RECHTBANK BREDA Sector strafrecht parketnummer: 811267-05 vonnis van de meervoudige kamer d.d. 30 januari 2008 in de strafzaak tegen [verdachte] geboren op [plaats en datum] wonende te [adres] raadsvrouw mr. N.F. Hoogervorst, advocaat te Amsterdam. 1 Onderzoek van de zaak De zaak is inhoudelijk behandeld op de zitting van 10, 15 en 16 januari 2008, waarbij de officier van justitie, mr. L.L. van Delft, en de verdediging hun standpunten kenbaar hebben gemaakt. 2 De tenlastelegging De tenlastelegging is als bijlage aan dit vonnis gehecht. De verdenking komt er, kort en feitelijk weergegeven, op neer dat verdachte: Feit 1 zich, al dan niet samen met anderen, (beroepsmatig) schuldig heeft gemaakt aan mensensmokkel; Feit 2 meerdere keren, al dan niet samen met anderen, valsheid in geschrift heeft gepleegd. 3 De voorvragen De dagvaarding is geldig. De rechtbank is bevoegd. De officier van justitie is ontvankelijk in de vervolging. Er is geen reden voor schorsing van de vervolging. 4 De beoordeling van het bewijs Verdachte is onder feit 1 tenlastegelegd dat hij zich samen met anderen meermalen én beroepsmatig schuldig heeft gemaakt aan mensensmokkel. De officier van justitie en de verdediging hebben, met een beroep op het arrest in de zaak ‘[vorige verdachte]’ van het gerechtshof te Den Bosch van 28 december 2007 (parketnummer 20-003343-06), tot vrijspraak gerekwireerd en gepleit. De rechtbank overweegt als volgt. Uit het onderzoek is gebleken dat verdachte en zijn mededaders de in de tenlastelegging genoemde vreemdelingen hebben bijgestaan bij het doen van de zogenaamde M50 aanvragen, bijvoorbeeld door de betreffende aanvraagformulieren in te vullen of als woordvoerder of tolk op te treden bij de gemeente. Uit de Vreemdelingenwet 2000 volgt dat op het moment van indiening van een aanvraag en het verstrekken door de gemeente van de zogenaamde M50 sticker, een vreemdeling de beslissing op die aanvraag in Nederland mag afwachten en daarmee (tijdelijk) rechtmatig verblijf krijgt. Dit geldt ook indien die vreemdeling op het moment van het doen van de aanvraag wederrechtelijk in Nederland verbleef, zoals bij de op de tenlastelegging genoemde vreemdelingen het geval was. Gelet op dit wettelijk stelsel heeft verdachte, door vreemdelingen behulpzaam te zijn met het doen van de aanvragen en het verkrijgen van een M50 sticker, niet meegewerkt aan hun wederrechtelijk verblijf, omdat die gedragingen er juist op gericht waren om, in afwachting van de beslissing op de aanvraag verblijfsvergunning, de vreemdelingen rechtmatig in Nederland te laten verblijven. Hierbij is irrelevant of de M50 aanvragen kansloos of oneigenlijk waren of dat op de aanvragen onjuiste verblijfadressen zouden zijn opgegeven. Die laatste omstandigheden spelen wel een rol bij de beoordeling van de aanvragen verblijfsvergunning, maar maakten het verblijf van de vreemdelingen bij het doen van de aanvraag niet wederrechtelijk. Gelet op het vorenstaande is de rechtbank van oordeel dat niet bewezen kan worden dat verdachte behulpzaam is geweest bij het zich verschaffen van wederrechtelijk verblijf of daartoe gelegenheid, middelen of inlichtingen heeft verschaft, zodat hij van het onder 1 tenlastegelegde zal worden vrijgesproken. Onder feit 2 is aan verdachte ten laste gelegd dat hij zich schuldig heeft gemaakt aan valsheid in geschrift in huurcontracten en/of aanvraagformulieren verblijfsvergunning MVV. De officier van justitie heeft tot vrijspraak gerekwireerd. De raadsvrouwe heeft dat primair ook bepleit. Met betrekking tot het adres Friezenstraat 21 te Weert verklaart de eigenaar van de woning dat de vreemdeling (huurder) op dat adres mocht verblijven zodat er geen sprake kan zijn van de omschreven valsheid in geschrift. Wat betreft het adres Kloosterstraat 56 te Blerick is uit het dossier niet vast te stellen dat verdachte wist dat het wellicht een adres betrof waar de vreemdeling helemaal niet zou verblijven waardoor er geen sprake kan zijn van valsheid in geschrift bij verdachte. Dat geldt ook voor het adres Pastoor Frantzenstraat te Weert nu de eigenaar van die woning bevestigt dat de vreemdeling [vreemdeling] zelf aan hem heeft gevraagd of hij zijn adres als postadres mocht gebruiken. Er valt niet bewijzen dat verdachte daarover enige wetenschap heeft gehad. Gelet op het vorenstaande acht de rechtbank niet wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het onder 2 tenlastegelegde heeft begaan, zodat hij daarvan wordt vrijgesproken. 5 De overwegingen omtrent het beslag. 5.1 De onttrekking aan het verkeer Op de beslaglijst staan onder de nummers 1FA, 2, 4, 5, 718F en 82L diverse bescheiden vermeld. Gelet op de omschrijving op de beslaglijst gaat de rechtbank ervan uit dat de bescheiden vreemdelingendossiers betreffen. Dat in diverse vreemdelingendossiers valse stukken zitten staat, gelet op de bewezenverklaarde feiten bij medeverdachten, vast. De rechtbank is om die reden van oordeel dat de bescheiden vatbaar zijn voor onttrekking aan het verkeer nu daarmee een strafbaar feit is begaan. Het bezit van valselijk opgemaakte stukken is bovendien in strijd met de wet en het algemeen belang. 5.2 De teruggave aan verdachte De rechtbank zal de teruggave gelasten van het hierna in de beslissing genoemde in beslag genomen voorwerp aan verdachte, aangezien dit voorwerp niet vatbaar is voor verbeurdverklaring of onttrekking aan het verkeer en onder verdachte in beslag is genomen. 6 De toepasselijke wetsartikelen. De beslissing berust op de artikelen 36b en 36c van het Wetboek van Strafrecht. 7 De beslissing De rechtbank: Vrijspraak - spreekt verdachte vrij van de onder feit 1 en feit 2 tenlastegelegde feiten; Beslag - verklaart onttrokken aan het verkeer de op de aan dit vonnis gehechte beslaglijst genoemde inbeslaggenomen voorwerpen, genummerd: 1FA, 2, 4, 5, 718F en 82L; - gelast de teruggave aan verdachte van de voorwerpen die op de aan dit vonnis gehechte beslaglijst zijn genummerd 3. Heft het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis op. Dit vonnis is gewezen door mr. Scheffers, voorzitter, mr. Alferink en mr. Schoenmakers, rechters, in tegenwoordigheid van mr. Kersten, griffier, en is uitgesproken ter openbare terechtzitting op 30 januari 2008. BIJLAGE I: De tenlastelegging 1. hij op een of meer tijdstip(pen) in de periode van 1 januari 2005 tot en met 28 juni 2005 in de gemeente(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.