vonnis RECHTBANK ARNHEM Sector civiel recht zaaknummer / rolnummer: 175828 / HA ZA 08-1688 Vonnis van 23 december 2009 in de zaak van [eiser], wonende te [woonplaats], eiser, advocaat mr. F.P. de Jong te Groningen, tegen 1. de vereniging MOTORCLUB [gedaagde], gedaagde, procesadvocaat mr. F.A.M. Knüppe, behandelend advocaten mrs. P. Oskam en J.N. Potharst te Amsterdam, 2. de vereniging KONINKLIJKE NEDERLANDSE MOTORRIJDERS VERENIGING, gevestigd te Arnhem, gedaagde, procesadvocaat mr. F.A.M. Knüppe, behandelend advocaten mrs. P. Oskam en J.N. Potharst te Amsterdam, 3. [gedaagde], wonende te [woonplaats], gedaagde, advocaat mr. A. Speksnijder te Leeuwarden, 4. [gedaagde], wonende te [woonplaats], gedaagde, advocaat mr. A. Speksnijder te Leeuwarden. Partijen zullen hierna [eiser], [gedaagde motorclub], de KNMV, [gedaagde sub 1] en [gedaagde sub 4] genoemd worden. De KNMV en [gedaagde motorclub] zullen gezamenlijk ook worden aangeduid met ‘de KNMV c.s.’. 1. De procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: - de dagvaarding - de conclusie van antwoord van de KNMV c.s. - de conclusie van antwoord van [gedaagde sub 1] - de conclusie van antwoord van [gedaagde sub 4] - de conclusie van repliek - de conclusie van dupliek van de KNMV c.s. - de conclusie van dupliek van [gedaagde sub 1] en [gedaagde sub 4]. 1.2. Ten slotte is vonnis bepaald. 2. De feiten 2.1. De KNMV is een vereniging van en voor motorrijders, waarbij een aantal motorclubs is aangesloten. Tot de aangesloten clubs behoort [gedaagde motorclub]. 2.2. [gedaagde motorclub] organiseert onder andere vrije trainingen. Dat zijn trainingen waarbij een motorcrosser die beschikt over een licentie en/of startbewijs van de KNMV mag trainen op de motorcrossbaan van [gedaagde motorclub]. Niet-leden van [gedaagde motorclub] - zoals [eiser] - betalen daarvoor een vergoeding van (in april 2005:) € 8,--. Op het terrein van [gedaagde motorclub] staan borden - die er ook in april 2005 al stonden - met daarop (onder meer) de teksten: “Rijders dienen zich voor aanvang van de training eerst te melden in de kantine. U dient zich te houden aan het KNMV- motorsportregelement. U dient de aanwijzingen van de baanofficial te allen tijde op te volgen.” “U betreedt dit terrein op eigen risico.” 2.3. [eiser] heeft op 12 januari 2005 een ‘KNMV-licentie-aanvraag 2005’ ingevuld en ondertekend. Op dit formulier is onder de vragen betreffende de aanvraag vermeld: “ Aansprakelijkheid Door ondertekening van dit aanvraagformulier verklaart de licentiehouder dat hij/zij de KNMV, haar officials, organisatoren en haar medewerkers noch de andere wedstrijddeelnemers aan trainingen en of wedstrijden, aansprakelijk zal stellen voor personenschade en/of zaakschade, incl. gevolgschade, voortvloeiend uit deelname aan deze trainingen en/of wedstrijden. Tevens verklaart de licentiehouder zich te onderwerpen aan de bepalingen, statuten en reglementen van de KNMV. De aanvra(a)g(st)er verklaart dit formulier naar waarheid te hebben ingevuld. Voorts verklaart de aanvrager zich ervan bewust te zijn dat de licentie wordt verleend voor evenementen waarvoor de KNMV toestemming geeft. De licentiehouder verklaart zich hieraan te onderwerpen en niet deel te nemen aan andere motorsportevenementen.” 2.4. Op 2 april 2005 namen [eiser], [gedaagde sub 1] en [gedaagde sub 4] deel aan een vrije training van [gedaagde motorclub]. 