vonnis RECHTBANK DEN HAAG Team handel zaaknummer / rolnummer: C/09/513952 / HA ZA 16-787 Vonnis van 22 maart 2017 in de zaak van 1 [eiser sub 1] , wonende te [woonplaats] , 2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [eiseres sub 2] B.V., gevestigd te [vestigingsplaats] , eisers, advocaat mr. L.H. Poortman-de Boer te Groningen, tegen de publiekrechtelijke rechtspersoon DE STAAT DER NEDERLANDEN (Ministerie van Veiligheid en Justitie), gevestigd te Den Haag, gedaagde, advocaat mr. A.Th.M. ten Broeke te Den Haag. Partijen zullen hierna [eiser sub 1] , [eiseres sub 2] en de Staat genoemd worden. Met [eiser sub 1 c.s.] worden eisers hierna gezamenlijk aangeduid. 1De procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: de dagvaarding van 20 juni 2016, met producties; de conclusie van antwoord, met producties; het tussenvonnis van 2 november 2016, waarbij de rechtbank een comparitie van partijen heeft gelast; de brief van de rechtbank aan partijen van 12 januari 2017, met bijlage; de brief van mr Poortman-de Boer van 30 januari 2017, met één productie; het B16 formulier van mr. Poortman-de Boer van 31 januari 2017, met bijlagen; het proces-verbaal van comparitie van 7 februari 2017; de brief van mr. Ten Broeke van 17 februari 2017; het faxbericht van mr. Poortman-de Boer van 2 maart 2017. 1.2. Ten slotte is een datum voor het wijzen van vonnis bepaald. 1.3. De rechtbank leest het proces-verbaal met inachtneming van de door mr. Ten Broeke in zijn brief van 17 februari 2017 en door mr Poortman-de Boer in haar faxbericht van 2 maart 2017 over dat proces-verbaal gemaakte opmerkingen, voor zover daarvan hierna niet wordt afgeweken. 2De feiten 2.1. [eiser sub 1] is enig aandeelhouder en enig bestuurder van [eiseres sub 2] en indirect aandeelhouder van [X B.V.] [eiseres sub 2] houdt zich bezig met wegenbouw- en stratenmakerswerkzaamheden met name in de regio Enschede. [eiseres sub 2] heeft ongeveer 80 werknemers. 2.2. In een onderzoek naar faillissementsfraude in het faillissement van het sloop- en grondverzetbedrijf [BV1] hebben getuigen verklaringen afgelegd die het OM aanleiding gaven tot een vermoeden van omkoping van de gemeentelijk ambtenaar [A] (hierna: [A] ) door onder anderen [eiser sub 1] . 2.3. [A] was toentertijd projectleider Uitvoering bij de gemeente Enschede en verbonden aan het projectbureau Roombeek, dat uitvoering heeft gegeven aan de wederopbouw van de wijk Roombeek na de vuurwerkramp bij het bedrijf S.E. Fireworks. 2.4. Op 24 februari 2011 is de Rijksrecherche een strafrechtelijk onderzoek gestart naar [A] . Op 29 november 2011 is [A] aangehouden en in verzekering gesteld op verdenking van ambtelijke corruptie en valsheid in geschrift. Bij deze aanhouding is veel pers aanwezig geweest omdat deze - zo is achteraf gebleken - door een brigadier van de politie was getipt. 2.5. Op 17 januari 2012 is [eiser sub 1] aangehouden en in verzekering gesteld op verdenking van het omkopen van een ambtenaar, valsheid in geschrift en het voorhanden hebben en overdragen van vuurwapens. 2.6. Het strafrechtelijk onderzoek tegen [A] en [eiser sub 1] heeft bij het Openbaar Ministerie (hierna: OM) de dossiernaam “ [… 1] ” gekregen. 2.7. Op 20 januari 2012 heeft de rechter-commissaris het bevel tot bewaring van [eiser sub 1] gegeven. 2.8. Bij brief van 25 juli 2012 heeft de toenmalige advocaat van [eiser sub 1] , mr. [advocaat 1] (hierna: mr. [advocaat 1] ), gereageerd op de concept-tenlastelegging en bestreden dat zijn cliënt [A] had omgekocht en valsheid in geschrift had gepleegd. 2.9. Op 21 september 2012 heeft de rechtbank Almelo de strafzaak tegen [eiser sub 1] ter zitting behandeld. De officier van justitie, mr. [officier van justitie] (hierna: mr. [officier van justitie] ) heeft hierbij een schriftelijk requisitoir overgelegd. 