vonnis RECHTBANK DEN HAAG Team handel zaaknummer / rolnummer: C/09/54682 / HA ZA 18-113 Vonnis van 28 maart 2018 de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid MAGAZIJN ‘DE BIJENKORF’ B.V., gevestigd te Amsterdam, eiseres, advocaat mr. S. van der Kamp te Amsterdam, tegen 1. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid CBRE DCH DEN HAAG (GROTE MARKTSTRAAT B) B.V. (voorheen IEF BERLAGE DEN HAAG (GROTE MARKTSTRAAT B) B.V.) gevestigd te Schiphol, 2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid CBRE DCH DEN HAAG (GEDEMPTE GRACHT) B.V. (voorheen IEF BERLAGE DEN HAAG (GEDEMPTE GRACHT) B.V.) gevestigd te Schiphol, gedaagden, advocaat: mr. H. Ferment te Den Haag, 3. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid CBRE DHC HOLDING II B.V. (voorheen IEF CAPITAL BERLAGE HB II B.V.), gevestigd te Amsterdam, gedaagde, advocaat mr. N. Amiel te Amsterdam, 4. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid IEF CAPITAL BERLAGE HB I B.V., gevestigd te Amsterdam, gedaagde, advocaat mr. S.J.H.M. Berendsen te Amsterdam. Partijen zullen hierna De Bijenkorf, IEF Den Haag (Grote Marktstraat), IEF Den Haag (Gedempte Gracht), IEF II en IEF I genoemd worden. IEF Den Haag (Grote Marktstraat) en IEF Den Haag (Gedempte Gracht) zullen gezamenlijk worden aangeduid als IEF Den Haag c.s. (enkelvoud). Gedaagden zullen gezamenlijk worden aangeduid met IEF c.s. (enkelvoud). 1De procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: - de inleidende dagvaarding van 23 augustus 2017, met 16 producties, - de conclusie van antwoord met 1 productie van IEF Den Haag c.s., - de conclusie van antwoord van IEF II, - de conclusie van antwoord met 1 productie van IEF I, - het verwijzingsvonnis van de kantonrechter van deze rechtbank van 15 januari 2018, waarbij de zaak is verwezen naar de meervoudige kamer van deze rechtbank, - de akte houdende producties van IEF I, - een B8-formulier met twee aanvullende producties van IEF Den Haag c.s., - de akte inbrengen producties van IEF II, - de akte inbrengen producties van De Bijenkorf (producties 17 tot en met 24), - de aantekeningen comparitie tevens akte wijziging eis van mr. S. van der Kamp, - de pleitaantekeningen van mr. N. Amiel, - de spreekaantekeningen van mr. S.J.H.M. Berendsen en mr. T. Thuijs, - het proces-verbaal van de comparitie van partijen van 12 februari 2018, - de brief van mr. van brief van mr. S. van der Kamp van 7 maart 2018, - de fax van mr. Ferment van 9 maart 2018, - de brief van mr. S.J.H.M. Berendsen van 9 maart 2018 (per abuis gedateerd 9 maart 2017). 1.2. Tijdens de comparitie is de datum voor vonnis bepaald op heden. 2De feiten 2.1. IEF Den Haag (Grote Marktstraat) is eigenaar van het winkelpand aan Grote Marktstraat 55 / Wagenstraat 32 te Den Haag (hierna: het winkelpand) en verhuurt dit aan De Bijenkorf. 2.2. IEF Den Haag (Gedempte Gracht) is eigenaar van de parkeergarage aan Gedempte Gracht 28 te Den Haag (hierna: de parkeergarage) en verhuurt deze aan de Bijenkorf. 2.3. IEF II is enig aandeelhouder en bestuurder van IEF Den Haag c.s. IEF I is enig aandeelhouder van IEF II. 2.4. Tot en met 2004 waren het winkelpand en de parkeergarage eigendom van De Bijenkorf (alsmede de warenhuizen van De Bijenkorf met bijbehorende parkeergarages in Amsterdam, Rotterdam, Eindhoven en Maastricht). In 2004 is De Bijenkorf met haar moederconcern Vendex/KBB verkocht aan het Amerikaanse [X] & Co (‘ [X] ’) en een aantal partners (Alpinvest, Cinven en Permira). De nieuwe eigenaren besloten om door middel van een sale & lease back kapitaal vrij te maken. De eigen winkelpanden van De Bijenkorf alsmede die van Hema en V&D (eveneens onderdeel van Vendex/KBB) werden in de sale & lease back betrokken. Deze transactie met projectnaam ‘Berlage’ vond plaats in 2005. 