← Nederland

ECLI:NL:RBDHA:2015:15618

Rechtbank DEN HAAG Strafrecht Meervoudige strafkamer Parketnummer: 09/767069-15 Datum uitspraak: 22 december 2015 Tegenspraak De rechtbank Den Haag heeft op grondslag van de tenlastelegging en naar aanleiding van het onderzoek ter terechtzitting het navolgende vonnis gewezen in de zaak van de officier van justitie tegen de verdachte: [verdachte] , geboren op [geboortedatum 5] te [plaats 5] , thans gedetineerd in de penitentiaire inrichting Haaglanden, locatie Zoetermeer. De terechtzitting Het onderzoek is gehouden ter terechtzittingen van 13 juli 2015, 22 september 2015 (beide pro forma), 30 november 2015 (inhoudelijk) en 15 december 2015 (sluiting). De verdachte, bijgestaan door zijn raadsvrouw mr. G.L.P. Biesmans, advocaat te Maastricht, is ter terechtzitting verschenen en gehoord. De officier van justitie mr. H. Mol heeft gerekwireerd tot bewezenverklaring van het onder 1 primair, 2 primair en 3 ten laste gelegde en gevorderd dat de verdachte te dier zake wordt veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 30 (dertig) maanden, met aftrek van de tijd in voorarrest doorgebracht. De officier van justitie heeft voorts gevorderd dat de op de lijst van inbeslaggenomen voorwerpen (beslaglijst, die als bijlage aan dit vonnis is gehecht) onder 1 tot en met 9 genummerde voorwerpen zullen worden verbeurdverklaard. Ten slotte heeft de officier van justitie ter terechtzitting van 30 november 2015 medegedeeld dat hij voornemens is een ontnemingsvordering als bedoeld in artikel 36e van het Wetboek van Strafrecht aanhangig te maken. De tenlasteleggingAan de verdachte is ten laste gelegd dat: 1. hij in of omstreeks de periode van 16 t/m 19 februari 2015 te Purmerend en/of Hoorn en/of Assen en/of Beverwijk en/of Apeldoorn en/of Deventer en/of Almelo, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, (telkens) met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen: op 16 februari 2015 (ZD Zestien Twee) - een of meerdere kra(a)n(

  1. en)en/of meerdere andere goederen, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan de Praxis en/of - electrisch gereedschap en/of meerdere andere goederen, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan de Gamma en/of op 17 februari 2015 (ZD Zeventien Twee) - meerdere goederen (waaronder meerdere sjaals en/of portemonnees), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan de V&D en/of - meerdere parfums, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan de Douglas en/of op 18 februari 2015 (ZD Achttien Twee) - een camerasysteem, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan de Gamma en/of - meerdere polo's en/of een trainingspak, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [betrokkene 2] en/of - een sjaal en/of meerdere blouses en/of meerdere jurken en/of een trui en/of meerdere t-shirts en/of meerdere schoudertassen en/of meerdere portemonnees en/of meerdere lederen jassen, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan de V&D en/of - meerdere portemonnees en/of een schoudertas, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [betrokkene 1] en/of - meerdere parfums, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan de Douglas en/of op 19 februari 2015 (ZD Negentien Twee) - meerdere parfums, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan de Douglas en/of een of meer onbekend gebleven parfumerie(ën)/drogisterij(
  2. en)en/of - meerdere kledingstukken, (waaronder meerdere polo's), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [betrokkene 3] en/of aan [betrokkene 4] en/of een of meer onbekend gebleven kledingwinkel(s), in elk geval (telkens) goederen toebehorende aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s); Subsidiair, indien het vorenstaande niet tot een bewezenverklaring en/of een veroordeling mocht of zou kunnen leiden: [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] en/of een of meer ander(
  3. en)in of omstreeks de periode van 16 t/m 19 februari 2015 te Purmerend en/of Hoorn en/of Assen en/of Beverwijk en/of Apeldoorn en/of Deventer en/of Almelo, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, (telkens) met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen: op 16 februari 2015 (ZD Zestien Twee) - een of meerdere kra(a)n(
  4. en)en/of meerdere andere goederen, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan de Praxis en/of - electrisch gereedschap en/of meerdere andere goederen, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan de Gamma en/of op 17 februari 2015 (ZD Zeventien Twee) - meerdere goederen (waaronder meerdere sjaals en/of portemonnees), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan de V&D en/of - meerdere parfums, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan de Douglas en/of op 18 februari 2015 (ZD Achttien Twee) - een camerasysteem, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan de Gamma en/of - meerdere polo's en/of een trainingspak, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [betrokkene 2] en/of - een sjaal en/of meerdere blouses en/of meerdere jurken en/of een trui en/of meerdere t-shirts en/of meerdere schoudertassen en/of meerdere portemonnees en/of meerdere lederen jassen, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan de V&D en/of - meerdere portemonnees en/of een schoudertas, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [betrokkene 1] en/of - meerdere parfums, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan de Douglas en/of op 19 februari 2015 (ZD Negentien Twee) - meerdere parfums, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan de Douglas en/of een of meer onbekend gebleven parfumerie(ën)/drogisterij(
  5. en)en/of - meerdere kledingstukken, (waaronder meerdere polo's), in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan [betrokkene 3] en/of aan [betrokkene 4] en/of een of meer onbekend gebleven kledingwinkel(s), in elk geval (telkens) goederen toebehorende aan een ander of anderen dan aan die [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] en/of zijn/haar mededader(s), bij het plegen van welk misdrijf verdachte toen daar (telkens) opzettelijk behulpzaam is geweest door - die [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] en/of anderen te vervoeren naar winkels en/of - een opslagplaats / bergplaats voor de weg te nemen / weg genomen goederen te bieden / verschaffen en/of - door op de uitkijk te staan; 2. hij in of omstreeks de periode van 2 maart 2015 t/m 31 maart 2015 te Hoofddorp, gemeente Haarlemmermeer en/of Apeldoorn en/of Helmond en/of Schijndel en/of Son en Breugel en/of Veghel, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen: op 2 maart 2015 (ZD Twee Drie) meerdere jurken, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan V&D en/of op 31 maart 2015 (ZD Eenendertig Drie) - meerdere verpakkingen met scheermesjes, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan de Albert Heijn en/of - 4 parfums gestolen, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan de ICI Paris XL en/of - een groot aantal cosmetica goederen (waaronder diverse lipgloss en/of mascara en/of nagellak) en/of haaraccessoires, in elk geval enig goed, geheel of ten dele aan de Big Bazar en/of - meerdere gereedschappen, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan de Gamma en/of - 10 parfums toebehorende aan een onbekend gebleven eigenaar/winkel, in elk geval (telkens) goederen toebehorende aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededader(s); Subsidiair, indien het vorenstaande niet tot een bewezenverklaring en/of een veroordeling mocht of zou kunnen leiden: [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] en/of een of meer ander(
  6. en)in of omstreeks de periode van 2 maart 2015 t/m 31 maart 2015 te Hoofddorp, gemeente Haarlemmermeer en/of Apeldoorn en/of Helmond en/of Schijndel en/of Son en Breugel en/of Veghel, in elk geval in Nederland, tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen: op 2 maart 2015 (ZD Twee Drie) meerdere jurken, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan V&D en/of op 31 maart 2015 (ZD Eenendertig Drie) - meerdere verpakkingen met scheermesjes, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan de Albert Heijn en/of - 4 parfums gestolen, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan de ICI Paris XL en/of - een groot aantal cosmetica goederen (waar onder diverse lipgloss en/of mascara en/of nagellak) en/of haaraccessoires, in elk geval enig goed, geheel of ten dele aan de Big Bazar en/of - meerdere gereedschappen, in elk geval enig goed, geheel of ten dele toebehorende aan de Gamma en/of - 10 parfums toebehorende aan een onbekend gebleven eigenaar/winkel, in elk geval (telkens) goederen toebehorende aan een ander of anderen dan aan die [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] en/of zijn/haar mededader(s); bij het plegen van welk misdrijf verdachte toen daar (telkens) opzettelijk behulpzaam is geweest door - die [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] en/of anderen te vervoeren naar winkels en/of - een opslagplaats / bergplaats voor de weg te nemen / weg genomen goederen te bieden / verschaffen en/of - door op de uitkijk te staan; 3. hij in of omstreeks de periode van 28 oktober 2014 t/m 31 maart 2015 te Alkmaar en/of Schoorl en/of Egmond aan den Hoef en/of Egmond aan Zee en/of Purmerend en/of Hoorn en/of Assen en/of Beverwijk en/of Apeldoorn en/of Deventer en/of Almelo en/of Hoofddorp en/of Helmond en/of Schijndel en/of Son en Breugel en/of Veghel, althans in Nederland, heeft deelgenomen aan een organisatie, bestaande uit een samenwerkingsverband van natuurlijke personen, te weten o.a. verdachte en/of [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] en/of een of meer perso(o)n(en), welke organisatie tot oogmerk had het plegen van misdrijven, te weten het plegen van diefstallen en/of het witwassen van gestolen goederen. De geldigheid van de dagvaarding Ter terechtzitting van 30 november 2015 heeft de rechtbank de partiële nietigheid van de dagvaarding uitgesproken ten aanzien van feit 1, zaaksdossier Negentien Twee, tweede gedachtestreepje, voor zover het de zinsnede “en/of een of meer onbekend gebleven kledingwinkel(s)” betreft. Vrijspraak De rechtbank acht op grond van het onderzoek ter terechtzitting niet wettig en overtuigend bewezen hetgeen de verdachte is ten laste gelegd: onder feit 1 primair: zaaksdossier Zeventien Twee, zaaksdossier Achttien Twee, zaaksdossier Negentien Twee; onder feit 1 subsidiair: zaaksdossier Zeventien Twee, tweede gedachtestreepje; zaaksdossier Achttien Twee, de gedachtestreepjes 2 tot en met 4; zaaksdossier Negentien Twee, eerste gedachtestreepje voor zover betrekking hebbend op “een of meer onbekend gebleven parfumerie(ën)/drogisterij(en)”; zaaksdossier Negentien Twee, tweede gedachtestreepje voor zover betrekking hebbend op “ [betrokkene 4] ”; onder feit 2 primair: zaaksdossier Twee Drie, zaaksdossier Eenendertig Drie; onder feit 2 subsidiair: zaaksdossier Eenendertig Drie, vijfde gedachtestreepje. Anders dan de officier van justitie is de rechtbank van oordeel dat de intellectuele en/of materiële bijdrage van de verdachte bij de bewezenverklaarde feiten (met uitzondering van zaaksdossier Zestien Twee) van onvoldoende gewicht is om hem als medepleger aan te merken, zodat de verdachte van de primaire varianten van de tenlastelegging van die feiten zal worden vrijgesproken. De bewijsmiddelen De rechtbank grondt haar overtuiging dat de verdachte het bewezenverklaarde heeft begaan op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat en die reden geven tot de bewezenverklaring. Een overzicht van de redengevende inhoud van de bewijsmiddelen is als bijlage aan dit vonnis gehecht. In het overzicht heeft de rechtbank de bewijsmiddelen per datum/zaaksdossier en per gedachtestreepje uitgesplitst. Omwille van de overzichtelijkheid is telkens per onderdeel eerst de betreffende bewezenverklaring vermeld. Bij dit alles is de volgorde van de tenlastelegging aangehouden. De bewezenverklaring Op grond van de bewijsmiddelen heeft de rechtbank de overtuiging bekomen dat de verdachte de bij dagvaarding tenlastegelegde feiten heeft begaan, te weten dat: 1. primair: - hij op 16 februari 2015 te [plaats 6] tezamen en in vereniging met anderen met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen kranen en andere goederen, toebehorende aan de Praxis, en - hij op 16 februari 2015 te [plaats 7] tezamen en in vereniging met anderen met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen elektrisch gereedschap en andere goederen, toebehorende aan de Gamma, en subsidiair: - een ander op 17 februari 2015 te [plaats 8] met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen sjaals en portemonnees, toebehorende aan de V&D, bij het plegen van welk misdrijf verdachte toen en daar opzettelijk behulpzaam is geweest door die ander te vervoeren naar de winkel, en - [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] en een ander op 18 februari 2015 te Hoorn met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening hebben weggenomen een camerasysteem, toebehorende aan de Gamma, bij het plegen van welk misdrijf verdachte toen en daar opzettelijk behulpzaam is geweest door die [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] en die ander te vervoeren naar de winkel, en - [medeverdachte 2] op 18 februari 2015 te Hoorn met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen meerdere parfums, toebehorende aan de Douglas, bij het plegen van welk misdrijf verdachte toen en daar opzettelijk behulpzaam is geweest door die [medeverdachte 2] te vervoeren naar de winkel, en - [medeverdachte 1] en een ander op 19 februari 2015 te [plaats 1] met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening hebben weggenomen parfums, toebehorende aan de Douglas, bij het plegen van welk misdrijf verdachte toen en daar opzettelijk behulpzaam is geweest door die [medeverdachte 1] en die ander te vervoeren naar de winkel en door op de uitkijk te staan, en - [medeverdachte 1] en een ander op 19 februari 2015 te Almelo met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening hebben weggenomen polo's, toebehorende aan [betrokkene 3] , bij het plegen van welk misdrijf verdachte toen en daar opzettelijk behulpzaam is geweest door die [medeverdachte 1] en die ander te vervoeren naar de winkel en door op de uitkijk te staan, en 2. subsidiair: - [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] op 2 maart 2015 te [plaats 2] , met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening hebben weggenomen jurken, toebehorende aan V&D, bij het plegen van welk misdrijf verdachte toen en daar opzettelijk behulpzaam is geweest door die [medeverdachte 1] en die [medeverdachte 2] te vervoeren naar de winkel en door op de uitkijk te staan, en - [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] op 31 maart 2015 te Helmond met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening hebben