RECHTBANK AMSTERDAM Bestuursrecht zaaknummers: AMS 25/4248 (voorlopige voorziening) en AMS 25/4286 (beroep) uitspraak van de voorzieningenrechter van 15 september 2025 op het beroep en het verzoek om een voorlopige voorziening in de zaken tussen [verzoeker], uit [woonplaats], verzoeker en eiser (hierna: verzoeker) en het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam, verweerder (gemachtigde: [gemachtigde]). Procesverloop
- Verzoeker heeft een aanvraag ingediend voor een bewonersvergunning op [adres] in Amsterdam. Verweerder heeft deze aanvraag met het besluit van 7 november 2024 afgewezen. Met het bestreden besluit van 4 juli 2024 op het bezwaar van verzoeker is verweerder bij de afwijzing van de aanvraag gebleven. Verzoeker heeft hiertegen beroep ingesteld en de voorzieningenrechter gevraagd om een voorlopige voorziening te treffen. 1.
- De voorzieningenrechter heeft het verzoek op 1 september 2025 op zitting behandeld. Hieraan heeft deelgenomen: verweerder. Verzoeker heeft zich afgemeld voor de zitting. Beoordeling door de voorzieningenrechter
- Op zitting heeft verweerder verklaard verzoeker alsnog een bewonersvergunning toe te kennen. Verweerder handhaaft het bestreden besluit dus niet.
- De voorzieningenrechter ziet daarom aanleiding om het bestreden besluit te vernietigen en te bepalen dat verweerder verzoeker in aanmerking brengt voor een bewonersvergunning, zoals toegezegd op zitting. Het beroep is dus gegrond.
- Nu met deze uitspraak op het beroep van eiser is beslist, bestaat er geen aanleiding meer voor het treffen van de gevraagde voorlopige voorziening.
- Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Verzoeker heeft nog geen griffierecht (2x € 194,-) betaald in beide zaken. De termijn van het vergoeden van het griffierecht was nog niet verstreken tijdens het sluiten van het onderzoek op zitting. Het verzoek om vrijstelling van griffierecht wijst de voorzieningenrechter af omdat verzoeker zijn verzoek niet heeft onderbouwd. Verweerder dient het griffierecht aan verzoeker te vergoeden in de zaak AMS 25/4286 (beroep) als verzoeker het griffierecht heeft voldaan. Verweerder kan verlangen van verzoeker dat hij aantoont dat hij het griffierecht heeft voldaan. Beslissing De voorzieningenrechter: - verklaart het beroep gegrond; - vernietigt het bestreden besluit en bepaalt dat verweerder verzoeker in aanmerking brengt voor een bewonersvergunning; - wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af; - draagt verweerder op het betaalde griffierecht van 1 x € 194,-- aan verzoeker te vergoeden, tenzij verzoeker geen griffierecht heeft betaald. Deze uitspraak is gedaan door mr. L.H. Waller, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. W.L. van der Pijl, griffier. Uitgesproken in het openbaar op 15 september
- de griffier is buiten staat om te tekenen. griffier voorzieningenrechter Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op: Rechtsmiddel Tegen de uitspraak op het beroep kan binnen zes weken na de dag van verzending van het proces-verbaal daarvan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Als hoger beroep is ingesteld, kan bij de voorzieningenrechter van de hogerberoepsrechter worden verzocht om het treffen van een voorlopige voorziening Tegen de uitspraak op het verzoek om een voorlopige voorziening staat geen rechtsmiddel open.