vonnis RECHTBANK AMSTERDAM Afdeling privaatrecht, voorzieningenrechter civiel zaaknummer / rolnummer: C/13/745541 / KG ZA 24-64 EAM/TF Vonnis in kort geding van 22 februari 2024 in de zaak van [eiseres] , wonende te [woonplaats] , eiseres bij dagvaarding van 26 januari 2024, advocaten mr. S.M.Y. van de Graaff en mr. O.Y. Vrijhoef te Amsterdam, tegen de coöperatie COÖPERATIEVE RABOBANK U.A., statutair gevestigd te Amsterdam en kantoorhoudende te Utrecht, gedaagde, advocaten mr. R. Vermaire en mr. R.E. Groot te Utrecht. Partijen zullen hierna [eiseres] en Rabobank worden genoemd. 1De procedure 1.1. Ter zitting van 8 februari 2024 heeft [eiseres] de vorderingen zoals omschreven in de dagvaarding toegelicht. Rabobank heeft verweer gevoerd. Beide partijen hebben producties en een pleitnota ingediend. Vonnis is bepaald op vandaag. 1.2. Ter zitting waren, voor zover van belang aanwezig: aan de kant van [eiseres] : [eiseres] met mr. Van de Graaff en mr. Vrijhoef, aan de kant van Rabobank: [naam 1] (specialist Financial Economic Crime (FEC)) en [naam 2] (specialist FEC), [naam 3] (adviseur FEC) met mr. Vermaire en mr. De Groot. 2De feiten 2.1. [eiseres] bankiert in privé bij Rabobank. Zij is daarnaast gevolmachtigde voor haar ernstig zieke moeder en minderjarige dochter, die ook allebei bij Rabobank bankieren. 2.2. Sinds 14 januari 2022 is [eiseres] bestuurslid van de Stichting Internationale Steun Rechtstreeks Aan Armen (hierna: Stichting ISRAA of de Stichting), die in 2001 is opgericht. De Stichting is een Nederlandse humanitaire non-profitorganisatie. Zij ondersteunt Palestijnse weeskinderen en mensen die noodhulp nodig hebben, onder meer in vluchtelingenkampen in Gaza, Libanon en Turkije. 2.3. Het bestuur van de Stichting heeft (althans had tot haar ontbinding in januari 2023, zie hierna onder 2.14) de volgende samenstelling: [naam 4] (voorzitter sinds 1 oktober 2016, hierna: [naam 4] ), [naam 5] (bestuurslid sinds 2017 en echtgenoot van [naam 4] ) en [naam 6] (secretaris sinds 2019). Daarnaast is [naam 7] , tot haar aanhouding in juni 2023 (zie hierna onder 2.8), anderhalf jaar penningmeester geweest van de Stichting. In het uittreksel van de Kamer van Koophandel van 8 januari 2024 is vermeld dat de bestuurders van de Stichting gezamenlijk bevoegd zijn. 2.4. In de periode van 2003 tot 1 juli 2023 heeft Stichting ISRAA bij Rabobank gebankierd. Rabobank had vóór 1 juli 2023 al een aantal keer aangekondigd dat zij de bankrelatie met de Stichting wenste te beëindigen, omdat Rabobank niet aan haar verplichtingen in de Wet op het financieel toezicht (Wft), de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft) en sanctiewetgeving kon voldoen. Rabobank was van mening dat bij Stichting ISRAA sprake was van een niet transparante geld- en/of goederenstroom naar Gaza, waarbij het ging om transacties die via een omweg (bijvoorbeeld Turkije) naar Gaza werden geboekt. Rabobank verweet de Stichting dat ondanks de vele vragen die zij daarover aan de Stichting had gesteld nooit echt duidelijkheid kreeg. Rabobank verweet de Stichting ook dat, ondanks dat Rabobank al in 2017 de eis had gesteld dat Stichting ISRAA het zogenoemde CBF-keurmerk (het keurmerk van het Centraal Bureau Fondsenwerving) moest verkrijgen (waarvoor een accountantsverklaring is vereist), zij dat nog steeds niet had. 2.5. In 2021 heeft Rabobank de bankrelatie daadwerkelijk opgezegd. In 2021 heeft de Stichting Rabobank in kort geding gedagvaard en gevorderd om de door Rabobank opgezegde bankrelatie