weggenomen verpakkingen met scheermesjes, toebehorende aan de Albert Heijn, bij het plegen van welk misdrijf verdachte toen en daar opzettelijk behulpzaam is geweest door die [medeverdachte 1] en die [medeverdachte 2] te vervoeren naar de winkel, en - [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] op 31 maart 2015 te [plaats 3] met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening hebben weggenomen 4 parfums, toebehorende aan de ICI Paris XL, bij het plegen van welk misdrijf verdachte toen en daar opzettelijk behulpzaam is geweest door die [medeverdachte 1] en die [medeverdachte 2] te vervoeren naar de winkel, en - [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] op 31 maart 2015 in Nederland met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening hebben weggenomen mascara en haaraccessoires, toebehorende aan de Big Bazar, bij het plegen van welk misdrijf verdachte toen en daar opzettelijk behulpzaam is geweest door die [medeverdachte 1] en die [medeverdachte 2] te vervoeren naar de winkel, en - [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] op 31 maart 2015 te [plaats 4] met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening hebben weggenomen gereedschappen, toebehorende aan de Gamma, bij het plegen van welk misdrijf verdachte toen en daar opzettelijk behulpzaam is geweest door die [medeverdachte 1] en die [medeverdachte 2] te vervoeren naar de winkel, en 3. - hij in de periode van 9 februari 2015 t/m 31 maart 2015 in Nederland heeft deelgenomen aan een organisatie, bestaande uit een samenwerkingsverband van natuurlijke personen, te weten o.a. verdachte en [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] en andere personen, welke organisatie tot oogmerk had het plegen van misdrijven, te weten het plegen van diefstallen en het witwassen van gestolen goederen. Voor zover in de tenlastelegging type- en taalfouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Ook heeft de rechtbank de bewezenverklaring omwille van de leesbaarheid per gedachtestreepje uitgesplitst. Blijkens het verhandelde ter terechtzitting is de verdachte daardoor niet in de verdediging geschaad. Nadere bewijsoverwegingen Ten aanzien van feit 1 subsidiair Zaaksdossier Zeventien Twee, eerste gedachtestreepje (V&D Assen) Uit de bewijsmiddelen leidt de rechtbank af dat de verdachte op 17 februari 2015 de chauffeur was en steeds in de nabijheid van de medeverdachten verkeerde. Uit de opmerking “gaan jullie maar” in het tapgesprek van 15.15 uur volgt het (voorwaardelijk) opzet van de verdachte op de diefstal van goederen. Ten aanzien van feit 2 subsidiair Zaaksdossier Eenendertig Drie, derde gedachtestreepje (Big Bazar Oss) Uit het proces-verbaal van observeren komt naar voren dat de verdachte op 31 maart 2015 op verschillende tijdstippen de Fiat heeft bestuurd en daarbij de verdachten [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] (hierna: [medeverdachte 2] ) naar diverse plaatsen vervoerde. Terwijl [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] op pad gingen naar de winkels, bleef de verdachte in of in de omgeving van de auto. Hoewel van het bezoek aan Oss geen observaties beschikbaar zijn, is er geen reden om aan te nemen dat hij bij het plegen van dit feit door [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] niet als bestuurder is opgetreden, temeer nu de verdachte zelf heeft verklaard dat hij als chauffeur optrad omdat de anderen geen rijbewijs hadden. Ten aanzien van feit 3 Algemeen Een criminele organisatie als bedoeld in artikel 140 van het Wetboek van Strafrecht is een samenwerkingsverband, met een zekere duurzaamheid en structuur, tussen ten minste twee personen. Niet is vereist dat daarbij komt vast te staan dat men moet hebben samengewerkt met, althans bekend moet zijn geweest met alle andere personen die deel uitmaken van de organisatie of dat de samenstelling van het samenwerkingsverband steeds dezelfde is. Aanwijzingen voor het bestaan van een dergelijk samenwerkingsverband kunnen bijvoorbeeld zijn gemeenschappelijke regels, een bepaalde gezamenlijke werkwijze, het voeren van overleg, gezamenlijke besluitvorming, een taakverdeling en een bepaalde hiërarchie. De organisatie dient het plegen van misdrijven tot oogmerk te hebben. Voor het bewijs van het oogmerk kan betekenis toekomen aan misdrijven die in het kader van de organisatie reeds zijn gepleegd, aan het meer duurzame of gestructureerde karakter van de samenwerking en aan de planmatigheid of stelselmatigheid van de met het oog op dit doel verrichte activiteiten van deelnemers binnen de organisatie. Er is sprake van deelnemen aan een organisatie als bedoeld in artikel 140 van het Wetboek van Strafrecht indien de verdachte behoort tot de organisatie en een aandeel heeft in, dan wel ondersteunt, gedragingen die strekken tot of rechtstreeks verband houden met de verwezenlijking van het in dat artikel bedoelde oogmerk, te weten: het plegen van misdrijven. Hij dient in dat verband in zijn algemeenheid te weten dat de organisatie tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven. Niet is vereist dat de deelnemer enige vorm van opzet heeft gehad op de door de organisatie beoogde concrete misdrijven, aan enig concreet misdrijf heeft deelgenomen of van enig concreet misdrijf wetenschap heeft gehad. Met betrekking tot deze zaak De in de bijlage aangehaalde bewijsmiddelen die ten grondslag liggen aan de bewezenverklaarde (medeplichtigheid aan) diefstallen (zaaksdossiers Zestien Twee, Zeventien Twee, Achttien Twee, Negentien Twee, Twee Drie en Eenendertig Drie), alsmede de in de bijlage aangehaalde bewijsmiddelen ten aanzien van de zaaksdossiers 140 [medeverdachte 1] en [medeverdachte 4] , alsmede het persoonsdossier [medeverdachte 3] en het zaaksdossier [dossiernaam 1] , leveren naar het oordeel van de rechtbank het wettig en overtuigend bewijs dat de winkeldiefstallen en de verkoop van de gestolen goederen zijn gepleegd in het kader van een criminele organisatie en dat de verdachte daarin een bij tijd en wijle uitvoerende, maar vooral essentieel ondersteunende rol had. De rechtbank overweegt daartoe nader als volgt. De verdachten [medeverdachte 1] , [medeverdachte 2] , [medeverdachte 5] en [verdachte] gingen in de maanden februari en maart 2015 bijna dagelijks in een groepje op pad, in wisselende samenstellingen en door heel Nederland. Er werd in die periode gebruik gemaakt van verschillende auto’s, steeds bestuurd door [verdachte] . Uit de bewijsmiddelen leidt de rechtbank af dat [medeverdachte 3] (hierna: [medeverdachte 3] ), een zus van [medeverdachte 2] , soms tegelijkertijd zelfstandig in andere plaatsen winkeldiefstallen ging plegen. Eenmaal aangekomen bezochten de verdachten hoofdzakelijk winkels waar waardevolle goederen, zoals dure parfums, merkkleding en elektrische gereedschappen konden worden weggenomen. Verdachten [medeverdachte 1] , [medeverdachte 2] , [medeverdachte 5] en [verdachte] voerden onderling intensief telefonisch overleg over de winkelkeuze, de gewenste spullen, waar de spullen zich in de winkel bevonden, wie deze feitelijk moest wegnemen en of er toezicht was door winkelpersoneel of met camera’s. In die contacten kregen [medeverdachte 5] en [verdachte] van [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] opdrachten. De winkels werden individueel of gezamenlijk binnengegaan. In het laatste geval vervulde de één een verkennende, faciliterende en controlerende rol en had de ander een uitvoerende taak door de goederen feitelijk uit de winkel weg te nemen. Bij de diefstallen werd gebruik gemaakt van geprepareerde tassen om te voorkomen dat bij het verlaten van de winkels het alarm afging. Na afloop werd per telefoon gesproken over de buit en overleg gevoerd over het lossen van de gestolen goederen bij de auto waar [verdachte] op de uitkijk stond. Ook was er telefonisch contact met [medeverdachte 3] over de vorderingen die zij maakte. Op dagen dat [medeverdachte 1] niet meeging op pad, bijvoorbeeld omdat hij in het casino zat, werd hij door [medeverdachte 2] en [verdachte] geïnformeerd over de voortgang. Over het algemeen bleef het niet bij één winkeldiefstal op een dag, maar kwamen dezelfde dag meerdere winkels in verschillende plaatsen in het vizier. Uit observaties en tapgesprekken volgt dat het handelen van de verdachten intensief en planmatig was. Het plegen van winkeldiefstallen werd door hen als ‘werk’ gezien, door [medeverdachte 2] zelfs als ‘leuk’ werk. In door [medeverdachte 1] gevoerde tapgesprekken van 14 en 20 februari 2015 valt op dat hij een zeer calculerende houding had ten aanzien van de strafbedreiging wanneer ze zouden worden betrapt en aangehouden. Ook werd gesproken over de inzet van nieuwe mensen die winkeldiefstallen zouden moeten plegen. Voorts werd op bestelling gestolen en werden contacten onderhouden over de afzet van de spullen in Nederland (onder meer aan Afghaanse mannen) en Roemenië. Uit niets is gebleken dat de verdachten legale bronnen van inkomsten in Nederland hadden of dat zij hier een ander doel hadden dan het plegen van winkeldiefstallen. De rechtbank concludeert uit de bewijsmiddelen dat in de bewezenverklaarde periode sprake was van een duurzaam samenwerkingsverband tussen de verdachten, met een duidelijke structuur en een min of meer vaste werkwijze, waarbij dagelijks overleg werd gevoerd en gezamenlijke besluitvorming plaatsvond. Uit de bewijsmiddelen rijst het beeld van een goed geoliede machine die – als het gaat om de verdachten [medeverdachte 1] , [medeverdachte 2] , [medeverdachte 3] , [medeverdachte 5] en [verdachte] – in elk geval al op poten stond begin februari 2015, toen het politieonderzoek “ [dossiernaam 2] ” gericht op deze groep geïntensiveerd werd door het uitluisteren van telefoongesprekken en het verrichten van observaties. Het oogmerk van deze organisatie was onmiskenbaar het plegen van diefstallen door het hele land, doorgaans op de hiervoor beschreven werkwijze, en het verkopen van de daarmee verkregen goederen in Nederland en Roemenië (witwassen). De organisatie kende een duidelijke taakverdeling en hiërarchie: [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] gingen zelf op dievenpad maar voerden ook de regie over [medeverdachte 5] en [verdachte] die van hen instructies ontvingen. [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] hadden dus een leidende rol, [medeverdachte 5] en [verdachte] een uitvoerende. In de 15 dagen dat zij blijkens het dossier met [medeverdachte 1] , [medeverdachte 2] en [verdachte] optrok, pleegde [medeverdachte 5] in opdracht van [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] winkeldiefstallen. Ook [verdachte] heeft zich meer dan eens zelf schuldig gemaakt aan winkeldiefstal, maar fungeerde hoofdzakelijk als vaste chauffeur, uitkijkpost en bewaker van de gestolen spullen. [medeverdachte 3] had méér dan alleen een uitvoerende rol. Ook zij pleegde winkeldiefstallen in overleg met [medeverdachte 2] , maar zij had daarnaast de belangrijke taak om, in nauw overleg met [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] , contacten te onderhouden met afnemers in Nederland en Roemenië. Voor zover zij die taak op afstand vanuit Roemenië uitvoerde, neemt dit niet weg dat zij daarmee feitelijk werkte voor de organisatie die in Nederland actief was, en dat het effect van haar handelen zich in Nederland deed gevoelen. Nederland kan daarom ook ten aanzien van deze contacten van [medeverdachte 3] (mede) als pleegplaats worden aangemerkt. De rechtbank acht daarmee de onder feit 3 tenlastegelegde deelneming aan een criminele organisatie wettig en overtuigend bewezen. Opmerking verdient nog dat de weergave van de bewijsmiddelen in de bijlage is beperkt tot een selectie aan tapgesprekken in de periode van 9 februari 2015 tot en met 31 maart 2015, maar dat uit de overige tapgesprekken uit die periode geen ander beeld naar voren komt. De strafbaarheid van het bewezenverklaarde Het bewezenverklaarde is volgens de wet strafbaar omdat er geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die de strafbaarheid van de feiten uitsluiten. Het bewezenverklaarde levert de volgende strafbare feiten op: ten aanzien van feit 1 primair (zaaksdossier Zestien Twee, de gedachtestreepjes 1 en 2): diefstal door twee of meer verenigde personen, meermalen gepleegd; ten aanzien van feit 1 subsidiair (zaaksdossier Zeventien Twee, eerste gedachtestreepje; zaaksdossier Achttien Twee, vijfde gedachtestreepje): medeplichtigheid aan diefstal, meermalen gepleegd; ten aanzien van feit 1 subsidiair (zaaksdossier Achttien Twee, eerste gedachtestreepje; zaaksdossier Negentien Twee, de gedachtestreepjes 1 en 2) en feit 2 subsidiair (zaaksdossier Twee Drie; zaaksdossier Eenendertig Drie, de gedachtestreepjes 1 tot en met 4): medeplichtigheid aan diefstal door twee of meer verenigde personen, meermalen gepleegd; ten aanzien van feit 3: deelneming aan een organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven. De strafbaarheid van de verdachte De verdachte is eveneens strafbaar omdat er geen feiten of omstandigheden aannemelijk zijn geworden die zijn strafbaarheid uitsluiten. De strafoplegging Na te melden straf is in overeenstemming met de ernst van de gepleegde feiten, de omstandigheden waaronder deze zijn begaan en gegrond op de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, zoals daarvan tijdens het onderzoek ter terechtzitting is gebleken. De rechtbank neemt hierbij in het bijzonder het volgende in aanmerking. De verdachte heeft zich samen met anderen in een relatief korte periode schuldig gemaakt aan het plegen van een groot aantal winkeldiefstallen. Kennisneming van het volledige dossier maakt duidelijk dat het om ware strooptochten ging waarbij goed georganiseerd aan de lopende band diefstallen van waardevolle goederen, zoals parfums, merkkleding en gereedschappen, werden gepleegd. Over hoe de groep te werk ging en hoe de onderlinge verhoudingen daarbij waren heeft de rechtbank reeds in de nadere bewijsoverwegingen stilgestaan. Ten aanzien van de verdachte is van belang dat hij bij vrijwel alle diefstallen betrokken was, was het niet als (mede)pleger dan in elk geval steeds als medeplichtige door als chauffeur te fungeren. Door deze diefstallen is enorme schade toegebracht aan de desbetreffende winkelketens en daarmee indirect ook aan de consument die uiteindelijk, door middel van doorberekening van de schade in de prijzen, de rekening betaalt. Voorts rekent de rechtbank het de verdachte aan dat hij naar Nederland is gekomen met kennelijk als enige doel om hier diefstallen te plegen. Daarbij is het ook nog bijzonder kwalijk dat hij na te zijn opgepakt op 19 februari 2015 gewoon de draad weer heeft opgepakt en is doorgegaan met zijn activiteiten. Ten slotte heeft de rechtbank kennis genomen van een uittreksel uit het justitiële documentatieregister d.d. 2 april 2015, waaruit blijkt dat de verdachte in Nederland niet eerder met politie en justitie in aanraking is gekomen. Het moge duidelijk zijn dat deze vorm van criminaliteit het niveau van een serie eenvoudige winkeldiefstallen verre overstijgt. Qua ernst zijn deze diefstallen – in termen van de landelijke oriëntatiepunten voor straftoemeting – meer vergelijkbaar met een inbraak in een bedrijfspand. Bovendien gaat het om winkeldiefstallen gepleegd binnen het kader van een criminele organisatie, welke vorm van criminaliteit een sterk maatschappij-ontwrichtende werking heeft. Al het vorenstaande brengt de rechtbank tot het eindoordeel dat alleen een vrijheidsbenemende straf van aanmerkelijke duur passend is, waarbij de normbevestigende werking van de straf voorop staat. De rechtbank zal daarom een gevangenisstraf voor de duur van achttien maanden opleggen. Inbeslaggenomen voorwerpen. De rechtbank zal de op de beslaglijst onder 1 tot en met 9 genummerde voorwerpen verbeurd verklaren. Deze voorwerpen zijn voor verbeurdverklaring vatbaar aangezien deze voorwerpen geheel of grotendeels door middel van de bewezenverklaarde strafbare feiten zijn verkregen. De toepasselijke wetsartikelen De op te leggen straf en bijkomende straf zijn gegrond op de artikelen: 33, 33a, 48, 57, 140, 310 en 311 van het Wetboek van Strafrecht. Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij golden ten tijde van het bewezenverklaarde. De beslissing De rechtbank: verklaart niet wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte de volgende onder 1 primair ten laste gelegde feiten heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij: zaaksdossier Zeventien Twee, beide gedachtestreepjes; zaaksdossier Achttien Twee, alle gedachtestreepjes; zaaksdossier Negentien Twee, beide gedachtestreepjes; verklaart niet wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte de volgende onder 1 subsidiair ten laste gelegde feiten heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij: zaaksdossier Zeventien Twee, tweede gedachtestreepje; zaaksdossier Achttien Twee, de gedachtestreepjes 2 tot en met 4; zaaksdossier Negentien Twee, eerste gedachtestreepje voor zover betrekking hebbend op “een of meer onbekend gebleven parfumerie(ën)/drogisterij(en)” en tweede gedachtestreepje voor zover betrekking hebbend op “ [betrokkene 4] ”; verklaart niet wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte de volgende onder 2 primair ten laste gelegde feiten heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij: zaaksdossier Twee Drie; zaaksdossier Eenendertig Drie, alle gedachtestreepjes; verklaart niet wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het volgende onder 2 subsidiair ten laste gelegde feit heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij: - zaaksdossier Eenendertig Drie, vijfde gedachtestreepje. verklaart wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte de volgende onder 1 primair ten laste gelegde feiten heeft begaan: - zaaksdossier Zestien Twee, de gedachtestreepjes 1 en 2; verklaart wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte de volgende onder 1 subsidiair ten laste gelegde feiten heeft begaan: zaaksdossier Zeventien Twee, eerste gedachtestreepje; zaaksdossier Achttien Twee, de gedachtestreepjes 1 en 5; zaaksdossier Negentien Twee, de gedachtestreepjes 1 en 2; verklaart wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte de volgende onder 2 subsidiair ten laste gelegde feiten heeft begaan: zaaksdossier Twee Drie; zaaksdossier Eenendertig Drie, de gedachtestreepjes 1 tot en met 4 verklaart wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het onder 3 ten laste gelegde feit heeft begaan; verklaart dat het bewezenverklaarde uitmaakt: ten aanzien van feit 1 primair (zaaksdossier Zestien Twee, de gedachtestreepjes 1 en 2): diefstal door twee of meer verenigde personen, meermalen gepleegd; ten aanzien van feit 1 subsidiair (zaaksdossier Zeventien Twee, eerste gedachtestreepje; zaaksdossier Achttien Twee, vijfde gedachtestreepje): medeplichtigheid aan diefstal, meermalen gepleegd; ten aanzien van feit 1 subsidiair (zaaksdossier Achttien Twee, eerste gedachtestreepje; zaaksdossier Negentien Twee, de gedachtestreepjes 1 en 2) en feit 2 subsidiair (zaaksdossier Twee Drie; zaaksdossier Eenendertig Drie, de gedachtestreepjes 1 tot en met 4): medeplichtigheid aan diefstal door twee of meer verenigde personen, meermalen gepleegd; ten aanzien van feit 3: deelneming aan een organisatie die tot oogmerk heeft het plegen van misdrijven; verklaart het bewezenverklaarde en de verdachte deswege strafbaar; verklaart niet bewezen hetgeen aan de verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij; veroordeelt de verdachte tot: een gevangenisstraf voor de duur van 18 (ACHTTIEN) MAANDEN; bepaalt dat de tijd door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en voorlopige hechtenis doorgebracht bij de tenuitvoerlegging van de hem opgelegde gevangenisstraf geheel in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht; verklaart verbeurd de op de beslaglijst onder 1 tot en met 9 genummerde voorwerpen. Dit vonnis is gewezen door mr. G.J. Schiffers-Hanssen, voorzitter, mr. M.L. Harmsen, rechter, mr. M.L. Ruiter, rechter, in tegenwoordigheid van W.M.W. van Nuss, griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van deze rechtbank van 22 december 2015. Mr. Harmsen is buiten staat dit vonnis te ondertekenen. Bijlage bij vonnis van [verdachte] d.d. 22 december 2015. GEBEZIGDE BEWIJSMIDDELEN Ten aanzien van feit 1 Primair, zaaksdossier Zestien Twee, eerste gedachtestreepje Bewezenverklaard is dat de verdachte: - op 16 februari 2015 te [plaats 6] tezamen en in vereniging met anderen met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen kranen en andere goederen, toebehorende aan de Praxis. Bewijsmiddelen: 1. Het proces-verbaal van verhoor aangever van de politie Eenheid Den Haag, nr. 602, d.d. 26 februari 2015, opgemaakt in de wettelijke vorm door een daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces‑verbaal houdt onder meer in als de op 26 februari 2015 tegenover deze opsporingsambtenaar afgelegde verklaring van [aangever 2] (AH-299, ZD/Zestien Twee/blz. 38-39): U zegt mij dat er op maandag 16 februari 2015 omstreeks 15:30-16:00 uur uit het filiaal Praxis te [plaats 6] goederen zijn weggenomen. U vertelt mij dat er door de man die achterna gerend is een rugtas in de bosjes zou zijn gegooid en dat er in die rugtas onder andere twee kranen zaten die vermoedelijk uit onze bouwmarkt afkomstig zijn. Volgens ons systeem missen wij twee Grohe kranen, type Precision Trend 15 cm, voorzien van barcode 4005176816741. U zegt mij dat die gegevens overeenkomen met de gegevens van de kranen die u in bezit heeft. De kranen hebben een verkoopwaarde van 179 euro per stuk. U zegt mij dat er vermoedelijk nog meer goederen uit ons filiaal zijn weggenomen die dag. Ik heb niemand toestemming gegeven voor het wegnemen van goederen uit onze bouwmarkt. 2. Het proces-verbaal van observeren maandag 16 februari 2015 van de politie Eenheid Den Haag, nr. 004.C-2015, d.d. 20 februari 2015, opgemaakt in de wettelijke vorm door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren. Dit proces‑verbaal houdt onder meer in als relaas van deze opsporingsambtenaren (AH-321, ZD/Zestien Twee/blz. 61-62): 15.33 uur De Renault wordt geparkeerd op het parkeerterrein van de Kwantum, gevestigd [adres 3] . [medeverdachte 1] en NN5 stappen uit. NN5 draagt de zwarte schoudertas over haar schouder. [medeverdachte 1] gaat de Praxis, [adres 3] , binnen. NN5 blijft voor de Praxis staan. (H122, H124en H153) 15.43 uur [medeverdachte 1] maakt gebruik van een mobiele telefoon. (H163) 15.44 uur NN4 stapt uit en doet de grijze rugzak op zijn rug. NN4 gaat de Praxis binnen. (H122 en H124) 15.44 uur [medeverdachte 1] stopt iets in de schoudertas van NN5. (H163) 15.45 uur NN5 verlaat de Praxis met de gevulde zwarte schoudertas. (H124) 15.47 uur NN5 stapt met de schoudertas in de Renault. (H122) 15.48 uur NN4 verlaat de Praxis met de grijze rugzak op zijn rug. Kort daarop verlaten een tweetal vrouwen de Praxis gekleed in bedrijfskleding van de Praxis. NN4 kijkt in de richting van deze vrouwen en rent weg in de richting van de [locatie 4] . (H124) 15.51 uur NN4 loopt over de [locatie 4] in de richting van de [locatie 5] met de grijze rugzak op zijn rug. (H124) 15.54 uur NN4 loopt over de [locatie 4] , ongeveer 30 meter voor de [locatie 5] . NN4 draagt de grijze rugzak niet meer bij zich. (H124) 15.58 uur NN4 loopt de begraafplaats gelegen aan [adres 17] op. NN4 gaat op een muurtje zitten en maakt gebruik van een mobiele telefoon. (H111) 16.00 uur NN4 staat op en loopt de begraafplaats af. (H111) 16.03 uur NN4 neemt plaats in een bushokje op de [locatie 6] en maakt gebruik van een mobiele telefoon. (H111 en H124) 16.11 uur [medeverdachte 1] en NN5 lopen over de [locatie 4] . (H148) 16.13 uur [medeverdachte 1] maakt gebruik van een mobiele telefoon. (H163) 16.17 uur [medeverdachte 1] en NN5 kijken rond nabij de slootkant van de [locatie 4] (H111 en H124) 3 Geschriften, te weten uitgewerkte tapgesprekken. Gesprek op 16 februari 2015, 15.39 uur, sessieno. 483 (ZD/Zestien Twee/blz. 87): [medeverdachte 1] ( [medeverdachte 1] ) BUN Larisa (
  7. sh)[medeverdachte 1] : Ben je binnen gekomen? [medeverdachte 5] : Ik ben al binnen. Ik ben bij de stelling die voor jou is. Ik ben daar waar de schroeven zijn. [medeverdachte 1] : Waar ben je nou? Ik kan je verdorie niet zien. Kom dan naast mij. Gesprek op 16 februari 2015, 15.44 uur, sessieno. 484 (ZD/Zestien Twee/blz. 88): [medeverdachte 1] ( [medeverdachte 1] ) BUN [verdachte] (
  8. sh)[medeverdachte 1] : Kom ook naar Praxis, [verdachte] . [verdachte] : Goed. Gesprek op 16 februari 2015, 15.51 uur, sessieno. 486 (ZD/Zestien Twee/blz. 89): [medeverdachte 1] ( [medeverdachte 1] /
  9. sh)WGD [medeverdachte 5] (
  10. sh)[medeverdachte 5] Wat moet ik doen? Blijf ik in de auto of ga ik weg? [medeverdachte 1] : Ga uitstappen. [medeverdachte 5] Zonder tas? [medeverdachte 1] : Zonder tas. Hup. Gesprek op 16 februari 2015, 15.57 uur, sessieno. 491 (ZD/Zestien Twee/blz. 91-92): [medeverdachte 1] ( [medeverdachte 1] ) (
  11. sh)wgd [verdachte] (
  12. ng)[medeverdachte 1] : Wat doe je/hoe gaat het, [verdachte] ? [verdachte] (hijgt): Ben je ontsnapt, joh? [medeverdachte 1] Ja joh, waarom nam hij/zij jou? [verdachte] (hijgt): Hij/zij kwam achter mij aan en achter hem/haar kwamen er nog twee of drie naar buiten. [medeverdachte 1] : Klonk het. [verdachte] : Nee. [medeverdachte 1] : Klonk het niet? [verdachte] : Nee, het klonk echt niet. [medeverdachte 1] : Ben je gek [Meen je dat nou]? [verdachte] : [Ik zweer het] op het meest dierbare. [medeverdachte 1] Maar hoe dan... [verdachte] : ... ntv kwam naar buiten en maakte een handgebaar: Kom hierheen. Ik zeg: I don’t understand... (hijg). [medeverdachte 1] : Verdomme man, bij mij was er niets aan de hand... [verdachte] : Wat? [medeverdachte 1] : Ik zeg: Met mij hadden ze geen enkel probleem. [verdachte] (hij): Ik denk dat ze zagen dat hij te vol was. [medeverdachte 1] : Ik geloof het niet [verdachte] , ik weet het niet. Maar nadat je naar buiten was gegaan of toen je op het punt stond naar buiten te gaan? [verdachte] : Ja, precies nadat ik naar buiten ging. Nadat ik naar buiten ging kwam zij ook. [medeverdachte 1] : hm. Klote. Verdomme. [verdachte] : Ik heb dat [ding] achter gelaten, ben nu te voet, denk je dat dat wat geeft? [medeverdachte 1] : Wat? [verdachte] Ik heb dat ding achtergelaten. [medeverdachte 1] : Waar heb je hem gelaten? [verdachte] : Bij wat bosjes, aan de oever van een rivier. Denk je dat ik hem te voet zo kan ophalen? [medeverdachte 1] : Ik weet het niet, kijk waar je gaat. [verdachte] Want ik ben in het midden van ntv. [medeverdachte 1] : Ntv.. Kijk hoe je tussen de huizen gaat. En dan morgen.. Maak je niet druk. [verdachte] : Oke. [medeverdachte 1] : De sleutel van de auto, waar is die? [verdachte] : De sleutel zit in het contact of onder de stoel. [medeverdachte 1] : Hm. Kom, laat ik [medeverdachte 5] bellen dat ze moet uitstappen en de sleutel van de auto aan me geven. [verdachte] : (Hijg) [medeverdachte 1] : Oke, zaadbal, let op wat je doet. Loop niet verder meer. Hup. Gesprek op 16 februari 2015, 15.59 uur, sessieno. 492 (ZD/Zestien Twee/blz. 93): [medeverdachte 1] /nwg) BUN [medeverdachte 5] (nwg) [medeverdachte 5] : Ja, [medeverdachte 1] . [medeverdachte 1] : [medeverdachte 5] , ga uit de auto stappen. [medeverdachte 5] : Ik ben al weg van de auto. [medeverdachte 1] : Ga naar de auto en neem de sleutel uit contact en sluit de auto. [medeverdachte 5] : Moet ik naar de auto gaan om de sleutel te pakken? [medeverdachte 1] : Als de sleutel niet in het contact is. [medeverdachte 5] : Nee, de sleutel is in het contact, ik heb de sleutel daar gezien. [medeverdachte 1] : Ga de sleutel nemen en ga de auto sluiten, je moet op ”die” drukken. [medeverdachte 5] : Goed. Primair, zaaksdossier Zestien Twee, tweede gedachtestreepje Bewezenverklaard is dat de verdachte: - op 16 februari 2015 te [plaats 7] tezamen en in vereniging met anderen met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen elektrisch gereedschap en andere goederen, toebehorende aan de Gamma. Bewijsmiddelen: 1. Het proces-verbaal van verhoor aangever van de politie Eenheid Den Haag, nr. 567, d.d. 23 februari 2015, opgemaakt in de wettelijke vorm door een daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces‑verbaal houdt onder meer in als de op 20 februari 2015 tegenover deze opsporingsambtenaar afgelegde verklaring van [aangever] (AH-300, ZD/Zestien Twee/blz. 43-44): Bij deze doe ik aangifte van diefstal uit de bouwmarkt Gamma, gevestigd [adres 1] , waarvan ik bedrijfsleider ben. Ik ben derhalve gemachtigd voor het doen van aangifte. U zegt mij dat er uit onderzoek is gebleken dat op 16 februari jl. goederen zijn weggenomen uit dit filiaal. U vertelt mij dat er personen zijn aangehouden en dat er een mogelijkheid bestaat dat de goederen die bij de aangehouden personen zijn aangetroffen afkomstig zijn uit dit filiaal. U vertelt mij dat de diefstallen tussen 14:45 en 15:30 uur zouden moeten hebben plaatsgevonden. Wij bekijken nu samen de beelden. In genoemd tijdsbestek zien wij op 16 februari jl. onder andere drie personen op de beelden, die volgens u de diefstallen hebben gepleegd. Samen met u heb ik op de beelden gezien dat twee mannen en een vrouw de winkel binnen komen. Van de drie personen kwamen een man en een vrouw de winkel binnen met een grote “dunne” (rug-)tas. Deze man en vrouw verlieten enkele minuten later, met een “dikke”/volle (rug)tas via de kassa’s, zonder af te rekenen de winkel. Ik heb niemand toestemming gegeven voor het plegen van dit feit. 2. Het proces-verbaal van bevindingen van de politie Eenheid Den Haag, nr. 563, d.d. 23 februari 2015, opgemaakt in de wettelijke vorm door een daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces‑verbaal houdt onder meer in als relaas van deze opsporingsambtenaar ten aanzien van camerabeelden van Gamma [adres 1] op 16 februari 2015 (AH-301, ZD/Zestien Twee/blz. 49-51): Door mij, verbalisant, werd aan de hand van de politiefoto en de camerabeelden van genoemde bouwmarkt de verdachte [medeverdachte 1] herkend. werkelijke tijd 14:41 [medeverdachte 1] loopt de Gamma binnen. 