← Nederland

ECLI:NL:RBAMS:2025:11044

beschikking RECHTBANK AMSTERDAM Afdeling privaatrecht Team Familie & Jeugd zaaknummer / rekestnummer: C/13/775542 / FA RK 25/6945 kenmerk: ZM/IND/175855 Machtiging tot het verlenen van verplichte zorg Beschikking van 5 november 2025 van de rechtbank Amsterdam naar aanleiding van het door de officier van justitie ingediende verzoek tot het verlenen van een zorgmachtiging als bedoeld in artikel 6:4 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), ten aanzien van: [betrokkene] , geboren op [geboortedatum] 1982 te [geboorteplaats] (Marokko), wonende te [woonplaats] , [adres] ,hierna te noemen: betrokkene, advocaat: mr. P. Figge te Amsterdam, zorgaanbieder: Arkin. 1Procesverloop 1.

  1. Het verzoekschrift met bijlagen is ingekomen ter griffie op 12 september
  2. Op 30 september 2025 is er een zorgmachtiging verleend voor de duur van 3 maanden, onder aanhouding van het resterende deel van het verzoek. De verdere mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 5 november 2025 in het gebouw van de rechtbank. De rechtbank heeft toen de volgende personen gehoord: - de advocaat; - dhr. [naam] , arts. Omdat de officier van justitie een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig acht, is hij niet bij de mondelinge behandeling verschenen. Betrokkene is op de juiste wijze voor de verdere mondelinge behandeling opgeroepen. De advocaat heeft toegelicht onderhavige verzoek met betrokkene besproken te hebben. Betrokkene heeft daarbij aan de advocaat aangegeven af te zien van zijn recht om te worden gehoord en heeft de advocaat verzocht om namens hem het woord te voeren. De rechtbank heeft daarop vastgesteld dat betrokkene niet bereid is zich te doen horen en is overgegaan tot de verdere mondelinge behandeling zonder aanwezigheid van betrokkene. 2Beoordeling 2.
  3. Uit de overgelegde stukken en de mondelinge behandeling is gebleken dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis, in de vorm van schizofreniespectrumstoornis en een stoornis in het gebruik van cocaïne en alcohol. 2.
  4. Deze stoornis leidt tot ernstig nadeel, gelegen in ernstig lichamelijk letsel, ernstige psychische schade en maatschappelijke teloorgang. 2.
  5. Om het ernstig nadeel af te wenden of de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen of de door de stoornis bedreigde of aangetaste fysieke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen, heeft betrokkene zorg nodig. 2.
  6. Gebleken is dat er geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis zijn. Om die reden is verplichte zorg nodig. Van de in het verzoekschrift genoemde vormen van zorg, die zijn gebaseerd op het zorgplan en het advies van de geneesheer-directeur, alsmede gelet op hetgeen bij de mondelinge behandeling naar voren is gekomen acht de rechtbank de volgende vormen van verplichte zorg noodzakelijk voor het resterende deel van de machtiging, te weten negen maanden: toedienen van medicatie; het verrichten van medische controles of andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening; beperken van de bewegingsvrijheid, telkens voor maximaal drie maanden per keer; insluiten, telkens voor maximaal twee weken per keer; uitoefenen van toezicht op betrokkene, telkens voor maximaal twee weken per keer; onderzoek aan kleding of lichaam, telkens voor maximaal drie maanden per keer; onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen, telkens voor maximaal drie maanden per keer; controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen, telkens voor maximaal drie maanden per keer; aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen en het nakomen van afspraken met het ambulant behandelteam; beperken van het recht op het ontvangen van bezoek, telkens voor maximaal drie maanden per keer; opnemen in een accommodatie, telkens voor maximaal drie maanden per keer. 2.
  7. De verplichte zorg is evenredig en naar verwachting effectief. Uit de stukken blijkt dat bij het bepalen van de juiste zorg rekening is gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen, alsmede met de veiligheid van betrokkene. Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. 2.
  8. De advocaat heeft namens betrokkene afwijzing van het verzoek bepleit. Betrokkene geeft aan nergens last van te hebben. Betrokkene heeft werk en wil zijn leven voortzetten zonder hulpverlening. Een zorgmachtiging is volgens hem niet noodzakelijk. Subsidiair heeft de advocaat bepleit de zorgmachtiging in duur te beperken. De arts heeft toegelicht betrokkene weinig te zien. Betrokkene deelt daarnaast weinig van zijn interne gevoel, dus het is onduidelijk hoe het met hem gaat. Het is lastig om het depot te verstrekken in een ambulante setting. Afgesproken is daarom dat betrokkene een depot krijgt wat langer werkzaam is. Betrokkene wil geen contact. Het contact loopt vaak via zijn vriendin. Zij staat achter de behandeling. Zonder zorgmachtiging zal betrokkene het depot niet accepteren. Een zorgmachtiging is derhalve noodzakelijk. De rechtbank volgt deze toelichting van de arts. De rechtbank ziet geen aanleiding om de zorgmachtiging in duur te beperken. 2.
  9. Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wvggz. De zorgmachtiging zal worden verleend de duur van negen maanden. 3Beslissing De rechtbank: verleent een zorgmachtiging ten aanzien van [betrokkene], geboren op [geboortedatum] 1982 te [geboorteplaats] (Marokko), inhoudende dat gedurende de looptijd van de machtiging bij wijze van verplichte zorg de in rechtsoverweging 2.4 genoemde maatregelen kunnen worden getroffen; bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met uiterlijk 5 augustus
  10. Deze beschikking is op 5 november 2025 mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken door mr. M.J.M. Marseille, rechter, bijgestaan door mr. K.W. de Haan als griffier en op 21 november 2025 schriftelijk uitgewerkt. Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.