2.5. [gedaagde sub 1] en [gedaagde sub 4] hebben op 2 april 2005 - vóór zij tot de training bij [gedaagde motorclub] werden toegelaten - allebei een hun door [gedaagde motorclub] verstrekt formulier ingevuld en ondertekend met het oog op verkrijging van de vereiste KNMV-districtslicentie 2005. Op dat formulier is, voor zover hier van belang, vermeld: “ BESTEMD VOOR DE RIJDER DISTRICTSLICENTIE 2005 VOORWAARDEN 1. Training uitsluitend toegestaan op de door de vereniging/stichting/club vastgestelde tijden en dagen. 2. Niet voldoen aan de door de vereniging/stichting/club gestelde gedragsregels, door houder en/of helpers, kan intrekking van de licentie tot gevolg hebben. (...) Deze districtslicentie geldt uitsluitend voor trainingen op circuits van de bij de KNMV aangesloten verenigingen/stichtingen/clubs, voor bij de KNMV aangemelde districts- en clubwedstrijden alsmede op incidentele circuits die niet als vast trainingscircuit te boek staan, maar waarvoor de KNMV wel een verzekeringsbewijs heeft afgegeven. Aan deze districtslicentie is verbonden: a. Wettelijke aansprakelijkheidsverzekering met een dekking van € 1.250.000,-- per gebeurtenis tijdens KNMV clubtrainingen en door de KNMV goedgekeurde clubwedstrijden b. Persoonlijke ongevallenverzekering voor Nederlanders woonachtig in Nederland met een verzekerd risico van: (...) € 5.000,00 bij algehele invaliditeit c. (...) De deelnemers mogen op grond van deze licentie elkaar niet onderling aansprakelijk stellen. Door ondertekening van deze districtslicentie verklaart de licentiehouder dat hij/zij de KNMV, haar officials, de organisatoren, haar medewerkers en de andere (wedstrijd)deelnemers niet aansprakelijk zal stellen voor personenschade en/of zaakschade, inclusief gevolgschade, voortvloeiend uit deelname aan deze trainingen en of wedstrijden. Tevens verklaart de licentiehouder zich te onderwerpen aan de bepalingen, statuten en reglementen van de KNMV. De verzekering is geldig t/m 31 december 2005. Polissen met volledige voorwaarden liggen ter inzage op het secretariaat van de KNMV”. 2.6. Tijdens de vrije training op 2 april 2005 is de motor van de motorfiets van [gedaagde sub 1] in een bocht voor een springbult afgeslagen. [gedaagde sub 4] zag dat gebeuren en is afgestapt om [gedaagde sub 1] te gaan helpen, met achterlating van zijn eigen motorfiets uiterst rechts van het circuit. Samen hebben zij geprobeerd de motor te starten en aan te duwen. Toen dat niet lukte hebben zij geprobeerd de motor aan de gang te krijgen door deze met [gedaagde sub 1] erop van een springbult af te laten rijden. Op enig moment bevonden [gedaagde sub 1] en [gedaagde sub 4] zich met de (nog steeds niet werkende) crossmotor van [gedaagde sub 1] op het parcours van de motorcrossbaan, direct achter de springbult waarvóór [gedaagde sub 1] tot stilstand was gekomen. Achter die springbult waren zij voor de achteropkomende motorcrossers niet zichtbaar. Op dat moment maakte [eiser] met zijn crossmotor een sprong over die bult en is hij tijdens de landing in aanraking gekomen met [gedaagde sub 1]. Door dit ongeval zijn [eiser] en [gedaagde sub 1] gewond geraakt. 2.7. [eiser], ten tijde van het ongeval 19 jaar, heeft door het ongeval een complete dwarslaesie ter hoogte van niveau Th. 5 en 6 opgelopen, alsmede een haematopnaeumothorax (klaplong met bloeduitstortingen) aan beide zijden. [eiser] is drie maanden op de intensive care van het UMC Groningen verzorgd en is vervolgens, na een verblijf van enkele weken op de verpleegafdeling neurologie, naar het revalidatiecentrum Beatrixoord te Haren overgebracht. Door de dwarslaesie is zijn lichaam blijvend verlamd geraakt vanaf het onderste deel van zijn borstkas, met als gevolg het verlies van allerlei lichaamsfuncties, waaronder het gebruik van zijn benen. [eiser] is rolstoelafhankelijk. 