uitspraak RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: NL20.9374 uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen [eiser] , eiser V-nummer: [V-nummer] (gemachtigde: mr. G.J. Dijkman), en de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: mr. J. van Raak). Procesverloop Bij besluit van 23 april 2020 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van eiser tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd niet in behandeling genomen op de grond dat Frankrijk verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan. Eiser heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Verweerder heeft een verweerschrift ingediend. Het onderzoek ter zitting heeft, samen met de behandeling van de zaak NL20.9475, plaatsgevonden op 10 juli 2020, door middel van een Skype-beeldverbinding. Eiser en zijn gemachtigde zijn, met bericht van verhindering, niet verschenen. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde. Overwegingen Verweerder heeft het bestreden besluit gebaseerd op artikel 30, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw); daarin is bepaald dat een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning voor bepaalde tijd niet in behandeling wordt genomen indien op grond van Verordening (EU) nr. 604/2013 (Dublinverordening) is vastgesteld dat een andere lidstaat verantwoordelijk is voor de behandeling van de aanvraag. In dit geval heeft Nederland bij Frankrijk een verzoek om overname gedaan. Frankrijk heeft dit verzoek aanvaard. De rechtbank ziet zich allereerst voor de vraag gesteld of eiser procesbelang heeft bij het beroep. In zijn bericht van 9 juli 2020 heeft verweerder naar voren gebracht dat eiser blijkens een melding van Dienst Terugkeer en Vertrek op 22 juni 2020 met onbekende bestemming is vertrokken, zonder te laten weten waar hij verblijft. De gemachtigde van eiser heeft de rechtbank daarop gemeld dat hij en eiser niet ter zitting zullen verschijnen en heeft toestemming gegeven om het beroep zonder zitting af te doen. De rechtbank leidt uit het niet weerspreken van het bericht van verweerder van 9 juli 2020 af dat de gemachtigde van eiser geen contact meer heeft met eiser en dat eiser met onbekende bestemming is vertrokken sinds 22 juni
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.