14:47 Nnvrouw loopt de Gamma binnen met een “dunne” tas. 14:57 [de rechtbank begrijpt: 14:48] [medeverdachte 1] vult zijn winkelmandje. Te zien is dat [medeverdachte 1] goederen uit het rek in zijn mandje legt. 14:52 Nnvrouw verlaat, tussen de kassa’s door, de Gamma. De tas van de Nnvrouw is nu vierkant (vol). 14:54 Nnman loopt de Gamma binnen met op zijn rug een “dunne” rugtas. 14:54 [medeverdachte 1] heeft zijn telefoon in zijn hand. Hij draagt een leeg winkelmandje. 14:58 Nnman loopt via de kassa’s de Gamma uit met een goedgevulde rugtas. 14:58 [medeverdachte 1] zet een leeg winkelmandje bij de kassa neer. Loopt nog even heen en weer en verlaat de Gamma. 3. Het proces-verbaal van bevindingen aanvulling camerabeelden 16/2/2015 van de politie Eenheid Den Haag, nr. 808, d.d. 14 april 2015, opgemaakt in de wettelijke vorm door een daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces‑verbaal houdt onder meer in als relaas van deze opsporingsambtenaar ten aanzien van camerabeelden van Gamma [adres 1] op 16 februari 2015 (AH-473, blz. 109): In aanvulling op de eerdere herkenning van [medeverdachte 1] op de beelden werden door mij verbalisant ook de andere twee personen herkend. De in het eerdere proces-verbaal van 23 februari 2015 aangeduide Nnman met grijze rugtas werd door mij herkend als [verdachte] , geboren 11 juni 1991. De in het eerdere proces-verbaal van 23 februari 2015 aangeduide Nnvrouw werd door mij herkend als [medeverdachte 5] , geboren 23 december 1988. 4. Het proces-verbaal van observeren maandag 16 februari 2015 van de politie Eenheid Den Haag, nr. 004.C-2015, d.d. 20 februari 2015, opgemaakt in de wettelijke vorm door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren. Dit proces‑verbaal houdt onder meer in als relaas van deze opsporingsambtenaren (AH-321, ZD/Zestien Twee/blz. 60-61): 14.39 uur De Renault wordt geparkeerd op het parkeerterrein van Keukenkampioen, gevestigd [adres 1] . [medeverdachte 1] stapt uit en gaat de Gamma, gevestigd [adres 1] , binnen. NN4 stapt uit met een grote grijze rugzak op zijn rug. NN5 stapt uit met de grote zwarte schoudertas om haar schouder. NN4 en NN5 blijven wachten op het parkeerterrein van de Gamma. (H111, H124 en H148) 14.44 uur NN5 maakt gebruik van een mobiele telefoon. Kort hierna gaat NN5 de Gamma binnen en loopt NN4 terug richting de Renault. (H111) [medeverdachte 1] heeft een aantal niet nader omschreven doosjes in een winkelmandje gedaan. In een gangpad waar geen andere klanten of personeelsleden van de Gamma aanwezig zijn, maakt [medeverdachte 1] contact met NN5. (H148) 14.47 uur NN4 stapt in de Renault. (H163) NN5 stopt meerdere goederen in haar schoudertas. Het mandje van [medeverdachte 1] is leeg. [medeverdachte 1] en NN5 gaan uit elkaar. [medeverdachte 1] blijft in de Gamma rondlopen. (H148) 14.50 uur NN5 maakt gebruik van een mobiele telefoon. (H148) 14.52 uur NN5 verlaat de Gamma. (H111) 14.52 uur NN4 stapt uit de Renault en NN5 stapt in de Renault. (H164) [medeverdachte 1] staat in het gangpad bij het elektrische gereedschap en pakt in ieder geval één doos uit het schap en legt deze in zijn winkelmandje. (H148) 14.53 uur NN4 gaat met de grijze rugzak de Gamma binnen. (H111) In een gangpad waar geen andere klanten of personeelsleden van de Gamma aanwezig zijn, maakt [medeverdachte 1] contact met NN4. [medeverdachte 1] haalt de doos uit het winkelmandje en stopt deze samen met NN4 in de rugzak welke NN4 bij zich heeft. De rugzak wordt dichtgeritst waarna [medeverdachte 1] en NN4 uit elkaar gaan. Het winkelmandje van [medeverdachte 1] is leeg. NN4 verlaat met de rugzak op zijn rug zonder af te rekenen bij de kassa de Gamma. (H148) 14.58 uur [medeverdachte 1] en NN4 met de grijze rugzak op zijn rug verlaten de Gamma. (H111) 14.59 uur [medeverdachte 1] stapt als bijrijder en NN4 als bestuurder in de Renault, waarna deze vertrekt. (H164) 5. Geschriften, te weten uitgewerkte tapgesprekken Gesprek op 16 februari 2015, 14.45 uur, sessieno. 476 (ZD/Zestien Twee/blz. 84): [medeverdachte 1] (
  13. sh)BUN [medeverdachte 5] (
  14. sh)[medeverdachte 5] : Hoor je me? [medeverdachte 1] : Eh... wacht even.., kom maar naast de winkel... [medeverdachte 5] : Moet ik nu vlakbij de winkel komen? [medeverdachte 1] : Ja, kom de winkel binnen? [medeverdachte 5] : Moet ik ook naar binnen gaan? [medeverdachte 1] : Ja. [medeverdachte 5] : Oke. Welke kant moet ik op gaan? [medeverdachte 1] : Je gaat rechtsaf. [medeverdachte 5] : Oke, hup, ik kom. Gesprek op 16 februari 2015, 14.52 uur, sessieno. 479 (ZD/Zestien Twee/blz. 85): [medeverdachte 1] ( [medeverdachte 1] ) BUN [verdachte] (
  15. sh)[verdachte] : Ja. [medeverdachte 1] : Kom [verdachte] , kom naar binnen met de rugzak... en je gaat naar rechts langs de deuren, als je binnen bent ga je rechts langs de deuren.. Subsidiair, zaaksdossier Zeventien Twee, eerste gedachtestreepje Bewezenverklaard is dat: - een ander op 17 februari 2015 te Assen met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen sjaals en portemonnees, toebehorende aan de V&D, bij het plegen van welk misdrijf verdachte toen en daar opzettelijk behulpzaam is geweest door die ander te vervoeren naar de winkel. Bewijsmiddelen: 1. Het proces-verbaal van aangifte van de politie Eenheid Noord-Nederland, nr. PL0100-2015048124-1, d.d. 17 februari 2015, opgemaakt in de wettelijke vorm door een daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces‑verbaal houdt onder meer in als de op 17 februari 2015 tegenover deze opsporingsambtenaar afgelegde verklaring van [aangever 3] (AH-422, blz. 48-49): Ik ben als bedrijfsleider werkzaam bij V&D in [adres 2] en in deze hoedanigheid ben ik bevoegd tot het doen van aangifte. Op dinsdag 17 februari 2014 was ik aan het werk. Medewerkers hadden een dame staande gehouden buiten de winkel. De medewerkers waren door klanten geattendeerd op het feit dat deze mevrouw allerlei goederen vanuit de winkel in haar handtas stopte. Toen zij door het detectiepoortje ging, ging het alarm af. De medewerkers hebben haar aangesproken en meegenomen naar het kantoortje in afwachting van de politie. In haar handtas zaten de volgende goederen: vier

(4)portemonnees van het merk Desigual à € 59,00 per stuk, twee
(2)portemonnees van het merk Desigual à € 59,00 per stuk, vier
(4)portemonnees van het merk Desigual à € 34,00 per stuk, twee
(2)portemonnees van het merk Desigual à € 88,00 per stuk, twee
(2)sjaals van het merk Desigual à € 34,00 per stuk, één
(1)sjaal van het merk Desigual à € 29,00 per stuk. Deze dame had voor een totaalbedrag van € 675,00 aan goederen bij ons weggenomen. De handtas die ze bij zich had bleek een geprepareerde handtas te zijn. 2. Het proces-verbaal van verhoor verdachte van de politie Eenheid Noord-Nederland, nr. PL0100-2015048124-7, d.d. 17 februari 2015, opgemaakt in de wettelijke vorm door een daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces‑verbaal houdt onder meer in als de op 17 februari 2015 tegenover deze opsporingsambtenaar afgelegde verklaring van [medeverdachte 5] (AH-422, blz. 61): Ik heb bij V&D drie sjaals en meerdere portemonnees gestolen. 3. De verklaring van de verdachte ter terechtzitting d.d. 30 november 2015: Ik ben chauffeur geweest voor de anderen, zij hadden geen rijbewijs. 4. Geschriften, te weten uitgewerkte tapgesprekken Gesprek op 17 februari 2015, 13.33 uur, sessieno. 562 (blz. 15): [medeverdachte 1] ( [medeverdachte 1] /
  1. sh)WGD [verdachte] (nwg) (locatie gebelde Groningen) [verdachte] : Zij zijn weg, ik heb geparkeerd en zij zijn weg. [medeverdachte 1] : Ik had gezien. Let op, vanaf daar ga je rechtdoor en daarna rechtsaf want zo buigt het straat. [verdachte] : Met de auto? [medeverdachte 1] : Ja, met de auto, [verdachte] : En ga ik daar parkeren? [medeverdachte 1] : Ja, joh, ik ga je zo verder vertellen. Gesprek op 17 februari 2015, 14.09 uur, sessieno. 572 (blz. 27): [medeverdachte 1] ( [medeverdachte 1] /
  2. sh)BUN [verdachte] (nwg) (locatie beller Groningen) [medeverdachte 1] : Hoe is het, [verdachte] ? [verdachte] : [medeverdachte 5] is net naar de auto gekomen. [medeverdachte 1] : Je moet de tas in de auto achterlaten, OK? [verdachte] : Ja. [medeverdachte 1] : Zij zijn een beetje onrustig nu. [verdachte] : Ja, ik heb de politieauto gezien maar de auto ging linksaf want hier kan niet komen, het is verboden. Gesprek op 17 februari 2015, 15.15 uur, sessieno. 586 (blz. 32): [medeverdachte 1] /
  3. sh)BUN [verdachte] (
  4. sh)(locatie beller Assen) [medeverdachte 1] : Kom je hier, [verdachte] ? [verdachte] : Nee, ik ga niet meer naar binnen. [medeverdachte 1] : Wat (moeilijk te verstaan)? [verdachte] : Ik kom niet meer. [medeverdachte 1] : Kom nou hier want het is plaats en wij kunnen iets doen, wij gaan snel € 150,00 verdienen. [verdachte] : Ik kom niet meer. [medeverdachte 1] : Joh, bangerik, kom naar binnen, niemand heeft met ons iets te maken, de winkel is groot, de winkel is goed. [verdachte] : Nee, joh, ik ben niet bangerik maar ik kom niet meer, gaan jullie maar... Subsidiair, zaaksdossier Achttien Twee, eerste gedachtestreepje Bewezenverklaard is dat: - [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] en een ander op 18 februari 2015 te [adres 3] met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening hebben weggenomen een camerasysteem, toebehorende aan de Gamma, bij het plegen van welk misdrijf verdachte toen en daar opzettelijk behulpzaam is geweest door die [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] en ander te vervoeren naar de winkel. Bewijsmiddelen: 1 Geschriften, te weten uitgewerkte tapgesprekken Gesprek op 18 februari 2015, 12.01 uur, sessieno. 629 (ZD/Achttien Twee/blz. 87): [medeverdachte 1] (
  5. sh)bun nnvrouw5653. Nnvrouw: Ja, [medeverdachte 1] . [medeverdachte 1] : Kom naar de Gamma. Nnvrouw: Moet ik naar de Gamma komen? [medeverdachte 1] : Aha. Nnvrouw: Goed. Gesprek op 18 februari 2015, 12.04 uur, sessieno. 632 (ZD/Achttien Twee/blz. 88): [medeverdachte 1] (
  6. sh)bun nnvrouw4962. [medeverdachte 1] : [verdachte] .. Nnvrouw: Ja, [medeverdachte 1] . [medeverdachte 1] : Waar heb je je telefoon? NNvrouw: In mijn zak maar ik voelde die niet. [medeverdachte 1] : Hoezo...die lag in de auto. Nnvrouw: Nee..[zweert op moeder] als die in de auto lag...neem je zo’n camera? [medeverdachte 1] : Zeven…hoeveel?.. hoeveel heb je nodig?...7? Nnvrouw: Ja, 7....; [medeverdachte 1] : Ik heb er één weggehaald. ..goed... Gesprek op 18 februari 2015, 12.05 uur, sessieno. 633 (ZD/Achttien Twee/blz. 89): [medeverdachte 1] (
  7. sh)bun nnvrouw 5653. Nnvrouw vraagt waar hij is. [medeverdachte 1] zegt, links. 2. Het proces-verbaal van observeren woensdag 18 februari 2015 van de politie Eenheid Den Haag, nr. 004.F-2015, d.d. 20 februari 2015, opgemaakt in de wettelijke vorm door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren. Dit proces‑verbaal houdt onder meer in als relaas van deze opsporingsambtenaren (AH-347, ZD/Achttien Twee/blz. 77-78): 11.15 uur De Renault verlaat [adres 4] . In de Renault zitten [medeverdachte 1] , een man die herkend wordt als NN4 van proces verbaal met nummer 004.C-2015, hierna te noemen NN1, en 2 vrouwen. (H122 en H148) 11.38 uur De Renault wordt geparkeerd op de [adres 3] ter hoogte van de Media Markt. [medeverdachte 1] stapt uit met een vrouw, gekleed in een groene jas met een grote zwarte tas om haar schouders, hierna te noemen NN2. [medeverdachte 1] en NN2 gaan vervolgens de bouwmarkt Gamma binnen, gevestigd [adres 3] (H122 en H148) 11.55uur NN2 verlaat de Gamma en loopt weg in de richting van de Renault. Uit de Renault stapt een vrouw die herkend wordt als NN5 van proces-verbaal met nummer 004.C-2015, hierna te noemen NN3. NN3 loopt ook met een grote zwarte tas om haar schouders in de richting van de Gamma. NN2 stapt in de Renault en NN3 gaat de Gamma binnen. (H122 en H148) 12.09 uur NN3 verlaat de Gamma en loopt weg in de richting van de Renault. Kort hierop verlaat ook [medeverdachte 1] de Gamma en loopt weg in de richting van de Renault. [medeverdachte 1] en NN3 stappen in de Renault waarna deze vertrekt. (H122 en H148). 3. Het proces-verbaal identiteit NN personen observatie 18/2/2015 van de politie Eenheid Den Haag, nr. 813, d.d. 15 april 2015, opgemaakt in de wettelijke vorm door een daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces‑verbaal houdt onder meer in als relaas van deze opsporingsambtenaar (AH-474, blz. 126-127): Op 18 februari 2015 tussen 11.00 uur en 15.31 uur werden er observatiewerkzaamheden verricht welke werden omschreven in het proces-verbaal met nummer 004.F-2015. In dit proces-verbaal werd gesproken over een aantal NN personen. Op basis van de in het proces-verbaal gegeven signalementen, gemaakte video-opname en/of verwijzingen/herkenning van personen in eerdere observaties werd door mij verbalisant een inventarisatie gemaakt van deze NN-personen en hierbij hun identiteit gezocht. NN1 = [verdachte] geboren 11 juni 1991 Verwijzing van observatieteam naar eerdere observatie d.d. 16 februari en de herkenning hierbij van [verdachte] bij de diefstal Gamma te [adres 1] . NN2 = [medeverdachte 2] geboren 8 juli 1987 Door het observatieteam werden video-opnames gemaakt van deze persoon. Ik herkende op deze opnames de vrouw als zijnde [medeverdachte 2] geboren 8 juli 1987. NN3 = [medeverdachte 5] geboren 23 december 1988 Verwijzing van observatieteam naar eerdere observatie d.d. 16 februari en de herkenning hierbij van [medeverdachte 5] bij de diefstal Gamma te [adres 1] . 4. De verklaring van de verdachte ter terechtzitting d.d. 30 november 2015: Ik ben chauffeur geweest voor de anderen, zij hadden geen rijbewijs. Subsidiair, zaaksdossier Achttien Twee, vijfde gedachtestreepje Bewezenverklaard is dat: - [medeverdachte 2] op 18 februari 2015 te [adres 5] met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening heeft weggenomen meerdere parfums, toebehorende aan de Douglas, bij het plegen van welk misdrijf verdachte toen en daar opzettelijk behulpzaam is geweest door die [medeverdachte 2] te vervoeren naar de winkel. Bewijsmiddelen: 1 Geschriften, te weten uitgewerkte tapgesprekken Gesprek op 18 februari 2015, 12.29 uur, sessieno. 635 (ZD/Achttien twee/blz. 90, nieuwe vertaling door P.F. Dinu MA): [medeverdachte 1] (
