vonnis RECHTBANK DEN HAAG Team handel zaaknummer / rolnummer: C/09/536152 / HA ZA 17-752 Vonnis van 6 juni 2018 in de zaak van de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid DIJKHAM BOUW B.V., gevestigd te Nijkerk, eiseres in conventie, verweerster in reconventie, advocaat mr. Y.G.I. Schrader-Verseveld te Veessen, tegen de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid LIFTFORCE B.V., gevestigd te Nieuwkoop, gedaagde in conventie, eiseres in reconventie, advocaat mr. F.M.L. Dekkers te Leiden. Partijen zullen hierna Dijkham en Liftforce genoemd worden. 1De procedure 1.1. Het verloop van de procedure blijkt uit: de dagvaarding van 4 juli 2017, met producties, de conclusie van antwoord tevens conclusie van eis in reconventie, met producties, het tussenvonnis van 15 november 2017, waarbij een comparitie van partijen is gelast, de conclusie van antwoord in reconventie, met producties, het proces-verbaal van comparitie van 10 april 2018 en de daarin genoemde aanvullende producties van Liftforce. 1.2. Ten slotte is vonnis bepaald. 2De feiten 2.1. Dijkham is een aannemingsbedrijf. Dijkham is met name gespecialiseerd in bouwwerkzaamheden binnen de voedsel-, transport en koel/vriessector. 2.2. Liftforce is een liftleverancier die het volledige traject van ontwerp, installatie en onderhoud van liften uitvoert. 2.3. Dijkham heeft in 2014 opdracht gekregen van Jebo Food (hierna: Jebo) om een uitbreiding van het bedrijfsgebouw van Jebo in Brugge (België) te realiseren. In verband daarmee heeft Dijkham (als hoofdaannemer) op 26 september 2014 aan Liftforce gevraagd om een offerte uit te brengen voor het leveren en monteren van een goederenliftinstallatie in het bedrijfsgebouw van Jebo. Dijkham schrijft in de aanvraag van 26 september 2014: ‘Graag een offerte voor een goederenlift voor het werk wat wij in opdracht hebben in Brugge(België). Het betreft een voedselverwerkend bedrijf. De goederenlift moet dan ook zoveel mogelijk thermisch verzinkt uitgevoerd worden. Er moeten vier europallets tegelijk in kunnen. Gewicht 2500-3000kg. Hefhoogte 5100mm. Voorkeur voor schuifdeuren. Geen personenvervoer.’ Bij de e-mail heeft Dijkham aan Liftforce voorlopige tekeningen verstrekt, waarop de plaats en de maatvoering van de beoogde lift waren aangegeven. 2.4. Liftforce heeft op 30 oktober 2014 een offerte aan Dijkham toegestuurd voor de levering en montage van een hydraulische goederenlift van het type EH/DC-3000, met aluminium schuifdeuren, tegen een prijs van € 39.000,-, exclusief btw. In de offerte staat verder, voor zover van belang: VOORWAARDEN (…) Garantie Liftforce B.V. garandeert nieuwe installaties gedurende de tijd van 12 maanden na oplevering. D.w.z. dat alle onderdelen,waaraan gedurende die termijn, door ondeugdelijke constructie enig gebrek mocht ontstaan onder de garantie vallen. Deze garantie is alleen van kracht indien de installatie door ons wordt onderhouden tenzij schriftelijk anders wordt overeengekomen. Wij verwijzen voor meer details naar onze algemene leveringsvoorwaarden. Onderhoud Wij bieden verschillende servicecontracten aan. (…) Vergeet niet dat u als eigenaar van de installatie verantwoordelijk bent voor goed onderhoud. Betalingsvoorwaarden Voor het indienen van termijnfacturen gaan wij uit van de volgende indeling 1e termijn: 40% bij opdracht 2e termijn: 50% bij levering maar voor montage 3e termijn: 10% na oplevering Betaling van een factuur binnen 30 dagen na factuurdatum. (…) Leveringsvoorwaarden Op al onze leveringen en diensten zijn de Algemene Leveringsvoorwaarden van toepassing, waarvan wij