met haar voort te zetten. Naast voornoemde verwijten, heeft Rabobank (voor het eerst) in haar conclusie van antwoord in dat kort geding ook erop gewezen dat Stichting Al Aqsa – waarvan Stichting ISRAA kort na haar oprichting een deel van de activiteiten had overgenomen – volgens de AIVD ervan werd verdacht dat zij terrorisme ondersteunde (waaronder Hamas), dat de Europese Unie Stichting Al Aqsa op de lijst van verboden terroristische organisaties had geplaatst en dat in de media ook ISRAA werd gelinkt aan Hamas. Er was dus een materieel risico dat het geld van Stichting ISRAA bij Hamas terechtkwam, aldus Rabobank. Bij vonnis van 1 september 2021 heeft de voorzieningenrechter Rabobank veroordeeld de relatie met Stichting ISRAA (voorlopig) voort te zetten. De voorzieningenrechter heeft de Stichting destijds het voordeel van de twijfel gegeven, omdat de Stichting bereid was om aan de eisen van Rabobank te voldoen. 2.6. Op 4 juni 2023 heeft het Israëlische National Bureau for Counter Terror Financing (hierna: NBCTF) een zogenaamde seizure order afgekondigd tegen een (voormalig) vrijwilliger van de Stichting, genaamd [naam 8] . Als reden wordt hiervoor gegeven: “Illegal Reward for Terror”. In de seizure order staat voor zover van belang het volgende: “Pursuant to my authority under (…) (hereinafter – The Law), having been convinced that the property detailed below is the property of a declared terrorist organization and that it was obtained as payment or a reward for committing a serious terrorist offense or intented to be payment or a reward for such an offense, I order the temporary seizure of the following property: $400,000 USD transferred from the designated terrorist organization HAMAS To: Name: [naam 8] Also known as: (…) ii. [naam 8] (…) Description: Head of the designated terrorist organization ISRAA Foundation (…) IBAN: [rekeningnummer] Address: (…) Rotterdam (…) (…).” 2.7. Op 16 juni 2023 heeft Rabobank aan de Stichting meegedeeld alsnog per 1 juli 2023 de bankrelatie met haar te beëindigen, mede naar aanleiding van de hiervoor genoemde seizure order. De bankrelatie is toen ook daadwerkelijk beëindigd. 2.8. Op 26 juni 2023 is het volgende nieuwsbericht op de website van het Openbaar Ministerie geplaatst: “Onderzoek naar grootschalige financiering van Hamas Nieuwsbericht | 26-06-2023 | 15:45 Op 22 juni 2023 zijn een 55-jarige man en zijn 25-jarige dochter uit Leidschendam aangehouden door de FIOD. Het Openbaar Ministerie (OM) verdenkt ze ervan geld (ongeveer 5,5 miljoen euro) te hebben verzonden naar organisaties die te relateren zijn aan de in 2003 gesanctioneerde organisatie Hamas. Dit is strafbaar gesteld in de Sanctiewet 1977 in combinatie met Verordening (EG) 2580/2001 en de Sanctieregeling Terrorisme 2002. Eveneens worden zij ervan verdacht deel te nemen aan een criminele organisatie, die tot doel heeft Hamas financieel te ondersteunen. Tijdens doorzoekingen van een woning in Leidschendam en een bedrijfspand in Rotterdam is onder meer beslag gelegd op administratie en grote hoeveelheden contant geld. Tevens is beslag gelegd op een banktegoed van zo’n € 750.000. Stichting op sanctielijst De man en de vrouw zijn vermoedelijk betrokken bij een stichting die een voortzetting lijkt te zijn van een andere, gesanctioneerde, stichting. Deze stichting kwam op de sanctielijst omdat ze gelden deed toekomen aan organisaties die waren te relateren aan Hamas. De verdenking is dat de huidige stichting de strafbare feiten heeft overgenomen en voortgezet. Tot