2.5. In het kader van deze transactie zijn de warenhuizen van De Bijenkorf ondergebracht in Bijenkorf Vastgoed B.V. (hierna: Bijenkorf Vastgoed). Tussen Bijenkorf Vastgoed B.V. en De Bijenkorf werden huurovereenkomsten gesloten in verband met het winkelpand en de partkeergarage. Deze huurovereenkomsten zijn gesloten voor 15-25 jaar met aansluitende optietermijnen van 5x10 jaar. 2.6. De huurovereenkomsten bevatten een voorkeursrecht van koop (artikel 18 in de huurovereenkomst van het winkelpand en artikel 17 in de huurovereenkomst van de garage; hierna: het voorkeursrechtartikel) dat als volgt luidt: 17.1 Huurder heeft gedurende de looptijd van deze huurovereenkomst (verlengingen daaronder begrepen) een voorkeursrecht van koop met betrekking tot het gehuurde. Dit geldt zowel indien het gehuurde gedeeltelijk of zelfstandig wordt verkocht, als indien het gehuurde (waarmee in voorkomende gevallen steeds tevens wordt bedoeld een gedeelte van het gehuurde) wordt verkocht als onderdeel van een groter geheel of in combinatie met andere onroerende zaken. 17.2 Met verkoop wordt in dit verband steeds tevens bedoeld iedere andere rechtshandeling met een zakenrechtelijk en/of een obligatoir karakter die materieel tot een vergelijkbaar gevolg leidt. 17.3 In geval van voorgenomen verkoop zoals bedoeld in dit artikel, is verhuurder verplicht huurder het gehuurde onvoorwaardelijk aan te bieden zodra verhuurder met een derde overeenstemming heeft over de prijs en alle overige voorwaarden en condities waarvoor verhuurder het gehuurde casu quo het grotere geheel wenst te verkopen aan een derde. De aanbieding van verhuurder aan huurder dient identiek te zijn aan de voorwaarden waarop verhuurder voornemens is het gehuurde aan de betreffende derde te verkopen, waarbij de termijn van levering niet langer mag zijn dan één jaar, te rekenen vanaf de aanbieding aan huurder. De aanbieding dient plaats te vinden per deurwaardersexploot aan het statutaire adres van huurder zoals dat op het betreffende moment staat vermeid in het aandelenregister. Bij de aanbieding dient een afschrift te zijn gevoegd van de (voorwaardelijke) koopovereenkomst met de derde waarin alle afspraken dienen te zijn vermeld die terzake van de (voorgenomen) verkoop met de andere partij zijn gemaakt. De koopovereenkomst met de derde dient een opschortende voorwaarde te bevatten in verband met het voorkeursrecht van huurder. 17.4 Na ontvangst van de aanbieding zal huurder verhuurder binnen 31 dagen informeren of de aanbieding wordt aanvaard. 17.5 In geval van afwijzing van de aanbieding door huurder alsmede bij gebreke van een tijdige reactie van de zijde van huurder, is verhuurder gerechtigd het gehuurde binnen 180 dagen na ontvangst van de afwijzing van huurder te verkopen aan een derde voor de prijs en de voorwaarden en condities conform het aanbod aan huurder. Het staat verhuurder uitdrukkelijk niet vrij om het gehuurde aan een derde te verkopen voor een lagere prijs of op andere voorwaarden en/of condities, ook niet als verhuurder van oordeel is dat die andere voorwaarden meer bezwarend voor de koper zijn. Steeds indien verhuurder voornemens is het gehuurde te verkopen aan een derde voor een lagere prijs of op andere voorwaarden en/of condities dan de aanbieding aan huurder, Is verhuurder gehouden het voorkeursrecht van huurder zoals omschreven in dit artikel opnieuw te respecteren. 