op verzoek u gaarne een exemplaar toesturen. (…) Wij bieden aan: 1stuks HYDRAULISCHE GOEDERENLIFT type EH/DC-3000 (…) Hefvermogen : 3000 kilogram (…) Hefsnelheid : 200 mm/sec (…)’ 2.5. De Algemene Leveringsvoorwaarden van Liftforce (hierna: de Algemene Voorwaarden) houden onder meer het volgende in: ‘ Art. 12 Oplevering/Inbedrijf-stellen van het werk 12.1 Onder oplevering / inbedrijfstellen wordt in dit artikel verstaan, het door opdrachtnemer geheel of gedeeltelijk conform artikel 12.2 opleveren van het werk aan diens contractuele wederpartij. 12.2 Het werk wordt als opgeleverd / inbedrijfgesteld beschouwd wanneer: (…) b. Het werk door opdrachtgever in gebruik is genomen. (…) (…) Art. 14 Garantie (…) 14.8 Opdrachtgever kan alleen een beroep doen op garantie nadat hij aan al zijn verplichtingen ten opzichte van opdrachtnemer heeft voldaan. 14.9a Geen Garantie wordt gegeven voor gebreken die het gevolg zijn van: - Normale slijtage; - Onoordeelkundig gebruik; - Niet of onjuist uitgevoerd onderhoud - Installatie, montage, wijziging of reparatie door opdrachtgever of door derden. (…) Art. 17 Betaling (…) 17.6 Wanneer betaling niet heeft plaats gevonden binnen de overeengekomen betalingstermijn, is opdrachtgever direct rente aan opdrachtnemer verschuldigd. De rente bedraagt 10% per jaar, maar is gelijk aan de wettelijke rente als deze hoger is. Bij de renteberekening wordt een gedeelte van de maand gezien als een volle maand. 17.7 Wanneer betaling niet heeft plaatsgevonden binnen de overeengekomen betalingstermijn is opdrachtgever aan opdrachtnemer alle buitengerechtelijke kosten verschuldigd met een minimum van Euro 50,-. De kosten worden berekend op basis van de volgende tabel: over de 1e Euro 3.000,- 15% over het meerdere tot Euro 6.000 10% over het meerdere tot Euro 15.000 8% (…) Als de werkelijk gemaakte buitengerechtelijke kosten hoger zijn dan uit bovenstaande berekening volgt, zijn de werkelijk gemaakte kosten verschuldigd.’ 2.6. De offerte van Liftforce is op 3 november 2014 besproken. Na dit gesprek heeft Liftforce vertegenwoordigers van Dijkman en Jebo uitgenodigd om hetzelfde type lift met dezelfde specificaties (maar zonder schuifdeuren) bij een andere klant van Liftforce in werking te zien. 2.7. Dijkham heeft bij e-mail van 26 november 2014, in reactie op de offerte van 30 oktober 2014, het volgende aan Liftforce bericht: ‘Naar aanleiding van je bezoek hier in Nijkerk en het bezoek van de opdrachtgever aan een lift van jullie kunnen we je mededelen dat de opdracht definitief is. E.e.a. volgens de afspraken zoals gemaakt tijdens het bezoek hier in Nijkerk.’ 2.8. Bij e-mail van 17 december 2014 heeft dhr. [X] van Jebo onder meer het volgende aan Dijkham bericht: ‘(…) De optie PEN vergrendeling moet ook worden meegenomen in de bestelling. (…) Graag een definitieve offerte zodat ik kan goedkeuren. (…) Onderstaande aanpassingen moeten zijn meegenomen zoals reeds besproken met [A] (Liftforce) Aanpassingen op de basisofferte 2 jaar garantie ipv 1 jaar 1ste jaar garantie loopt zoals jullie standaard garantie aangeeft 2e jaar garantie betreffende alles die geleidingen van de lift / kettingen / pompsysteem-compontenten/hydrauliek/penvergrendeling/sturingskast. (…) 2) Garantie gaat in na oplevering van de lift ( gelijktijdige keuring (voor onze rekening) + ingebruikname) (…)’ Dijkham heeft de bovenstaande e-mail op 18 december 2014 doorgestuurd aan Liftforce. 