← Nederland

ECLI:NL:RBDHA:2020:6892

RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Haarlem Bestuursrecht zaaknummers: NL20.5501, NL20.5503, NL20.5505 en NL20.5507 uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaken tussen [verzoeker] , geboren op [geboortedatum 1] , V-nummer: [V-nummer 1] , verzoeker, en zijn drie minderjarige dochters: [verzoekster 1] , geboren op [geboortedatum 2] , V-nummer: [V-nummer 2] , [verzoekster 2] , geboren op [geboortedatum 3] V-nummer: [V-nummer 3] , [verzoekster 3] , geboren op [geboortedatum 4] , V-nummer: [V-nummer 4] , allen van Syrische nationaliteit, verzoeksters, (gemachtigde: mr. B. Wegelin), en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: mr. P.P. Zweedijk). Procesverloop Bij besluit van 27 februari 2020 (het bestreden besluit) heeft verweerder verzoekers verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd op grond van artikel 32, eerste lid, aanhef en onder a, van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw) ingetrokken met terugwerkende kracht tot 28 maart

  1. Daarnaast is verzoekers aanvraag tot het verlengen van de geldigheidsduur van de verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd afgewezen op grond van artikel 32, eerste lid, aanhef en onder a van de Vw. Verzoeker heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Daarnaast heeft hij verzocht om een voorlopige voorziening. Bij drie afzonderlijke besluiten van eveneens 27 februari 2020 heeft verweerder de aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel, ingediend op 4 juli 2018, van verzoeksters, niet-ontvankelijk verklaard op grond van artikel 30a, eerste lid, aanhef en onder a van de Vw. Verzoeksters hebben tegen voormelde drie afzonderlijke besluiten eveneens beroep ingediend. Daarnaast hebben zij verzocht om een voorlopige voorziening. Het onderzoek ter zitting heeft, tezamen met de behandeling van de beroepszaken met nummers NL20.5500, NL20.5502, NL20.5504 en NL20.5506 plaatsgevonden op 14 juli
  2. Verzoeker en de gestelde derde echtgenote van verzoeker ( [naam echtgenote] ) zijn verschenen, bijgestaan door hun gemachtigde. Via een telefonische verbinding was als tolk mevrouw L. Makadam aanwezig. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde. Overwegingen
  3. Een voorlopige voorziening is alleen mogelijk als de rechtbank nog niet op het beroep heeft beslist. Bij uitspraak van vandaag heeft de rechtbank uitspraak gedaan op voormelde beroepzaken. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer mogelijk. De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om die reden af.
  4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Beslissing De voorzieningenrechter wijst de verzoeken om voorlopige voorziening af. Deze uitspraak is gedaan door mr. E.I. Terborg-Wijnaldum, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. M. Belhaj, griffier. De uitspraak is gedaan op: Als gevolg van maatregelen rondom het coronavirus is deze uitspraak niet uitgesproken op een openbare uitsprakenzitting. Zodra het openbaar uitspreken weer mogelijk is, wordt deze uitspraak, voor zover nodig, alsnog in het openbaar uitgesproken. Rechtsmiddel Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.