RECHTBANK DEN HAAG Team Jeugd- en Zorgrecht Zaak-/rekestnr.: C/09/588843 / FA RK 20-1001 Datum beschikking: 24 februari 2020 Machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel Beschikking naar aanleiding van het op 20 februari 2020 door de officier van justitie ingediende verzoek tot verlenging van een crisismaatregel, als bedoeld in artikel 7:7 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), ten aanzien van: [de man] hierna te noemen: betrokkene, geboren op [geboortedag] 1984 te [geboorteplaats] , Koeweit, wonende te [woonplaats] thans verblijvende in de accommodatie [verblijfplaats] , advocaat: mr. E.H. van den Pol te Purmerend. Procesverloop Bij verzoekschrift, ingekomen ter griffie op 20 februari 2020, heeft de officier van justitie verzocht om verlenging van de op 19 februari 2020 opgelegde crisismaatregel. Bij het verzoekschrift zijn de volgende bijlagen gevoegd: een afschrift van de beschikking van de burgemeester van de gemeente Den Haag tot het nemen van de crisismaatregel van 19 februari 2020; een op 19 februari 2020 ondertekende medische verklaring van [psychiater] , die betrokkene heeft onderzocht maar niet bij zijn behandeling betrokken was; - een uittreksel uit de justitiële documentatie; - een afschrift van de politiemutaties. De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 24 februari
- Ter zitting zijn de volgende personen door de rechtbank gehoord: - betrokkene, bijgestaan door zijn advocaat; - de [arts] . Omdat een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig is, is de officier van justitie niet ter zitting verschenen. Standpunten ter zitting De betrokkene heeft aangegeven nog langer in de accommodatie te willen blijven en behandeling te krijgen. De arts heeft aangevoerd dat betrokkene nog psychotisch is. Hij is snel maniform en kan dan zeer agressief gedrag vertonen. Op de groep is hij zeer aanwezig en druk. Beoordeling Uit de overgelegde stukken en het behandelde ter zitting is gebleken dat er ten aanzien van betrokkene sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, gelegen in: - ernstig lichamelijk letsel; - ernstige psychische schade; - ernstige materiële schade; -ernstige verwaarlozing of maatschappelijke teloorgang; - de situatie dat betrokkene met hinderlijk gedrag agressie van anderen oproept. Vermoed wordt dat dit nadeel wordt veroorzaakt door gedrag dat voortvloeit uit een psychische stoornis, te weten een psychotische stoornis. De crisissituatie is zo ernstig dat de procedure voor een zorgmachtiging niet kan worden afgewacht. De rechtbank is van oordeel dat, anders dan de in de crisismaatregel genoemde zorg, de volgende vormen van verplichte zorg noodzakelijk zijn om het nadeel af te wenden, te weten: - toedienen van medicatie; - verrichten medische controles; - andere medische handelingen en therapeutische maatregelen; - beperken van de bewegingsvrijheid; - insluiten; - uitoefenen van toezicht op betrokkene; - onderzoek aan kleding of lichaam; - onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen; - controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen; - aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen; - opnemen in een accommodatie. Betrokkene verzet zich niet tegen deze zorg en verblijf in de accommodatie. Toch acht de rechtbank verplichte zorg noodzakelijk. Uit de medische verklaring en wat ter zitting naar voren is gebracht volgt dat het psychotisch beeld bij betrokkene nog aanwezig is. Betrokkene kan vrij plotseling van stemming wisselen waarbij hij bijzonder ernstig agressief gedrag kan vertonen. Van een daadwerkelijke en consistente wens tot verblijf en medewerking aan de behandeling en zorg is daarom niet gebleken. Er zijn dan ook geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben. De voorgestelde verplichte zorg is evenredig en naar verwachting effectief. Uit de stukken blijkt dat rekening is gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen, alsmede met de veiligheid van betrokkene. Gelet op het voorgaande zal een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel worden verleend, welke machtiging een geldigheidsduur heeft van drie weken na heden. Beslissing De rechtbank: verleent een machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel ten aanzien van: [de man] geboren op [geboortedag] 1984 te [geboorteplaats] , Koeweit, inhoudende dat bij wijze van verplichte zorg de volgende maatregelen kunnen worden getroffen: - toedienen van medicatie; - verrichten medische controles; - andere medische handelingen en therapeutische maatregelen; - beperken van de bewegingsvrijheid; - insluiten; - uitoefenen van toezicht op betrokkene; - onderzoek aan kleding of lichaam; - onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen; - controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen; - aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen; - opnemen in een accommodatie; bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met 16 maart 2020; wijst af het meer of anders verzochte. Deze beschikking is gegeven door mr. H.M. Boone, rechter, bijgestaan door A.U. Hatuina als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting van 24 februari
- De schriftelijke uitwerking van deze beschikking is vastgesteld op 25 februari
- Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.