2.9. De lift is in juli 2015 geleverd en gemonteerd. Jebo heeft vanaf medio juli 2015 al gebruik gemaakt van de lift. 2.10. Op 14 juli 2015 heeft Dijkham bij Jebo en Liftforce gemeld dat de lift niet meer werkt. Diezelfde avond heeft dhr. [X] (hierna: [X] ) namens Jebo onder meer het volgende aan Dijkham bericht: ‘Momenteel heb ik helemaal geen goed oog op liftforce. Teveel zaken die niet lopen / gelopen hebben zoals het hoort. 1)Printplaat kapot ( printplaten zijn zoals ik reeds bij ons bezoek in Nederland heb laten vallen anno 1800/ plc is reeds jaren ingeburgerd. (…) 3)foute bekabeling in iets die welgeteld misschien 10 kabels telt (…)’ 2.11. Bij e-mail van 15 juli 2015 heeft Dijkham de e-mail van Jebo aan Liftforce doorgestuurd. Ook heeft Dijkham bericht dat de lift momenteel niet werkt. Liftforce heeft diezelfde dag een monteur bij Jebo langs gestuurd. 2.12. Bij e-mail van 16 juli 2015 heeft (de uitvoerder van) Dijkham het volgende aan Liftforce bericht: ‘Hierbij de mededeling de goederen weer niet werkt, ik heb dit zojuist telefonisch gemeld bij uw collega [B] . Nogmaals het verzoek om met de meeste spoed een monteur naar Brugge te sturen om de lift weer in werking te stellen.’ 2.13. Op 30 juli 2015 heeft Jebo bij Dijkham en Liftforce geklaagd over, onder meer, de snelheid van de lift. Jebo schrijft: ‘(…) Momenteel duurt het 2 a 3 minuten vooraleer de lift boven is. Contractueel 200mm/sec 5100mm hefhoogte 25,5 sec om de opgaande beweging te maken (…) Gelieve dit begin van volgende week in orde te brengen zodat we niet onnodig hoeven te wachten. (…)’ Liftforce heeft daarop geantwoord dat op 4 augustus 2015 een monteur langs zal komen om de snelheid van de lift en de andere punten te behandelen. 2.14. Bij e-mail van 15 september 2015 heeft Dijkham aan Liftforce foto’s toegestuurd van de lift. Dijkham schrijft, voor zover van belang: ‘(…) In de lift staan de RVS-hekken scheef t.o.v. het plateau er naast, Overal zitten losse stekkers of connectors die je met de hand zo aan kunt raken. (…) De lift valt regelmatig in een stroomstoring ook nu de stroom geen verstoringen meer kent van de bouw. De snelheid van de lift is erg langzaam. Uitgangspunt is een snelheid van 200 cm per seconde (..) met wat aanloop en uitloop snelheid zouden rond de 30 seconde uit moeten komen. Nadat de deur gesloten is en de knopt ingedrukt duurt het minimaal 45 seconde voordat de lift boven stopt. Deze snelheid lijkt mij dus veel te traag bij de opgegeven snelheid. Dit moeten we ook verbeteren.’ 2.15. Liftforce heeft naar aanleiding van de bovenstaande e-mail een monteur bij Jebo langs gestuurd. Bij e-mail van 17 september 2015 heeft Liftforce aan Dijkham bericht dat alle uitstekende stekkers weer netjes in de goten zijn geplaatst en dat alle hekwerken recht zijn gezet. Verder schrijft Liftforce, voor zover van belang: ‘Wat betreft de zogenaamde kortsluiting, die is er niet. Wat er gebeurd is dat de automaat van de voeding er uit gaat doordat deze 32 Amp van het type A karakteristiek is, dit is een snelle automaat, het moet een C karakteristiek zijn. Dan is het probleem opgelost. Wij hebben op de tekening al eerder aangegeven wat de piekstroom is, daar is blijkbaar geen rekening mee gehouden. (…)’ 2.16. Bij e-mail van 6 oktober 2015 heeft Liftforce onder meer het volgende aan Dijkham bericht: ‘Naar aanleiding van het bezoek van de monteur bij de goederenlift hebben we geconstateerd dat beide motoren draaien maar dat alleen door de kleine motor druk wordt opgebouwd. Dit kan aan interne lekkage van het kleppenblok van de grote motor liggen of aan de koppeling tussen de motor en de pomp. (…) Voor alle zekerheid bestellen we een nieuwe motor, kleppenblok en manometer. De lift is getest met een hoogwerker van 2885 kg en dit werkt, alleen met een lange heftijd. Zodra ik weet wanneer de spullen binnen zijn laat ik weten wanneer e.a. vervangen kan worden. 