  8. sh)wgd nnvrouw5538. Nnvrouw: Ja, [medeverdachte 1] . [medeverdachte 1] Hoe gaat het? Nnvrouw: Ik ga naar de auto. [medeverdachte 1] : Wat heb je genomen? Nnvrouw: Een aantal parfums... [medeverdachte 1] : Waarvandaan? Van Douglas? NNvrouw: Van Douglas, ja.. [medeverdachte 1] : Het loopt goed, he? NNvrouw: Het loopt goed, liefje, maar…het is die stekkelige vrouw…godsamme…ik denk dat ze me niet meer had herkend…maar ik heb hoe dan ook van de aanbiedingen genomen…ik heb 8 Gucci genomen van de (ntv) [medeverdachte 1] : Aaaah... (ntv) Nnvrouw: Want ik dacht bij mezelf om daar niet te gaan zodat (ntv) mij niet achterna komt… [medeverdachte 1] : Ihhhmmm.. Nnvrouw: En ik heb gewacht want het was een [ntv]…en ik heb me achter de aanbiedingen verstopt...zodat ze me niet ziet…en op het moment dat ik de kans kreeg, heb ik ze erin gestopt en ik ging weg...want er waren geen mensen…ik en nog twee (vrouwelijke) klanten waren er…en ze stonden met z’n drieën daar bij de kassa...Wat heb jij gedaan? Gesprek op 18 februari 2015, 13.23 uur, sessieno. 1 (ZD/Achttien twee/blz. 97, nieuwe vertaling door P.F. Dinu MA): [medeverdachte 2] (
  9. sh)WGD [medeverdachte 3] (sh). [medeverdachte 3] : Ja, sis (fon). Ik ben in [plaats 7] . [medeverdachte 1] heeft mij gebeld, zie ik…… [medeverdachte 2] : Ik heb jou gebeld om te kijken hoe het met jou gaat want ik heb geen beltegoed op mijn telefoon….. Heb je iets gedaan? [medeverdachte 3] : Twee keer de V&D binnengegaan en ik heb Adidasschoenen [sportschoenen] voor de kinderen genomen. [medeverdachte 2] : Bravo….Ga naar Hoorn…..Ik heb die Boss gedaan….. [medeverdachte 1] heeft die van Armani gedaan…en de Score… [medeverdachte 3] : Ik weet niet waar die van Armani is. [medeverdachte 2] : Naast Boss… het staat [betrokkene 2] geschreven…en hij/het is goed... [medeverdachte 3] : Ik dacht om nog een keer de V&D binnen te gaan…. [medeverdachte 2] : Ik heb de Douglas ook gedaan…Ik ben naar binnen gegaan en ik heb 8 van die (ntv) genomen….. [medeverdachte 3] : Bravo…Ik dacht om nog een keer deze V&D naar binnen te gaan om nog twee van die herenjassen van € 100,00 te nemen...Voor hoeveel worden die van de hand gedaan? [medeverdachte 2] : Voor 50…Ga ook naar de ICI daar... [medeverdachte 3] : Ik kon niets doen.. [medeverdachte 2] : Je kon het niet, he? [medeverdachte 3] : Nee…want er een verkoopster achter…en er was eentje…met make-up aan de voorkant…ze keek zowel naar mij als naar [betrokkene 5] … [medeverdachte 2] : Hhhm….Goed, sisa (fon) [medeverdachte 3] : Kusje…Doei… 2. Het proces-verbaal van observeren woensdag 18 februari 2015 van de politie Eenheid Den Haag, nr. 004.F-2015, d.d. 20 februari 2015, opgemaakt in de wettelijke vorm door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren. Dit proces‑verbaal houdt onder meer in als relaas van deze opsporingsambtenaren, voor zover te dezen van belang (AH-347, ZD/Achttien twee/blz. 78): 11.15 uur De Renault verlaat [adres 4] . In de Renault zitten [medeverdachte 1] , een man die herkend wordt als NN4 van proces-verbaal met nummer 004.C-2015, hierna te noemen NN1, en 2 vrouwen. (H122 en H148) 12.18 uur De Renault stopt op de [adres 6] . [medeverdachte 1] , NN2 en NN3 stappen uit en lopen het stadscentrum in. De Renault vertrekt. (H122 en H134) 12.20 uur [medeverdachte 1] en NN3 gaan het warenhuis V&D, gelegen [adres 6] , binnen. NN2 gaat de parfumerie Douglas, gelegen [adres 5] , binnen. (H122) 12.26 uur NN2 verlaat de Douglas en loopt weg in de richting van de [adres 7] te [plaats 6] . Kort hierop verlaat NN3 warenhuis V&D en loopt ook weg in de richting van de [adres 7] . NN2 en NN3 lopen vervolgens het parkeerterrein van het [adres 8] op. Vervolgens stappen zij kort in de Renault die hier geparkeerd staat. NN2 en NN3 lopen vervolgens weer weg in de richting van het centrum. (H122 en H148) 3. Het proces-verbaal identiteit NN personen observatie 18/2/2015 van de politie Eenheid Den Haag, nr. 813, d.d. 15 april 2015, opgemaakt in de wettelijke vorm door een daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces‑verbaal houdt onder meer in als relaas van deze opsporingsambtenaar (AH-474, ZD/Achttien twee/blz. 126-127): Op 18 februari 2015 tussen 11.00 uur en 15.31 uur werden er observatiewerkzaamheden verricht welke werden omschreven in het proces-verbaal met nummer 004.F-2015. In dit proces-verbaal werd gesproken over een aantal NN personen. Op basis van de in het proces-verbaal gegeven signalementen, gemaakte video-opname en/of verwijzingen/herkenning van personen in eerdere observaties werd door mij verbalisant een inventarisatie gemaakt van deze NN-personen en hierbij hun identiteit gezocht. NN1 = [verdachte] geboren 11 juni 1991 Verwijzing van observatieteam naar eerdere observatie d.d. 16 februari en de herkenning hierbij van [verdachte] bij de diefstal Gamma te [adres 1] . NN2 = [medeverdachte 2] geboren 8 juli 1987 Door het observatieteam werden video-opnames gemaakt van deze persoon. Ik herkende op deze opnames de vrouw als zijnde [medeverdachte 2] geboren 8 juli 1987. NN3 = [medeverdachte 5] geboren 23 december 1988 Verwijzing van observatieteam naar eerdere observatie d.d. 16 februari en de herkenning hierbij van [medeverdachte 5] bij de diefstal Gamma te [adres 1] . 4. Het proces-verbaal van bevindingen van de politie Eenheid Den Haag, nr. 670, d.d. 18 maart 2015, opgemaakt in de wettelijke vorm door een daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces‑verbaal houdt onder meer in als relaas van deze opsporingsambtenaar ten aanzien van de gebruikster van het telefoonnummer [telefoonnummer] , dat - zakelijk weergegeven - aangenomen kan worden dat de gebruikster [medeverdachte 2] , geboren [geboortedatum 1] , is (AH-366, ZD/Achttien twee/blz. 83-85). 5. De verklaring van de verdachte ter terechtzitting d.d. 30 november 2015: Ik ben chauffeur geweest voor de anderen, zij hadden geen rijbewijs. Subsidiair, zaaksdossier Negentien Twee, eerste en tweede gedachtestreepje: Bewezenverklaard is dat: - [medeverdachte 1] en een ander op 19 februari 2015 te Apeldoorn met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening hebben weggenomen parfums, toebehorende aan de Douglas, bij het plegen van welk misdrijf verdachte toen en daar opzettelijk behulpzaam is geweest door die [medeverdachte 1] en die ander te vervoeren naar de winkel en door op de uitkijk te staan; - [medeverdachte 1] en een ander op 19 februari 2015 te Almelo met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening hebben weggenomen polo's, toebehorende aan [betrokkene 3] , bij het plegen van welk misdrijf verdachte toen en daar opzettelijk behulpzaam is geweest door die [medeverdachte 1] en die ander te vervoeren naar de winkel en door op de uitkijk te staan; Bewijsmiddelen: 1. Het proces-verbaal van verhoor aangever van de politie Eenheid Den Haag, nr. 633, d.d. 10 maart 2015, opgemaakt in de wettelijke vorm door een daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces‑verbaal houdt onder meer in als de op 10 maart 2015 tegenover deze opsporingsambtenaar afgelegde verklaring van [aangever 4] (AH-343, ZD/Negentien Twee/blz. 120-121): Ik ben als assistent-filiaalmanager van Douglas Nederland BV te [plaats 1] gerechtigd tot het doen van aangifte. De weggenomen goederen behoren Douglas in eigendom toe en niemand heeft toestemming gegeven om deze goederen weg te nemen. Nadat ik door u gebeld ben en door u op de hoogte was gesteld dat er mogelijk in ons filiaal goederen waren weggenomen op donderdag 19 februari 2015, ben ik de opgenomen videobeelden terug gaan kijken. Op deze beelden zag ik dat een man en een vrouw op donderdag 19 februari 2015 omstreeks 12.41/46 uur de winkel binnen kwamen. Ik zag op enig moment ook op de beelden dat de man en de vrouw hand in hand liepen, dus kennelijk hoorden deze bij elkaar. De vrouw was zogenaamd heel geïnteresseerd in de producten en ze hebben een tijdje buiten bij onze bollen gestaan zodat de man alles goed kon observeren in de winkel. Ze zijn in de gaten gehouden maar zodra alle collega’s bezig waren bukt de man en stopt diverse geuren in de tas van de vrouw (deze blijft staan en kijkt rond). Zodra er een collega komt aanlopen praten ze met elkaar en lopen ze samen de winkel uit zonder dat het alarmpoortje afgaat. Op de beelden zag ik ook dat ze diverse geuren in een tas stopten waarna ze de winkel zonder te betalen hebben verlaten. Ik heb in de computervoorraad gekeken en ik zag daarbij dat ik in ieder geval de volgende goederen miste: -Alien 30 ml 4x; -Dolce 50ml 3x; -Hugo X 100ml 25x; -Si 100ml 1x. 2. Het proces-verbaal van aangifte van de politie Eenheid Oost-Nederland, nr. PL0600-2015086875-1, d.d. 19 februari 2015, opgemaakt in de wettelijke vorm door een daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces‑verbaal houdt onder meer in als de op 19 februari 2015 tegenover deze opsporingsambtenaar afgelegde verklaring van [aangever 5] (AH-297, ZD/Negentien Twee/blz. 91-92): Ik doe aangifte van diefstal. Op donderdag 19 februari 2015 was ik aan het werk in winkel [betrokkene 3] aan de [adres 9] . Hier ben ik werkzaam als assistent-winkelmanager. Omstreeks 15.30 uur kwamen voor mij twee onbekende personen de winkel binnen. Deze personen waren een man en een vrouw. De vrouw kan ik als volgt omschrijven: —ong. 30-40 jaar oud; —licht getinte huidskleur; —verzorgd uiterlijk; —lang zwartkleurig haar; —zwart jack; —lichtgekleurde spijkerbroek; —doorgestikte jas met bontkraag; —zwarte schoudertas. De man kan ik als volgt omschrijven: —ong. 30-40 jaar; —licht getinte huidskleur; —verzorgd uiterlijk; —lichte stoppelbaard; —zwarte haarkleur; —zwart jack; —spijkerbroek; —donkere schoenen. Op het moment dat deze onbekende personen binnenkwamen stond ik samen met nog een klant in de winkel. Ik stond samen met deze klant rechts voorin de winkel bij de broekenafdeling. De voor mij onbekende man en vrouw liepen door naar de McGregor stelling ter hoogte van de pashokjes. Toen ik met de klant naar de pashokjes liep om kleding te passen liepen de onbekende man en vrouw plotseling richting de in- en uitgang van de winkel. Hierop gingen ze links voorin de winkel staan in een uithoek van de winkel waar de nieuwe McGregor polo’s zich bevinden. Deze polo’s lagen er eerder nog want deze had ik pas nieuw binnengekregen en behoren tot de nieuwe collectie. De polo’s lagen in twee stapels naast elkaar opgestapeld. Een stapel in de kleur wit en de andere stapel met groene polo’s. Hierop kon ik de man en vrouw niet meer zien omdat ze achter het muurtje gingen staan. Omdat ik het niet vertrouwde dat ik de man en vrouw niet kon zien, ben ik in hun richting gelopen. Daar aangekomen schrokken de man en vrouw zichtbaar van mijn plotselinge verschijning. Dit merkte aan de houding van beide personen. Ook zag ik dat de vrouw rood werd in het gezicht. Daarop liepen beide personen direct de winkel uit. Ik zag meteen dat de polo’s van Gaastra ontbraken omdat deze duidelijk zichtbaar opgestapeld op het rek lagen. Op dat moment besefte ik dat de personen de polo’s meegenomen hadden. Dit wist ik zeker want ik had de polo’s niet verkocht. De polo’s die ontbraken kan ik als volgt omschrijven: —groene Gaastra polo’s maat XL en XXL prijs € 59,95 euro per stuk; —witte Gaastra polo’s maten M en L prijs € 69,95 euro per stuk. Vervolgens ben ik achter de man en vrouw aangelopen richting [adres 10] . Ondertussen heb ik 112 gebeld en de diefstal doorgegeven. De man en vrouw zag ik voor het laatst bij [locatie 1] Ik ben daarna weer teruggelopen naar de winkel omdat daar de klant waar ik in eerste instantie mee bezig was nog stond te wachten. Hier heb ik gewacht tot de politie kwam. 3. Het proces-verbaal van bevindingen van de politie Eenheid Den Haag, nr. 668, d.d. 18 maart 2015, opgemaakt in de wettelijke vorm door een daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces‑verbaal houdt onder meer in als relaas van deze opsporingsambtenaar, voor zover te dezen van belang (AH-367, ZD/Negentien Twee/blz. 136-137): Gegevens telecom: Uit telecomgegevens is vast komen te staan dat [medeverdachte 1] op 19 februari 2015 in gezelschap is geweest van zijn vrouw [medeverdachte 2] en [medeverdachte 5] . Foto’s Douglas [plaats 1] Ik, verbalisant, herken de manspersoon op de foto’s als de verdachte [medeverdachte 1] . Foto 1 Binnenkomst bij Douglas [plaats 1] van [medeverdachte 1] met NN-vrouw. Foto 2 [medeverdachte 1] en NN-vrouw in Douglas Apeldoorn. 4. Geschriften, te weten uitgewerkte tapgesprekken Gesprek op 19 februari 2015, 12.44 uur, sessieno. 739 (ZD/Negentien Twee/blz. 153): [medeverdachte 1] : Ik heb Douglas gedaan, ik heb 5-6 Hugo Boss van 100 ml weggenomen, 4-5-6 ik weet het niet. [medeverdachte 2] : Bravo! En wat ga je nu doen? Gesprek op 19 februari 2015, 15.22 uur, sessieno. 32 (ZD/Negentien Twee/blz. 164): [medeverdachte 2] (nwg) WGD [verdachte] (
  10. sh)[medeverdachte 2] : Ja [verdachte] . [verdachte] : [medeverdachte 2] , je moet in de auto blijven want zij gingen achter hun aan. Zij riepen op straat dat de politie moet komen, verdorie. [medeverdachte 2] : Zullen we weggaan van hier? [verdachte] : Ik weet niet want ik ben twee straten verder op. Wat moet ik doen? [medeverdachte 2] : Bel [medeverdachte 1] en vraag hem. [verdachte] : Ik heb hem gebeld maar hij was aan het rennen, hij zei alleen ja, ja. 5. Het proces-verbaal van bevindingen van de politie Eenheid Oost Nederland, nr. PL0600-2015086875-16, d.d. 19 februari 2015, opgemaakt in de wettelijke vorm door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren. Dit proces‑verbaal houdt onder meer in als relaas van deze opsporingsambtenaren, voor zover te dezen van belang (AH-294, ZD/Negentien Twee/blz. 51): De collega’s [verbalisant 1] en [verbalisant 2] hielden op 19 februari 2015 om 16:40 uur twee verdachten aan ter zake heling/diefstal in vereniging. Deze verdachten verplaatsten zich in een Renault Megane voorzien van het kenteken [kenteken 1] . Deze Renault Megane is door de collega’s na de aanhouding naar de binnenplaats van het politiebureau gebracht aan het Baken 1 te Almelo. Wij, verbalisanten [verbalisant 3] en [verbalisant 4] , kregen van de collega’s [verbalisant 1] en [verbalisant 2] het verzoek om de goederen, welke wij aantroffen in de auto en mogelijk van diefstal afkomstig waren, in beslag te nemen. Om 17:25 uur zagen wij, verbalisanten [verbalisant 3] en [verbalisant 4] , in de kofferbak een aantal polo’s. Op de achterbank van de personenauto troffen wij een zwarte tas aan en diverse parfums. Achter de bestuurdersstoel troffen wij ook een zwarte tas aan. Tussen deze zwarte tas en de bestuurdersstoel zagen wij ook nog diverse parfums liggen. Wij, verbalisanten [verbalisant 3] en [verbalisant 4] , namen onder meer de onderstaande goederen in beslag: drie witte polo’s van het merk “Gaastra” ter waarde van € 69,95 per stuk; zie foto 13 (ZD/Negentien Twee/65); twee groene polo’s van het merk “Gaastra”, prijs onbekend; zie foto 14 (ZD/Negentien Twee/66); doosjes parfum, onder meer van de merken “Hugo Boss XX”, “Armani”, “Dolce Gabanna” en “Thierry Mugler Alien”; zie foto 17 en foto 18 (ZD/Negentien Twee/ blz. 69 en 70). 