← Nederland

ECLI:NL:RBDHA:2022:14237

Beschikking ex art. 4:209 BW RECHTBANK DEN HAAG Team Handel – enkelvoudige kamer zaaknummer : C/09/526980/ HA RK [-01] Beschikking van 21 december 2022 op het verzoek tot opheffing van de vereffening van de nalatenschap van 29 september 2022 van mr. S. van Wijk in zijn hoedanigheid van vereffenaar van de nalatenschap van [erflater01] , kantoor houdende te 2517 JR Den Haag, Johan de Wittlaan 15, verzoeker. 1 Het ontstaan en verloop van de procedure 1.

  1. Op [datum01] 2016 is [erflater01] (hierna: erflater), geboren te [geboorteplaats01] op [geboortedatum01] 1948, in [plaats van overlijden01] overleden. Zijn laatste woonplaats was in [laatste woonplaats01] . 1.
  2. Erflater is overleden met achterlating van vier afstammelingen, te weten: [naam01] , [naam02] , [naam03] en [naam04] . 1.
  3. De erfgenamen hebben de nalatenschap aanvaard onder het voorrecht van boedelbeschrijving. Op 26 januari 2017 is de beneficiaire aanvaarding van de erfgenamen ingeschreven in het boedelregister. 1.
  4. Op verzoek van de erfgenamen is bij beschikking van 23 februari 2017 van deze rechtbank ir. J.W.J. van Oostrom tot vereffenaar benoemd. Bij beschikking van 14 september 2017 is ir. Van Oostrom in verband met de complexiteit van de vereffening op eigen verzoek ontslagen en is mr. P.C. Rijken in zijn plaats tot vereffenaar benoemd. Bij diezelfde beschikking is mr. G.H.M. Smelt tot rechter-commissaris benoemd. Bij beschikking van 5 maart 2020 is mr. Rijken op eigen verzoek ontslagen en is mr. S. van Wijk tot opvolgend vereffenaar benoemd. Bij beschikking van 10 december 2020 is mr. Smelt op eigen verzoek ontslagen en is mr. R. Cats in zijn plaats tot rechter-commissaris benoemd. 1.
  5. Mr. G.J.B. Schrickx, notaris bij Buren N.V., heeft zich op verzoek van mr. Rijken als boedelnotaris ingeschreven in het boedelregister. 2 Het verzoek 2.
  6. In het verzoekschrift van 29 september 2022 heeft mr. Van Wijk verzocht de opheffing van de vereffening van de nalatenschap te bevelen. Daarnaast heeft hij verzocht de al gemaakte vereffeningskosten (inclusief salaris voormalig vereffenaar en huidige vereffenaar) vast te stellen en deze ten laste te brengen van de boedel. 3 Beoordeling 3.
  7. Op grond van artikel 4:209 lid 1 van het Burgerlijk Wetboek (BW) kan, indien de geringe waarde der baten van een nalatenschap daartoe aanleiding geeft, de kantonrechter op verzoek van de vereffenaar of een belanghebbende hetzij de kosteloze vereffening van de nalatenschap, hetzij de opheffing van de vereffening bevelen. Op een verzoek tot opheffing wordt de verzoeker gehoord of behoorlijk opgeroepen, alsmede voor zover zij bestaan en bekend zijn, de erfgenamen, de vereffenaar en de boedelnotaris. Indien een rechter-commissaris is benoemd, komt de in de eerste zin bedoelde bevoegdheid, op voordracht van de rechter-commissaris, aan de rechtbank toe. 3.
  8. De rechter-commissaris heeft het verzoekschrift met de bevindingen van de vereffenaar ontvangen en heeft hierop aan de rechtbank de voordracht gedaan om op de voet van artikel 4:209 BW de opheffing van de vereffening te bevelen. Op het verzoek van de vereffenaar tot vaststelling van het loon heeft de rechter-commissaris bij beschikking van 15 december 2022 al beslist. 3.
  9. De rechtbank acht genoegzaam aangetoond dat de baten onvoldoende zijn om de vereffeningskosten volledig te voldoen. Uit de rekening en verantwoording blijkt dat sprake is van een negatieve nalatenschap. Voorts heeft de vereffenaar de erfgenamen, de boedelnotaris en de voormalig vereffenaar een afschrift toegezonden van de gedeponeerde boedelbeschrijving en van de afgelegde rekening en verantwoording. De begeleidende brief aan de rechtbank met de toelichting heeft verzoeker ook aan hen toegezonden. Zij hebben schriftelijk verklaard kennis te hebben genomen van voormelde stukken en af te zien van het recht daarover te worden gehoord en dus geen bezwaar te hebben tegen een pro forma behandeling van het opheffingsverzoek. 3.
  10. Het opheffingsverzoek is als op de wet gegrond toewijsbaar. De rechtbank zal dat verzoek daarom toewijzen. 4 Beslissing 4.
  11. De rechtbank: - beveelt opheffing van de vereffening van de voormelde nalatenschap; - ontheft de vereffenaar van de publicatieplicht, met uitzondering van de publicatie in de Staatscourant; - verstaat dat deze beschikking bekend zal worden gemaakt door plaatsing op rechtspraak.nl/uitspraken; - stelt vast dat de griffier de opheffing doet inschrijven in het boedelregister. Deze beschikking is gegeven door mr. R.G.C. Veneman, rechter, bijgestaan door R. Becker, griffier en uitgesproken op 21 december 2022.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.