RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Amsterdam Bestuursrecht zaaknummer: NL21.6076 uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen [eiser] , geboren op [geboortedatum 1] 1930, [V-Nummer 1] , en [eiseres] , geboren op [geboortedatum 2] 1943, [V-Nummer 2] , beiden van Soedanese nationaliteit, eisers (gemachtigde: mr. M. Spapens), en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: mr. C. van der Zijde). Procesverloop Met het besluit van 24 november 2020 heeft de staatssecretaris de aanvraag om een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) met als doel ‘Verblijf als familie- of gezinslid bij [referent] ’ ten behoeve van eisers afgewezen. De staatssecretaris heeft het daartegen gemaakte bezwaar met het besluit van 26 maart 2021 (het bestreden besluit) ongegrond verklaard. Eisers hebben op 20 april 2021 beroep ingesteld tegen het bestreden besluit. De rechtbank heeft het beroep op 29 juni 2021 met behulp van een Skype-beeldverbinding op zitting behandeld. Eisers hebben zich laten vertegenwoordigen door hun gemachtigde. Ook was aanwezig [referent] bijgestaan door A.H.H. Al Nima, tolk in de Arabisch Soedanese taal. De staatssecretaris heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde. Overwegingen Griffierecht Eisers hebben verzocht om vrijstelling van het griffierecht voor de behandeling van het beroep wegens betalingsonmacht. Ter onderbouwing hiervan is een ingevulde verklaring van afwezigheid van inkomen en vermogen overgelegd. De rechtbank acht aannemelijk dat eisers geen inkomen of vermogen hebben. Gelet hierop wijst de rechtbank het verzoek om vrijstelling van het griffierecht toe. Wat aan deze procedure voorafging Eisers wonen in Soedan en beogen verblijf bij hun dochter in Nederland (referente). Referente is in juni 2018 naar Nederland gekomen en is in juli 2018 in het bezit gesteld van een verblijfsvergunning asiel. Op 30 januari 2020 heeft referente aan aanvraag ingediend voor een mvv ten behoeve van haar ouders. De staatssecretaris heeft de aanvraag van eisers afgewezen en de afwijzing na bezwaar gehandhaafd, omdat geen sprake is van een meer dan gebruikelijke afhankelijkheidsrelatie tussen eisers en referente. De staatssecretaris neemt aan dat referente enige tijd heeft samengewoond met haar ouders, maar zij heeft daar tijdens haar asielprocedure anders over verklaard dan bij de aanvraag. Referente heeft in het nader gehoor verklaard dat zij eind 2017/begin 2018 naar een eigen woonruimte is verhuisd omdat dit beter zou zijn voor de studie van haar zoon. Referente is voor haar vertrek naar Nederland zelfstandig gaan wonen met haar gezin, terwijl zij ook heeft gesteld dat haar ouders juist meer zorg nodig hebben naarmate ze ouder worden. Dat rijmt niet met elkaar. Volgens de staatssecretaris komt hierdoor minder gewicht toe aan het samenwonen. De staatssecretaris neemt aan dat eiseres gezondheidsklachten heeft, maar niet dat zij hierdoor (exclusief) afhankelijk is van referente. De staatssecretaris weegt mee dat eiser – ondanks zijn leeftijd – nog in goede gezondheid verkeert en dat eiseres duurzame medische behandeling krijgt. Daarnaast woont de zus van referente nog in Soedan en zorgt deze ook financieel voor eisers. Referente heeft niet met stukken of overtuigende verklaringen aannemelijk gemaakt dat haar ouders (exclusief) afhankelijke van haar zijn. De bereidheid van referente om voor haar ouders te zorgen is volgens de staatssecretaris gangbaar bij een goede band tussen een meerderjarig kind en haar ouders. Daarnaast is er geen financiële afhankelijkheidsrelatie tussen referente en haar ouders. Eisers hebben hun hele leven in Soedan gewoond en nimmer in Nederland. Hun banden met Soedan zijn dus sterker dan die met Nederland. Ook tussen referentes ouders en haar kinderen worden geen ‘hechte persoonlijke banden’ aangenomen die maken dat sprake is van een meer dan gebruikelijke afhankelijkheidsrelatie. Eisers voeren in beroep aan dat sprake is van een situatie van afhankelijkheid die voldoet aan ‘meer dan gebruikelijke banden’. De woning waar referente in de periode 2017/begin 2018 woonde was op vijf minuten afstand van de woning van haar ouders, zodat zij dit nog steeds kon combineren met de zorg voor haar ouders. Dit moet worden gezien als samenwonen. De focus bij de informatie over het samenwonen moet volgens referente liggen bij de situatie in de afgelopen tien jaar, waarin haar ouders steeds meer op leeftijd zijn gekomen en referente als gevolg daarvan steeds meer een rol heeft gekregen als mantelzorger voor haar ouders. Eiseres heeft last van structurele medische klachten en het is in redelijkheid niet te verwachten dat eiser, die 90 jaar oud is, de zorg voor zijn vrouw op zich neemt die referente voor haar vertrek heeft gegeven. Eisers overleggen een (ongedateerde) medische verklaring van dokter [,naam dokter] . De buurt waarin eisers wonen vergrijst. De staatssecretaris verwacht ten onrechte dat anonieme derden de zorg op zich nemen die tot haar vertrek door referente werd geleverd. Het verblijf van de zus van referente in Soedan is geen oplossing voor de zorg die de ouders nodig hebben, omdat deze voor een internationale organisatie werkt en hiervoor ook vaak moet reizen. Bovendien woont zij op drie en een half uur reistijd. De band van eisers met Soedan is inderdaad sterk, maar zij hebben daarnaast ook een sterke band met Nederland vanwege het verblijf van referente en haar kinderen in Nederland. Beoordeling door de rechtbank 5.
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.