RECHTBANK BREDA Sector bestuursrecht, enkelvoudige belastingkamer Procedurenummer: AWB 07/1590 Uitspraakdatum: 25 april 2008 Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak als bedoeld in afdeling 8.2.6 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) juncto artikel 27d van de Algemene wet inzake rijksbelastingen (AWR) in het geding tussen [belanghebbende] BV, gevestigd te [plaatsnaam], eiseres, en de inspecteur van de Belastingdienst/Limburg/kantoor Heerlen, verweerder. Eiseres en verweerder worden hierna aangeduid als respectievelijk belanghebbende en inspecteur. De bestreden uitspraak op bezwaar De uitspraak van de inspecteur van 7 maart 2007 op het bezwaar van belanghebbende tegen de aan belanghebbende voor het jaar 2003 opgelegde aanslag vennootschapsbelasting naar een belastbaar bedrag van € 261.033 (aanslagnummer [nummer]V.36.0112). Zitting Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 11 april 2008 te Roermond. Aldaar zijn verschenen en gehoord, de gemachtigden van belanghebbende, [namen], alsmede namens de inspecteur, [namen]. 1.Beslissing De rechtbank verklaart het beroep ongegrond. 2.Gronden 2.1.Op 12 december 2003 heeft [X] alle aandelen in belanghebbende overgedragen aan [J] B.V., van welke vennootschap alle aandelen door [Y] worden gehouden. Op diezelfde datum is ook de bij belanghebbende in eigendom zijnde onroerende zaak overgedragen aan [J] B.V. Belanghebbende verkeerde daarbij in de veronderstelling dat op genoemde datum een fiscale eenheid in de zin van artikel 15 van de wet op de vennootschapsbelasting 1969 tussen haar en [J] B.V. tot stand was gekomen. 2.2.Omstreeks maart 2004 is door de toenmalige adviseur van belanghebbende ontdekt dat geen formele aanvraag voor de vaststelling van een fiscale eenheid was ingediend. Nadat alsnog een verzoek door belanghebbende werd ingediend is met terugwerkende kracht tot 2 januari 2004 een fiscale eenheid tot stand gekomen. 2.3.Tijdens het samenstellen van de jaarrekening is vervolgens geconstateerd dat de levering van de onroerende zaak aan [J] B.V. voor de vaststelling van de fiscale eenheid had plaatsgevonden. Daar belanghebbende de bedoeling had de levering binnen de fiscale eenheid plaats te laten vinden heeft de notaris, op verzoek van belanghebbende, een rectificatieakte opgesteld. In deze akte is de totstandkoming van de fiscale eenheid als opschortende voorwaarde voor de levering opgenomen. 2.4.Bij de aanslagregeling heeft de inspecteur de rectificatieakte genegeerd en de belastbare winst van belanghebbende over 2003 verhoogd met de boekwinst over de onroerende zaak. 2.5.In geschil is het antwoord op de vraag of de inspecteur de belastbare winst van belanghebbende over 2003 terecht verhoogd heeft met de boekwinst over de onroerende zaak. Meer specifiek is in geschil of de rectificatieakte tot gevolg heeft dat de levering van de onroerende zaak heeft plaatsgevonden op 15 september
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.