2.17. Op 21 oktober 2015 heeft Dijkham aan Liftforce gemeld dat er hydrauliek olie lekt uit het motorblok van de lift. Liftforce heeft diezelfde dag een monteur langs gestuurd. Bij e-mail van 26 oktober 2015 heeft Liftforce, naar aanleiding van reparatiewerkzaamheden, onder meer het volgende aan Dijkham bericht: ‘De lift draait weer goed en doet er nu 38 sec. over inclusief de tijd die nodig is voor de penvergrendelingen. Het probleem is de lucht vochtigheid waar de hydraulische unit staat. Door de hoge lucht vochtigheid (..) ontstaat het probleem dat er water in de tank komt. (…) We hebben alle olie uit de tank verwijderd en filtergereinigd en voor de zekerheid een nieuwe pomp en motor geplaatst. Nu wordt weer de snelheid gehaald die is geoffreerd nl. 200 mm/sec. Ik zal kijken wat de mogelijkheden zijn en kosten voor een beluchtigingsfilter. Anders moeten de condities van de ruimte waar de hydraulische unit staat aangepast worden. Wat betreft de deuren: We hebben het ook al vaker gezegd, en ook de Belgische collega: als men aan de deuren blijft rukken terwijl het rode lampje nog niet uit is trek je de pot waar de pen in valt uit zijn positie. Gevolg is dat de pen daarna niet meer valt en dus de veiligheidslijn niet gesloten is en dus de lift in storing staat. Hier kunnen wij niets aan doen, mensen moeten leren omgaan met de lift anders gaat het niet goed komen. (…) Een deur kon niet helemaal open, dit kwam doordat er een moer in de rail lag (de moer was niet van de deur overigens)’ 2.18. Begin november 2015 heeft SB Liften (hierna: SB) in opdracht van Dijkham een inspectie uitgevoerd aan de lift. SB heeft de resultaten van de inspectie summier samengevat in een inspectierapport, dat Dijkham op 2 november 2015 aan Liftforce heeft doorgestuurd. In het inspectierapport schrijft SB onder meer het volgende: ‘(…) 2e vaststelling: Bij elke rit naar of van het bovenste verdiep, gaat de lift telkens in storing , dit komt omdat de vergrendeling van deze sloten niet in 1 rechter lijn zijn ten opzichte van elkaar, éénmaal de grendelpin in het slot zit dan klemt de deur deze vast en kan ze zelfs bij de volgende rit de deur niet meer openen. Aangezien dit bij elke rit gebeurt brengt dit natuurlijk de nodige wrevel op bij de gebruikers van de lift. (…) Eveneens die ik op te merken dat er enkele bedrading in de liftschacht ontbloot is tot op de koperader, aan de verbindingsklem van het slot, om eventueel elektrocutiegevaar te vermijden kan dit mee opgelost worden (bruine draad). 3e vaststelling De ritduur van de lift in niet belaste toestand bedraagt ongeveer 45seconden rekening houdend met de vergrendeling en ontgrendeling van de sloten. (…) Bij een belasting van 2700 kg kon de ritduur niet bepaald worden, het duurde namelijk meer dan 5 minuten , bij controle van de liftpositie was deze toen maar 1m omhoog gekomen. Eveneens brengt dit de nodige wrevel op bij de gebruikers van de lift. Oplossing: controle van het vermogen van de motor Conclusie: De montage van de lift zijn uitgevoerd volgens degelijk vakmanschap, de gebruikte materialen zijn van voldoende kwaliteit. (…)’ 2.19. Op 10 november 2015 heeft Liftforce aangekondigd dat monteurs bij Jebo langs zullen gaan om aan de hydrauliek van de lift te werken en de deuren af te stellen. 