← Nederland

ECLI:NL:RBAMS:2025:3494

RECHTBANK AMSTERDAM Bestuursrecht zaaknummer: AMS 24/7030 uitspraak van de enkelvoudige kamer van 30 mei 2025 in de zaak tussen [eiseres] , uit [woonplaats] , eiseres (gemachtigde: mr. S. Wortel), en het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam, het college (gemachtigde: mr. J.H.G. van den Boom,). Samenvatting

  1. Deze uitspraak gaat over de afwijzing van eiseres haar aanvraag voor een urgentieverklaring. Eiseres is het niet eens met de afwijzing van de aanvraag. Zij voert daartoe een aantal beroepsgronden aan. Volgens eiseres voldoet zij wel aan de criteria voor een (medische) urgentie. 1.
  2. De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat het college de algemene weigeringsgronden aan eiseres mocht tegenwerpen en dat van hardheid geen sprake is. Eiseres krijgt dus geen gelijk en het beroep is dus ongegrond. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft. Procesverloop
  3. Eiseres heeft een aanvraag ingediend voor een urgentieverklaring. Het college heeft deze aanvraag met het besluit van 25 juni 2024 afgewezen. Met het bestreden besluit van 21 oktober 2024 op het bezwaar van eiseres is het college bij de afwijzing van de aanvraag gebleven. 2.
  4. Eiseres heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit. Het college heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift. 2.
  5. De rechtbank heeft het beroep op 22 april 2025 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiseres, de gemachtigde van eiseres en de gemachtigde van het college. Beoordeling door de rechtbank Achtergrond van de zaak
  6. Eiseres woont in een huurwoning van Rochdale in Amsterdam Zuidoost. Zij woont hier met haar twee dochters, [naam 1] (19 jaar oud) en [naam 2] (17 jaar oud). Het betreft een driekamerwoning van 74m2 gelegen op de begane grond. [naam 1] woont hier sinds 11 maart 2024 en slaapt in de woonkamer. Daarvoor woonde [naam 1] bij haar vader en in de periode tussen 17 december 2019 tot 23 oktober 2023 woonde zij in Frankrijk. 3.
  7. Eiseres vraagt een urgentieverklaring aan wegens medische problemen van haar dochter en haarzelf. Eiseres heeft psychische problemen. [naam 1] heeft te kampen met een dwangstoornis en smetvrees. Door de rattenplaag in Amsterdam Zuidoost durft [naam 1] niet naar buiten. Het bestreden besluit
  8. Het college heeft de urgentie afgewezen omdat er sprake is van vijf algemene weigeringsgronden. Volgens het college is er geen sprake van een urgent huisvestingsprobleem, omdat de woning van eiseres niet onbewoonbaar is verklaard (de b-grond) en zij het huisvestingsprobleem redelijkerwijs kon voorkomen door gebruik te maken van een voorliggende voorziening, te weten de aangeboden wisselwoning door Rochdale om de gebreken in haar huidige woning aan te pakken (de c- en d-grond). Daarnaast behoort [naam 1] niet tot het huishouden van eiseres omdat zij meerderjarig is en voldoet [naam 1] niet aan de bindingseis van vier jaar (de i-grond). Ook zijn eiseres en [naam 1] volgens het college meer gebaat bij de inzet van een voorliggende voorziening of medische zorg (de f-grond). [naam 1] staat op de wachtlijst voor een klinische opname in de SGGZ. De algemene weigeringsgronden 4.
  9. Vanwege de woningcrisis in Nederland in het algemeen en Amsterdam in het bijzonder zijn de regels om met voorrang in aanmerking te komen voor een sociale huurwoning heel streng. Het college verleent in deze tijd daarom alleen in heel uitzonderlijke gevallen een urgentieverklaring. Er zijn in het beleid van het college bepaalde algemene weigeringsgronden, waarbij iemand sowieso niet in aanmerking komt voor een urgentieverklaring. Aan eiseres zijn vijf algemene weigeringsgronden tegengeworpen. Deze weigeringsgronden zijn vastgelegd in de Hvv vanwege het te kort aan betaalbare woningen. Eiseres moet dan ook voldoen aan de voorwaarden uit de Hvv om in aanmerking te komen voor een urgentieverklaring. 4.
  10. Op zitting is besproken dat de ratten rondom de woning van eiseres het grootste probleem zijn en dat zij vooral daarom wil verhuizen naar een andere woning. Niet is in geschil dat het aantal meldingen van rattenoverlast in Amsterdam is toegenomen. Eiseres is dus niet de enige persoon in Amsterdam die last heeft van de rattenoverlast. In Amsterdam Zuidoost hebben meerdere buurten hier last van. 4.
