RECHTBANK AMSTERDAM Civiel recht Kantonrechter fno: 33623 Zaaknummer / rekestnummer: 11671609 \ EA VERZ 25-490 Beschikking van 22 juli 2025 (bij vervroeging) in de zaak van UNISERVER B.V., gevestigd te Alkmaar, verzoekende partij, hierna te noemen: Uniserver, gemachtigde: mr. M.C. Zaal, tegen [gedaagde] , wonende te [woonplaats] , verwerende partij, hierna te noemen: [gedaagde] , procederend in persoon. 1De procedure 1.
- Het verloop van de procedure blijkt uit: - het verzoekschrift, met producties, - het verweerschrift, met producties, - de mondelinge behandeling van 3 juli 2025, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt. Namens Uniserver waren op de mondelinge behandeling aanwezig de heer [naam 1] en mevrouw [naam 2] met de gemachtigde. [gedaagde] was in persoon aanwezig. 1.
- De datum voor beschikking is bepaald op vandaag. 2De feiten [gedaagde] is sinds 19 augustus 2024 in dienst van Uniserver als Account Director. Het salaris bedraagt € 8.166,67 bruto per maand, exclusief vakantietoeslag en overige emolumenten. 3Het verzoek en het verweer 3.
- Uniserver verzoekt ontbinding van de arbeidsovereenkomst op grond van artikel 7:671b lid 1 Burgerlijk Wetboek (BW). Uniserver stelt daartoe dat daarvoor een redelijke grond aanwezig is als bedoeld in artikel 7:669 lid 3 BW. Uniserver stelt daartoe - kort gezegd - dat sprake is van een verstoorde arbeidsrelatie tussen partijen, zodanig dat van haar niet kan worden gevergd dat deze nog langer voortduurt, en dat herplaatsing van [gedaagde] binnen een redelijke termijn niet tot de mogelijkheden behoort of in de rede ligt. Uniserver is bereid [gedaagde] bij wijze van vergoeding een bedrag van € 7.600,- bruto te voldoen. Een deel van dit bedrag ziet op de transitievergoeding als bedoeld in art. 7:673 BW. 3.
- [gedaagde] erkent dat sprake is van een verstoorde arbeidsrelatie, maar benadrukt dat hem daarvan geen verwijt kan worden gemaakt. [gedaagde] stemt in met de door Uniserver aangeboden vergoeding. 4De beoordeling 4.
- De kantonrechter heeft zich ervan vergewist dat er geen sprake is van een opzegverbod. 4.
- Partijen zijn het er over eens dat sprake is van een verstoorde arbeidsverhouding op grond waarvan van Uniserver niet kan worden verlangd de arbeidsovereenkomst voort te laten duren en herplaatsing van [gedaagde] niet in de rede ligt, overigens zonder dat [gedaagde] hiervan een verwijt treft. Daarom zal het verzoek tot ontbinding worden toegewezen. De datum van de ontbinding zal worden bepaald op 1 september
- [gedaagde] zal tot de einddatum van de arbeidsovereenkomst vrijgesteld blijven van werkzaamheden. 4.
- Nu partijen het erover eens zijn dat Uniserver [gedaagde] bij wijze van vergoeding € 7.600,- bruto zal voldoen, hoeft Uniserver niet op grond van artikel 7:686a lid 6 BW in de gelegenheid te worden gesteld haar verzoek in te trekken en zal Uniserver tot betaling van dit bedrag worden veroordeeld. 4.
- [gedaagde] zal zo spoedig mogelijk zijn werklaptop en -telefoon inleveren bij Uniserver. De leaseauto mag [gedaagde] tot het einde van het dienstverband blijven gebruiken. Desgevraagd zal Uniserver voor [gedaagde] een getuigschrift opstellen in neutrale bewoordingen. 4.
- De proceskosten worden gecompenseerd, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt. 5De beslissing De kantonrechter 5.
- ontbindt de arbeidsovereenkomst tussen partijen met ingang van 1 september 2025, 5.
- veroordeelt Uniserver om bij de eindafrekening van het dienstverband aan [gedaagde] te betalen het bedrag van € 7.600,- bruto, 5.
- bepaalt dat partijen ieder de eigen kosten dragen, 5.
- verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad, 5.
- wijst het meer of anders verzochte af. Deze beschikking is gegeven door mr. R. Kruisdijk en in het openbaar uitgesproken op 22 juli 2025.