RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: AWB 20/3949 uitspraak van de voorzieningenrechter van 21 september 2020 in de zaak tussen [verzoeker] , met V-nummer: [V-nummer] , verzoeker (gemachtigde: mr. C.T.W. van Dijk), en het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COa), verweerder, (gemachtigde: mr. J.H.M. Post, werkzaam bij de Immigratie- en Naturalisatiedienst) Procesverloop Bij besluit van 29 april 2020 heeft verweerder bepaald dat verzoeker vanuit de opvangvoorziening in [plaatsnaam 1] wordt overgeplaatst naar de [naam locatie] in [plaatsnaam 2] ( [naam locatie] ). Direct na aankomst bij de [naam locatie] op 29 april 2020 heeft verzoeker het terrein aldaar verlaten en zich aan het toezicht van verweerder onttrokken. Op 11 mei 2020 heeft verzoeker tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Hij heeft de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. Het beroep tegen het besluit van het bestuur van het COa is geregistreerd onder zaaknummer AWB 20/
- Daarop zal bij afzonderlijke uitspraak worden beslist. Partijen hebben afgezien van de behandeling van de zaak ter zitting. Zij hebben toestemming gegeven dat het onderzoek ter zitting achterwege blijft. De rechtbank heeft het onderzoek op woensdag 19 augustus 2020 gesloten Overwegingen
- Ingevolge artikel 8:81, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht – voor zover hier van belang – kan, indien tegen een besluit beroep is ingesteld, de voorzieningenrechter van de bestuursrechter die bevoegd is in de hoofdzaak, op verzoek een voorlopige voorziening treffen indien onverwijlde spoed, gelet op de betrokken belangen dat eist.
- Bij uitspraak van vandaag, zaaknummer AWB 20/3948, heeft de rechtbank het beroep in de hoofdzaak waarover dit verzoek om een voorlopige voorziening gaat niet-ontvankelijk verklaard.
- De voorzieningenrechter wijst daarom het verzoek om een voorlopige voorziening af. Omdat de rechtbank het beroep niet-ontvankelijk heeft verklaard, is namelijk geen voorlopige voorziening nodig.
- Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.Beslissing De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af. Deze uitspraak is gedaan door mr. R.J.A. Schaaf, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. A. Vranken, griffier. Als gevolg van maatregelen rondom het Coronavirus is deze uitspraak niet uitgesproken op een openbare uitsprakenzitting. Zodra het openbaar uitspreken weer mogelijk is, wordt deze uitspraak, voor zover nodig, alsnog in het openbaar uitgesproken. - de griffier is verhinderd de - de rechter is verhinderd de uitspraak te ondertekenen - uitspraak te ondertekenen - griffier rechter Afschrift verzonden aan partijen op: Rechtsmiddel Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.