2.20. Bij brief van 23 november 2015 heeft Jebo Dijkham in gebreke gesteld. Jebo schrijft, kort gezegd, dat de geleverde goederenlift niet voldoet aan de verwachtingen, ook niet voor wat betreft de contractueel besproken tijden voor het stijgen en dalen. Over dat laatste schrijft Jebo dat de lift de volgende daal- en stijgtijden kent: ‘Leeg dalen: 1min10 sec Leeg stijgen:40,5 sec Vol (+/ 2700kg) dalen: 36 sec Vol stijgen: 42 sec’ Verder schrijft Jebo dat zij geen vertrouwen meer heeft in Liftforce en ervan is overtuigd dat Jebo genoodzaakt zal zijn de lift te moeten vervangen door een andere lift. 2.21. Bij e-mail van 30 november 2015 heeft Liftforce op de ingebrekestelling van Jebo gereageerd. Liftforce schrijft onder meer: ‘(…) De heer [X] is bij de demonstratie van de lift van […] geweest. De lift die we bij Jebo food hebben geleverd is identiek, met uitzondering van de schuifdeuren. (…) In onze offerte praten we alleen over hefsnelheid en niet over daal snelheid. We praten al helemaal niet over totaal tijden van heffen of dalen. Dat wij niet voldoen aan contractuele tijden is dus onzin. (…) Wij hebben altijd adequaat gereageerd op storingen en het uiterste gedaan om ten alle tijden een werkende lift te houden. Dit is ook altijd zo geweest. We hebben wel herhaaldelijk gezegd dat men moet wachten tot de lift gearriveerd is voor dat de liftdeuren open getrokken kunnen worden. (…) (…) Tenslotte, wij hebben aan al onze verplichtingen voldaan en zien niet in waarom de lift vervangen zou moeten worden.’ 2.22. Bij brief van 10 maart 2016 heeft Jebo Dijkham nogmaals gewezen op problemen met de snelheden van de lift en het openen en sluiten van de liftdeuren. Jebo schrijft tevens dat de lift sinds de vorige dag stil staat en dat zij, ook na contacten met twee andere partijen, ervan overtuigd is genoodzaakt te zijn de lift te vervangen. Vervolgens heeft, in opdracht van Dijkham, een monteur van HDJ liften (hierna: HDJ) de lift onderzocht. De monteur heeft op de werkbon onder meer geschreven dat de kabels van de lift doorhangen en er een lek is aan een pistonzuiger. Dijkham heeft het verslag en de bijbehorende foto’s van HDJ bij e-mail van 16 maart 2016 aan Liftforce doorgestuurd. Liftforce heeft daarop op 17 maart 2016 twee monteurs naar Jebo gestuurd. 2.23. Op 5 april 2016 heeft Jebo een storing van de lift bij Dijkham gemeld. Dijkham heeft deze storingsmelding doorgezonden naar Liftforce. Liftforce heeft daarop telefonisch medegedeeld geen monteur langs te sturen, omdat Dijkham de laatste termijn van 10% van de aanneemsom (een bedrag van € 4.300,-, exclusief btw) nog niet had betaald. 2.24. In opdracht van Dijkham heeft Get Up Benelux B.V. (hierna: Get Up) de lift aan een onderzoek onderworpen. In navolging van dit onderzoek heeft Get Up bij e-mail van 11 april 2016 aan Dijkham bericht dat zij tot de conclusie is gekomen dat er een aantal grote fouten zit in de lift. Get Up schrijft, voor zover van belang: ‘1e het hydrauliek systeem is niet goed, er ontsnapt nu olie door de ventielen van de hydrauliek pomp waar door de lift al binnen één min ongeveer 5 mm zakt Dat betekent dat hij altijd in zijn slapkabel contact komt en een storing geeft, ook hier door is er sluiting ontstaan op de printplaat van de besturing (…) 2e de grendel pennen zullen ook goed moeten worden afgesteld, en Sturings technisch goed geprogrammeerd moeten worden om goed te fusioneren (…) 3e de schakelkast is een PLC gestuurde besturing die erg gevoelig is voor dit soort goederenheffers, het beste zou zijn deze te vervangen door een simpele maar storingsvrije besturing (…) 4e de hydrauliekslangen liggen gewoon op de grond van de put, is niet goed en zou dan ook snel stuk gaan (..) (…) 5e de deuren lopen niet soepel in