RECHTBANK ARNHEM Sector strafrecht Promis II Parketnummer : 05/702131-11, 05/083573-10 en 05/900981-07 (TUL) Datum zittingen : 16 maart 2012, 13 april 2012, 27 juli 2012, 7 september 2012 en 2 november 2012. Datum uitspraak : 16 november 2012 TEGENSPRAAK Vonnis van de meervoudige kamer in de zaak van de officier van justitie in het arrondissement Arnhem tegen naam : [verdachte] geboren op : [geboortedatum] adres : [adres] plaats : [woonplaats] raadsman : mr. O.N.J. Maatje, advocaat te Zaltbommel. 1. De inhoud van de tenlastelegging In de zaak met het parketnummer: 05/702131-11 dat 1. hij op of omstreeks 25 november 2011 te Tiel, [slachtoffer1] en/of [slachtoffer2] en/of [slachtoffer3] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, althans met zware mishandeling, hierin bestaande dat verdachte opzettelijk voornoemde [slachtoffer1] en/of [slachtoffer2] en/of [slachtoffer3] dreigend de woorden heeft toegevoegd: -"Ik kom vanavond terug met een geweer en schiet jullie dood" en/of -"Ik maak jullie kapot", althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking; 2. hij op of omstreeks 25 november 2011 te Tiel, [inspecteur] (inspecteur van politie Gelderland-Zuid) heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, althans met zware mishandeling, hierin bestaande dat verdachte opzettelijk -voornoemde [inspecteur politie] dreigend de woorden heeft toegevoegd: "Jij bent de eerste die eraan gaat. Geloof mij" en/of "Als ik vrij kom ben jij de eerste die ik pak en doodschiet", althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking en/of -voornoemde [inspecteur politie] (indirect) dreigend de woorden heeft toegevoegd: "Ik maak [slachtoffer1] dood. [slachtoffer1] kan niet meer veilig in Tiel werken. Tiel is niet meer veilig voor [slachtoffer1]" en/of "Ik maak [slachtoffer1] dood die hier werkt. Ik schiet hem een kogel door zijn kop. Ik maak hem dood", althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking; 3. hij op of omstreeks 25 november 2011 te Tiel, [hoofdagent1] en/of [hoofdagent2] (beide hoofdagent van politie Gelderland-Zuid) heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, althans met zware mishandeling, hierin bestaande dat verdachte opzettelijk voornoemde die [hoofdagent1] en/of die [hoofdagent2] dreigend de woorden heeft toegevoegd "Als ik nu word ingesloten dan geloof mij, jullie zijn alle vier mijn getuigen, dan gaan er twee politieagenten aan. Ik heb een vuurwapen verborgen liggen thuis. Ik pak dit dan en schiet er twee dood. Zo, nu heb je een bedreiging", althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking. In de zaak met het parketnummer: 05/083573-10 dat hij op of omstreeks 7 oktober 2009 te Nijmegen, aangifte heeft gedaan dat een strafbaar feit was gepleegd , wetende dat dat feit niet was gepleegd, immers heeft verdachte toen aldaar ten overstaan van een bevoegd ambtenaar ([hoofdagent3], hoofdagent van politie) opzettelijk in strijd met de waarheid aangifte gedaan van diefstal van een personenauto (merk Nissan type Micra, gekentekend [x]). 1a. De vordering na voorwaardelijke veroordeling Bij de stukken bevindt zich tevens een vordering na voorwaardelijke veroordeling met parketnummer 05/900981-07. 2. Het onderzoek ter terechtzitting De zaak met het parketnummer 05/083573-10 is op 16 maart 2012 door de politierechter verwezen naar de meervoudige kamer. Op 13 april 2012, 27 juli 2012 en 7 september 2012 is deze zaak gevoegd met de zaken met de parketnummers 05/083573-10 en 05/900981-07 behandeld. De zaken zijn laatstelijk op 2 november 2012 ter terechtzitting onderzocht. Daarbij is verdachte verschenen. Verdachte is bijgestaan door mr. O.N.J. Maatje, advocaat te Zaltbommel. De officier van justitie, mr. A. Reah, heeft gerekwireerd. Verdachte en zijn raadsman hebben het woord ter verdediging gevoerd. 3. De beslissing inzake het bewijs In de zaak met het parketnummer: 05/702131-11 Ten aanzien van het onder 1 ten laste gelegde Er is sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359 derde lid, laatste zin van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen. Bewijsmiddelen: - het proces-verbaal van aangifte door [slachtoffer1] d.d. 25 november 2011, p. 24; - het proces-verbaal van verhoor van getuige [slachtoffer2] d.d. 25 november 2011, p. 29 e.v.; - het proces-verbaal van verhoor van getuige [slachtoffer3] d.d. 25 november 2011, p 32 e.v.; - de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 27 juli 2012. Conclusie De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het ten laste gelegde heeft begaan, met dien verstande dat bewezen wordt geacht dat: hij op 25 november 2011 te Tiel, [slachtoffer1] en [slachtoffer2] en [slachtoffer3] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, hierin bestaande dat verdachte opzettelijk voornoemde [slachtoffer1] en [slachtoffer2] en [slachtoffer3] dreigend de woorden heeft toegevoegd: -"Ik kom vanavond terug met een geweer en schiet jullie dood" en -"Ik maak jullie kapot", althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking. Ten aanzien van