← Nederland

ECLI:NL:RBBRE:2007:BA7205

Sector bestuursrecht, meervoudige belastingkamer Procedurenummer: AWB 06/933 Uitspraakdatum: 5 april 2007 Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak als bedoeld in afdeling 8.2.6 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) juncto artikel 27d van de Algemene wet inzake rijksbelastingen (AWR) in het geding tussen [belanghebbende] B.V., gevestigd te [woonplaats], eiseres, en de inspecteur van de Belastingdienst, verweerder. Eiseres en verweerder worden hierna aangeduid als respectievelijk belanghebbende en inspecteur. De bestreden uitspraak op bezwaar De uitspraak van de inspecteur van 19 januari 2006 op het bezwaar van belanghebbende tegen de aan belanghebbende voor het jaar 2000 opgelegde aanslag vennootschapsbelasting naar een belastbaar bedrag van nihil. en de gelijktijdig genomen beschikking tot vaststelling van het verlies voor dat jaar op ƒ 659.341 (€ 299.196). Zitting Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 22 maart 2007 te Breda. Aldaar zijn verschenen en gehoord, gemachtigde van belanghebbende, alsmede de inspecteur. Ter zitting is tevens behandeld het beroep van belanghebbende tegen de uitspraken op bezwaar betreffende de aan haar opgelegde aanslagen in de vennootschapsbelasting casu quo de jegens haar genomen verliesbeschikkingen voor de jaren 2001 en 2002 met procedurenummers AWB 07/1289 en AWB 07/

  1. Hetgeen is aangevoerd en overgelegd in die zaken geldt, voor zover van belang, tevens als aangevoerd en overgelegd in deze zaak.
  2. Beslissing De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
  3. Gronden 2.
  4. Aan belanghebbende zijn voor de jaren 2000, 2001 en 2002 aanslagen vennootschapsbelasting opgelegd en beschikkingen genomen tot vaststelling van het verlies voor die jaren. Tegen deze aanslagen en verliesbeschikkingen heeft belanghebbende bezwaar gemaakt waarop door de inspecteur bij in één geschrift vervatte uitspraken is beslist. Belanghebbende heeft tegen die uitspraken beroep ingesteld. De rechtbank splitst dit beroep op in drie beroepen ieder steeds betreffende één jaar waarbij het beroep geregistreerd onder procedurenummer 06/933 betreft het jaar 2000, het beroep geregistreerd onder procedurenummer 07/1289 betreft het jaar 2001 en het beroep geregistreerd onder procedurenummer 07/1290 het jaar
  5. 2.
  6. Het beroep is gericht tegen de voor het onderhavige jaar genomen verliesbeschikking waarbij het verlies is vastgesteld op een bedrag groot ? 659.341 (€ 299.196). 2.
  7. Nu het door belanghebbende bepleite standpunt slechts kan leiden tot de vaststelling van een kleiner verlies, heeft belanghebbende geen belang bij gegrondverklaring van het beroep en dient het beroep mitsdien niet-ontvankelijk te worden verklaard. 2.
  8. Gelet op het vorenoverwogene is het beroep niet-ontvankelijk verklaard. 2.
  9. De rechtbank ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Deze uitspraak is gedaan op 5 april 2007 door mr. J.J.J. Engel, voorzitter, mr. D. Hund en mr. C.A.F.M. Stassen, rechters, en op dezelfde dag in het openbaar uitgesproken in tegenwoordigheid van mr. I. van Wijk, griffier. Afschrift aangetekend verzonden aan partijen op: Rechtsmiddel Tegen deze uitspraak kunnen partijen binnen zes weken na de verzenddatum hoger beroep instellen bij het gerechtshof te ‘s-Hertogenbosch (belastingkamer), Postbus 70583, 5201 CZ ’s-Hertogenbosch. Bij het instellen van hoger beroep dient het volgende in acht te worden genomen: 1 - bij het beroepschrift wordt een afschrift van deze uitspraak overgelegd. 2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden: a. de naam en het adres van de indiener; b. een dagtekening; c. een omschrijving van de uitspraak waartegen het hoger beroep is ingesteld; d. de gronden van het hoger beroep.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.