← Nederland

ECLI:NL:RBAMS:2025:7711

RECHTBANK AMSTERDAM Civiel recht Kantonrechter Zaaknummer: 10891526 \ TB EXPL 24-1 Vonnis van 14 oktober 2025 in de zaak van de naamloze vennootschap MENZIS ZORGVERZEKERAAR N.V., gevestigd te Wageningen, eisende partij, gemachtigde: GGN Mastering Credit Rotterdam, tegen [gedaagde] , wonende te [woonplaats] , gedaagde partij, niet verschenen. 1De procedure 1.

  1. Het verloop van de procedure blijkt uit:- de dagvaarding van 15 januari 2024, met producties,- het tegen gedaagde partij verleende verstek. 1.
  2. Ten slotte is vonnis bepaald. 2De beoordeling 2.
  3. Eisende partij vordert gedaagde partij te veroordelen tot betaling van een bedrag van € 269,00 aan hoofdsom, te vermeerderen met rente en buitengerechtelijke kosten. 2.
  4. Eisende partij stelt dat gedaagde partij via de website van Menzis een zorgverzekeringsovereenkomst met haar heeft gesloten en heeft het toepasselijke polisblad overgelegd. De toepasselijke algemene voorwaarden zijn bij de rechtbank gedeponeerd en zij heeft in de dagvaarding het beding waarop zij een beroep kan doen geciteerd en zich uitgelaten over de eerlijkheid daarvan. Eisende partij heeft verder een specificatie overgelegd van de door haar gevorderde hoofdsom en een veertiendagenbrief. 2.
  5. De specificatie is in de dagvaarding verder niet toegelicht, maar daaruit wordt opgemaakt dat de hoofdsom bestaat uit premie basisverzekering over de maanden april en mei
  6. 2.
  7. Nu de overeenkomst op afstand tot stand is gekomen tussen een handelaar en een consument moet (anders dan eisende partij stelt) ambtshalve worden getoetst aan het consumentenrecht, waaronder de richtlijn oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten (93/13/EG). 2.
  8. Om deze toetsing te kunnen uitvoeren moet eisende partij ook toelichten wanneer en hoe de verzekeringsovereenkomst en de toepasselijke voorwaarden aan gedaagde partij zijn toegezonden, of dit is gebeurd op een duurzame drager en of gedaagde partij in de gelegenheid is gesteld de overeenkomst te ontbinden zoals is bepaald in artikel 6:230x lid 1 BW. Eisende partij zal daartoe alsnog in de gelegenheid worden gesteld. 2.
  9. Eisende partij zal dit in het vervolg reeds bij de dagvaarding moeten doen. Wanneer de stukken en/of deze toelichting ontbreekt, kan dat in het vervolg leiden tot afwijzing van de vordering wegens het niet voldoen aan de stelplicht. 2.
  10. Iedere verdere beslissing wordt aangehouden. 3De beslissing De kantonrechter: 3.
  11. verwijst de zaak naar de rolzitting van dinsdag 11 november 2025 om 14.00 uur voor het nemen van een akte door eisende partij als hiervoor is overwogen; 3.
  12. houdt iedere verdere beslissing aan. Dit vonnis is gewezen door mr. L. van Berkum, kantonrechter, en in het openbaar uitgesproken op 14 oktober
  13. 811

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.