6. Het relaas proces-verbaal zaaksdossier Negentien Twee van de politie Eenheid Den Haag, nr. 2014070658, d.d. 1 april 2015, opgemaakt in de wettelijke vorm door een daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces‑verbaal houdt onder meer in als relaas van deze opsporingsambtenaar, voor zover te dezen van belang (ZD/Negentien Twee/blz. 16): Aanhouding [medeverdachte 5] en [verdachte] Op 19 februari 2015 omstreeks 16.35 uur werd door personeel van de politie Almelo waargenomen dat de Renault Megane, voorzien van het Franse kenteken [kenteken 1] , over de [adres 11] reed. Naar aanleiding van de melding van winkeldiefstal werd een stopteken gegeven aan de bestuurder van de genoemde Renault waaraan werd voldaan. Door personeel van de politie Almelo werden diverse goederen in de genoemde Renault aangetroffen die vermoedelijk van diefstal afkomstig waren. De bestuurder en de inzittende werden op 19 februari 2015 te 16.40 uur als verdachte van diefstal dan wel heling aangehouden. De bestuurder bleek te zijn genaamd [verdachte] , [geboortedatum 2] te [geboorteplaats 1] . De inzittende bleek te zijn genaamd [medeverdachte 5] , [geboortedatum 3] te [geboorteplaats 1] . 7. De verklaring van de verdachte ter terechtzitting d.d. 30 november 2015: Ik ben chauffeur geweest voor de anderen, zij hadden geen rijbewijs. Ten aanzien van feit 2 Subsidiair, zaaksdossier Twee Drie Bewezenverklaard is dat: - [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] op 2 maart 2015 te [plaats 2] , [gemeente] , met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening hebben weggenomen jurken, toebehorende aan V&D, bij het plegen van welk misdrijf verdachte toen en daar opzettelijk behulpzaam is geweest door die [medeverdachte 1] en die [medeverdachte 2] te vervoeren naar de winkel en door op de uitkijk te staan. Bewijsmiddelen: 1 Het proces-verbaal van aangifte van de politie Eenheid Noord-Holland, nr. PL1100-2015054293-1, d.d. 2 maart 2015, opgemaakt in de wettelijke vorm door een daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces‑verbaal houdt onder meer in als de op 2 maart 2015 tegenover deze opsporingsambtenaar afgelegde verklaring van [aangever 6] (AH-346, ZD/Twee Drie/blz. 24): Op maandag 02 maart 2015 omstreeks 16:55 uur zag ik voor mij een onbekende man en een onbekende vrouw op het [adres 12] lopen. Ik zag dat de vrouw aan haar rechterschouder een grijze tas om had. Deze tas was leeg. Om 17:10 liep de vrouw naar buiten. Ik zag dat de tas ‘bol’ stond. Ik heb de vrouw aangesproken, aangehouden en overgedragen aan de politie. De man is door de politie aangehouden op de openbare weg. In de tas zaten kledingstukken van het merk Desigual. Het betreft totaal 10 jurken met totale waarde 1.075,00 euro. 2. Het proces-verbaal van verhoor getuige van de politie Eenheid Noord-Holland, nr. PL1100-2015054293-16, d.d. 3 maart 2015, opgemaakt in de wettelijke vorm door een daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces‑verbaal houdt onder meer in als de op 3 maart 2015 tegenover deze opsporingsambtenaar afgelegde verklaring van [aangever 6] , voor zover te dezen van belang (AH-346, ZD/Twee Drie/blz. 32-33): Op maandag 2 maart 2015, omstreeks 16.55 uur, liep ik in burger gekleed als beveiliger over het [adres 12] . Ik zag die dag, op dat tijdstip, een onbekende man en vrouw lopen. Ik zag dat die vrouw een grijze tas om haar rechterschouder had. Die tas leek leeg, ik bedoel daarmee dat ik zag dat die tas plat was. De tas stond namelijk niet bol. Ik zag ook dat de tas stijf was, ik zag namelijk dat de tas niet makkelijk meebewoog met de bewegingen van die vrouw. Omdat die tas er stijf uitzag vermoedde ik dat het een rooftas was. Ik bedoel daarmee dat de tas geprepareerd zou kunnen zijn zodat de detectiepoortjes bij de winkels niet afgaan, zelfs als er goederen met een anti-diefstallabel in die tas zitten. Ik heb deze twee personen gevolgd. Ik zag dat de man als eerste de V&D inliep. Ik zag dat de vrouw daarna de V&D inliep. Ik ben ik V&D ingelopen en zag ik dat de vrouw die ik eerder had gezien de winkel uitliep. Ik zag dat de tas die eerder plat was nu bol stond. Ik zag dat de man die ik eerder zag binnen bij de uitgang bleef hangen en toen naar buiten liep. Ik heb toen tegen de wijkagent gezegd dat bij die man moest hebben. Ik ben vervolgens naar die vrouw toegelopen. Ik heb haar aangesproken en aangehouden voor winkeldiefstal. Vervolgens heb ik in het bijzijn van de politie in haar tas gekeken. Ik zag dat er in de tas 10 jurkjes zaten van het merk Desigual. Ik weet dat deze jurkjes bij de V&D verkocht worden. Ik weet dat dit een duurder merk is. Ik zag dat aan alle jurkjes nog een anti-diefstalbeveiliging en een V&D prijskaartje zat. Ik zag toen ook dat de tas van die vrouw geprepareerd was. Ik zag dat er een soort van extra tasje van aluminiumfolie, omwikkeld met bruinkleurig plakband, in die tas zat. Ik zag toen ook dat de politie de man had aangehouden. 3. Het proces-verbaal van bevindingen van de politie Eenheid Noord-Holland, nr. PL1100-2015054293-8, d.d. 2 maart 2015, opgemaakt in de wettelijke vorm door een daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces‑verbaal houdt onder meer in als relaas van deze opsporingsambtenaar, voor zover te dezen van belang (AH-346, ZD/Twee Drie/blz. 20): De beveiliger van V&D verklaarde een man en een vrouw te verdenken van winkeldiefstal met een geprepareerde tas. Het zou een grijze tas betreffen. Vervolgens zie ik een man en vrouw de winkel uitlopen. Ik hoorde de beveiliger zeggen: “dat zijn ze”. Ik zie dat de vrouw een grijze tas bij zich draagt. Ik zie dat de vrouw rechtsaf wegloopt in de richting van de [locatie 7] . Ik zie dat de beveiliger achter de vrouw aanloopt. Ik zie dat de man bij de vrouw wegloopt en weer terug de winkel in wil lopen. Ik ben vervolgens naar de man toegelopen en heb hem staande gehouden. Vervolgens zag ik dat de beveiliger aan kwam lopen en ik hoorde dat hij zei dat de tas vol zat en dat de tas geprepareerd was. Hierop heb ik de man aangehouden. Ik zag dat van de grijze tas de voering los zat. Ik zag dat onder de voering een geprepareerde ’tas’ zat. Deze is gefabriceerd van zilverpapier en plakband. 4. Het proces-verbaal van verhoor verdachte van de politie Eenheid Noord-Holland, nr. PL1100-2015054293-10, d.d. 2 maart 2015, opgemaakt in de wettelijke vorm door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren. Dit proces‑verbaal houdt onder meer in als de op 2 maart 2015 tegenover deze opsporingsambtenaren afgelegde verklaring van [medeverdachte 2] , voor zover te dezen van belang (AH-346, ZD/Twee Drie/blz. 40): Ik heb vandaag in [plaats 2] bij V&D gestolen. 5. Een geschrift, te weten een uitgewerkt tapgesprek Gesprek op 3 maart 2015, 13.37 uur, sessieno. 1347 (ZD/Twee Drie/blz. 72): [medeverdachte 2] (
  11. sh)BUN [medeverdachte 3] (
  12. sh)[medeverdachte 3] had van [verdachte] gehoord dat ‘jullie’ eruit zijn. [medeverdachte 2] zegt dat ‘we’ een paar minuten geleden zijn vrijgelaten. [medeverdachte 2] vertelt dat de winkel foto’s van hen had gemaakt. Het betrof een V&D in [plaats 2] , maar [medeverdachte 2] was op straat aangehouden. Ze had stappen achter zich gehoord, van de sukkel die achter haar kwam aanrennen, en zich toen gerealiseerd dat ze gepakt werd. Op de achtergrond zegt [medeverdachte 1] (
  13. sh)dat hij het aan zag komen. 6. Het proces-verbaal van aanhouding van de politie Eenheid Noord-Holland, nr. PL1100-2015054293-5, d.d. 2 maart 2015, opgemaakt in de wettelijke vorm door een daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces‑verbaal houdt onder meer in als relaas van deze opsporingsambtenaar, voor zover te dezen van belang (AH-346, ZD/Twee Drie/blz. 47): Op maandag 2 maart 2015 om 17.10 uur hield ik op het [locatie 8] als verdachte aan: [medeverdachte 1] , geboren op [geboortedatum 4] . 7. Tapgesprek Gesprek op 2 maart 2015, 17.10 uur, sessieno. 389 (ZD/Twee Drie/blz. 70): [verdachte] (
  14. sh)BUN [medeverdachte 1] ( [medeverdachte 1] ,
  15. ng)(
  16. sh)[medeverdachte 1] : (op gedempte toon): Ja, [verdachte] : Jullie moeten niet naar de auto komen, [medeverdachte 1] . [medeverdachte 1] : Moeten we niet naar de auto komen? [verdachte] : Heb je het gehoord? De smeris is naar me toegekomen. 8. De verklaring van de verdachte ter terechtzitting d.d. 30 november 2015: Ik ben chauffeur geweest voor de anderen, zij hadden geen rijbewijs. Subsidiair, zaaksdossier Eenendertig Drie, eerste gedachtestreepje Bewezenverklaard is dat: - [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] op 31 maart 2015 te Helmond met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening hebben weggenomen verpakkingen met scheermesjes, toebehorende aan de Albert Heijn, bij het plegen van welk misdrijf verdachte toen en daar opzettelijk behulpzaam is geweest door die [medeverdachte 1] en die [medeverdachte 2] te vervoeren naar de winkel. Bewijsmiddelen: 1. Het proces-verbaal van verhoor aangever van de politie Eenheid Den Haag, nr. 748, d.d. 1 april 2015, opgemaakt in de wettelijke vorm door een daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces‑verbaal houdt onder meer in als de op 1 april 2015 tegenover deze opsporingsambtenaar afgelegde verklaring van [aangever 7] (AH-420, blz. 97-98): U vertelt mij dat op 31 maart 2015 mogelijk twee personen de winkel hebben bezocht die enkele goederen, mogelijk verzorgingsproducten, hebben weggenomen. Bij controle van de betreffende rekken in de winkel blijkt inderdaad dat het rek met de scheermesjes helemaal leeg te zijn. Bij controle in het computersysteem van onze winkel waarin alle producten worden geregistreerd kan ik zien dat op 31 maart 2015 inderdaad goederen ontbreken. Deze producten zijn volgens het systeem niet afgerekend bij de kassa. Het gaat dan om drie pakken scheermesjes van het merk Gillette venus embrace à € 19,99 per stuk. Onze winkel is beveiligd met een camerasysteem waarop daders van onder andere winkeldiefstal achteraf mogelijk zijn te identificeren. U geeft mij het navolgende signalement van de verdachten: - een man van ongeveer 20 jaar met kort donker haar, gekleed in een zwart, gewatteerd jack en een spijkerbroek, - een vrouw van ongeveer 20 jaar, met lang haar, mogelijk gedragen in een staart of knot. Zij heeft onder andere een beige jas aan tot op de knie. Na het bekijken van de beelden van 31 maart 2015, tussen 16:50 uur en 17:10 uur, blijken daarop inderdaad personen te staan die voldoen aan het door u genoemde signalement. De door Albert Heijn geleden schade bedraagt € 59,97. 2. Het proces-verbaal van bevindingen van de politie Eenheid Den Haag, nr. 793, d.d. 13 april 2015, opgemaakt in de wettelijke vorm door een daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces‑verbaal houdt onder meer in als relaas van deze opsporingsambtenaar, voor zover te dezen van belang (AH-433, blz. 121-122): Uitkijken beelden Albert Heijn Helmond Ik, verbalisant, heb de beelden van 31 maart 2015 bekeken die verstrekt zijn door de Albert Heijn. Het tijdstip op de camerabeelden loopt 8 minuten voor op de werkelijke tijd. De genoemde tijdstippen in het proces-verbaal zijn de tijdstippen van de camerabeelden. Dit betreffen de beelden van 31 maart 2015 van 17:01 uur tot en met 17:14 uur. Ik, verbalisant, herken op de beelden, de mij ambtshalve bekende: - [medeverdachte 1] , geboren [geboortedatum 4] te [geboorteplaats 1] (Roemenië), - [medeverdachte 2] , geboren op [geboortedatum 1] te [geboorteplaats 1] (Roemenië). Camerabeelden middenpad Te 17:02:45, [medeverdachte 1] gaat bij de Albert Heijn naar binnen. Te 17:04:25, [medeverdachte 2] gaat bij de Albert Heijn naar binnen met zwarte tas. Camerabeelden drogmetica Te 17:03:13, [medeverdachte 1] loopt het gangpad in van de drogmetica. Kijkt naar de schappen waar onder andere de Gillette scheermesjes hangen en loopt vervolgens door naar een ander gangpad en loopt weer terug naar het gangpad van de drogmetica. Te 17:05:09, [medeverdachte 1] heeft een mandje van de Albert Heijn bij zich en staat nu voor de schap waar de scheermesjes hangen. Hij kijkt schichtig om zich heen. Het lijkt erop of hij iets los aan het draaien is. Vervolgens stopt hij een aantal goederen in zijn mandje. Vervolgens loopt hij weg. Camerabeelden kassa Te 17:10:09, [medeverdachte 2] verlaat de Albert Heijn. Te 17:10:11, [medeverdachte 1] zet een mandje met goederen neer aan de voorzijde van een kassa. Te 17:10:27, [medeverdachte 1] loopt zonder mandje de kassa voorbij in de richting van de uitgang en verlaat de Albert Heijn. 3. Het proces-verbaal van observeren dinsdag 31 maart 2015 van de politie Eenheid Den Haag, nr. 004.S-2015, d.d. 28 april 2015, opgemaakt in de wettelijke vorm door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren. Dit proces‑verbaal houdt onder meer in als relaas van deze opsporingsambtenaren, voor zover te dezen van belang (AH-492, blz. 117-118): 16.24 uur [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] verlaten de Blokker en lopen naar de Fiat. [medeverdachte 2] stapt achterin de Fiat en [medeverdachte 1] gaat op de passagiersplaats zitten. [medeverdachte 2] , [medeverdachte 1] en [verdachte] vertrekken in de Fiat. [verdachte] is de bestuurder. (H167) 16.55 uur [verdachte] parkeert de Fiat op de [adres 13] . [verdachte] blijft in de Fiat zitten. [medeverdachte 1] gaat de Albert Heijn gevestigd aan de [adres 14] binnen. [medeverdachte 2] blijft voor de ingang van de Albert Heijn staan. [medeverdachte 2] draagt de zwarte schoudertas over haar schouder. [medeverdachte 1] loopt naar het pad waar lichaamsverzorgings-producten als scheermesjes en shampoo te koop worden aangeboden. [medeverdachte 1] legt producten in een Albert Heijn mandje. [medeverdachte 2] gaat de Albert Heijn binnen en loopt naar [medeverdachte 1] die inmiddels in een ander pad in de Albert Heijn staat. [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] rommelen bij het Albert Heijn mandje en de zwarte schoudertas van [medeverdachte 2] waarbij er producten in de zwarte schoudertas gaan. [medeverdachte 1] plaatst het Albert Heijn mandje met daarin nog enkele producten voor de kassa en loopt naar de uitgang. Het is niet gezien waar [medeverdachte 2] is gebleven. (H136, H167) 17.04 uur [medeverdachte 1] verlaat de Albert Heijn en loopt naar de Fiat. (H167, H136) 17.05 uur De Fiat vertrekt. [verdachte] is de bestuurder van de Fiat. [medeverdachte 2] zit achterin de Fiat. Het is niet gezien waar zij vandaan is gekomen. [medeverdachte 1] zit als passagier voorin. (H166, H167, H136) 4. Een geschrift, te weten een uitgewerkt tapgesprek Gesprek op 31 maart 2015, 16.56 uur, sessieno. 1254 (blz. 32): [medeverdachte 2] (
  17. sh)BUN [medeverdachte 1] (