de geleiding en gaan er zwaar open, deze deuren zijn erg gevoelig voor storingen (nummer 1 van de storingsleisten in liften land) (…) Om op korte termijn de lift te kunnen laten draaien moeten wij de printplaat vervangen en het hydrauliek systeem naar lopen. Wij zijn al bezig om een print plaat te krijgen in Spanje bij de leverancier van de lift, maar gaat erg moeizaam. (…)’ 2.25. Bij brief van 13 april 2016 heeft mr. Schrader-Verseveld Liftforce namens Dijkham aansprakelijk gesteld voor tekortkomingen in de geleverde lift en Liftforce gesommeerd om een deugdelijk werkende goederenlift te leveren en installeren, volgens de specificaties van de opdracht. Mr. Schrader-Verseveld schrijft tevens dat bij het uitblijven van een (tijdige) reactie aan een derde opdracht zal worden gegeven om een nieuwe lift te leveren, waarvan de kosten op Liftforce zullen worden verhaald. 2.26. Bij brief van 19 april 2016 heeft de (toenmalige) advocaat van Liftforce, kort gezegd, betwist dat sprake is van een tekortkoming en betaling van de openstaande termijn van 10% geëist. 2.27. Dijkham heeft opdracht gegeven aan Get Up om de lift gedeeltelijk te vervangen. Get Up heeft vervolgens voor haar werkzaamheden het volgende aan Dijkham gefactureerd: op 28 april 2016, een bedrag van € 1.330,- (exclusief btw) voor het vervangen van de besturingsprintplaat, op 11 juli 2016, een bedrag van € 10.147,71 (exclusief btw), voor het installeren van een nieuwe besturing en toebehoren op de liftkooi, en arbeids- reis- en verblijfskosten, op 14 september 2016 en 14 november 2016, een bedrag van € 11.060,- (2 x € 5.530,-) voor het herstellen en bedrijfsvaardig opleveren van een hydraulische pompunit voor een bestaande goederenlift. 2.28. Liftforce heeft op 4 april 2018 een factuur aan Dijkham verstuurd voor de betaling van de slottermijn van € 4.300 (exclusief btw). Diezelfde dag heeft Liftforce ook de kosten voor de monteursbezoeken tussen juli 2015 en maart 2016 aan Dijkham gefactureerd, alsook een bedrag voor meerwerk in verband met de schachtbreedte, bij elkaar opgeteld een bedrag van € 7.677,- (exclusief btw). 3Het geschil in conventie 3.1. Dijkham vordert dat de rechtbank Liftforce bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis veroordeelt tot betaling van een bedrag van € 36.608,58, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente van artikel 6:119a van het Burgerlijk Wetboek (BW) vanaf 4 juli 2017 (de dag van dagvaarding), met veroordeling van Liftforce in de proceskosten en de nakosten, deze kosten bij niet betaling binnen 14 dagen te vermeerderen met de wettelijke rente van artikel 6:119 BW. 3.2. Dijkham stelt dat Liftforce is tekort gekomen in de nakoming van haar verplichtingen uit de aannemingsovereenkomst. In de door Liftforce geleverde lift zijn na installatie verschillende gebreken opgetreden, als gevolg waarvan de lift tussen juli 2015 en april 2016 herhaaldelijk is komen stil te staan. Daarnaast voldoet de snelheid van de lift niet aan wat partijen zijn overeengekomen. De gebreken zijn ondanks tussenkomst van Liftforce niet hersteld. De lift is door de gebreken niet geschikt voor het beoogde - en bij Liftforce bekende - intensieve en specifieke gebruik door Jebo. Dijkham heeft door de tekortkoming van Liftforce schade geleden. Dijkham heeft als gevolg van de herhaaldelijke mankementen aan de lift extra manuren moeten inzetten om de storingen te verhelpen. Daarnaast heeft Dijkham herstelwerkzaamheden moeten laten uitvoeren door SB en later, nadat Liftforce in verzuim was komen te verkeren, door Get Up. De totale schade wordt door Dijkham begroot op € 36.608,58. 