slot is er volgens het OM waarschijnlijk sprake van de voortzetting van een verboden organisatie, te weten de genoemde gesanctioneerde stichting. Beide verdachten zijn aangehouden en zitten nog vast. Na meldingen FIU en krantenartikelen Het onderzoek is gestart naar aanleiding van meldingen van ongebruikelijke transacties door de Financial Intelligence Unit (FIU) en krantenartikelen over een fondsenwerver in Europa voor Hamas. In Nederland is geen formele aanwezigheid van Hamas. Toch zijn er diverse pro-Palestijnse en pro-Gaza organisaties in Nederland die een belangrijke schakel zijn in het internationale netwerk dat geld inzamelt voor Hamas.” De twee aangehouden personen zijn [naam 8] en [naam 7] (op dat moment) penningmeester van de Stichting (zie hiervoor onder 2.3). 2.9. Op 28 juni 2023 heeft AD een artikel gepubliceerd over vader en dochter [naam 7 en 8] en Stichting ISRAA. 2.10. Bij brief van 6 november 2023 heeft Rabobank de bankrelatie met [eiseres] per 8 januari 2024 opgezegd en aangekondigd dat haar gegevens worden opgenomen in het Intern Verwijzingsregister van Rabobank (hierna: IVR). De brief van Rabobank luidt voor zover van belang als volgt: “(…) Stichting ISRAA: algemeen Zoals U weet, heeft Rabobank op 16 juni 2023 Stichting ISRAA geïnformeerd dat de bancaire relatie wordt beëindigd per 1 juli 2023. Deze beëindiging heeft reeds plaatsgevonden. Stichting ISRAA: reden beëindiging De reden voor beëindiging van de bancaire relatie met Stichting ISRAA is als volgt (zoals eerder gecommuniceerd). Al jaren was de bancaire relatie tussen Rabobank en Stichting ISRAA verstoord. De activiteiten die Stichting ISRAA ontplooit, zijn risicovol: er lopen via Stichting ISRAA geldstromen die (via een omweg) in Palestina uitkomen. Deze transacties vallen mogelijk onder sanctiewetgeving. Al jaren stelt Rabobank in het kader van het op grond van de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (“Wwft”) verplichte cliëntenonderzoek vragen over de activiteiten en geldstromen van Stichting ISRAA. En al jaren blijkt het ingewikkeld antwoord te krijgen op die vragen. (…) Bij herhaling heeft Rabobank aangegeven dat deze houding van Stichting ISRAA heeft gemaakt dat Rabobank het vertrouwen in Stichting ISRAA kwijt is geraakt. Stichting ISRAA: aanvullende constatering Daarnaast heeft Rabobank geconstateerd dat Stichting ISRAA opgenomen is op een door het Israëlische National Bureau for Counter Terror Financing (NBCTF) gepubliceerde lijst van partijen (…) die Harnas financieren. Niet alleen wordt Stichting ISRAA met naam en toenaam (inclusief KvK-nummer en adres in Nederland) genoemd, er wordt/werd ook concreet melding gemaakt van het bankrekeningnummer dat Stichting ISRAA bij Rabobank aanhield. Voor Rabobank betrof dit een zodanig hoog (en concreet) risico dat er in strijd met de Wwft en/of sanctiewetgeving is en/of wordt gehandeld, dat dit voor Rabobank een reden vormde om de aangekondigde opzegging per 1juli 2023 reeds met ingang van 21 juni 2023 te effectueren. Beëindiging bancaire relatie met [eiseres] Rabobank gaat over tot beëindiging van de bancaire relatie met u per 8 januari 2024. De reden hiervoor is als volgt. U treedt sinds 14 januari 2022 op als bestuurder van Stichting ISRAA. In die hoedanigheid wist u, danwel behoorde u te weten, van de activiteiten van voornoemde stichting. Vanwege uw (prominente) rol in deze stichting kunnen de activiteiten van deze stichting u ook in privé worden aangerekend. Derhalve kan de bancaire relatie met u in