← Nederland

ECLI:NL:RBAMS:2026:1320

RECHTBANK AMSTERDAM Civiel recht Kantonrechter Zaaknummer / rekestnummer: 12044646 \ CV FORM 26-154 Beschikking van 6 februari 2026 in de zaak van [verzoeker] , wonende te [adres] (Canada), verzoekende partij, hierna te noemen: [verzoeker] , procederend in persoon, tegen EASYJET, gevestigd te Amsterdam, verwerende partij, hierna te noemen: Easyjet. 1De procedure 1.

  1. In het kader van de Europese procedure voor geringe vorderingen (Verordening (EG) nr. 861/2007, hierna: EPGV-Verordening) heeft [verzoeker] door middel van het Vorderingsformulier A als bedoeld in artikel 4 lid 1 EPGV-Verordening een vordering ingesteld, ontvangen op 7 januari
  2. 2De feiten 2.
  3. De kantonrechter stelt ambtshalve vast dat de Nederlandse rechter in deze zaak bevoegd is om van het verzoek kennis te nemen. 2.
  4. De EPGV-Verordening is alleen van toepassing op zaken die “grensoverschrijdend” zijn. In artikel 3 lid 1 EPGV-Verordening is bepaald dat onder grensoverschrijdende zaak wordt verstaan, een zaak waarin ten minste een van de partijen haar woonplaats of haar gewone verblijfplaats heeft in een andere lidstaat van de Europese Unie dan de lidstaat van het aangezochte gerecht. 2.
  5. [verzoeker] heeft zijn woonplaats in Canada. Dat land is geen lid van de Europese Unie. De EPGV-Verordening is bedoeld om de goede werking van de interne markt van de Europese Unie te bevorderen. Als een partij niet woont of gevestigd is in een lidstaat van de Europese Unie kan geen beroep worden gedaan op de EPGV-Verordening. 2.
  6. Omdat [verzoeker] niet woont in een lidstaat van de Europese Unie, wordt vooralsnog geoordeeld dat geen sprake is van een grensoverschrijdende zaak als bedoeld in artikel 3 lid 1 EPGV-Verordening. Het verzoek valt daarmee buiten het toepassingsbereik van de EPGV-Verordening. 2.
  7. Artikel 4 lid 3 van de EPGV-Verordening schrijft dan voor dat het gerecht de eiser ervan op de hoogte stelt dat de vordering buiten het toepassingsgebied van deze verordening valt en dat deze procedure dan, tenzij eiser de vordering intrekt, door het gerecht zal worden behandeld overeenkomstig het procesrecht dat geldt in de lidstaat waar de procedure wordt gevoerd. 2.
  8. Gelet op het voorgaande wordt [verzoeker] in de gelegenheid gesteld te reageren: 2.6.
  9. op de omstandigheid dat hij woonplaats heeft in Canada, terwijl een vordering op grond van de EPGV-Verordening alleen mogelijk is als beide partijen hun woonplaats of gewone verblijfplaats hebben in een lidstaat van de Europese Unie, 2.6.
  10. of hij hierin aanleiding ziet de vordering in te trekken dan wel dat hij wenst dat de procedure wordt omgezet in een zogenoemde Nederlandse dagvaardingsprocedure. [verzoeker] zal dan contact moeten opnemen met een Nederlandse gerechtsdeurwaarder om de dagvaarding (de oproep) aan Easyjet te laten betekenen. 2.
  11. Iedere verdere beslissing wordt aangehouden. 3De beslissing De kantonrechter 3.
  12. stelt [verzoeker] in de gelegenheid binnen 30 dagen na ontvangst van deze beschikking te reageren op hetgeen onder 2.
  13. is overwogen, 3.
  14. houdt iedere verdere beslissing aan. Deze beschikking is gegeven door mr. J.F. Kuiken en in het openbaar uitgesproken op 6 februari
  15. 33806

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.