RECHTBANK AMSTERDAM INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER Parketnummer: 13-369320-24 Datum uitspraak: 10 juni 2025 UITSPRAAK op de vordering van 7 januari 2025 van de officier van justitie bij deze rechtbank tot het in behandeling nemen van een Europees aanhoudingsbevel (EAB). Dit EAB is uitgevaardigd op 8 november 2024 door Procura Generale della Repubblica presso la Corte di Appello di Torino in Italië (hierna: de uitvaardigende justitiële autoriteit) en strekt tot de aanhouding en overlevering van: [opgeëiste persoon], geboren in [geboorteplaats] (Roemenië) op [geboortedag] 1985, zonder vaste woon- of verblijfplaats hier te lande, gedetineerd in [detentieplaats] , hierna ‘de opgeëiste persoon’. 1Procesgang Zitting van 4 februari 2025 De behandeling van het EAB is aangevangen op de zitting van 4 februari 2025, in aanwezigheid van mr. M. Al Mansouri, officier van justitie. De opgeëiste persoon is verschenen en is bijgestaan door zijn raadsman mr. L.J. Woltring, advocaat te Haarlem en door een tolk in de Roemeense taal. De rechtbank heeft de termijn waarbinnen zij op grond van de Overleveringswet (OLW) uitspraak moet doen over de verzochte overlevering met 30 dagen verlengd. Het onderzoek ter zitting is voor onbepaalde tijd geschorst, om de officier van justitie in de gelegenheid te stellen de in het proces-verbaal geformuleerde vragen aan de uitvaardigende justitiële autoriteit voor te leggen. Zitting van 6 maart 2025 De behandeling van het EAB is voortgezet op de zitting van 6 maart 2025, in aanwezigheid van mr. A. Keulers, officier van justitie. De opgeëiste persoon is verschenen en is bijgestaan door zijn raadsman, mr. L.J. Woltring, advocaat in Haarlem en door een tolk in de Roemeense taal. De rechtbank heeft de termijn waarbinnen zij op grond van de OLW uitspraak moet doen over de verzochte overlevering met 30 dagen verlengd op grond van artikel 22, vijfde lid, OLW. Tevens heeft de rechtbank voor sluiting van het onderzoek ter zitting de gevangenhouding bevolen. Tussenuitspraak van 20 maart 2025 De rechtbank heeft op 26 maart 2025 een tussenuitspraak gewezen, waarbij het onderzoek ter zitting is heropend en voor onbepaalde tijd is geschorst vanwege onderzoek naar de detentieomstandigheden in Italië. De rechtbank heeft de beslistermijn met 30 dagen verlengd op grond van artikel 22, vijfde lid, OLW, onder gelijktijdige verlenging van de gevangenhouding op grond van artikel 27, derde lid, OLW. Zitting van 23 april 2025 De behandeling van het EAB is voortgezet op de zitting van 23 april 2025, in aanwezigheid van mr. A.L. Wagenaar, officier van justitie. De opgeëiste persoon is verschenen en is bijgestaan door zijn raadsman, mr. L.J. Woltring, advocaat in Haarlem en door een tolk in de Roemeense taal. De rechtbank heeft de termijn waarbinnen zij op grond van de OLW uitspraak moet doen over de verzochte overlevering met 30 dagen verlengd op grond van artikel 22, vierde en vijfde lid, OLW, onder gelijktijdige verlenging van de gevangenhouding op grond van artikel 27, derde lid, OLW. Het onderzoek ter zitting is voor bepaalde tijd geschorst, omdat de in de tussenuitspraak van 20 maart 2025 geformuleerde vragen nog niet door de uitvaardigende justitiële autoriteit waren beantwoord. Zitting van 27 mei 2025 De behandeling van het EAB is voortgezet – met instemming in gewijzigde samenstelling – op de zitting van 27 mei 2025, in aanwezigheid van mr. K. van der Schaft, officier van justitie. De opgeëiste persoon is verschenen en is bijgestaan door zijn raadsman, mr. L.J. Woltring, advocaat in Haarlem en door een tolk in de Roemeense taal. De rechtbank heeft de termijn waarbinnen zij op grond van de OLW uitspraak moet doen over de verzochte overlevering met 30 dagen verlengd op grond van artikel 22, vierde en vijfde lid, OLW, onder gelijktijdige verlenging van de gevangenhouding op grond van artikel 27, derde lid, OLW. 2Identiteit van de opgeëiste persoon Ter zitting heeft de opgeëiste persoon (opnieuw) verklaard dat de bovenvermelde persoonsgegevens juist zijn en dat hij de Roemeense nationaliteit heeft. 3De tussenuitspraak van 20 maart 2025 De rechtbank verwijst naar haar tussenuitspraak van 26 maart
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.