privé niet worden gecontinueerd. Wij mogen vragen naar uw bankactiviteiten en de herkomst van de gelden op uw rekening. In onze Algemene Bankvoorwaarden en de Voorwaarden voor betalen en online diensten van Rabobank staat dat u zorgvuldig moet zijn tegenover de bank en ons bepaalde informatie en documentatie moet verstrekken als wij die nodig hebben en daarom vragen. (…) Opzegging Gelet op het bovenstaande zien wij ons genoodzaakt gebruik te maken van onze opzeggingsbevoegdheid zoals omschreven in artikel 35 van de Algemene Bankvoorwaarden. Dat betekent dat wij alle overeenkomsten die wij met u hebben opzeggen. (…).” 2.11. Bij bezwaarschrift van 28 november 2023 heeft (de advocaat van) [eiseres] bezwaar gemaakt tegen de voorgenomen beëindiging van de bankrelatie en opname in het IVR. 2.12. In reactie op het bezwaarschrift heeft Rabobank per e-mail van 22 december 2023 aan de advocaat van [eiseres] geantwoord dat Rabobank geen aanleiding heeft haar standpunt te herzien. In de e-mail staat voor zover van belang nog het volgende: “ (…) Los daarvan is [eiseres] reeds gedurende 23 maanden bestuurslid van een stichting die is geplaatst op een lijst van NBCTF. Wij achten het wel degelijk opportuun dat deze feiten ten aanzien van (haar rol bij) ISRAA gevolgen hebben voor de bancaire relatie tussen Rabobank en [eiseres] in privé. (…) Wij verwijzen in dit kader naar bovenstaande link. Hieruit volgt dat ISRAA wel degelijk geplaatst is op een lijst van NBCTF. Reeds het feit dat ISRAA geplaatst is op voornoemde lijst in combinatie met gebrek aan vertrouwen en de verstoorde relatie is reden om de bancaire relatie te beëindigen met ISRAA. Vanwege het feit dat [eiseres] in haar rol als bestuurder van ISRAA wist danwel behoorde te weten van de activiteiten van ISRAA is reden om ook van haar afscheid te nemen. Immers het betrof een klein bestuur in een kleine organisatie waarvan mag worden verwacht dat de bestuursleden op de hoogte zijn van de activiteiten van ISRAA. (…)” 2.13. Op 22 december 2023 is in Trouw een artikel verschenen met de kop “Stichting Israa hielp weeskinderen in Gaza, gingen donaties ook naar Hamas?” In dit artikel wordt geschreven over vader en dochter [naam 7 en 8] en Stichting ISRAA. Daarnaast wordt er geschreven over de Rotterdammer [naam 9] die de week voor de publicatie van het artikel in Trouw in Duitsland is aangehouden op verdenking van betrokkenheid bij aanslagplannen van Hamas in Europa. Deze man was volgens Trouw tussen 2005 en 2009 secretaris van Stichting ISRAA. Trouw heeft voorts in haar artikel verwezen naar haar gesprek met een anoniem bestuurslid van Stichting ISRAA, die zou hebben verklaard dat de Stichting controleerde of lokale ngo’s niet op internationale sanctielijsten stonden. In het artikel worden de volgende uitlating van dit bestuurslid geciteerd: “alle gelden naar Gaza werden gecontroleerd door de penningmeester (…) én minstens één ander bestuurslid.” In eerdere artikelen van AD en BNR op 4 december 2023 is ook aandacht besteed aan de aanhouding van [naam 9] 2.14. Bij (schriftelijk) besluit van 27 december 2023, ondertekend door de vier bestuursleden, zijn de bestuursleden van de Stichting vrijwillig teruggetreden en is de Stichting met ingang van 1 januari 2024 overeenkomstig artikel 11 van de statuten ontbonden, met benoeming van een advocaat tot vereffenaar. 3Het geschil 3.1. [eiseres] vordert bij vonnis uitvoerbaar bij voorraad Rabobank op straffe van een dwangsom:
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.