  18. sh)[medeverdachte 2] : Is er iets daar? [medeverdachte 1] : Hmm. Een paar van die ntv en drie van die ntv. Hup… [medeverdachte 2] : Hup, pak ze maar. 5. Het proces-verbaal goederen Fiat Panda van de politie Eenheid Den Haag, nr. 775, d.d. 9 april 2015, opgemaakt in de wettelijke vorm door een daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces‑verbaal houdt onder meer in als relaas van deze opsporingsambtenaar, voor zover te dezen van belang (AH-419, blz. 56-58): Op 31 maart 2015 zijn de verdachten [verdachte] , [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] aangehouden. De verdachten maakten op dat moment gebruik van een personenauto van het merk Fiat Panda. Na de aanhouding is het voertuig doorzocht. In de auto werden twee tassen aangetroffen, waaronder een schoudertas. Ik, verbalisant, heb de inhoud van de schoudertas doorzocht en heb daarin de volgende goederen aangetroffen: COSMETICA en DIVERSE 3 Gillette Venus. 6. De verklaring van de verdachte ter terechtzitting d.d. 30 november 2015: Ik ben chauffeur geweest voor de anderen, zij hadden geen rijbewijs. Subsidiair, zaaksdossier Eenendertig Drie, tweede gedachtestreepje Bewezenverklaard is dat: - [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] op 31 maart 2015 te [plaats 3] met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening hebben weggenomen 4 parfums, toebehorende aan de ICI Paris XL, bij het plegen van welk misdrijf verdachte toen en daar opzettelijk behulpzaam is geweest door die [medeverdachte 1] en die [medeverdachte 2] te vervoeren naar de winkel. Bewijsmiddelen: 1. Het proces-verbaal van aangifte van de politie Eenheid Oost-Brabant, nr. PL2100-2015070862-1, d.d. 1 april 2015, opgemaakt in de wettelijke vorm door een daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces‑verbaal houdt onder meer in als de op 1 april 2015 tegenover deze opsporingsambtenaar afgelegde verklaring van [aangever 8] (AH-417, blz. 107-108): Op 31 maart 2015 omstreeks 17.30 uur was ik werkzaam bij de ICI Paris XL te [plaats 3] . Ik hoorde dat mijn collega ineens begon te schreeuwen: ‘Hé, dat zijn winkeldieven!’ Dit was gericht naar een man en een vrouw. Vervolgens zag ik dat de man en vrouw begonnen te rennen. Ik zag dat de vrouw een zwarte damestas bij zich had. Ik zag dat zij richting de uitgang renden. Ik zag dat de vrouw de tas naar links gooide voordat zij de winkel uit was. Ik zag dat beide personen rechts richting de [locatie 2] in [plaats 3] renden. Vervolgens pakte mijn collega de tas op. In de tas zaten flessen parfum. De parfumflessen kan ik als volgt omschrijven: twee ‘One Million’ 100 milliliter flessen en twee Dsquared 100 milliliter flessen. Dit heeft in totaal een verkoopwaarde van € 180,00. Ik zag dat op deze parfumflessen sale stickers van ICI Paris XL zaten. Vervolgens zag ik dat de tas geprepareerd was, dit zag ik aan de folie die aan de binnenkant van de tas zat. 2. Het proces-verbaal van bevindingen camerabeelden ICI Paris [plaats 3] van de politie Eenheid Den Haag, nr. 788, d.d. 12 april 2015, opgemaakt in de wettelijke vorm door een daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces‑verbaal houdt onder meer in als relaas van deze opsporingsambtenaar, voor zover te dezen van belang (AH-434, blz. 133): Uitkijken beelden 31 maart 2015 van 17.24 uur tot en met 17.30 uur Ik, verbalisant, herken op de beelden de mij ambtshalve bekende: - [medeverdachte 1] , geboren op 10 augustus 1987; - [medeverdachte 2] , geboren op 8 juli 1987. 17:24:03 uur [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] lopen langs de ingang van de ICI Paris, kijken naar binnen en lopen vervolgens de winkel in. [medeverdachte 2] heeft een zwarte tas bij zich. Vervolgens lopen [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] verder de winkel in en ruiken ze aan een aantal luchtjes. 17:25:31 [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] staan in het midden van de winkel bij een tafel waar verschillende luchtjes staan uitgestald. [medeverdachte 1] pakt een doos parfum en stopt deze in de tas van [medeverdachte 2] . Hij kijkt hierbij schichtig om zich heen. 17:25:41 uur [medeverdachte 1] pakt nog een doos parfum en stopt deze in de zwarte tas van [medeverdachte 2] . Ook nu kijkt hij schichtig om zich heen. 17:25:53 uur Een vrouw die vermoedelijk ziet dat er parfums in de tas gestopt worden loopt langs [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] . Deze vrouw loopt door en loopt daarna terug naar [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] en wijst met haar vinger naar [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] . 17:26:07 uur [medeverdachte 2] loopt met versnelde pas in de richting van de uitgang van de winkel. [medeverdachte 1] loopt achter haar aan met een geurmonster in zijn handen. 17:26:13 [medeverdachte 2] gooit de zwarte tas weg in de winkel en rent vervolgens de winkel uit. 17:26:15 uur [medeverdachte 1] loopt ook de winkel uit. 17:26:32 uur Het personeel pakt de zwarte tas op. 3. Het proces-verbaal van observeren dinsdag 31 maart 2015 van de politie Eenheid Den Haag, nr. 004.S-2015, d.d. 28 april 2015, opgemaakt in de wettelijke vorm door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren. Dit proces‑verbaal houdt onder meer in als relaas van deze opsporingsambtenaren, voor zover te dezen van belang (AH-492, blz. 118): 17.18 uur [verdachte] parkeert de Fiat op de [locatie 3] te [plaats 3] . (H169, H113) 17.26 uur [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] gaan parfumerie ICI Paris, gevestigd aan de [adres 15] te [plaats 3] , binnen. [medeverdachte 2] draagt de zwarte schoudertas over haar schouder. (H169) 17.28 uur [medeverdachte 2] rent de ICI Paris uit. Een medewerkster van ICI Paris rent achter haar aan. [medeverdachte 2] heeft de zwarte schoudertas niet bij zich. [medeverdachte 1] loopt achter de medewerkster van ICI Paris aan. [medeverdachte 1] schermt [medeverdachte 2] af van de medewerkster. [medeverdachte 2] rent richting de Fiat. De medewerkster gaat ICI Paris weer binnen. [medeverdachte 1] loopt enkele passen rustig en rent dan ook naar de Fiat. [verdachte] , [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] vertrekken in de Fiat. [verdachte] is de bestuurder, [medeverdachte 2] zit achterin en [medeverdachte 1] zit op de passagiersplaats. (H169, H113, H155) 4. De verklaring van de verdachte ter terechtzitting d.d. 30 november 2015: Ik ben chauffeur geweest voor de anderen, zij hadden geen rijbewijs. Subsidiair, zaaksdossier Eenendertig Drie, derde gedachtestreepje Bewezenverklaard is dat: - [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] op 31 maart 2015 in Nederland met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening hebben weggenomen mascara en haaraccessoires, toebehorende aan de Big Bazar, bij het plegen van welk misdrijf verdachte toen en daar opzettelijk behulpzaam is geweest door die [medeverdachte 1] en die [medeverdachte 2] te vervoeren naar de winkel. Bewijsmiddelen: 1. Het proces-verbaal goederen Fiat Panda van de politie Eenheid Den Haag, nr. 775, d.d. 9 april 2015, opgemaakt in de wettelijke vorm door een daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces‑verbaal houdt onder meer in als relaas van deze opsporingsambtenaar, voor zover te dezen van belang (AH-419, blz. 56-58): Op 31 maart 2015 zijn de verdachten [verdachte] , [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] aangehouden. De verdachten maakten op dat moment gebruik van een personenauto van het merk Fiat Panda. Na de aanhouding is het voertuig doorzocht. In de auto werden twee tassen aangetroffen, waaronder een schoudertas. In de schoudertas heb ik de volgende goederen aangetroffen: COSMETICA en DIVERSE 5 Loreal Mascara 4 Serpaco oorbel/schuifspelden setjes 1. Big Bazar Haarband. 2. Het proces-verbaal van bevindingen screenshots Big Bazar te [plaats 9] van de politie Eenheid Den Haag, nr. 809, d.d. 15 april 2015, opgemaakt in de wettelijke vorm door een daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces‑verbaal houdt onder meer in als relaas van deze opsporingsambtenaar, voor zover te dezen van belang (AH-478, blz. 143-144): Camerabeelden Op 15 april 2015 heb ik, verbalisant, de screenshots bekeken die verstrekt zijn door het hoofdkantoor te Amsterdam, Afdeling Fraude, van de Big Bazar te [plaats 9] . Uit onderzoek bleek dat de Big Bazar enkel camera’s bij de in- en uitgang heeft hangen. De tijdstippen op de camera lopen 1 uur achter op de werkelijke tijd. Ik, verbalisant, herken op de beelden, de mij ambtshalve bekende: [medeverdachte 1] , geboren [geboortedatum 4] te [geboorteplaats 1] (Roemenie). [medeverdachte 2] , geboren op [geboortedatum 1] te [geboorteplaats 1] (Roemenie). Bij het uitkijken van de screenshots is te zien dat: om 11.33 uur, [medeverdachte 1] de winkel inloopt, om 11.34 uur, [medeverdachte 1] de winkel weer uitloopt, om 11.31 uur, [medeverdachte 2] de winkel inloopt, om 11.35 uur, [medeverdachte 2] de winkel weer uitloopt. Weggenomen goederen Big Bazar Ik, verbalisant, heb contact gehad met het personeel van de Big Bazar. Nadat zij verschillende goederen hadden bekeken die in de Fiat Panda lagen vertelden zij mij dat de volgende goederen eigendom van de Big Bazar zijn: - haarspelden - haarband (merk Big Bazar) - mascara Na onderzoek is tevens gebleken dat deze goederen niet bij de kassa zijn afgerekend. 3. Een geschrift, te weten een uitgewerkt tapgesprek Gesprek op 31 maart 2015, 12.28 uur, sessieno. 1240 (blz. 19): [medeverdachte 2] (
  19. sh)BUN [medeverdachte 1] ( [medeverdachte 1] /
  20. sh)[medeverdachte 2] : Hebben we iets (ntv)....in dat bazaar? [medeverdachte 1] : Ik weet het niet, je hoeft niet binnen te komen, ik ben hier binnen.., zij hebben Gillette maar er zijn camera’s. [medeverdachte 2] : Het is hier vol met camera’s. Kom, wij gaan. 4. Het proces-verbaal van verhoor verdachte van de politie Eenheid Den Haag, nr. 2014070658, d.d. 2 april 2015, opgemaakt in de wettelijke vorm door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren. Dit proces‑verbaal houdt onder meer in als de op 2 april 2015 tegenover deze opsporingsambtenaren afgelegde verklaring van [medeverdachte 2] , voor zover te dezen van belang (AH-407, blz. 91): V: Wanneer heb je dan gestolen? A: Dat was 31 maart 2015. Ik wil drie of vier diefstallen van die dag bekennen. V: Wat voor goederen steel je dan? A: De goederen die jullie in de Fiat hebben aangetroffen. V: Wat voor soort winkels waren het dan? A: Ik ging naar parfumerieën en kledingwinkels maar ook andere winkels. V: Wat voor goederen heb je dan gestolen? A: Mascara en parfums. 5 De verklaring van de verdachte ter terechtzitting d.d. 30 november 2015: Ik ben chauffeur geweest voor de anderen, zij hadden geen rijbewijs. Zaaksdossier Eenendertig Drie, vierde gedachtestreepje Bewezenverklaard is dat: - [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] op 31 maart 2015 te [plaats 4] met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening hebben weggenomen gereedschappen, toebehorende aan de Gamma, bij het plegen van welk misdrijf verdachte toen en daar opzettelijk behulpzaam is geweest door die [medeverdachte 1] en die [medeverdachte 2] te vervoeren naar de winkel. Bewijsmiddelen: 1. Het proces-verbaal van observeren dinsdag 31 maart 2015 van de politie Eenheid Den Haag, nr. 004.S-2015, d.d. 28 april 2015, opgemaakt in de wettelijke vorm door daartoe bevoegde opsporingsambtenaren. Dit proces‑verbaal houdt onder meer in als relaas van deze opsporingsambtenaren, voor zover te dezen van belang (AH-492, blz. 117): 15.51 uur [verdachte] parkeert de Fiat op de parkeerplaats voor de Gamma gevestigd aan de [adres 16] te [plaats 4] . [verdachte] blijft in de Fiat zitten. [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] gaan de Gamma binnen en lopen het tweede pad rechts in. Dit betreft een pad waar allerlei badkameraccessoires te koop worden aangeboden. [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] zijn continu bij elkaar in de buurt en [medeverdachte 1] rommelt zo nu en dan wat bij de zwarte schoudertas die [medeverdachte 2] bij zich heeft. (H169, H173, H156, H167) 15.57 uur [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] verlaten de Gamma en hebben niets afgerekend bij de kassa. [medeverdachte 2] stapt achterin de Fiat en [medeverdachte 1] gaat op de passagiersplaats zitten. [medeverdachte 2] , [medeverdachte 1] en [verdachte] vertrekken in de Fiat. [verdachte] is de bestuurder. (H155) 2. Het proces-verbaal van bevindingen Gamma te [plaats 4] van de politie Eenheid Den Haag, nr. 2014070658, d.d. 24 april 2015, opgemaakt in de wettelijke vorm door een daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces‑verbaal houdt onder meer in als relaas van deze opsporingsambtenaar, voor zover te dezen van belang (AH-477, blz. 156-163): Camerabeelden Gamma Ik, verbalisant, ontving een aantal screenshots van de manager van de Gamma te [plaats 4] . Hierop is het volgende te zien: 15:55 uur, [medeverdachte 1] loopt de Gamma in. 15:56 uur, [medeverdachte 2] loopt de Gamma in. 15:58 uur, [medeverdachte 2] loopt de Gamma uit. 15:58 uur, [medeverdachte 1] loopt de Gamma uit. Bijlagen: - Screenshots Gamma, p. 158-161. - Foto goederen, p. 163. 3. Het proces-verbaal goederen Fiat Panda van de politie Eenheid Den Haag, nr. 775, d.d. 9 april 2015, opgemaakt in de wettelijke vorm door een daartoe bevoegde opsporingsambtenaar. Dit proces‑verbaal houdt onder meer in als relaas van deze opsporingsambtenaar, voor zover te dezen van belang (AH-419, blz. 56-58): Op 31 maart 2015 zijn de verdachten [verdachte] , [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] aangehouden. De verdachten maakten op dat moment gebruik van een personenauto van het merk Fiat Panda. Na de aanhouding is het voertuig doorzocht. In de auto werden twee tassen aangetroffen, waaronder een schoudertas. In de schoudertas heb ik de volgende goederen aangetroffen: GEREEDSCHAP 2 Gamma dopsleutelsets. 4 De verklaring van de verdachte ter terechtzitting d.d. 30 november 2015: Ik ben chauffeur geweest voor de anderen, zij hadden geen rijbewijs. Ten aanzien van feit 3 Bewezen is verklaard dat verdachte: - in de periode van 9 februari 2015 t/m 31 maart 2015 in Nederland heeft deelgenomen aan een organisatie, bestaande uit een samenwerkingsverband van natuurlijke personen, te weten o.a. verdachte en [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] en andere personen, welke organisatie tot oogmerk had het plegen van misdrijven, te weten het plegen van diefstallen en het witwassen van gestolen goederen. Bewijsmiddelen: 1 de hiervoor ten aanzien van de feiten 1 en 2 aangehaalde bewijsmiddelen 2 geschriften, te weten uitgewerkte tapgesprekken (waar nodig zakelijk weergegeven) Zaaksdossier 140 [medeverdachte 1] Tapgesprekken 001 Onderwerp ”werk”. Gesprek op 19 februari 2015, 16.01 uur, sessieno. 780, voor zover van belang (blz. 15): [medeverdachte 1] ( [medeverdachte 1] /nwg) BUN [medeverdachte 2] (
  21. sh)[medeverdachte 1] zegt dat [medeverdachte 5] de rugzak en de koffer moet meenemen en met de trein teruggaan zodat zij verder doorgaan met het “werk”. […] [medeverdachte 2] : Ik denk dat alleen de Chinees is, die vrouw niet, want met haar heb ik goed “gewerkt”. [medeverdachte 1] zegt dat [medeverdachte 5] niet meer wil werken. Gesprek op 21 februari 2015, 10.09 uur, sessieno. 888, voor zover van belang (blz. 17): [medeverdachte 2] (
  22. sh)BUN Moeder (nwg) [medeverdachte 2] : Ik ga met [verdachte] een tas en een rugzak kopen omdat politie had ons aangehouden en we hebben niets meer, wij willen weer gaan werken. Tapgesprekken 002 Onderwerp ”werkwijze”. Gesprek op 12 februari 2015, 14.08 uur, sessieno. 219, voor zover van belang (blz. 25): [medeverdachte 1] ( [medeverdachte 1] ) (
