de herkenning van verdachte tot stand is gekomen. Ook heeft de rechtbank in dat kader een aantal vragen gesteld die zij graag beantwoord ziet. Aan het dossier zijn daarna negen aanvullende processen-verbaal over de herkenningen toegevoegd. Op 25 oktober 2024 is het onderzoek op zitting hervat en zijn de aanvullende stukken besproken. De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie, mr. N. Neij, en van wat de gemachtigde raadsman van verdachte, mr. S. de Korte, naar voren heeft gebracht. 2Tenlastelegging Aan verdachte is – kort gezegd – ten laste gelegd dat hij zich op 27 november 2023 in Almere schuldig heeft gemaakt aan het voorhanden hebben en opslaan van professioneel vuurwerk (1498 stuks Super Cobra 6). De gehele tekst van de tenlastelegging is opgenomen in de bijlage die aan dit vonnis is gehecht en geldt als hier ingevoegd. 3Vrijspraak 3.1 Standpunt van de officier van justitie De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat het voorhanden hebben van professioneel vuurwerk kan worden bewezen, waarbij uitgegaan moet worden van een kleinere hoeveelheid dan ten laste is gelegd, te weten 300 stuks Super Cobra 6. De officier van justitie heeft aangevoerd dat verdachte door vier verschillende verbalisanten op beeldmateriaal is herkend. De vier verbalisanten hebben verdachte op 28 november 2023, één dag nadat het tenlastegelegde heeft plaatsgevonden, in een andere zaak staande gehouden. Zij hebben hem herkend aan zijn baard en postuur. Daarnaast hebben de verbalisanten verklaard dat de man op de beelden dezelfde muts droeg als verdachte tijdens de staandehouding. Daarom kan met voldoende zekerheid worden gezegd dat verdachte de man is die op de beelden is te zien. De officier van justitie heeft zich verder op het standpunt gesteld dat de herkenningen door de verbalisanten betrouwbaar zijn, zodat deze kunnen worden gebruikt voor het bewijs. 3.2 Standpunt van de verdediging De raadsman heeft vrijspraak van het tenlastegelegde bepleit. Het enige bewijs voor de betrokkenheid van verdachte bij het tenlastegelegde, is de herkenning van verdachte door de verbalisanten [verbalisant 4] , [verbalisant 3] , [verbalisant 2] en [verbalisant 1] . Deze herkenningen zijn niet betrouwbaar, omdat sprake is van voorwetenschap die de herkenningen hebben gestuurd. Deze herkenningen kunnen daarom niet voor het bewijs worden gebruikt. 3.3 Oordeel van de rechtbank In het dossier bevinden zich camerabeelden van een Ring-deurbel van een woning aan de [straatnaam] te Amsterdam van 27 november 2023. Daarop is te zien dat een man uit de achterbak van een auto een doos waar COBRA op staat pakt en met deze doos richting een woning loopt. In deze woning zijn drie dozen met totaal 1498 stuks Super Cobra 6 vuurwerk aangetroffen. Verbalisant [verbalisant] , belast met onderzoek naar het aangetroffen vuurwerk, heeft op 29 november 2023 een e-mail gestuurd aan de verbalisanten [verbalisant 4] en [verbalisant 2] met het volgende verzoek: Als mijn informatielijnen kloppen hebben jullie gisteren een man voor de uitleveringswet aangehouden die in een witte Nissan reed. Als ja zouden jullie dan misschien op onze O-schrijf de beelden van de zaak 2023363619 kunnen bekijken? Op 27 november in de middag is er namelijk minimaal 1 doos met Cobra's uit de betreffende Nissan geladen en in een woning in Almere gezet. Wij vroegen ons af of jullie misschien iemand op de beelden herkennen. Verbalisant [verbalisant 4] heeft deze e-mail weer doorgestuurd aan verbalisanten [verbalisant 3] en [verbalisant 1] . Verbalisant [verbalisant 4] heeft verklaard dat hij de camerabeelden van de Ring-deurbel heeft bekeken en van de beelden een still heeft gemaakt en opgeslagen onder de bestandsnaam ‘Still_1_VE_ [verdachte] ’ op de O-schijf. Daarnaast heeft hij de bodycambeelden van de staandehouding bekeken en opgeslagen. Verbalisant [verbalisant 4] heeft verdachte herkend als de man die op de camerabeelden te zien is. Verbalisant [verbalisant 4] heeft aanvullend verklaard dat er geen (voor)overleg heeft plaatsgevonden tussen de verbalisanten die een herkenning hebben gedaan. Toen hij collega’s [verbalisant 3] , [verbalisant 2] en [verbalisant 1] weer sprak, zei hij enkel: “Heb jullie de mail al gezien? Volgens mij kunnen jullie ook een herkenning opmaken.” Dit was nadat hij de e-mail van collega Van [verbalisant] had doorgestuurd naar collega’s [verbalisant 3] en [verbalisant 1] . Verbalisanten [verbalisant 3] , [verbalisant 2] en [verbalisant 1] hebben verdachte ook herkend als de man die op de beelden is te zien. [verbalisant 3] en [verbalisant 2] hebben verklaard de herkenning te hebben gebaseerd op de camerabeelden en de still met de bestandsnaam Still_1_VE_ [verdachte]. [verbalisant 1] heeft verklaard de herkenning te hebben gedaan op basis van een still. De rechtbank kan uit de aanvullende processen-verbaal niet afleiden welke still dit is geweest. De (betrouwbaarheid van
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.