3.3. Liftforce voert verweer. 3.4. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan. in reconventie 3.5. Liftforce vordert - na vermindering van eis ter comparitie - dat de rechtbank Dijkham bij uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis veroordeelt tot betaling van: een bedrag van € 4.300,- inclusief btw, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente vanaf 1 augustus 2015, een bedrag van € 10.627,- (€ 14.927,- -/- € 4.300,-) exclusief btw, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente vanaf 4 juli 2017, met veroordeling van Dijkham in de proceskosten en de nakosten. 3.6. Liftforce legt aan de vorderingen het volgende ten grondslag. De lift is op grond van artikel 12.2 onder b van de Algemene Voorwaadren in elk geval eind juli 2015 opgeleverd, aangezien de lift toen door de opdrachtgever in gebruik is genomen. Dijkham moet als gevolg van de oplevering op grond van de overeenkomst de laatste 10% van de aanneemsom (een bedrag van € 4.300,-, exclusief btw) betalen. Daarnaast moet Dijkham een vergoeding betaling voor de extra liftwerkzaamheden die Liftforce in de periode van juli 2015 tot en met maart 2016 in opdracht van Dijkham heeft uitgevoerd. Deze werkzaamheden vallen niet onder de garantie, aangezien de herstelde gebreken het gevolg zijn van onzorgvuldig gebruik of onzorgvuldig onderhoud aan de lift. Het gaat dan ook om meerwerk waarvoor Dijkham een redelijke prijs moet betalen. Ten slotte dient Dijkham op grond van artikel 17.7 van de Algemene Voorwaarden alle buitengerechtelijke (advocaat)kosten van Liftforce (in dit geval een bedrag van € 2.950,-) vergoeden. 3.7. Dijkham voert verweer. 3.8. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan. 4De beoordeling in conventie en in reconventie 4.1. De vorderingen in conventie en in reconventie hangen nauw met elkaar samen. De rechtbank zal deze vorderingen hierna daarom gezamenlijk bespreken. oplevering/opeisbaarheid slottermijn 10% 4.2. Partijen hebben een overeenkomst van (onder)aanneming gesloten voor de levering en montage van een goederenlift in het bedrijfsgebouw van Jebo tegen een (in drie gedeelten te betalen) vaste prijs van € 39.000,- (exclusief btw). Tussen partijen is niet in geschil dat de offerte van Liftforce van 30 oktober 2014 de basis van de overeenkomst is en dat de inhoud daarvan, evenals de daarop van toepassing verklaarde Algemene Voorwaarden, als tussen hen overeengekomen geldt. 4.3. Vast staat dat Dijkham het laatste deel (10%) van de aanneemsom (een bedrag van € 4.300,- exclusief btw) nog niet heeft betaald. Liftforce stelt dat zij een opeisbare vordering heeft tot betaling van deze slottermijn en vordert in reconventie betaling daarvan. Dijkham betwist de verschuldigdheid van dit bedrag, allereerst omdat de slottermijn op grond van de overeenkomst pas na oplevering is verschuldigd en, volgens Dijkham, geen oplevering heeft plaatsgevonden. 4.4. In die laatste stelling wordt Dijkham niet gevolgd. Op grond van artikel 12.2 van de tussen partijen overeengekomen Algemene Voorwaarden wordt het werk als opgeleverd beschouwd wanneer het werk door de opdrachtgever in gebruik is genomen. Dat is hier het geval. Vast staat dat Jebo de lift reeds medio juli 2015, toen de montagewerkzaamheden nog moesten plaatsvinden, feitelijk in gebruik had genomen. Eveneens staat vast dat Liftforce de montagewerkzaamheden eind juli 2015 heeft afgerond, waarmee de lift voor eindinspectie gereed was. Liftforce heeft - onvoldoende weersproken - gesteld dat zij vervolgens ook aan Dijkham en Jebo heeft aangeboden om tot eindinspectie over te gaan, maar dat Dijkham en Jebo dat aanbod hebben afgehouden vanwege de storingen die in de lift optraden. Dit laatste laat evenwel onverlet dat Jebo de lift, op het moment dat deze voor oplevering gereed was, al feitelijk in gebruik had genomen, en ondanks een aanbod van de onderaannemer om tot eindinspectie over te gaan, in gebruik is blijven houden. Daarmee dient het werk, op grond van artikel 12.2 voornoemd, als opgeleverd te worden beschouwd. 