17.6 Indien binnen de termijn van 180 dagen zoals bedoeld in 17.5 geen onvoorwaardelijke verkoop aan een derde plaatsvindt, is de betreffende voorgenomen verkoop wederom onderhevig aan het voorkeursrecht van huurder en is verhuurder opnieuw gehouden tot het bepaalde in dit artikel. 17.7 Het voorkeursrecht van huurder eindigt niet door afwijzing van een aanbod van verhuurder, noch door overdracht van het gehuurde aan een derde. In geval van overdracht aan een derde, Is de betreffende derde op zijn beurt gebonden aan het bepaalde in deze overeenkomst, waaronder dit artikel. 17.8 In geval van schending van het voorkeursrecht van huurder zoals beschreven in dit artikel, verbeurt verhuurder een onmiddellijk opeisbare boete van één maal de op dat moment geldende jaarhuur van het gehuurde, onverminderd het recht van huurder op vergoeding van meerdere schade en nakoming. 2.7. De transactie behelsde de verkoop en overdracht van de aandelen in Bijenkorf Vastgoed (alsmede Hema Vastgoed B.V. en V&D Vastgoed B.V.) aan IEF Capital Berlage Noord B.V. (hierna: IEF Noord). 2.8. IEF Noord bracht door middel van een reorganisatie structuur aan in de portefeuille door elk pand vanuit Bijenkorf Vastgoed over te dragen aan een aparte vennootschap. Zo is het winkelpand overdragen aan IEF Den Haag (Grote Marktstraat) en de parkeergarage aan IEF Den Haag (Gedempte Gracht). IEF Noord stond na de reorganisatie aan het hoofd van de groep waartoe ook IEF Den Haag c.s. behoorden (IEF Noord was na de reorganisatie de ‘betovergrootmoeder’ (in de concernrelatie) van IEF Den Haag c.s.). 2.9. In verband met de door IEF Noord gewenste reorganisatie zouden (onder meer) het winkelpand en de parkeergarage aan andere vennootschappen worden verkocht. Het winkelpand werd daartoe door Bijenkorf Vastgoed verkocht aan IEF Den Haag (Grote Marktstraat) en de parkeergarage aan IEF Den Haag (Gedempte Gracht). Vanwege deze reorganisatie kwam het voorkeursrecht uit de huurovereenkomsten in beeld. De Bijenkorf heeft echter in verband met de verkoop van de panden door Bijenkorf Vastgoed onder voorwaarden afgezien van haar voorkeursrecht van koop. Een en ander is neergelegd in een brief van 29 november 2005 van De Bijenkorf aan Bijenkorf Vastgoed en Bijenkorf Vastgoed II B.V. Die brief luidt, voor zover relevant, als volgt: Voor de goede orde bevestigt ondergetekende als huurder van 6 winkelruimten en 3 parkeergarages, partijen genoegzaam bekend, dat zij geen gebruik zal maken van het in artikel 17 respectievelijk 18 (parkeergarages) van de betreffende huurovereenkomsten beschreven voorkeursrecht indien is voldaan aan de volgende voorwaarden: a. de voorgenomen verkoop vindt plaats vóór ultimo 2007 en in het kader van een reorganisatie van verhuurder en/of de groep (in de zin van artikel 2:24b BW) waartoe verhuurder behoort; b. de opvolgend verhuurder behoort tot dezelfde groep (in de zin van artikel 2:24b BW) waartoe verhuurder behoort; c. de uiteindelijke zeggenschap (zeggenschap als bedoeld in de SER Fusiegedragsregels, ongeacht of deze van toepassing zijn) over verhuurder en/of over het gehuurde wijzigt niet; d. de opvolgend verhuurder zal schriftelijk hebben verklaard te zijn gebonden aan alle bepalingen uit hoofde van de huurovereenkomst (inclusief het in artikel 21 resp. artikel 22 (parkeergarage) van de huurovereenkomst bedoelde kettingbeding); en e. huurder wordt voorafgaand schriftelijk van de voorgenomen reorganisatie in kennis gesteld met verstrekking van de nodige gegevens waaruit afgeleid kan worden dat aan de bovenstaande voorwaarden is voldaan. 