Rechtbank Amsterdam – ECLI:NL:RBAMS:2025:3769
RECHTBANK AMSTERDAM Afdeling privaatrecht kantonrechter: mr. E.J. Otten zaaknummer: 11623628 WM VERZ 25-3274 beslissing van: 26 mei 2025 func.: 58217 Beslissing van de kantonrechter van 26 mei 2025 inzake het beroep ingevolge de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (verder: de Wahv) van: [betrokkene] [adres] verder: betrokkene Namens wie beroep is ingesteld door:
Verkeersboete.nl mr. N.G.A. Voorbach verder: gemachtigde welk beroep is ingesteld bij verzoekschrift, ingekomen bij de CVOM te Utrecht op 9 oktober 2024 en is gericht tegen de beslissing van 17 september 2024 van de officier van justitie (verder: verweerder) ten aanzien van betrokkene, geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1997.
CJIB-nummer: [nummer] VERLOOP VAN DE PROCEDURE Aan betrokkene is bij beschikking van 20 januari 2024 (verder: de inleidende beschikking) een sanctie in het kader van de Wet administratieve handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) opgelegd. Gemachtigde heeft tegen de inleidende beschikking beroep ingesteld bij verweerder. Deze heeft dat beroep – na gemachtigde te hebben gehoord - ongegrond verklaard. Tegen die beslissing heeft gemachtigde vervolgens beroep ingesteld bij de kantonrechter. Verweerder heeft de op de zaak betrekking hebbende gegevens overgelegd. Het beroep is behandeld op de openbare zitting van 1 mei 2025. Partijen zijn voor deze zitting opgeroepen.
Namens gemachtigde is de heer [naam 1] ter zitting verschenen.
Ter zitting heeft verweerder gereageerd op de inhoud van het beroepschrift. Verweerder heeft geconcludeerd dat het beroep tegen de beslissing van verweerder gegrond is, en het beroep tegen de inleidende beschikking ongegrond is.
GRONDEN VAN DE BESLISSING Zekerheid Allereerst dient beoordeeld te worden of betrokkene kan worden ontvangen in het beroep bij de kantonrechter.
Bij twee brieven is betrokkene in de onderhavige zaak op de verplichting tot het betalen van zekerheid gewezen. Bij beide brieven is betrokkene er tevens op gewezen dat het beroep niet-ontvankelijk kan worden verklaard indien de zekerheid niet wordt voldaan.
De kantonrechter stelt in de onderhavige zaak de door betrokkene te stellen zekerheid op nihil. Er zal tot inhoudelijke behandeling van het beroep in deze zaak worden overgegaan.
Inhoudelijk 4. Aan betrokkene is bij de inleidende beschikking wegens een verkeersgedraging een administratieve sanctie opgelegd ingevolge de Wet administratieve handhaving verkeersvoorschriften (Wahv). Betrokkene wordt verweten een weg te hebben gebruikt in strijd met een geslotenverklaring voor alle motorvoertuigen (bord C12). De gedraging is geconstateerd op 9 januari 2024 om 18:52 uur op de Laan van Vlaanderen te Amsterdam.
Bevoegdheid Boa 6. Gemachtigde voert aan dat de verbalisant in deze zaak is aangesteld als Buitengewoon Opsporingsambtenaar (Boa) ‘openbare ruimte’ niet bevoegd was om hier te handhaven. In het verkeersbesluit waarin de geslotenverklaring is ingesteld, wordt het leefbaarheidscriterium er met de haren bijgesleept. Nergens in het voortraject en de monitoring wordt de leefbaarheid ook maar zijdelings benoemd. Niets wijst erop dat de leefbaarheid een rol heeft gespeeld bij het instellen van de geslotenverklaring. Dit raakt aan de bevoegdheid van de Boa, aangezien deze alleen bevoegd is om te handhaven op een C-bord in relatie tot de leefbaarheid. Volgens de gemachtigde zijn in het voortraject gedurende een jaar de effecten van het instellen van de geslotenverklaringen in de gebieden Sloten en Nieuw Sloten gemonitord.De resultaten van de monitoring zijn vastgelegd in de ‘Tussenrapportage Monitoring en Evaluatie Sloterweg Verkeersveilig (juni – december 2023)’ en in de ‘Eindrapportage Monitoring ‘Sloterweg Verkeersveilig’.
In beide rapportages wordt het leefbaarheidscriterium geen enkele keer genoemd als grondslag voor het invoeren van de geslotenverklaring. Op 26 september 2023 is het ‘Monitoringsplan Sloterweg-West’ gepubliceerd, waarin op pagina 5 het volgende wordt overwogen: Dit rapport beschrijft het plan van aanpak voor de monitoring en evaluatie van de verkeersintensiteiten, wachtrijen en verkeersveiligheid voor beide maatregelen. Het is denkbaar dat er ook impact is op leefbaarheid van bewoners en bijvoorbeeld emissies in het gebied. Daar wordt hier geen onderzoek naar gedaan en valt dan ook buiten de monitoring.Uit het verkeersbesluit voor de Sloterweg-West blijkt weliswaar dat de maatregel is ingesteld “om de leefbaarheid te verbeteren”, maar de gemeenteraad heeft ingestemd met het voorkeursbesluit en uitvoeringsbudget voor het verkeersveilig maken van de Sloterweg West.