2.8. [gedaagde sub 1] en [gedaagde sub 4] hebben op 1 november 2005 respectievelijk 28 oktober 2005 ieder een schriftelijke verklaring over de toedracht van het ongeval ondertekend. De verklaring van [gedaagde sub 1], die vrijwel gelijk is aan die van [gedaagde sub 4], luidt (voor zover relevant): “Op 2 april was ik op mijn in eigendom toebehorende crossmotor [X] aan het crossen op het trainingsterrein “[ ]” van de vereniging [gedaagde motorclub] te [woonplaats]. Ik werd door voornoemde vereniging tot de trainingslocatie toegelaten omdat ik de beschikking heb over een door de KNMV uitgegeven start- dan wel districtslicentie. (Deze licentie kan aangeschaft worden, zonder dat (rij)vaardigheidseisen worden gesteld). Een kopie van de licentie heb ik bij deze verklaring gevoegd.) Tijdens het crossen ben ik op een gegeven moment 10 à 15 meter voor een springbult met een hoogte van circa 3 meter ten val gekomen, waardoor de koppelingshendel van mijn crossmotor brak. Ik heb vervolgens, met behulp van een andere motorcrosser, te weten de heer [gedaagde sub 4] (...) getracht de motor weer aan de praat te krijgen. Samen met de heer [gedaagde sub 4] probeerde ik voor voornoemde springbult de motor aan te drukken c.q. te slepen. Toen dat niet lukte heb ik met de heer [gedaagde sub 4] mijn motor op de springbult gedrukt en vervolgens getracht de motor aan de praat te krijgen door die van de bult af te rijden. Ook dat lukte niet en onderaan de springbult gekomen probeerden wij uiteindelijk van de crossbaan te komen. Op dat moment sprong de heer [[eiser] met zijn motor over de springbult, waarna de heer [[eiser] op mij terechtkwam, met als gevolg dat de heer [[eiser] ernstig letsel opliep. De heer [eiser] kon bij het oprijden van voornoemde springbult de heer [gedaagde sub 4] en mij niet waarnemen aan de andere kant van de springbult. Ook werd de heer [[eiser], voor zover ik kan nagaan, niet door baanposten c.q. officials van de vereniging [gedaagde motorclub] geattendeerd op het feit dat de heer [gedaagde sub 4] en ik onderaan de springbult met pech stilstonden. Er zijn voor zover mij bekend is, tijdens de trainingen op de zaterdag geen baanposten c.q. officials die een oogje in het zeil houden. Ook is ondergetekende nimmer geïnstrueerd door de vereniging [gedaagde motorclub] over de wijze waarop gehandeld moet worden tijdens pechgevallen en/of ongevallen op de crossbaan. Ook schriftelijke instructies o.i.d. zijn mij nimmer door de vereniging [gedaagde motorclub] (namens de KNMV) verstrekt. Van de heer [gedaagde sub 4] heb ik overigens achteraf nog begrepen dat gedurende diverse minuten na het ongeval motorcrossers over de bult bleven springen, alwaar de heer [[eiser] en ik gewond lagen. Ook op dat moment waren er geen baanposten c.q. officials van de vereniging [gedaagde motorclub] aanwezig, aldus vernam ik van de heer [gedaagde sub 4].” 2.9. Op 6 november 2008 heeft de heer [betrokkene], voorzitter van [gedaagde motorclub], een schriftelijke verklaring met - voor zover hier van belang - de volgende inhoud ondertekend: “ Vereniging en accommodatie (...) Trainingsaccommodatie (...)De accommodatie omvat een cross circuit 1850 mtr, een zandbaan ovaal 420 mtr en een minicross baan voor de jeugd. (...) Vrije trainingen Het begrip vrije training is algemeen. Voor de motorsport betekent dat, dat er zonder wedstrijd vorm van het circuit gebruik kan worden gemaakt. Deelname uitsluitend voor sporters die voldoen aan de in het KNMV reglement genoemde bepalingen (verzekering - milieu - technisch) aangevuld met specifieke verenigingseisen. Handhaving wordt gecontroleerd door drie club officials. Bij vrije