RECHTBANK AMSTERDAM INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER Parketnummer: 13-301774-25 (EAB 2) Datum uitspraak: 29 januari 2026 UITSPRAAK op de vordering van 11 november 2025 van de officier van justitie bij deze rechtbank tot het in behandeling nemen van een Europees aanhoudingsbevel (EAB). Dit EAB is uitgevaardigd op 22 juli 2025 door de Procura Generale della Repubblica di Firenze (the General Prosecution Office of Florence), Italië (hierna: de uitvaardigende justitiële autoriteit) en strekt tot de aanhouding en overlevering van: [de opgeëiste persoon] , geboren in [geboorteplaats] (Roemenië) op [geboortedag] 2000, zonder vaste woon- of verblijfplaats in Nederland, gedetineerd in de [penitentiaire inrichting] , hierna ‘de opgeëiste persoon’. 1Procesgang Zitting van 8 januari 2026 De behandeling van het EAB is aangevangen op de zitting van 8 januari 2026, in aanwezigheid van mr. K. van der Schaft, officier van justitie. De opgeëiste persoon is verschenen en is bijgestaan door zijn raadsvrouw, mr. E. Kolokatsi, advocaat in Amersfoort. De rechtbank heeft de behandeling van de zaak aangehouden tot de zitting van 22 januari 2026 omdat er geen tolk in de Italiaanse taal fysiek aanwezig was. Zitting van 22 januari 2026 De behandeling van het EAB is op deze zitting opnieuw aangevangen, in aanwezigheid van mr. N. Bakkenes, officier van justitie. De opgeëiste persoon is verschenen en is bijgestaan door zijn raadsvrouw, mr. E. Kolokatsi, en door een tolk in de Italiaanse taal. De rechtbank heeft de termijn waarbinnen zij op grond van de Overleveringswet (OLW) uitspraak moet doen over de verzochte overlevering met 30 dagen verlengd. Tevens heeft de rechtbank voor sluiting van het onderzoek ter zitting de gevangenneming bevolen. 2Identiteit van de opgeëiste persoon Ter zitting heeft de opgeëiste persoon verklaard dat de bovenvermelde persoonsgegevens juist zijn en dat hij de Roemeense nationaliteit heeft. 3Grondslag en inhoud van het EAB Het EAB vermeldt een judgement rendered on 6th October 2023 by the Lawcourt of Pisa, which became final on 21 th December 2023, met referentie R.G.N.R. 4277/2023 - R.G.DIB. 1292/2023 - Reg. Sent. 2662/2023. De overlevering wordt verzocht ten behoeve van de tenuitvoerlegging van een vrijheidsstraf voor de duur van een jaar en vier maanden , door de opgeëiste persoon te ondergaan op het grondgebied van de uitvaardigende lidstaat. Dit vonnis betreft de feiten zoals die zijn omschreven in het EAB. De officier van justitie bij de rechtbank van Florence (Italië) heeft op 5 juni 2025 een zogenaamde cumulatiebeslissing genomen (referentienummer: 226/2025 SIEP). Van die cumulatiebeslissing maakt deel uit de hiervoor vermelde vrijheidsstraf van een jaar en vier maanden. Overwogen wordt dat ter nakoming van het beginsel van samenvallende straffen één straf moet worden vastgesteld die in concreto door de veroordeelde moet worden uitgezeten. De cumulatiebeslissing bepaalt dat de totale resterende vrijheidsstraf vijf jaar, een maand en negen dagen bedraagt en ten uitvoer moet worden gelegd. 3.1 Weigeringsgrond als bedoeld in artikel 12 OLW Inleiding Op 12 december 2025 heeft de uitvaardigende justitiële autoriteit de volgende aanvullende informatie verstrekt: “-–(…) the judgment of the Pisa Court of October 6, 2023, which became final on December 21, 2023, is no longer subject to ordinary appeal, and consequently, it definitively decides the case on the merits in the meaning of the Case C-397/22 of the European Court of Justice of 21.12.2023 (ECLI:EU:C:2023:1030). - [de opgeëiste persoon] did not give a mandate to the court-appointed defense lawyer, Avv. Fabrizio Bianchi, to defend him, but this lawyer was appointed by the Court. During the criminal proceedings, [de opgeëiste persoon] provided the Italian authorities with his address by signing a "declaration of domicile" in which he indicated the place where he wished to receive all summons related to the proceedings. For this proceeding too, the place he indicated is : “Via dei Tranquilli no. 10 int. 1, Livorno”. The "declaration of domicile" signed by the defendant always indicates