2.10. De tenlastelegging met betrekking tot [eiser sub 1] vermeldt onder meer dat primair laatstgenoemde en subsidiair [eiseres sub 2] en/of [X B.V.] hebben bevorderd dat voor de gemeente Enschede werkzaamheden zijn uitgevoerd tot een bedrag van € 25.000, waarbij in het subsidiaire geval [eiser sub 1] tot het plegen van de feiten opdracht heeft gegeven of daaraan leiding heeft gegeven. [eiser sub 1] is geen valsheid in geschrift ten laste gelegd. 2.11. Mr. [advocaat 1] heeft in zijn pleitnotitie in de strafzaak onder meer het volgende opgenomen: “Op een vraag van de Rijksrecherche hoe het bedrijf [eiseres sub 2] haar opdrachten kreeg van het projectbureau Roombeek verklaart [B] [chef van [A] , rechtbank] dat, als het ging om aanbestedingen, zowel openbaar als onderhands, hij zelf opdracht gaf en als het ging om regiewerk met een maximaal bedrag van € 5.000,00, [A] opdracht mocht geven. De werkzaamheden door [eiseres sub 2] zijn tot tevredenheid uitgevoerd. Het gaat hier om een bedrag van meer dan € 13.000.000,00. (…) Uit het proces-verbaal blijkt dat de bedrijven van [eiser sub 1] in de jaren 2006 tot en met 2010 voor een bedrag van meer dan € 13.000.000,00 werkzaamheden hebben uitgevoerd in opdracht van de gemeente Enschede. Het is dan ook een volstrekt raadsel hoe de Officier van Justitie als oogmerk voor de beweerdelijke omkoping ten laste kan leggen dat [eiser sub 1] er op uit zijn geweest werkzaamheden voor een waarde van € 25.000,00 te verwerven van de Gemeente Enschede” 2.12. Op 21 september 2012 heeft het OM een persbericht over de zitting uitgebracht. Dat bericht gaat hoofdzakelijk over de strafzaak van [A] . Over [eiser sub 1] bevat het persbericht de volgende uitlatingen: “De ambtenaar, werkzaam bij de gemeente Enschede, zou giften hebben aangenomen van een van de andere verdachten die vandaag terecht stond voor omkoping en wapenbezit. (…) In de zaak tegen de verdachte die onder andere de reizen zou hebben gemaakt met de ambtenaar is vanochtend 18 maanden cel geëist wegens omkoping van een ambtenaar in functie.” 2.13. Op 21 september 2012 heeft RTV Oost een nieuwsuitzending over de strafzaak van [A] gemaakt. Het transcript daarvan als volgt luidt: “Celstraf geëist tegen geschorste ambtenaar Enschede (21-09-2012) RTV OOST Nieuws Twente: Eis: 20 maanden cel hoge ambtenaar Enschede De geschorste ambtenaar werkte ruim 30 jaar voor de Gemeente Enschede. De laatste jaren als manager bij het projectbureau Roombeek. Waar hij in het begin van zijn relatie met aannemer en later buurman [… 2] nog afziet van een aangeboden vakantie, wordt de band naarmate de tijd vordert hechter en vervagen de grenzen. Vier keer reizen ze samen naar China en twee keer naar de VS en Canada om Formule 1 te kijken. En ondertussen haalde de buurman ruim 13 miljoen euro aan opdrachten binnen. [persofficier] , persofficier van het openbaar ministerie van Justitie: “Hij was mede verantwoordelijk voor de aanbesteding van werkzaamheden in de wijk Roombeek en die meneer waar die naast woonde en waar die mee op reis ging, die leverde diensten en die leverde ook materialen in die wijk Roombeek. We vinden dat die niet alleen niet-integer was, maar dat ie ook zich in de, ruim in de gevarenzone heeft bevonden dat ‘ie zijn werk vermengt met zijn privéleven. De advocaat van de verdachte vindt dat het openbaar ministerie helemaal geen zaak heeft tegen zijn cliënt. [advocaat 2] , advocaat verdachte: ‘Ik was zeer boos leek het denk ik he?’ Ja, waarom was u dan zo boos? ‘Nou ik was zo boos omdat ik vind dat het onderzoek onvoldoende heeft opgeleverd om echt een zaak te kunnen draaien en ik was boos omdat je toch op zo’n zitting ook merkt dat mensen altijd aan de eerste verklaring worden gehouden.’ Heeft uw cliënt dan helemaal niks fout gedaan? ‘Eh nou wat ik heb betoogd daar sta ik achter. In ambtelijke corruptie heeft hij in mijn visie niks fout gedaan, hij had wapens in huis, dat had absoluut niet gemogen.’ Het OM verwijt de man ook dat de Gemeente Enschede misschien wel miljoenen is misgelopen. [persofficier] , persofficier van het openbaar ministerie van Justitie: “Wellicht had het goedkoper gekund als hij dat ook bij anderen had aanbesteed of bij anderen had gevraagd of de prijs nog wat lager kon. Maar nee, hij gunde het aan zijn buurman.” 2.14. Op haar website heeft RTV Oost op 21 september 2012 het volgende nieuwsbericht geplaatst over de strafzaken tegen [A] en [eiser sub 1] : “Een geschorste ambtenaar van het projectbureau Roombeek van de gemeente Enschede heeft zich jarenlang laten fêteren door een aannemer. Die aannemer haalde daarmee ruim 13 miljoen euro aan opdrachten binnen. Dat zei officier van justitie [officier van justitie] vrijdagmiddag voor de rechtbank in Almelo voordat ze een onvoorwaardelijke straf van 20 maanden eiste tegen de man uit Enschede. De ambtenaar, die in 2011 werd geschorst, zou zich met vakantiereizen hebben laten omkopen door de aannemer, die tegelijkertijd zijn buurman is, aldus justitie. De ambtenaar zou meerdere keren met zijn buurman vakantiereizen gemaakt hebben naar China, maar ook naar Formule 1 in de Verenigde Staten en Canada. Een deel van de kosten zouden zijn betaald door de aannemer. Volgens de officier van justitie is er ook sprake van een schijnverkoop van een tractor. Het voertuig zou voor een dubbele waarde zijn doorverkocht door de ambtenaar aan zijn buurman. Belastingbetaler benadeeld De aannemer, die vrijdagmorgen anderhalf jaar cel hoorde eisen, zou door het omkopen van de ambtenaar veel bestratingsprojecten hebben gekregen bij de opbouw van de door de vuurwerkramp getroffen Enschedese wijk. Door het omkopen van een gemeentelijke medewerker is de belastingbetaler benadeeld volgens de officier van justitie. Daarnaast zijn andere ondernemers benadeeld, omdat die nu geen opdrachten kregen zegt het Openbaar Ministerie. De ambtenaar zou ook facturen vervalst hebben voor containers die op zijn manege werden gebruikt. Een aantal van deze zouden door de gemeente zijn vergoed. Ambtenaar en aannemer goed bevriend Volgens de ambtenaar was hij goed bevriend met de aannemer. Hij zegt dat er geen sprake is van omkoping of het beïnvloeden van collega’s om zo de bevriende aannemer aan opdrachten te helpen. De ambtenaar geeft toe dat hij meerdere keren op reis ging met zijn buurman, maar zegt dat hij er altijd vanuit is gegaan dat hij zijn aandeel betaalde. Dat hij nooit op het Projectbureau Roombeek vertelde dat hij op deze reizen samen was met een grote aannemer in de wederopbouw, komt omdat hij bang was dan zijn baan te verliezen.” 2.15. In de krant Tubantia is de week na de zitting van 21 september 2012 een bericht over de strafzaken van [A] en [eiser sub 1] verschenen, dat onder meer als volgt luidt: “Corruptiezaak Persofficier [persofficier] : ‘Hij gunde het aan zijn buurman’ OM wekt woede van aannemer Volgens advocaat [advocaat 1] is ten onrechte de indruk gewekt dat aannemersbedrijf [eiseres sub 2] voor miljoenen aan opdrachten in de Enschedese wijk Roombeek kreeg toegespeeld door ambtenaar [A] . en dat daardoor gemeenschapsgeld is verkwist. (…) Advocaat [advocaat 1] heeft het Openbaar Ministerie gekapitteld vanwege onjuiste uitlatingen over de corruptiezaak rond de Enschedese ambtenaar [A] . en directeur [eiser sub 1] . van aannemersbedrijf [eiseres sub 2] . [advocaat 1] richt zijn pijlen vooral op de uitspraken die persofficier [persofficier] deed bij RTV Oost. In een reactie op de suggestie dat [eiseres sub 2] voor 13 miljoen euro heeft geprofiteerd door zijn buurman [A] . met snoepreisjes, vakanties, beelden en een trekker in de watten te leggen zegt [persofficier] dat het ‘wellicht goedkoper gekund als hij ( [A] .) het aan anderen had aanbesteed of als hij anderen had gevraagd’. [persofficier] : “Maar nee, hij gunde het aan zijn buurman”. Volgens [advocaat 1] is dit een volkomen verkeerde uitleg van de zaak. Het Openbaar Ministerie