trainingen zijn verder geen BACO’s (vlaggenisten) en/of medische ondersteuning aanwezig. (Enkele baanofficials zijn tevens EHBO-er.) Deze situatie is landelijk, en algemeen bekend. De inzet van BACO’s en medisch personeel is organisatorisch onmogelijk gebleken. Voor wedstrijden kunnen we een beroep doen op vrijwilligers. Het is echter niet de meest uitdagende functie, en wekelijks twee keer gebruik maken van deze vrijwilligers is een utopie. Deze BACO’s worden overigens jaarlijks bijgeschoold. Medische ondersteuning (EHBO ers en een doktor) wordt betaald. Bij wedstrijden worden hiervoor de entree gelden aangewend, die er bij vrije trainingen uiteraard niet zijn. Zou als regel gelden dat elke vrije training BACO’s aanwezig moeten zijn, dan zijn diverse opties denkbaar. - Publiek en begeleiders vrijblijvend vragen een BACO post in te nemen. Hiervoor bleek weinig tot geen animo. Bovendien, veel onervaren mensen (soms met kinderen) die kriskras over het circuit lopen om hun BACO plaats te bereiken. - Begeleiders verplichten een BACO post in te nemen. Vindt geen enkel draagvlak bij de deelnemers. Bovendien bleken deze begeleiders enkel op hun eigen rijder te letten. Een andere mogelijke optie de veiligheid te vergroten is de ervaren en minder ervaren rijders per toerbeurt te laten trainen. Lijkt logisch, maar de trainingen vinden meer geconcentreerd plaats (meer rijders dicht bij elkaar) waardoor volgens onze waarneming het aantal incidenten zeker niet afneemt. Met enige regelmaat worden de statistieken vergeleken met de collega’s van [andere motorclub] waar deze scheiding wel plaats vindt. (...) (...) In de winter periode van november tot april (weersafhankelijk) is het circuit gesloten. Clubofficials De clubofficials zijn of bestuurslid of lid van de trainingsterrein commissie, ongeveer 20 in getal. Dezen zijn per drie bij toerbeurt bij iedere training aanwezig. (...) De drie clubofficials zijn onderverdeeld in: een administratieve kracht - controleert en schrijft eventueel lidmaatschappen en verzekeringslicenties uit, beurt dagpassen. Een zandbaan official - ziet toe op de naleving van de gestelde regels, controleert het naleven van de milieu regels, controleert de technische staat van de motoren, en de kleding voorschriften, verzorgt baan onderhoud en ondersteunt minder ervaren rijders. Dit zowel op de trainingbaan als in het rennerskwartier. Een crossbaan official - zoals hierboven m.u.v. baanonderhoud. (...) Verslag 02 april 2005 Het was 2 april geen druk bezochte training. Wel veel deelnemers die zich als nieuw lid aanmelden, en/of waarvoor een nieuwe districtslicentie uitgeschreven moest worden. (...) Inschrijving Over de inschrijving van de bij het ongeluk betrokken rijders zijn geen specifieke details meer te achterhalen. (...) Dhr. [eiser] was geen clublid en heeft een z.g. dagpas gekocht. (Met de opbrengst van deze dagpassen wordt het circuit onderhouden). Hij is tot de training toegelaten, op basis van zijn KNMV startlicentie. De KNMV kent twee soorten licenties: een districtlicentie waarop men een verzekering afsluit voor trainingen en clubwedstrijden, en een startlicentie waarop men aan landelijke door de KNMV georganiseerde wedstrijden kan deelnemen (in het algemeen voor de meer ervaren coureurs) Voor Dhr. [gedaagde sub 4] en [gedaagde sub 1] moet het de eerste training van het seizoen zijn geweest. Zij waren nog niet in het bezit van een licentie. Deze districtslicenties zijn voorafgaand aan de training, ter plaatse door clubofficial [Y] uitgeschreven. (...)Het invullen van de gegevens (tevens medische verklaring) is een tijdrovende bezigheid, en