the obligation to inform the Italian authorities of any changes of address and clearly states the consequences of failing to comply with this obligation. It should be noted that in this proceeding, [de opgeëiste persoon] was arrested by the Police and brought to the hearing for judgment. After the validation of his arrest, a new hearing was scheduled for final discussion of the trial, and [de opgeëiste persoon] did not appear at that hearing.” Oordeel van de rechtbank Ten aanzien van het samenvoegingsbesluit no. 226/2025 SIEP van the General Prosecution Office of Florence van 5 juni 2025 De rechtbank is van oordeel dat het samenvoegingsbesluit niet aan artikel 12 OLW getoetst dient te worden omdat hierin sprake is van een optelling van de opgelegde straffen zonder dat sprake was van een beoordelingsmarge. Dit besluit valt hierom niet onder de reikwijdte van artikel 12 OLW. Ten aanzien van het vonnis van the Pisa Court van 6 oktober 2023 De rechtbank stelt vast dat het EAB strekt tot de tenuitvoerlegging van een vonnis terwijl de verdachte niet in persoon is verschenen bij het proces dat tot die beslissing heeft geleid, en dat - kort gezegd - is gewezen zonder dat zich één van de in artikel 12, sub a tot en met c, OLW genoemde omstandigheden heeft voorgedaan en evenmin een garantie als bedoeld in artikel 12, sub d, OLW is verstrekt. Gelet daarop kan de overlevering op grond van artikel 12 OLW worden geweigerd. De rechtbank ziet aanleiding om af te zien van haar bevoegdheid om de overlevering te weigeren op deze grond. Uit de aanvullende informatie van 12 december 2025 volgt dat de opgeëiste persoon gedurende het vooronderzoek een adresinstructie heeft ontvangen en deze heeft ondertekend. Hij was dus op de hoogte van het feit dat post van de justitiële autoriteiten naar het door hem opgegeven adres zou worden gezonden en van de op hem rustende verplichting om - indien aan de orde -, een adreswijziging door te geven. Daarnaast is de opgeëiste persoon, nadat hij was gearresteerd, door de politie vervoerd naar een zitting. Na de bekrachtiging van zijn aanhouding is een nieuwe zittingsdatum gepland om de zaak inhoudelijk te behandelen. De opgeëiste persoon is niet op die nieuwe zitting verschenen. Op grond van deze omstandigheden stelt de rechtbank vast dat de opgeëiste persoon van de procedure tegen hem op de hoogte was en dat hij bij een zitting aanwezig is geweest. De rechtbank concludeert op grond hiervan dat de opgeëiste persoon (impliciet) afstand heeft gedaan van zijn aanwezigheidsrecht. 4Strafbaarheid Feiten vermeld op bijlage 1 bij de OLW De uitvaardigende justitiële autoriteit wijst de strafbare feiten 1 en 2 aan als zogenoemde lijstfeiten, die in Nederland in de lijst van bijlage 1 bij de OLW staan vermeld, te weten: illegale handel in verdovende middelen en psychotrope stoffen; moord en doodslag, zware mishandeling. De raadsvrouw heeft aangevoerd dat het tweede strafbare feit geen lijstfeit is, omdat blijkens de feitomschrijving alleen sprake is van mishandeling en niet van zware mishandeling. De raadsvrouw heeft daarbij echter niet aangevoerd – en dus ook niet aannemelijk gemaakt – dat de strafbaarheid op basis van het Nederlandse recht ontbreekt, noch dat de rechtbank in dat geval gebruik zou moeten maken van haar bevoegdheid om de overlevering op die grond te weigeren. De rechtbank gaat daarom niet verder op dit verweer in. De raadsvrouw heeft verder aangevoerd dat aanvullende informatie moet worden opgevraagd over de op te leggen maximumstraffen. De feiten zijn aangekruist als een lijstfeit, maar onder rubriek c is niet aangegeven wat de maximumstraffen zijn die in Italië op deze feiten staan, zodat niet getoetst kan worden of aan de eis van strafbedreiging met een vrijheidsstraf van ten minste drie jaar voldaan is. De officier van justitie heeft hierover geen standpunt ingenomen. De rechtbank is van oordeel dat geen aanvullende informatie van de uitvaardigende justitiële autoriteit nodig is met betrekking tot de op te leggen maximumstraffen. De uitvaardigende justitiële autoriteit heeft in onderdeel
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.