Daarmee ontbreekt een feitelijke basis dat de maatregel – zoals geëist voor BOA-handhaving – werkelijk is ingesteld en geëvalueerd op leefbaarheids-effecten, aldus de gemachtigde.
Bebording 11. Verder voert gemachtigde aan dat zo langzamerhand sprake is van bordenblindheid. Verkeerspsycholoog [naam 2] merkte in een item van RTV Utrecht over een andere locatie op dat het bord C12 op een gele achtergrond mogelijk niet duidelijk is voor de gemiddelde weggebruiker. Om het maximale effect te behalen, raadt de heer [naam 2] aan het verbodsbord los aan een paal te bevestigen en iets verder ervoor of erna een andere waarschuwing. Ook verwijst gemachtigde naar een item van het BNNVara programma Kassa van 8 maart 2025 over het aantal boetes dat middels digitale handhaving is opgelegd.
Het niet horen leidt niet ook tot (gedeeltelijke) vernietiging van de inleidende beslissing. Als vast zou komen te staan dat verweerder structureel afziet van het horen van professioneel gemachtigden omdat verweerder in gebreke is gesteld, ziet de kantonrechter hier evenmin aanleiding in om de sanctie te matigen. Een professionele gemachtigde wordt geacht goed in staat te zijn de standpunten van een betrokkene schriftelijk weer te geven, doorgaans beter dan betrokkenen of niet-professionele gemachtigden dat kunnen (zie bijvoorbeeld ook ECLI:NLGHARL:2023:6930). Ook is hij als professionele gemachtigde in staat alle juridische instrumenten in te zetten die nodig zijn om het verdedigingsbelang van betrokkene te waarborgen.
Verder is de gemachtigde in gelegenheid gesteld om te worden gehoord bij de kantonrechter, waar gemachtigde in dit geval ook gebruik van heeft gemaakt. Daar kunnen standpunten nader worden toegelicht en kan verdere informatie worden verkregen, die de kantonrechter bij zijn oordeel kan betrekken. Op de zitting kan verweerder alsnog gebruik maken om de inleidende beslissing wegens doelmatigheidsredenen voor te dragen voor vernietiging door de kantonrechter. De kantonrechter zal de beslissing van verweerder op het administratief beroep van de gemachtigde van betrokkene dan ook vernietigen vanwege schending van de hoorplicht en overgaan tot de beoordeling van het beroep tegen de inleidende beschikking (zie bijvoorbeeld ECLI:NL:GHARL:2017:1121).
Gedraging 17. Uit het zich in het dossier bevindende zaakoverzicht blijkt dat de overtreding automatisch is geconstateerd en op een digitale foto is vastgelegd. De camera is geplaatst na het bord C12 met onderbord ‘ma t/m vrij 07:00 – 10:00 H en 16:00 – 19:00 H’ en ‘uitgezonderd lijnbussen’. De camera heeft vastgelegd dat het voornoemde voertuig kwam uit de zuidzuidoostelijke richting van de Vlimmerenstraat en reed in noordnoordwestelijke richting naar de Plesmanlaan. De camera heeft vastgelegd dat de bestuurder van het voertuig het bord C12 negeerde en de geslotenverklaring in reed. De juiste plaatsing van de verkeersborden wordt maandelijks geschouwd door een boa. In het dossier bevinden zich twee schouwrapporten van de bebording, daterend van voor en na de aan betrokkene verweten gedraging en hieruit blijkt dat de bebording op beide momenten ter plaatse aanwezig was en conform de wet en regelgeving was geplaatst.
Proceskostenvergoeding 20. Namens betrokkene is door gemachtigde om een vergoeding van de proceskosten verzocht. Betrokkene wordt in de onderhavige zaak volledig in het ongelijk gesteld. Voor toekenning van een proceskostenvergoeding bestaat geen aanleiding.
BESLISSING De kantonrechter: verklaart het beroep tegen de beslissing van verweerder gegrond en vernietigt deze; verklaart het beroep tegen de inleidende beschikking ongegrond;
Deze uitspraak is gedaan door mr. E.J. Otten, kantonrechter, in aanwezigheid van I.K. van Weelden, griffier, en is in het openbaar uitgesproken.
De griffier De kantonrechter Datum verzending Bent u het met deze beslissing niet eens, dan kunt u binnen zes weken na de hierboven vermelde datum van verzending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, maar alleen indien de als gevolg van deze beslissing te betalen administratieve sanctie meer dan € 110,00 bedraagt. Het beroepschrift dient schriftelijk (niet per e-mail) te worden ingediend bij rechtbank Amsterdam, afdeling privaatrecht, team kanton, postbus 70515, 1007 KM, Amsterdam en dient door degene die het beroep instelt of een gemachtigde te worden ondertekend. De procedure bij het gerechtshof verloopt schriftelijk, tenzij in het beroepschrift uitdrukkelijk om een mondelinge behandeling wordt gevraagd.