2.10. Vervolgens is het winkelpand ondergebracht in IEF Den Haag (Grote Marktstraat) en de parkeergarage in IEF Den Haag (Gedempte Gracht). 2.11. In februari 2011 is De Bijenkorf eigendom geworden van het Canadese familiebedrijf [Q] (hierna: [Q] ), die tevens eigenaar is van diverse andere luxe warenhuisketens. [Q] is tevens eigenaar van een grote vastgoedportefeuille. 2.12. Op 18 januari 2017 heeft De Bijenkorf aan IEF Den Haag c.s. een brief gezonden. In die brief staat, voor zover relevant, het volgende: You informed us that you intend to sell the Leased Property [het winkelpand en de parkeergarage; toevoeging Rechtbank] and invited us to make an offer with regard to the Leased Property. We hereby draw your attention to the fact that any proposed sale of the Leased Property comes under the right of first refusal that was included in the lease for our benefit, since paragraph 2 of that article reads as follows: “For these purposes “sale” each time includes any other legal act of a property law or obligatory nature that has a materially similar effect.” Any sale of the Leased Property, whether by sale of shares or by other means or exchange, is a legal act that obviously has an effect that is materially similar to sale of the Leased Property. We therefore request and, insofar as necessary, order you to comply with the provisions of Article 17 [respectievelijk 18; toevoeging Rechtbank] of the lease, failing which we will claim the penalty equal to one year’s rent, notwithstanding our right to claim any additional loss incurred and specific performance. 2.13. In reactie daarop heeft IEF Den Haag c.s. bij brief van 19 januari 2017 aan De Bijenkorf – voor zover relevant – het volgende geschreven: Ingevolge de door u bedoelde contractsbepaling dienen wij het gehuurde aan u aan te bieden “zodra verhuurder met een derde overeenstemming heeft over de prijs en alle overige voorwaarden en condities waarvoor verhuurder het gehuurde casu quo het grotere geheel wenst te verkopen aan een derde”. Van een zodanige overeenstemming is geen sprake en zal in de nabije toekomst ook geen sprake zijn, reeds omdat in het geheel niet naar het bereiken van zodanige overeenstemming wordt gestreefd. U stelt in uw brief dat wij gezegd zouden hebben het gehuurde te willen verkopen en dat wij u uitgenodigd zouden hebben om een bod te doen op het gehuurde. Dat is echter niet waar. Wij zijn niet van plan om het gehuurde te verkopen, noch aan u, noch aan een derde, en wij hebben u dan ook niet uitgenodigd om een bod uit te brengen op het gehuurde. Evenmin zijn wij van plan om met betrekking tot het gehuurde een rechtshandeling met een zakenrechtelijk karakter te verrichten die materieel tot een vergelijkbaar gevolg leidt, zoals (wellicht) het vestigen van een recht van erfpacht. Ook zijn wij niet voornemens om met betrekking tot het gehuurde een rechtshandeling met een obligatoir karakter te verrichten die materieel tot een vergelijkbaar gevolg leidt, zoals (wellicht) het overdragen van de economische ‘eigendom’. (…) Op dit moment is slechts een aanpassing van de financieringsstructuur aan de orde, in die zin dat de verschaffers van eigen vermogen aan een of meer holdingvennootschappen overwegen om hun positie aan een of meer andere vermogensverschaffers over te dragen. Voor u en voor ons zal dat geen enkele consequentie hebben. Wij zullen eigenaar en verhuurder blijven van het gehuurde, en de tussen ons bestaande huurovereenkomst met betrekking tot het gehuurde zal onverkort blijven gelden: u en wij zullen alle bepalingen van die huurovereenkomst stipt moeten blijven nakomen. 