4.5. Hierna zal dan ook als vaststaand uitgangspunt dienen dat de lift eind juli 2015 is opgeleverd. Op grond van de tussen partijen overeengekomen betalingsafspraken (zie 2.4) is de slottermijn van de aanneemsom vanaf eind juli 2015 opeisbaar geworden. Daaraan doet niet af dat ‘na oplevering’ niet verder in de offerte is gespecificeerd. Deze bepaling kan in redelijkheid niet anders worden uitgelegd dan dat de laatste termijn verschuldigd is, zodra de oplevering heeft plaatsgevonden. Evenmin doet aan de opeisbaarheid van de slottermijn op eind juli 2015 af dat de slottermijn pas op 4 april 2018 is gefactureerd. Uit de afspraak in de overeenkomst dat de slottermijn na oplevering moet worden betaald volgt dat de slottermijn vanaf het moment van oplevering opeisbaar is. Weliswaar staat in de overeenkomst ook dat binnen dertig dagen na factuurdatum moet zijn betaald, maar die bepaling regelt uitsluitend het moment waarop uiterlijk moet zijn betaald, niet het moment waarop een betalingstermijn verschuldigd raakt en kan worden opgeëist. Overigens merkt de rechtbank wel reeds nu op dat tegen de achtergrond van deze betalingstermijn niet valt in te zien waarom Dijkham al op 1 augustus 2015 rente is verschuldigd over de slottermijn, zoals Liftforce in reconventie vordert. Immers, zowel op grond van artikel 17.6 van de Algemene Voorwaarden (contractuele rente) als op grond van artikel 6:119a BW (wettelijke handelsrente, subsidiair) is rente in beginsel pas verschuldigd na het verstrijken van de overeengekomen betalingstermijn, en die termijn was op 1 augustus 2015 nog niet verstreken (er was ook nog niet gefactureerd). Voor zover Liftforce in reconventie rente vanaf 1 augustus 2015 vordert, is dat dus niet toewijsbaar. Of en vanaf welk moment Dijkham over de slottermijn rente is verschuldigd, hangt af van de uitkomst van wat hierna zal worden besproken. opschorting betaling slottermijn/schadevergoeding wegens tekortkoming Liftforce 4.6. Zoals hiervoor is overwogen, staat vast dat Liftforce vanaf eind juli 2015 een opeisbare vordering van € 4.300,- (exclusief btw) op Dijkham had. Dijkham heeft zich op het standpunt gesteld dat zij de betaling van dit bedrag bevoegdelijk heeft opgeschort, op grond van een toerekenbare tekortkoming aan de kant van Liftforce. Dijkham voert daartoe aan dat de door Liftforce geleverde lift gebrekkig was en niet voldeed aan wat partijen zijn overeengekomen. Dijkham stelt dat zij door deze tekortkoming een schade van in totaal € 36.608,58 heeft geleden, bestaande uit noodzakelijke extra werkzaamheden van het eigen personeel voor het oplossen van storingen en de herstelkosten van Get Up. Dijkham vordert in conventie ook vergoeding van deze schade op de voet van artikel 6:74 BW. Nu het opschortingsverweer en de vordering in conventie aldus op dezelfde vordering zien, zal de rechtbank deze hierna gezamenlijk bespreken. 4.7. Op grond van artikel 6:52 lid 1 BW komt aan Dijkham een bevoegdheid toe om haar betalingsverplichting van de slottermijn op te schorten, indien (
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.