Rechtbank Arnhem Sector civiel recht Zaak/rolnummer: 92114/HA ZA 02-1542 Uitspraak : 24 september 2003 Vonnis in de zaak van X, wonende te Z, eiser in conventie, verweerder in reconventie, procureur mr. F.J. Boom te Arnhem, advocaat mr. A.C. van Schaick te Tilburg, tegen: Y, wonende te Z, gedaagde in conventie, eiseres in reconventie, procureur mr. J.M. Bosnak, advocaat mr. D.M.H.M. van Dijk, beiden te Arnhem, en de op verzoek van Y, ex art. 118 Rv. opgeroepen partijen 1. Z, thans K, weduwe van Z, wonende te Z, procureur mr. J.M. Bosnak, advocaat mr. D.M.H.M. van Dijk, beiden te Arnhem, 2. P, wonende te Z, gevoegde partij in conventie aan de zijde van X, procureur mr. J.Th.M. Palstra, advocaat mr. M.R.J. Baneke, beiden te Nijmegen, 3. S, wonende te Erlecom, gemeente Ubbergen, procureur mr. J.A.M.P. Keijser, advocaat mr. S.C.M. Nas, beiden te Nijmegen, 4. K, wonende te Z, procureur mr. J.A.M.P. Keijser, advocaat mr. S.C.M. Nas, beiden te Nijmegen. Het verloop van de procedure Voor het eerdere verloop van de procedure wordt verwezen naar het vonnis van 12 maart 2003. De daarop gehouden comparitie van partijen ter plaatse, waarvan het proces-verbaal zich bij de stukken bevindt, heeft niet tot overeenstemming geleid. Daarna hebben X, Y, P, S en K ieder een conclusie na comparitie genomen, Y onder overlegging van twee producties en P onder overlegging van een productie. Y heeft daarbij tevens haar eis in reconventie gewijzigd. Ten slotte is vonnis bepaald. De vaststaande feiten 1.1. X is sinds 10 juni 1996 eigenaar van de boerderij met bijgebouwen, ondergrond, erf en omliggende weilanden, plaatselijk bekend Erlecomseweg 16 te Erlecom, kadastraal bekend gemeente Ooij, sectie B, nrs. 2380, 166, 171, 494, 1222 en 798. Voordien had X het erf krachtens een pachtovereenkomst in gebruik. Deze pachtovereenkomst is aangegaan op 11 februari 1949. Daarvoor reeds hadden de ouders van X het erf in gebruik. X oefende ter plaatse, evenals zijn ouders voordien, het boerenbedrijf uit. In 1992 is hij gestopt met het houden van vee en nadien heeft hij zijn bedrijf beëindigd. X is voornemens de boerderij c.a. te verkopen aan B. 1.2. Het erf van X heeft geen eigen toegang tot de openbare weg of een openbaar vaarwater. 1.3. Y is eigenaar van de boerderij, plaatselijk bekend E. Zij heeft deze onroerende zaken in 1999 van haar ouders in eigendom verworven. Zij oefent daar een geitenfokbedrijf uit. 1.4. Van K (de moeder van Y) is eigenaar (gebleven) van een perceel kadastraal bekend gemeente B. 1.5. P is (onder meer) eigenaar van de percelen kadastraal bekend O. De vennootschap van P, W. P exploitatiemaatschappij B.V., heeft onder meer in eigendom het perceel kadastraal bekend R. 1.6. S is eigenaar van de percelen kadastraal bekend S. 1.7. K is eigenaar van het perceel kadastraal bekend K. Het geschil 2. X vordert te verklaren voor recht dat de eigenaar van de onder 1.1. omschreven onroerende zaken krachtens artikel 5:57 BW gerechtigd is tot het gebruik van het erf van Y om te komen en te gaan van het erf van X naar en van de Erlecomseweg. X heeft aan die vordering, naast de hiervoor weergegeven feiten, ten grondslag gelegd dat hij om van zijn perceel naar de openbare weg te komen al meer dan dertig jaar gebruik heeft gemaakt van de noodweg die via zijn perceel, het perceel van Y en een perceel dat in eigendom toebehoort aan Vierboom (nr. 1389) loopt en dat hem daarom via dat tracé een recht van uitweg toekomt. Volgens X dreigt Y de toegang over haar erf voor X ontoegankelijk te maken. Hij vordert daarom ook Y te verbieden de doorgang over haar erf voor de eigenaar van het onder 1.1. omschreven erf en de rechtmatige gebruikers daarvan te (doen of laten) blokkeren, op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 1.000,-- per dag. 3. Y heeft betwist dat aan X een recht van uitweg toekomt via het door hem genoemde tracé op gronden die hierna aan de orde zullen komen. Voor het geval dat wel zo is heeft Y in reconventie gevorderd, na wijziging van haar eis, deze uitweg te verleggen op grond van gewijzigde omstandigheden. Zij heeft voor deze verlegging een aantal alternatieve routes aangedragen. 4. X heeft de vordering in reconventie gemotiveerd weersproken. 5. K heeft de stellingen van X eveneens weersproken. Zij is (primair) van mening dat de uitweg van X over het perceel van P moet lopen. P heeft het standpunt van X onderschreven. Hij heeft geconcludeerd tot toewijzing van de vorderingen van X in conventie en tot afwijzing van de vorderingen van Y in reconventie. Ook S en K hebben de stellingen van X onderschreven. Zij hebben geconcludeerd tot afwijzing van de vorderingen van Y in reconventie. De beoordeling van het geschil in conventie en in reconventie 6. Geen van de partijen heeft zich verzet tegen de wijziging van eis in reconventie door Y, zodat deze gewijzigde (grondslag van
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.