RECHTBANK AMSTERDAM INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER Parketnummer: 13-277951-23 Datum uitspraak: 11 april 2024 UITSPRAAK op de vordering van 14 november 2023 van de officier van justitie bij deze rechtbank tot het in behandeling nemen van een Europees aanhoudingsbevel (EAB). Dit EAB is uitgevaardigd op 1 juni 2023 door the Deputy Republic Prosecutor of the Versailles public prosecutor’s office, Frankrijk (hierna: de uitvaardigende justitiële autoriteit) en strekt tot de aanhouding en overlevering van: [opgeëiste persoon] , geboren op [geboortedag] 2002 te [geboorteplaats] , ingeschreven in de Basisregistratie Personen op het adres: [BRP-adres] , hierna ‘de opgeëiste persoon’. 1Procesgang Zitting 14 december 2023 De behandeling van het EAB heeft plaatsgevonden op de zitting van 14 december 2023, in aanwezigheid van mr. W.H.R. Hogewind, officier van justitie. De opgeëiste persoon is verschenen en bijgestaan door zijn raadsvrouw, mr. M.C.E.A. Kloosterman, advocaat te Laren. De rechtbank heeft de termijn waarbinnen zij op grond van de Overleveringswet (OLW) uitspraak moet doen over de verzochte overlevering met 30 dagen op grond van artikel 22 eerste en derde lid en met 30 dagen op grond van artikel 22 vijfde lid verlengd. De rechtbank heeft de zaak voor onbepaalde tijd aangehouden om de officier van justitie in de gelegenheid te stellen meer informatie op te vragen aan de uitvaardigende justitiële autoriteit ten aanzien van de detentieomstandigheden in de penitentiaire inrichting in Bois d’Arcy in Frankrijk. ÁG913097762896_È G913097762896 Zitting 31 januari 2024 De behandeling van het EAB is – met toestemming van partijen – in gewijzigde samenstelling voortgezet op de zitting van 31 januari 2024 in aanwezigheid van mr. W.H.R. Hogewind, officier van justitie. De opgeëiste persoon is verschenen en bijgestaan door zijn raadsvrouw, mr. M.C.E.A. Kloosterman, advocaat te Laren. Tussenuitspraak 15 februari 2024 Op 15 februari 2024 heeft de rechtbank een tussenuitspraak gewezen. De rechtbank heeft het onderzoek heropend om de officier van justitie in de gelegenheid te stellen om aanvullende vragen voor te leggen aan de uitvaardigende justitiële autoriteit. De rechtbank heeft de beslistermijn met 60 dagen verlengd op grond van artikel 22, zesde lid, OLW. Zitting 11 april 2024 De behandeling van het EAB is – met toestemming van partijen – in gewijzigde samenstelling voortgezet op de zitting van 11 april 2024 in aanwezigheid van mr. W.H.R. Hogewind, officier van justitie. De opgeëiste persoon is verschenen en bijgestaan door zijn raadsvrouw, mr. M.C.E.A. Kloosterman, advocaat te Laren. De rechtbank stelt vast dat bij de tussenuitspraak van 15 februari 2024 abusievelijk de beslistermijn is verlengd met 60 dagen. De beslistermijn had op grond van artikel 22, vijfde lid, OLW met 30 dagen moeten worden verlengd. De rechtbank stelt vast dat de beslistermijn inmiddels verstreken is, zodat geen grond voor overleveringsdetentie meer bestaat. 2Identiteit van de opgeëiste persoon Ter zitting heeft de opgeëiste persoon verklaard dat de bovenvermelde persoonsgegevens juist zijn en dat hij de Nederlandse nationaliteit heeft. 3De tussenuitspraak van 15 februari 2024 De rechtbank verwijst naar haar tussenuitspraak van 15 februari
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.