erkent dat in grote lijn. Een woordvoerster zegt in een reactie dat de betwiste uitlatingen van [persofficier] niet gebaseerd zijn op het requisitoir tijdens de zitting. “Het is meer wat [persofficier] dacht dan wat in het requisitoir staat”, aldus de woordvoerster. (…) Directeur [eiser sub 1] . is evenzeer verontwaardigd over de directe link die wordt gelegd tussen de vermeende omkoping en de omzet die hij in de betreffende jaren met name in de wijk Roombeek draaide. Het gaat om een omzet van 13 miljoen euro over een periode van zes jaar. (…) Advocaat [advocaat 1] en directeur [eiser sub 1] . vinden het verder schandalig dat ook zaaksofficier [zaaksofficier] de suggestie heeft gewekt dat [eiseres sub 2] voor miljoenen heeft geprofiteerd zonder dat te onderbouwen.” 2.16. Bij vonnis van 5 oktober 2002 heeft de rechtbank Almelo [eiser sub 1] vrijgesproken van omkoping en hem veroordeeld ter zake van het overdragen en voorhanden hebben van drie vuurwapens. [A] is vrijgesproken van ambtelijke corruptie en valsheid in geschrift. 2.17. Bij e-mailbericht van 31 mei 2013 heeft ir. [Q] van de gemeente Enschede aan [eiser sub 1] onder meer het volgende geschreven: “Tijdens ons gesprek is vanuit de gemeente aangegeven dat wij lopende de rechtzaak ons inderdaad terughoudend, maar altijd binnen de kaders van de wet hebben opgesteld. Wij hebben uw bedrijf lopende de rechtzaak niet uitgenodigd voor enkelvoudige aanbestedingen. Tevens hebben wij in 2012 in elk geval in 1 situatie uw bedrijf niet uitgenodigd en andere bedrijven bewust wel voor een meervoudige onderhandse aanbesteding. Hierover hebben we zowel op 7 mei als ook tijdens de gesprekken bij jou op kantoor gesproken. Jij hebt met jouw bedrijf in die tijd mee gedaan aan openbare aanbestedingen. Deze mogelijkheid is er altijd geweest. En in 2012 heb jij wel degelijk voor ons gewerkt, door openbare aanbestedingen te winnen. Wij begrijpen heel goed dat bij openbare aanbestedingen altijd scherp wordt ingeschreven om werk binnen te halen.” 2.18. In hoger beroep heeft het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden bij - inmiddels onherroepelijk - arrest van 25 november 2014 [eiser sub 1] vrijgesproken van omkoping en hem veroordeeld ter zake van het overdragen en voorhanden hebben van drie vuurwapens. Omdat het hof een andere straf oplegde dan de rechtbank, is het vonnis van de rechtbank Almelo van 5 oktober 2012 vernietigd. Het hof heeft onder meer het volgende overwogen: “Om tot een bewezenverklaring te kunnen komen van de tenlastegelegde actieve omkoping als bedoeld in de artikelen 177 en 177a van het Wetboek van Strafrecht dient wettig en overtuigend bewezen te kunnen worden dat verdachte (dan wel het bedrijf waaraan verdachte feitelijk leiding gaf) het oogmerk had de ambtenaar [A] te bewegen in zijn bediening (al dan niet in strijd met zijn plicht) iets te doen of na te laten. Dat oogmerk kan gericht zijn op een concrete tegenprestatie, maar ook op het doen ontstaan van een speciale relatie die zal leiden tot een voorkeursbehandeling. Naar het oordeel van het hof kan dat oogmerk niet worden bewezen. Verdachte heeft als aannemer (bouw)opdrachten verricht voor de gemeente Enschede voor het project Roombeek waarvan [A] projectleider was. Volgens de beschuldiging van het openbaar ministerie zou verdachte ter begunstiging van zijn zakelijke positie verschillende giften hebben gedaan aan [A] in de vorm van reizen, natuurstenen beelden en een (te hoog) bedrag voor een door verdachte van [A] gekochte trekker. Voor zover echter reeds bewezen zou kunnen worden dat verdachte [A] werkelijk heeft bevoordeeld, biedt het dossier onvoldoende aanknopingspunten voor het oordeel dat er door verdachte giften zijn gedaan met het oogmerk zijn zakelijke positie te versterken bij de aanbesteding van bouwprojecten. Daarbij acht het hof van belang dat het dossier en de behandeling ter terechtzitting