RECHTBANK DEN HAAG Team kanton Den Haag es CJIB-nummer: [CJIB-nummer] Registratienummer Kanton 2443190 MV VERZ 13-4391 PROCES-VERBAAL van de op 14 april 2014 in het openbaar gehouden terechtzitting van de kantonrechter te Den Haag, tevens houdende BESLISSING op het verzet. Tegenwoordig: mr. T.J. Sleeswijk Visser-de Boer, kantonrechter, mr. E.C. Schmitz, griffier. Verschenen is de heer N. Voorbach, gemachtigde van [opposant] , degene tegen wie een dwangbevel als bedoeld in de Wet Administratieve Handhaving Verkeersvoorschriften (WAHV) is uitgevaardigd, nader ook te noemen: opposant. Opposant is schriftelijk in verzet gekomen tegen de tenuitvoerlegging van dat dwangbevel van de officier van justitie onder bovenvermeld CJIB-nr. De gemachtigde van opposant volhardt ter zitting bij het verzetschrift, ter griffie van deze rechtbank ontvangen op 14 oktober
- Opposant stelt tijdig beroep te hebben ingesteld tegen de initiële beschikking, namelijk op 11 mei
- De vervaltermijn was 14 mei
- Vervolgens zijn er ten onrechte verhogingen van de boete gevolgd, waartegen opposant bezwaar heeft gemaakt. Het CVOM heeft te laat gereageerd. Voort voert hij aan dat het op 31 december 2013 ingestelde beroep bij het CVOM gegrond is verklaard. Daarom verzoekt de gemachtigde van opposant het beroep gegrond te verklaren met toewijzing van een proceskostenvergoeding. Bij de vergoeding dient uit gegaan te worden van 2 procespunten met een wegingsfactor
- Tevens verzoekt de gemachtigde deze beslissing te publiceren. Ter sprake is ook gekomen het CJIB-commentaar naar aanleiding van verzet tegen dwangbevel d.d. 26 september 2013, betekend op 7 oktober
- De kantonrechter bevindt dat het verzet ontvankelijk is en overweegt als volgt: Nu het door opposant ingestelde beroep tegen de initiële beschikking gegrond is verklaard en de beschikking is vernietigd, is hiermee de grond aan het uitgevaardigde dwangbevel komen te ontvallen. Gezien het hiervoor overwogene is de kantonrechter van oordeel dat het dwangbevel ten onrechte is uitgevaardigd. Het verzet is daarom gegrond. De kantonrechter beslist als volgt: Verklaart het verzet gegrond en vernietigt het door de officier van justitie uitgevaardigde dwangbevel. Kent aan opposant een proceskostenvergoeding toe ad € 487,-, ter zake van salaris gemachtigde. Bepaalt dat het door opposant voldane griffierecht door de griffier van de arrondissementsrechtbank Team kanton Den Haag zal worden terugbetaald. Waarvan proces-verbaal, de griffier, de kantonrechter, Bent u het met de beslissing op uw verzetschrift niet eens, dan kunt u binnen 14 dagen na toezending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het Gerechtshof te Leeuwarden. Het beroepschrift moet worden ingediend bij de Rechtbank Den Haag, team kanton Den Haag en dient door degene die het verzet heeft ingesteld of door zijn gemachtigde te zijn ondertekend.