RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Haarlem Bestuursrecht zaaknummers: NL20.10915 en NL20.10917 uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaken tussen [verzoeker] , verzoeker, V-nummer: [#] en [verzoekster] , verzoekster, V-nummer: [#] , tezamen te noemen verzoekers (gemachtigde: mr. C. Chen), en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder. Procesverloop Bij besluiten van 13 mei 2020 (de bestreden besluiten) heeft verweerder de aanvragen van verzoekers tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen op de grond dat Italië verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan. Verzoekers hebben tegen de bestreden besluiten beroep ingesteld. Zij hebben verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen. Overwegingen 1. Verzoeker stelt te zijn geboren op [geboortedatum verzoeker] en verzoekster op [geboortedatum verzoekster] . Beiden stellen de Nigeriaanse nationaliteit te hebben. 2. Op grond van artikel 8:83, vierde lid, Algemene wet bestuursrecht (Awb) kan de voorzieningenrechter, indien onverwijlde spoed dat vereist en partijen daardoor niet in hun belangen worden geschaad, uitspraak doen zonder zitting. De voorzieningenrechter acht in dit geval termen aanwezig om van vorenbedoelde bevoegdheid gebruik te maken. 3. In de beroepszaken (geregistreerd onder nummers NL20.10914 en NL20.10916) waar de onderhavige verzoeken om een voorlopige voorziening aan connex zijn, is door verzoekers onder meer aangevoerd dat zij als kwetsbaar in de zin van het arrest van het Europese Hof voor de rechten van de mens (EHRM) van 4 november 2014 (Tarakhel, ECLI:CE:ECHR:2014:1104JUD002921712) aangemerkt moeten worden en zonder nadere garanties niet kunnen worden overgedragen. Daarbij hebben zij gewezen op enkele door het EHRM getroffen interim measures. Verzoekers hebben aangevoerd dat verzoekster hoogzwanger is en eind juli 2020 is uitgerekend. Ter onderbouwing daarvan hebben verzoekers een e-mail van de verloskundige overgelegd. 4. Naar het voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter hebben verzoekers hiermee voldoende aannemelijk gemaakt dat zij als kwetsbaar moeten worden aangemerkt als bedoeld in het arrest in de zaak Tarakhel. 5. De voorzieningenrechter stelt voorts vast, dat het EHRM een aantal interim measures heeft getroffen in zaken waarin een overdracht aan Italië aan de orde was: M.T. tegen Nederland van 6 september 2019 (no. 46595/19); V.A. tegen Nederland van 16 september 2019 (no. 48062/19): F.O. tegen Nederland van 16 september 2019 (no. 48125/19); A.S. tegen Nederland van 17 september 2019 (no. 48397/19); en S.O. tegen Nederland van 24 september 2019 (no. 49569/19). Het merendeel van deze interim measures zien op (gezinnen met) minderjarige kinderen en ziet één van de interim measures op een zwangere vrouw (de zaak A.S. tegen Nederland, no. 48397/19). 5.1 In deze laatste zaak heeft het EHRM de volgende vragen gesteld: “1) Heeft de Nederlandse overheid (medische) informatie over de vreemdeling(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.