  11. Om de rattenoverlast te verminderen heeft de gemeente Amsterdam besloten om het preventiebudget dit jaar te verdubbelen. Doordat de overlast van ratten een breder gedragen probleem is in de stad Amsterdam, heeft het college ervoor gekozen om bij de verdeling van de schaarse beschikbare woningen in Amsterdam aan deze gevallen geen voorrang te verlenen. Dit geldt dus ook voor eiseres. De rechtbank kan dit volgen. 4.
  12. Eiseres voert verder aan dat er sprake is van bijkomende medische omstandigheden van [naam 1] en haar zelf. 4.
  13. Naar het oordeel van de rechtbank hoefde het college geen medisch onderzoek te verrichten naar de situatie van eiseres of [naam 1] , nu zich in dit geval meerdere algemene weigeringsgronden voordoen. De rechtbank overweegt verder dat nu eiseres geen expliciete gronden heeft aangevoerd tegen de bindingseis, het college de aanvraag alleen al op grond van deze afwijzingsgrond kon afwijzen. Hardheidsclausule
  14. Als er algemene weigeringsgronden van toepassing zijn, kan onder omstandigheden toch urgentie worden verleend op grond van de hardheidsclausule. Het uitgangspunt is dat alleen in zeer uitzonderlijke situaties aanleiding bestaat voor toepassing van de hardheidsclausule. Als een beroep wordt gedaan op de hardheidsclausule is het in beginsel aan de aanvrager om aan te tonen dat de problematiek van een dusdanige aard is dat het college op grond daarvan de aanvrager, boven alle andere woningzoekenden, voorrang moet verlenen. Dat is pas het geval indien er sprake is van een acuut levensbedreigend probleem dat blijkt uit een verklaring van een medisch specialist. 5.
  15. Eiseres voert aan dat de medische problematiek van haarzelf en [naam 1] zo ernstig is dat het college de hardheidsclausule had moeten toepassen. Eiseres heeft op de zitting toegelicht dat met name [naam 1] een eigen kamer nodig heeft wegens haar problemen. 5.
  16. De rechtbank stelt vast dat eiseres diverse stukken heeft ingebracht. Uit de brief van de regiebehandelaar van 30 mei 2024 en de brief van de psycholoog van 19 april 2024, blijkt van een psychische stoornis met behandelnoodzaak. Er blijkt echter niet van een acuut levensbedreigend probleem. De rechtbank onderkent dat er sprake is van spanning en stress in het gezin, maar die is niet gebleken levensbedreigend en acuut te zijn. Het gezin is ook niet dakloos en beschikt over een woonruimte. Wisselwoning
  17. Het college heeft ook nog navraag gedaan bij Rochdale over de aangeboden wisselwoning. Rochdale heeft eiseres in het afgelopen jaar een wisselwoning aangeboden waarin zij kon verblijven zodat Rochdale werkzaamheden in de huidige woning van eiseres kon uitvoeren. Eiseres heeft deze wisselwoning echter geweigerd omdat deze te klein zou zijn. 6.
  18. De rechtbank stelt voorop dat Rochdale niet gehouden is om eiseres een grotere wisselwoning aan te bieden, aangezien eiseres haar huidige woning een woonoppervlakte heeft van 74m
  19. Het college heeft op zitting ook toegelicht dat een woning van 74m2 voor Amsterdamse begrippen een meer dan gemiddeld aangewezen woonoppervlakte is voor een gezin. Een wisselwoning betreft bovendien maar een tijdelijk verblijf. 6.
  20. Wel heeft de gemachtigde van het college op zitting bevestigd dat het aanbod van Rochdale voor een wisselwoning nog steeds geldt en toegezegd contact op te nemen met Rochdale met betrekking tot dit aanbod. Het college heeft daarmee zijn verantwoordelijkheid voor de situatie van eiseres maximaal ingevuld. De rechtbank drukt eiseres daarom op het hart om het eventuele aanbod van Rochdale ter harte te nemen omdat ideale oplossingen voor de situatie van eiseres op dit moment niet voorhanden zijn. Conclusie en gevolgen
  21. Het beroep is ongegrond. Dat betekent dat eiseres geen gelijk krijgt. Eiseres krijgt daarom het griffierecht niet terug. Zij krijgt ook geen vergoeding van haar proceskosten. Beslissing De rechtbank verklaart het beroep ongegrond. Deze uitspraak is gedaan door mr. H.J. Tijselink, rechter, in aanwezigheid van mr. G. dos Santos 't Hoen, griffier. Uitgesproken in het openbaar op 30 mei
  22. griffier Rechter Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op: Informatie over hoger beroep Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen. Artikel 2.10.5, eerste lid, van de Huisvestingsverordening Amsterdam 2024 (Hvv); de algemene weigeringsgronden zijn verder uitgewerkt in de Nadere regels, Hoofdstuk 1 'urgenties'. Artikel 1, onder ii, van de Hvv. ‘Fors meer meldingen van rattenoverlast in Amsterdam: ‘De rat hoort bij de stad’’, het parool 18 april 2025.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.