daarvoor verschillende contra-indicaties opleveren. Allereerst neemt het hof in aanmerking dat verdachte en [A] ook privé veelvuldig contact hadden. Ze waren buren en hadden gemeenschappelijke interesses, hetgeen de gezamenlijke reizen kan verklaren. Ten aanzien van de reizen is onvoldoende duidelijk geworden dat verdachte daarbij financieel substantieel meer heeft ingelegd dan [A] . [A] heeft ook zelf facturen van de reizen betaald, terwijl niet valt uit te sluiten dat [A] daarnaast kosten heeft verrekend door de kosten van drank, eten, benzine en dergelijke contant voor zijn rekening te nemen. Ten aanzien van de natuurstenen beelden acht het hof het aannemelijk dat deze een gift van Chinese steenleveranciers zijn geweest. Het verschil tussen de aanschafwaarde van de trekker en de door verdachte hiervoor betaalde geldsom is niet van dien aard dat daaruit op zichzelf reeds de conclusie kan worden getrokken dat sprake is van een gift ter begunstiging van verdachtes zakelijke positie. Bij dit alles komt dat [A] binnen de gemeente maar zeer beperkt zelfstandig zeggenschap had over de aanbesteding van projecten. Zijn bevoegdheid strekte zich niet verder uit dan tot onderhandse projecten van € 5000,- en dan volgens [A] ook nog slechts voor regiewerk, dat wil zeggen werk dat gedaan moet worden binnen een bestaand project dat reeds bij een aannemer in uitvoering is. Ten slotte acht het hof van belang dat het onderzoek van de gemeente naar de aanbestedingspraktijk geen enkele onregelmatigheid heeft opgeleverd en dat verdachte weer opdrachten voor de gemeente verricht. Al deze omstandigheden staan op zichzelf niet aan een bewezenverklaring in de weg, maar leveren naar het oordeel van het hof wel een belangrijke contra-indicatie op voor het oordeel dat sprake is van giften die zijn gedaan met het oogmerk om [A] te bewegen tot bevoordeling van verdachte in de aanbesteding van bouwprojecten. Om tot een bewezenverklaring te kunnen komen van de tenlastegelegde actieve omkoping is meer bewijs nodig dan op grond van de hier vaststaande feiten en omstandigheden kan worden aangenomen, gegeven de bestaande zakelijke betrekking tussen [A] en verdachte. Dit geldt eens temeer nu de omvang en context van de veronderstelde giften niet helder is geworden en - voor zover deze giften zijn gedaan - gelet op de aard en omvang daarvan ruimte is voor een alternatieve verklaring. Hierbij merkt het hof op dat het openbaar ministerie in het requisitoir terecht stelt dat voor een bewezenverklaring van actieve omkoping in de zin van artikel 177 en 177a Sr niet nodig is dat de giften ook daadwerkelijk tot voordeel bij de omkoper hebben geleid. Voor het bewijs van actieve omkoping volstaat de vaststelling dat de omkoper de giften heeft gedaan met het oogmerk daarmee voordeel te bewerkstelligen. Het hof begrijpt de overweging van de rechtbank dat geen sprake is van een causale relatie dan ook in die zin en komt langs die weg tot hetzelfde (feitelijke) oordeel als de rechtbank, namelijk dat niet buiten redelijk twijfel is komen vast te staan dat - zo er sprake was van giften - deze zijn gedaan met het oogmerk van begunstiging.” 3Het geschil 3.1. [eiser sub 1 c.s.] vorderen, samengevat, dat de rechtbank bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad: primair: I voor recht verklaart dat de Staat door het strafrechtelijk optreden tegen [eiser sub 1] inzake het dossier ‘ [… 1] ’ onrechtmatig heeft gehandeld jegens [eiser sub 1] en/of [eiseres sub 2] , nu [eiser sub 1] onschuldig is gebleken; II voor recht verklaart dat de Staat door zijn (media)uitlatingen (zoals omschreven in de dagvaarding) onrechtmatig heeft gehandeld jegens [eiser sub 1] en/of [eiseres sub 2] ; III de Staat veroordeelt om binnen 14 dagen na het vonnis aan [eiseres sub 2] te betalen € 1.648.083, vermeerderd met wettelijke rente; IV de Staat veroordeelt om binnen 14 dagen na het vonnis aan [eiser sub 1] en [eiseres sub 2] (ieder) ten titel van smartengeld te betalen € 50.000, vermeerderd met wettelijke rente; subsidiair: V voor recht verklaart dat de Staat in het kader van het evenredigheidsbeginsel verplicht is binnen 14 dagen na het vonnis de onevenredig geleden bedrijfsschade van [eiseres sub 2] te vergoeden groot € 1.648.083, vermeerderd met wettelijke rente; een en ander met veroordeling van de Staat in de kosten van de procedure. 