RECHTBANK Amsterdam Civiel recht Zaaknummer: C/13/749476 / HA ZA 24-370 Vonnis van 30 april 2025 in de zaak van 1 [eiser 1] ,
(17)is dan ook niet toewijsbaar. Post 19 is als niet behoorlijk betwist toewijsbaar. De groepenkast is volgens [handelsnaam] zo geplaatst op verzoek van [eiser 1] en [eiser 2] . Post 21, waarvoor overigens geen bedrag is begroot, is niet toewijsbaar. Het was [handelsnaam] niet duidelijk wat de bedoeling was bij post 22, de dakaansluiting met de buren. In het rapport GewoonKoen is deze nader begroot op € 400,00, wat vervolgens als opleverpunt is erkend. Dit bedrag is toewijsbaar. 4.
- Het komt erop neer dat voor deze posten een bedrag van € 18.835,00 minus € 13.205,00 (€ 8.000,00 + € 1.230,00 + € 705,00 + € 1.410,00 + € 985,00 + € 875,00) ofwel € 5.630,00 toewijsbaar is. Inclusief btw is dat € 6.812,
- Samen met de lekkageschade wordt dat € 16.216,
- Daar komt nog € 800,00 bij vanwege schade bij de buren. Met een bericht van de buurman hebben [eiser 1] en [eiser 2] voldoende aangetoond dat door de werkzaamheden schade is ontstaan aan de gemeenschappelijke muur, die zij moeten betalen. Dat zij dat nog niet hebben gedaan en het inmiddels duurder is geworden komt voor hun rekening. Ook de kosten van [naam] zijn toewijsbaar (€ 774,00). In totaal dus € 17.790,
- 4.
- Om praktische redenen zal daarop hier in mindering worden gebracht de tegenvordering van [handelsnaam] , die behoudens de loodslabben, waarvoor zoals hiervoor overwogen niet hoeft te worden betaald, is erkend. Voor die loodslabben is € 3.306,00 gerekend. Dat is inclusief btw afgerond € 4.000,
- Dit brengt de tegenvordering op € 17.963,00 minus € 4.000,00 = € 13.963,
- Per saldo is dus toewijsbaar een bedrag van € 17.790,00 minus € 13.963,00 = € 3.827,
- 4.
- rente en kosten Nu niet kan worden vastgesteld wanneer [handelsnaam] in verzuim raakte, zal de wettelijke rente over dit bedrag worden toegewezen vanaf de dag van de dagvaarding.Het toegewezen bedrag is het saldo van de verplichtingen over en weer. Nu partijen bovendien beide hebben geprobeerd voldoening buiten rechte te krijgen is voor een veroordeling in buitengerechtelijke kosten geen plaats. 4.17 Met het voorgaande is beslist over alle verplichtingen over en weer. Bij de gevraagde verklaringen voor recht hebben [eiser 1] en [eiser 2] daarnaast geen belang. 4.
- Nu partijen in conventie over en weer gedeeltelijk in het ongelijk zijn gesteld, zullen de proceskosten tussen hen worden verrekend zoals hierna is vermeld. 4.
- Aangezien de tegenvordering van [handelsnaam] al is verrekend in conventie, zal deze in reconventie worden afgewezen. Ook daarbij past een verrekening van de proceskosten. 5De beslissing De rechtbank in conventie 5.
- veroordeelt [handelsnaam] tot betaling aan [eiser 1] en [eiser 2] van € 3.827,00, te vermeerderen met de wettelijke rente daarover vanaf 5 april 2024 tot aan de algehele voldoening, 5.
- verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad, in conventie en in reconventie 5.
- verrekent de proceskosten telkens zo dat elke partij de eigen kosten draagt, 5.
- wijst af het meer of anders gevorderde. Dit vonnis is gewezen door mr. A.J. Beukenhorst, rechter in deze rechtbank, bijgestaan door mr. J.D. Tameris, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 30 april 2025.