het onder 2 ten laste gelegde Er is sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359 derde lid, laatste zin van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen. Bewijsmiddelen: - het proces-verbaal van aanhouding, d.d. 25 november 2011 opgemaakt door [inspecteur], p. 15; - het proces-verbaal van inverzekeringstelling, d.d. 25 november 2011 opgemaakt door verbalisant [verbalisant1], p. 19; - het proces-verbaal van bevindingen, d.d. 26 november 2011 opgemaakt door verbalisant [verbalisant2] p. 39; - het proces-verbaal van bevindingen, d.d. 25 november 2011 opgemaakt door verbalisant [verbalisant3], p. 43; - de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 27 juli 2012. Conclusie De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het ten laste gelegde heeft begaan, met dien verstande dat bewezen wordt geacht dat: hij op 25 november 2011 te Tiel, [inspecteur] (inspecteur van politie Gelderland-Zuid) heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, hierin bestaande dat verdachte opzettelijk - voornoemde [inspecteur politie] dreigend de woorden heeft toegevoegd: "Jij bent de eerste die eraan gaat. Geloof mij" en "Als ik vrij kom ben jij de eerste die ik pak en doodschiet", althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking en - voornoemde [inspecteur politie] (indirect) dreigend de woorden heeft toegevoegd: "Ik maak [slachtoffer1] dood. [slachtoffer1] kan niet meer veilig in Tiel werken. Tiel is niet meer veilig voor [slachtoffer1]" en "Ik maak [slachtoffer1] dood die hier werkt. Ik schiet hem een kogel door zijn kop. Ik maak hem dood", althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking. Ten aanzien van het onder 3 ten laste gelegde Er is sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359 derde lid, laatste zin van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen. Bewijsmiddelen: - het proces-verbaal van bevindingen, opgemaakt door verbalisanten [hoofdagent1] en [hoofdagent2] d.d. 25 november 2011, p. 41; - de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 27 juli 2012. Conclusie De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het ten laste gelegde heeft begaan, met dien verstande dat bewezen wordt geacht dat: hij op 25 november 2011 te Tiel, [hoofdagent1] en [hoofdagent2] (beide hoofdagent van politie Gelderland-Zuid) heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht hierin bestaande dat verdachte opzettelijk die [hoofdagent1] en/of die [hoofdagent2] dreigend de woorden heeft toegevoegd "Als ik nu word ingesloten dan geloof mij, jullie zijn alle vier mijn getuigen, dan gaan er twee politieagenten aan. Ik heb een vuurwapen verborgen liggen thuis. Ik pak dit dan en schiet er twee dood. Zo, nu heb je een bedreiging", althans woorden van gelijke dreigende aard of strekking. In de zaak met het parketnummer: 05/083573-10 Er is sprake van een bekennende verdachte als bedoeld in artikel 359 derde lid, laatste zin van het Wetboek van Strafvordering en daarom wordt volstaan met een opgave van de bewijsmiddelen. Bewijsmiddelen: - het proces-verbaal van aangifte door [verdachte] d.d. 8 oktober 2009, p. 16; - het proces-verbaal van verhoor van [verdachte] d.d. 9 oktober 2009, p. 22; - de verklaring van verdachte afgelegd ter terechtzitting van 16 maart 2012. Conclusie De rechtbank acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het ten laste gelegde heeft begaan, met dien verstande dat bewezen wordt geacht dat: hij op of omstreeks 7 oktober 2009 te Nijmegen, aangifte heeft gedaan dat een strafbaar feit was gepleegd , wetende dat dat feit niet was gepleegd, immers heeft verdachte toen aldaar ten overstaan van een bevoegd ambtenaar ([hoofdagent3], hoofdagent van politie) opzettelijk in strijd met de waarheid aangifte gedaan van diefstal van een personenauto (merk Nissan type Micra, gekentekend [x]). Voor zover er in de tenlastelegging kennelijke taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn die fouten verbeterd. Verdachte is daardoor niet in zijn verdediging geschaad. Hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd is niet bewezen. Verdachte moet daarvan worden vrijgesproken. De beslissing dat verdachte het bewezen verklaarde heeft begaan, is gegrond op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat. Voor zover meer feiten bewezen zijn verklaard, worden de bewijsmiddelen alleen gebruikt voor het feit of de feiten waarop deze betrekking hebben. 4. De kwalificatie van het bewezen verklaarde Het bewezen verklaarde levert op: In de zaak met het parketnummer: 05/702131-11 Ten aanzien van de feiten 1, 2 en 3 telkens: Bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht In de zaak met het parketnummer: 05/083573-10 Aangifte doen dat een strafbaar feit gepleegd is, wetende dat het niet gepleegd is De feiten zijn strafbaar. 5. De strafbaarheid van verdachte Niet is gebleken van feiten of omstandigheden die de strafbaarheid van verdachte geheel uitsluiten. Verdachte is dus strafbaar. 6. De motivering van de sanctie(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.