3.2. Hieraan leggen [eiser sub 1 c.s.] , samengevat, de volgende stellingen ten grondslag. Onrechtmatig handelen door strafvorderlijk optreden van de Staat 3.2.1. De door de Staat ingezette vervolging van [eiser sub 1] is onrechtmatig, omdat [eiser sub 1] zowel in eerste aanleg als in hoger beroep is vrijgesproken van omkoping en deze vrijspraak uitgebreid is gemotiveerd. Daarnaast is van belang dat dat mr. [advocaat 1] bij de in r.o. 2.8 bedoelde brief alle beschuldigingen heeft weerlegd, op welke brief het OM nooit heeft gereageerd. Daar komt nog bij dat ook uit de tot het strafdossier behorende verklaring d.d. 24 november 2011 van ambtenaar [B] blijkt dat [A] niet zonder toestemming van zijn leidinggevende opdrachten kon gunnen. Voorts heeft de gemeente Enschede na de vrijspraak [eiseres sub 2] weer volledig toegelaten tot aanbestedingen. [eiser sub 1] is derhalve zowel in juridische zin als in feitelijke zin onschuldig aan omkoping. Zijn onschuld aan omkoping heeft zelfs van meet af aan vastgestaan. Onrechtmatige (media) uitingen van het OM 3.2.2. Mr. [officier van justitie] heeft tijdens de zitting van de strafzaken van [eiser sub 1] en [A] gezegd dat het bedrijf van [eiser sub 1] bevoordeeld zou zijn voor € 13 miljoen waarmee hij zijn beschuldiging dat [eiser sub 1] zich aan omkoping schuldig heeft gemaakt kracht heeft bijgezet. De persofficier mr. [persofficier] heeft deze beschuldiging in de pers herhaald. Ook in de strafzaak van [A] heeft het OM die beschuldiging via de pers aan [eiser sub 1] geuit. Het gaat niet aan om [eiser sub 1] en daarmee zijn bedrijf, die beiden nog de status van verdachte hadden en voor wie de onschuldpresumptie (artikel 6 lid 2 EVRM) geldt, via de media te criminaliseren en daarmee te stigmatiseren. Daarmee heeft de Staat onrechtmatig jegens [eiser sub 1 c.s.] gehandeld. Het gegeven dat de media hoe dan ook met informatie over strafzaken aan de haal gaan, brengt mee dat het OM een terughoudend beleid moet voeren met betrekking tot uitlatingen aan de pers en ervoor te zorgen dat zij waarheidsgetrouwe informatie verstrekt. Onrechtmatig handelen Staat door tip over aanstaande aanhouding [A] 3.2.3. De aanwezigheid van de pers bij de aanhouding van [A] is van belang voor [eiser sub 1 c.s.] omdat zij niet veel later ook in dezelfde kwestie zijn betrokken. De omstandigheid dat de brigadier van de politie is geschorst die de media heeft getipt over de aanstaande aanhouding van [A] , maakt dat de aanwezigheid van de media bij deze aanhouding ook jegens [eiser sub 1 c.s.] onrechtmatig is. Schadeplichtigheid op grond van het evenredigheidsbeginsel 3.2.4. [eiseres sub 2] was geen partij in de strafzaak van [eiser sub 1] en dient daarom te worden aangemerkt als een derde. De door [eiseres sub 2] geleden schade behoort niet tot het normale bedrijfsrisico van deze vennootschap en dient dus vergoed te worden. De weigering om dat te doen is onrechtmatig. 3.3. De Staat voert gemotiveerd verweer. 3.4. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan. 4De beoordeling Onrechtmatig handelen door strafvorderlijk optreden van de Staat? 4.1. Naar vaste rechtspraak kan een voormalige verdachte in een civielrechtelijke procedure op grond van onrechtmatige overheidsdaad van de Staat vergoeding vorderen van de schade die hij als gevolg van strafrechtelijk optreden van politie en justitie heeft geleden, indien: a.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.