2.14. Op 26 januari 2017 heeft De Bijenkorf aan IEF Den Haag c.s. – voor zover relevant – het volgende geschreven: You state in your letters that there are no plans to sell the properties, but that you are only in the process of “changing the financing structure”. You are apparently planning a sale of shares. We persist in our position that it follows from paragraph 2 of the article regulating the right of first refusal, cited by us in our letters of 18 January 2017, that a sale of shares constitutes sale. You are therefore required to offer the properties to us if you reach agreement with a third party, in accordance with the provisions of the article with the heading voorkeursrecht van koop (right of first refusal) (…). Contrary to your statement, we believe that a share transfer is indeed a legal act as referred to in paragraph 2. There is good reason why that article was so broadly and generally worded. No misunderstanding is involved on our part. 2.15. Bij brief van 7 februari 2017 heeft IEF Den Haag c.s. – voor zover relevant – als volgt gereageerd: Wij bevestigen nogmaals dat wij, voordat wij een ‘rechtshandeling met een zakenrechtelijk en/of een obligatoir karakter die materieel tot een vergelijkbaar gevolg leidt’ als een verkoop van het gehuurde zullen verrichten, het gehuurde onvoorwaardelijk aan u zullen aanbieden zodra wij met een derde overeenstemming hebben over de prijs en alle overige voorwaarden en condities. Een dergelijke rechtshandeling is thans echter niet aan de orde. In onze brief van 19 januari jl. gaven wij een tweetal voorbeelden van met verkoop van het gehuurde vergelijkbare rechtshandelingen, die weliswaar thans niet aan de orde zijn, maar die wel denkbaar zouden zijn en die na het bereiken van overeenstemming met een derde tot aanbieding zouden verplichten, te weten het vestigen van een recht van erfpacht en het overdragen van de economische eigendom. U noemt een derde voorbeeld, te weten het overdragen van aandelen. Inderdaad kan ook een dergelijke overdracht onder omstandigheden worden aangemerkt als een ‘rechtshandeling met een zakenrechtelijk en/of een obligatoir karakter die materieel tot een vergelijkbaar gevolg leidt’ als een verkoop van het gehuurde; anders dan u stelt, hebben wij dat niet betwist. Als bijvoorbeeld de economische eigendom van het gehuurde terechtkomt – bijvoorbeeld door afsplitsing (rechtsopvolging onder algemene titel) – in een entiteit waarvan wij [IEF Den Haag c.s.; toevoeging Rechtbank] (…) de aandelen houden, zullen wij (als verhuurder in de zin van lid 3 van de door u bedoelde bepaling) de betreffende aandelen aan u aanbieden zodra wij met een derde overeenstemming hebben bereikt over de prijs en alle overige voorwaarden en condities waarvoor de betreffende aandelen door ons zullen worden overgedragen. Ook als wij met een derde overeenstemming bereiken over slechts een economische eigendomsoverdracht van de betreffende aandelen, zullen wij de aandelen aan u aanbieden. Het tweede lid van de door u bedoelde bepaling is derhalve inderdaad ruim geformuleerd. Op dit moment is een (aandelen)transactie als bedoeld in de vorige alinea echter niet aan de orde. Dat kan ook niet, reeds omdat aandelen als hiervoor bedoeld nog niet bestaan. (…) De mogelijke transactie die nu aan de orde is, zal voor u en voor ons geen enkele consequentie hebben. Wij zullen eigenaar en verhuurder blijven van het gehuurde, en de tussen ons bestaande huurovereenkomst met betrekking tot het gehuurde zal onverkort blijven gelden; u en wij zullen alle bepalingen van die huurovereenkomst stipt moeten blijven nakomen. 