vindt plaats in de kantine. Die tijd wordt ook gebruikt om de rijders bekend te maken met de situatie en de gebruiksregels van de accommodatie. Een kopie met het KNMV reglement ligt ter inzage. (hangt ook op het publicatie bord in de kantine) Dit KNMV reglement is landelijk. Van rijders die ook in vooraf gaande jaren een licentie gehad hebben (zoals [gedaagde sub 1] en [gedaagde sub 4]) mag verwacht worden dat zij reeds kennis van het reglement en de algemene veiligheidsregels genomen hebben. Ongeval Het bewuste ongeval met [ ] [eiser] gebeurde rond vier uur, achter op het circuit, op één van de hoogste springbulten. (post nr. 6). Op de aanrij route heeft de coureur geen zicht op wat er zich achter de springbult afspeelt. Dhr. [gedaagde sub 1] en [gedaagde sub 4] proberen daar een defecte motor aan te duwen. Een botsing was onvermijdelijk. Geen van de baanwachten heeft het ongeluk visueel waargenomen. De aanwezigen die wel getuige waren (o.a. Dhr. [eiser] senior en teamgenoot [Y]) hebben logischerwijs zich eerst bekommerd om de gewonden alvorens de clubofficials te alarmeren. Middels vlagsignalen is de training stop gelegd. (...) Analyse De toedracht van het ongeluk hebben we kunnen opteken[en] uit de verklaringen van de getuigen: dhr. [eiser] senior en dhr. [gedaagde sub 4]. Dhr. [gedaagde sub 1] was gevallen tussen post 5 en 6. Dhr. [gedaagde sub 4], die vlak achter hem aan reed stopte om te assisteren. De motor van dhr. [gedaagde sub 4] is aan de uiterste rechter zijkant geparkeerd, voor de springbult. Gezamenlijk hebben ze de motorfiets van dhr. [gedaagde sub 1] naar de rechter zijkant geduwd. De ideale lijn (de snelste route) op dit gedeelte ligt geheel links. Daar rijden de meeste rijders dan ook. Het circuit is terplekke 8 mtr breed. Binnen de motorsport bestaat de ongeschreven regel dat men de baan bij pech zo snel mogelijk verlaat. Eerst is getracht de motorfiets met de kickstarter te starten. Na diverse mislukte pogingen hebben ze besloten de motor bij de springschans op te drukken om hem vervolgens op het neergaande gedeelte gemakkelijk aan te kunnen drukken. Dit ook geheel rechts van de springschans. Deze handelingen zullen meerdere minuten in beslag hebben genomen. Een trainingsronde op het circuit duurt voor ervaren rijders ca. twee minuten. Gezien het feit dat de begeleider, dhr. [eiser] senior zich ten tijde van het ongeval op het publiekstalud bevond, ver weg van het rennerskwartier, moet, hierop gelet, [ ] [eiser] al meerdere minuten aan het rijden zijn geweest. Het is zeer aannemelijk dat dhr. [eiser] de beide coureurs heeft zien staan, in de ronde voorafgaand aan het ongeval. Bovendien is het gehele terrein onbegroeid, waardoor men op diverse punten van het circuit vrij zicht heeft op de springschans nr. 6. De motor van [gedaagde sub 4] heeft hij zonder twijfel zien staan. Dat de bijbehorende coureur niet aanwezig was, is normaal gesproken een signaal tot extra oplettendheid. Waarom dhr. [eiser] niet de gebruikelijke (snelle) route heeft genomen maar juist voor de rechterkant gekozen heeft, met de aanrijroute op de scheiding van de rijbaan, is onduidelijk gebleven. (...)”. 2.10. Op de website van de [motorclub M] is vermeld: “Hallo Crosscollega’s, Het is fijn dat we de mogelijkheid hebben om op de [circuit] te kunnen trainen. En om dit in de toekomst ook te kunnen blijven doen op een goede en veilige manier zijn wij genoodzaakt om een aantal maatregelen in te voeren. Gezien het gestaag groeiende aantal crossers zijn de trainingstijden opgesplitst voor jeugdrijders (50-65-85
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.