  23. sh)wgd NNvrouw5538 (de rechtbank begrijpt: [medeverdachte 2] ; zie ZD/Achttien Twee/83-85) [medeverdachte 1] : Ja, schat. [medeverdachte 2] : Let op, er is een politieauto naast de parkeerplaats. [medeverdachte 1] : Naast de parkeerplaats? Nou, er was er een binnengekomen om medicijnen te halen, een stel agenten. [medeverdachte 2] : Agenten? [medeverdachte 1] : ... ntv... trek rits... [medeverdachte 2] : Wat? [medeverdachte 1] : Ik zei tegen [medeverdachte 5] dat ze aan de rits moest trekken. [medeverdachte 2] : Ah, heeft ze genomen? [medeverdachte 1] : We hebben zo’n acht daarvandaan genomen. [medeverdachte 2] : Ah, ik maar drie. [medeverdachte 1] : Drie maar? Ik ben een boss! [medeverdachte 2] Hup, bel naar [verdachte] , ntv, zodat die kan kijken. [medeverdachte 1] : Maar die zijn in ntv... [medeverdachte 2] : Ah, je weet het zeker, he? [medeverdachte 1] : ntv... het aan hem geven.... Om te nemen, hoe heet het.., om wat pillen te nemen.... [medeverdachte 2] : Ah, want ik zag dat [verdachte] me belde om te vertellen dat er een daar was, in een andere auto naast/vlakbij die van ons. [medeverdachte 1] : Wat? [medeverdachte 2] In een andere auto, naast die van ons! [medeverdachte 1] : Maakt niet uit. want als het nodig is, gaat hij daar weg en... waar ben jij nu ongeveer? [medeverdachte 2] : Ik/je zal [verdachte] bellen om te zien... Ik ben richting de uitgang... de uitgang aan de andere kant. [medeverdachte 1] De uitgang? [medeverdachte 2] Ja. Welke kant... ntv...? [medeverdachte 1] : Diezelfde. [medeverdachte 2] : Bravo! Daar staat geen enkele camera op gericht. [medeverdachte 1] : Daarom ook ... ik wilde naar.. ntv... [medeverdachte 2] : Hup, ik bel [verdachte] . [medeverdachte 1] : Oke. Gesprek op 13 februari 2014, 13:48 uur, sessieno. 275 (blz. 27): [medeverdachte 1] WGD [medeverdachte 5] (
  24. sh)[medeverdachte 5] : Heb je mij gebeld? [medeverdachte 1] : Ja, [verdachte] belt me, wat is het? [medeverdachte 5] : Er waren hier controleurs van de parkeerplaats, eentje was mogelijk verkeerd en hij belde om te zeggen dat ik niet naar de auto kon gaan.. Ik ben hier, ik vertrek nu en daarna ga ik daar om deze weg te brengen. [medeverdachte 1] : Goed. [medeverdachte 5] : Moet ik terug komen? [medeverdachte 1] : Ja, kom snel. Tapgesprekken 003 Onderwerp ”voertuiggebruik”. Gesprek op 4 maart 2015, 18.15 uur, sessieno. 1402, voor zover van belang (blz. 31): [medeverdachte 1] ( [medeverdachte 1] /
  25. sh)WGD Ion (
  26. sh)[medeverdachte 1] zegt dat het niet goed gaat, hij heeft geen geld en omdat iedere keer deze auto met Frans kenteken wordt gecontroleerd is hij van plan een auto te huren. Gesprek op 4 maart 2015, 18.18 uur, sessieno. 1403, voor zover van belang (blz. 35): [medeverdachte 1] ( [medeverdachte 1] /
  27. sh)WGD [medeverdachte 1] (
  28. sh)(Sessie 1402 wordt voortgezet) [medeverdachte 1] zegt dat hij geen auto kan kopen, hij kan alleen een auto huren. [medeverdachte 1] adviseert hem om iemand in Duitsland te vinden die op zijn naam een auto voor [medeverdachte 1] koopt. [medeverdachte 1] zegt dat de auto’s met Duits kenteken ook worden gecontroleerd en dat komt ook omdat hier de laatste tijd heel veel Roemenen gekomen zijn, het is helemaal vol met Roemenen. Gesprek op 12 maart 2015, 14.12 uur, sessieno. 2010, voor zover van belang (blz. 49): [medeverdachte 1] ( [medeverdachte 1] /
  29. sh)WGD [betrokkene 8] (
  30. ng)[medeverdachte 1] zegt dat hij heeft een andere auto gehuurd, een Fiat Panda die heel zuinig is. Zij praten over de oude auto van [medeverdachte 1] , de Dacia die heel veel gebruikte. Tapgesprekken 004 Onderwerp ”Overleg andere Roemenen” Gesprek op 14 februari 2015, 00.18 uur, sessieno. 331, voor zover van belang (blz. 74): [betrokkene 9] zegt dat hij morgen om 9 uur naar Maastricht wil vertrekken want als hij om 9 uur vertrekt is hij pas om 12 uur daar. [medeverdachte 1] zegt dat hij vandaag daar (Maastricht) is geweest. En? vraagt [betrokkene 9] . [medeverdachte 1] : Zo en zo.. zwak... want deze zone is een beetje verpest vanwege de “Duitsers”, die van Köln en ergens anders komen natuurlijk langs. [medeverdachte 1] : Wat heb je gedaan bij Nijmegen? [betrokkene 9] : Ik ben zelfs nog niet gearriveerd in Nijmegen, ik ben in Arnhem geweest... [betrokkene 13] is daar aangehouden op straat... [medeverdachte 1] : Wie? [betrokkene 9] : [betrokkene 13] is aangehouden op straat met de tas leeg en 3-4 uur later is hij weer in vrijheid gesteld [medeverdachte 1] : In burger of ...? Andreius: In burger. [medeverdachte 1] : Ik heb je toch gezegd dat zij zijn in burger. [betrokkene 9] : Ja, ik weet het. Ik was op hem aan het wachten. Ik belde hem zeker 10 keer op maar hij nam de telefoon niet op. Ik zag daarna de politie daar. Wij hadden goederen van Guess genomen. Ik had de goederen verstopt in de bosjes want er was iemand daar in een auto en daarom wilde ik wachten tot hij wegging. Een jongen kwam langs en wilde de tas pakken maar hij mocht niet van de vriendin die bij hem was, maar die man in de auto is op een gegeven moment uitgestapt, hij heeft de tas gepakt en hij is weggereden. Dit gebeurde zo voor mijn ogen. [medeverdachte 1] : Had je iets in de tas? Wat had je in de tas? Andreius: Ik had 4 spijkerbroeken van Guess, 2 parfums. [medeverdachte 1] : 2 goede parfums? [betrokkene 9] : Ja, goede, een van 150 (ntv) en een J’adore van 50. [medeverdachte 1] : Ben je daarna naar huis gegaan? [betrokkene 9] : Nee, want ik wilde naar Nijmegen gaan maar het was alleen een sprinter en ik dacht dat niet goed is om in te stappen met de tas met goederen want wij hebben in de trein ook andere keer problemen met politie gehad. Daarom zijn we richting Zwolle, ik was van plan om in Deventer uit te stappen maar zij hebben me uit de trein gezet in een klein dorpje. [medeverdachte 1] : Naar Zwolle, daar moet je .... naar Zwolle.. maar verdomme ook daar zij hebben ”die” daar aangehouden omdat zij op straat waren aan het praten. Gesprek op 14 februari 2015, 15.11 uur, sessieno. 341 (blz. 75): [medeverdachte 1] ( [medeverdachte 1] /
  31. ng)(
  32. sh)BUN NNman7119. [medeverdachte 1] bevestigt desgevraagd dat dit zijn nummer is. NN zegt dat hij in een moeilijke situatie zit omdat zijn maat is gearresteerd. NN vraagt of de zaken bij [medeverdachte 1] een beetje lopen en wat [medeverdachte 1] van het idee vindt als NN ’daarheen’ komt, aangezien hij nog ’schoon’ is in Nederland. Tapgesprekken 005 Onderwerp ”Straf in Nederland”. Gesprek op 14 februari 2015, 15.11 uur, sessieno. 342, voor zover van belang (blz. 111): [medeverdachte 1] ( [medeverdachte 1] /
  33. sh)BUN NNman [vervolg van sessie 341] NN: Ik zei dat ik schoon ben in Nederland, broer. [medeverdachte 1] : Aha. NN: Zij zeiden dat je een deel ter plekke geeft/verkoopt en een deel verstuur je, he? [medeverdachte 1] : Nou, als je make-up neemt en parfums, die verkoop je hier en gros. NN: Jij hebt een mannetje, he? [medeverdachte 1] : Ja. NN: Ik snap het, ik snap het. En de vodden stuur/doe je in ntv, he? [medeverdachte 1] : Ja. NN: Ik snap het, broer. En wat is/gebeurt er daarmee, bij de eerste, bij de tweede, en zo? Want jij weet het beter dan ik. [medeverdachte 1] : Dat hangt er van af. Je krijgt een proces, weet je. Je krijgt een proces en dan kun je een boete krijgen, je kunt een week krijgen, het is niet zo dat weet ik veel wat krijgt. NN: Er is geen sprake van de kooi, ik snap het. [medeverdachte 1] : Dat is er niet, hooguit een week... je kunt een boete krijgen. NN: Aha.... ik snap het, joh. Ik snap wat je wilt zeggen. Gesprek op 20 februari 2015, 11.50 uur, sessieno. 34 (blz. 113): [medeverdachte 1] (
  34. sh)wgd [betrokkene 20] (ng).[in de loop van het gesprek] [medeverdachte 1] vraagt wie hij aan de lijn heeft. [betrokkene 20] zegt dat ze de vriendin van [verdachte] is. [medeverdachte 1] : Ah...je bent de vriendin van [verdachte] , [betrokkene 20] . [betrokkene 20] vraagt hoe het met [verdachte] gaat. [medeverdachte 1] zegt dat [verdachte] gisteren is opgepakt, samen met [medeverdachte 5] . [betrokkene 20] vraagt wanneer ze worden vrijgelaten. [medeverdachte 1] zegt, vandaag of morgen. [betrokkene 20] zegt dat zij allemaal ongerust waren omdat hij zijn telefoon niet meer opnam. [medeverdachte 1] zegt dat hij en [medeverdachte 5] zijn opgepakt, ze worden vandaag of morgen vrijgelaten, want [medeverdachte 3] werd ook na 6 uur vrijgelaten. [medeverdachte 1] zegt dat ze hen 24 of 48 uur vast zullen houden, en daarna laten ze hen vrij. [betrokkene 20] zegt dat zij ook met [betrokkene 17] heeft gesproken, want zij heeft ook naar hen gebeld en niemand nam op, zij werd ook ongerust. [medeverdachte 1] zegt dat hij een paar gemiste oproepen zag, maar hij wist niet van wie die waren. [betrokkene 20] zegt dat zij gebeld heeft. [medeverdachte 1] vraagt of dit haar nummer is. [betrokkene 20] zegt, ja. [medeverdachte 1] gaat het nummer opslaan. [medeverdachte 1] zegt dat ze het goed maken, ze wachten op hun vrijlating. [medeverdachte 1] verwacht dat ze vandaag, hooguit morgen vrij zijn. [medeverdachte 1] zegt dat [betrokkene 20] zich geen zorgen hoeft te maken, ze worden hoe dan ook vrijgelaten. [medeverdachte 1] zegt dat [medeverdachte 5] ook een keer is opgepakt voor 3-4 uur. [medeverdachte 1] zegt dat het gewoonlijk is om 1-2-3 dagen vast te zitten, zij zaten 2 à 3 nachten vast. [medeverdachte 1] zegt dat ’hij’ haar zal bellen en anders belt [medeverdachte 1] haar wel. Gesprek op 2 maart 2015, 21.14 uur, sessieno. 407, voor zover van belang (blz. 114): [verdachte] (
  35. sh)wgd moeder [noemt haar moeder] [verdachte] zegt dat hij thuis is, alleen. [verdachte] zegt dat [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] 1 à 2 nachten op ‘vakantie’ zijn. [verdachte] zegt dat ze zijn opgepakt, maar ze worden morgen vrijgelaten. Moeder begrijpt het nu. Moeder vraagt of [verdachte] met [betrokkene 20] heeft gesproken. [verdachte] zegt dat hij net met haar op facebook aan het chatten is. Moeder vertelt wat ze vandaag gedaan heeft. Moeder vraagt vervolgens of ze nog ’daar’ [in NL] blijven. [verdachte] : Ik weet het niet want [medeverdachte 1] heeft meerdere rechtszaken, het zou kunnen dat ze hem niet vrijlaten[..] hij is al 10-15 keer opgepakt, we gaan het morgen zien, [medeverdachte 2] wordt waarschijnlijk vrijgelaten want zij is slechts 2 à 3 keer opgepakt, ze kreeg een boete (….) ze krijgt nu waarschijnlijk een boete of een taakstraf (..). [verdachte] zegt dat een boete in gevangenis wordt omgezet als je die niet betaalt, het is 50 euro per dag omgerekend. [verdachte] zegt dat de Nederlanders aardig zijn, als je wordt opgepakt krijg je geen boeien om, maar word je naar het politiebureau gebracht en krijg je koffie en sigaretten. Moeder zegt dat ze [medeverdachte 3] heeft gesproken en ze heeft die pakketten niet opgehaald. [verdachte] weet het. Moeder zegt dat [medeverdachte 3] zal bellen als ze die heeft opgehaald. Tapgesprekken 006 Onderwerp ”bestelling” Gesprek op 14 februari 2015, 16.57 uur, sessieno. 379, voor zover van belang (blz. 117): [medeverdachte 1] ( [medeverdachte 1] ) (
  36. sh)BUN NNvrouw5538 [medeverdachte 1] : Heb je slipjes/onderbroeken genomen? NN: Nee. [medeverdachte 1] : He? NN: Nee. [medeverdachte 1] : En wat heb je dan wel genomen? NN: he verdomme, ik heb genomen van Armani en van Dido. Bij Armani verdomme ntv en daarom ntv... [medeverdachte 1] : ik heb ook zo’n tas genomen van Moskila (fon.) NN: Bravo. Goed zo, schat, bel naar Vanesa, want die kerel wil alleen maar Desigual, hij wil alles/weer Desigual. Hoor je? [medeverdachte 1] : Wie? NN: Die kerel, je weet wel, met die Dana. En praat met hem: of we voor hem 200 van die duze (fon.) van Desigual doen, hoor je? Want die zijn makkelijk te doen. Gesprek op 24 februari 2015, 18.40 uur, sessieno. 71, voor zover van belang (blz. 120): [medeverdachte 1] ( [medeverdachte 1] /
  37. sh)WGD NNman
(7158)NN zegt dat hij is de man van de Desigual, hij heeft het telefoonnummer van [betrokkene 17] gekregen. NN vraagt [medeverdachte 1] of hij de Desigual kan halen of niet. [medeverdachte 1] zegt dat hij alleen een klein deel heeft gestuurd maar hij heeft hier problemen gehad. NN vraagt [medeverdachte 1] hoeveel stuks zijn en of hij ze mag hebben. [medeverdachte 1] zegt dat hij op de lijst moet kijken om te zien hoeveel stuks er zijn, [medeverdachte 1] belt NN terug om te vertellen, NN moet nu goederen kopen dus hij vraagt [medeverdachte 1] wanneer [medeverdachte 1] hem zal bellen. Over half uur of een uur, zegt [medeverdachte 1] . NN: Waar zijn ze nu, zijn ze al in Roemenië? [medeverdachte 1] : Nee, zij zijn nog niet gearriveerd. NN: OK, dan [medeverdachte 1] : Ik heb sowieso niet veel daarom zeg ik… NN: Heb je leren jassen? [medeverdachte 1] : Nee, leren jassen heb ik niet NN: OK, je moet voor mij leren jassen van Zara of Mango op de kop tikken zoals de andere en verder heb ik Desigual nodig [medeverdachte 1] : OK, ik ga op de lijst kijken en ik ga je ook vertellen wanneer komen ze aan en hoeveel stuks zijn. NN: Dus, blouses en jurken in “combinatie” dus 40 of 50 of 100 maar zij moeten wel half-half zijn. Tapgesprekken 007 Onderwerp ”afzet Roemenië”. Gesprek op 19 februari 2015, 14.38 uur, sessieno. 752 (blz. 125): [medeverdachte 1] ( [medeverdachte 1] /sh) BUN [betrokkene 16] (vader) Vader is bij de garage. Zij praten over [betrokkene 17] die de kleding verkocht heeft voor halve prijs. Zij heeft niet goed gerekend en zij moet nu zelf betalen. Zij praten over de man die “iets” wil zien, hij zal bij [betrokkene 17] gaan om daar te kijken. Vader zegt dat beter is als hij naar [betrokkene 17] gaat om de spullen te halen en aan de man te laten zien. Als hij niet wil, zegt [medeverdachte 1] , dan ga ik weer aan de Zigeuner geven. Vader vraagt of de zigeuner betaald heeft. Ja, zegt [medeverdachte 1] . [medeverdachte 3] heeft hem spullen voor 5000 verkocht en hij heeft al 4000 tot nu toe betaald. Als met deze man niet lukt, zegt [medeverdachte 1] , dan is de enige mogelijkheid, natuurlijk, de Zigeuner. Zij praten nog over de monster van bewakingscamera’s; iedereen wil zulke camera’s hebben, iedereen is geïnteresseerd om eentje te monteren, zegt Vader. Zij praten nog over [medeverdachte 2] , die wil naar huis (Roemenië) gaan maar [medeverdachte 1] heeft voorgesteld om zijn schoonmoeder met hun zoontje hier te laten komen voor een week want als [medeverdachte 1] naar Roemenië gaat zal hij veel verliezen. Zij praten nog over het weer thuis (Roemenië) en hier in Nederland. [medeverdachte 1] zegt dat hij 2 pakketten naar vader heeft gestuurd die zaterdag in Roemenië aankomen. Zij praten over Nikie (fon) die parfums van [medeverdachte 1] wil kopen maar hij vindt de prijzen te hoog. [medeverdachte 1] zegt dat hij ook dopsleutelsetjes en een krik voor de auto heeft gestuurd. [medeverdachte 1] zegt dat zulk gereedschap heel snel verkocht kan worden in Roem

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.