2.16. Bij brief van 15 februari 2017 handhaaft De Bijenkorf haar standpunt dat de aandelentransactie uit de SPA onder de werking van het voorkeursrechtartikel valt. 2.17. Op 8 juni 2017 heeft IEF I de aandelen in IEF II verkocht aan een viertal kopers (Dutch Highstreet Holdco 2 B.V., PFI Rembrandt B.V., Dutch Highstreet Holdco 4 B.V. en CBRE DRET DHC B.V.). Die verkoop is neergelegd in een Sale Purchase Agreement van dezelfde datum (hierna: de SPA). In die SPA worden door IEF Noord ook de aandelen in IEF Capital Berlage Zuid B.V. (hierna: IEF Zuid) verkocht. Laatstgenoemde vennootschap is de moedervennootschap (in de concernrelatie)van de vennootschappen waarin de overige panden van De Bijenkorf zijn ondergebracht. Schematisch zie een en ander er als volgt uit: 2.18. Bij brief van eveneens 8 juni 2017 heeft IEF I De Bijenkorf aangeschreven. Die brief bevat – voor zover relevant – de volgende passage: Wij hebben met de in de SPA bedoelde Purchasers (hierna te noemen ‘koper’) overeenstemming bereikt over de verkoop van alle aandelen in het kapitaal van IEF Capital Berlage Zuid B.V. en IEF Capital Berlage HB II B.V. IEF Capital Berlage Zuid B.V. en IEF Capital Berlage HB II B.V houden de aandelen van de in de SPA genoemde vennootschappen, welke vennootschappen eigenaar zijn van de in de SPA genoemde panden. U huurt een of meer van die panden. In een of meer van de betreffende huurovereenkomsten is als artikel 17 of 18 een ‘Voorkeursrecht van koop’ opgenomen. Dit voorkeursrecht geldt niet in verband met de in de SPA belichaamde transactie, reeds omdat wij geen verhuurder zijn in de zin van voornoemd artikel 17/18 en omdat de verhuurder in de zin van voornoemd artikel 17/18 niets verkoopt. Hoewel koper heeft aangegeven te onderschrijven dat het voorkeursrecht niet geldt in verband met de in de SPA belichaamde transactie, heeft koper ons niettemin verzocht, gelet op uw kwantitatieve aandeel als huurder binnen de portefeuille en de wens op een lange en goede relatie met u, aan u een aanbieding te doen als gold het hiervoor bedoelde voorkeursrecht wel in verband met de in de SPA belichaamde transactie. Omdat dat ons als verkoper om het even is, bieden wij u hierbij (in de plaats van koper) de mogelijkheid de SPA te sluiten met u als kopende partij. 2.19. Nadien hebben nog diverse gesprekken plaatsgevonden zonder dat partijen tot overeenstemming zijn gekomen. 3Het geschil 3.1. De Bijenkorf vordert – na wijzigingen van eis – dat de rechtbank bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, A. Primair: IEF Den Haag (Grote Marktstraat) veroordeelt om aan De Bijenkorf te koop aan te bieden het door haar gehuurde winkelpand tegen de koopprijs, althans waarde, die hieraan in het kader van de SPA is toegekend; IEF Den Haag (Gedempte Gracht) veroordeelt om aan De Bijenkorf te koop aan te bieden de door haar gehuurde parkeergarage tegen de koopprijs, althans waarde, die hieraan in het kader van de SPA is toegekend; Subsidiair: IEF II veroordeelt om aan De Bijenkorf te koop aan te bieden de aandelen in IEF Den Haag (Grote Marktstraat B) en IEF Den Haag (Gedempte Gracht) tegen de koopprijs die aan deze aandelen in het kader van de SPA is toegekend, althans kan worden toegekend op basis van de gehanteerde systematiek als kenbaar uit Schedule 4.1 behorend bij de SPA; B. IEF c.s. gebiedt om bij de aanbiedingen als gevorderd onder A. de koopprijzen, althans waardes, te onderbouwen door aan De Bijenkorf inzage te verschaffen in de ‘Valuation reports 2016’ zoals genoemd onder 1.3.1.3.2.1.1. van de dataroom index, Schedule 1.1 (
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.