Rechtbank DEN HAAG Team Jeugd- en Zorgrecht Zaaksgegevens: C/09/639321 / JE RK 22-2544 C/09/639680 / JE RK 22-2598 Datum uitspraak: 21 december 2022 Beschikking van de kinderrechter Wijziging omgangsregeling en; Afwijzing verzoek benoeming bijzondere curator) in de zaak naar aanleiding van de op 7 december 2022 en 15 december 2022 ingekomen verzoekschriften van: Stichting Jeugdbescherming west Haaglanden, hierna te noemen: de gecertificeerde instelling, betreffende: - [minderjarige01] , geboren op [geboortedatum01] 2009 te [geboorteplaats01] , hierna te noemen: [minderjarige01] . - [minderjarige02] geboren op [geboortedatum02] 2014 te [geboorteplaats01] , hierna te noemen: [minderjarige02] , hierna gezamenlijk ook te noemen: de kinderen. De kinderrechter merkt als belanghebbenden aan: [de man01] , hierna te noemen: de vader, wonende te [woonplaats01] , België, [de vrouw01] , hierna te noemen: de moeder, wonende te [woonplaats02] . Het procesverloop Bij beschikking van 15 december 2022 van de kinderrechter in deze rechtbank is bepaald – met wijziging in zoverre van de beschikking van 21 januari 2022 van de rechtbank – dat de vastgestelde omgangsregeling tussen de vader, [minderjarige01] en [minderjarige02] is opgeschort tot 23 december 2022. Het verzoek is voor het overige aangehouden tot de mondelinge behandeling ter zitting. De kinderrechter heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder nu ook: - de verzoekschriften met bijlagen; - voornoemde beschikking van 15 december 2022. Op 21 december 2022 zijn de zaken ter zitting met gesloten deuren behandeld. Daarbij zijn verschenen: - mevrouw [naam01] en mevrouw [naam02] , namens de gecertificeerde instelling; - de moeder. De vader is conform de wettelijke vereisten opgeroepen, maar niet verschenen. [minderjarige01] is in de gelegenheid gesteld om te reageren op het verzoek, maar heeft daarvan geen gebruik gemaakt. Feiten Voor de feiten wordt verwezen naar de beschikking van 15 december 2022. Verzoek en verweer Op 7 december 2022 heeft de gecertificeerde instelling een verzoekschrift ingediend. De gecertificeerde instelling heeft op grond van artikel 1:250 van het Burgerlijk Wetboek (hierna: BW) primair verzocht om (al dan niet ambtshalve) een bijzondere curator te benoemen voor [minderjarige01] en [minderjarige02] en op grond van artikel 1:265g BW verzocht de bij beschikking van 21 januari 2022 vastgestelde omgangsregeling te wijzigen in die zin dat de omgang tussen de vader en de kinderen wordt opgeschort in afwachting van de bevindingen van de verzochte bijzondere curator. Subsidiair heeft de gecertificeerde instelling verzocht om, bij afwijzing van het verzoek tot benoeming van een bijzondere curator, de omgangsregeling te wijzigen en de regie bij de gecertificeerde instelling te laten. Meer subsidiair heeft de gecertificeerde instelling de rechtbank verzocht een beslissing te nemen die in goede justitie wordt geacht. Op 15 december 2022 heeft de gecertificeerde instelling een spoedverzoek ingediend om de omgang tussen de vader en de kinderen op te schorten. De gecertificeerde instelling heeft de verzoeken als volgt gemotiveerd. Er bestaan zorgen over de veiligheid van de kinderen bij de vader en het feit dat er geen goede inschatting gemaakt kan worden van de situatie bij de vader. De vader doet suïcidale uitspraken en er bestaat veel onduidelijkheid over zijn gemoedstoestand. De gecertificeerde instelling heeft geprobeerd met de vader in contact te komen, maar dat is tot op heden niet gelukt. Er is via de Centrale Autoriteit informatie gevraagd over de vader, die in België woont. Die informatie is echter nog niet beschikbaar. Conform de gemaakte afspraken over de omgang zouden [minderjarige01] en [minderjarige02] in de tweede week van de kerstvakantie bij de vader zijn in België. In deze week valt ook de verjaardag van de vader, de dag waarop hij volgens zijn uitspraken mogelijk suïcide wil plegen. Het is noodzakelijk dat de omgang in ieder geval voor die periode wordt opgeschort. Daarnaast acht de gecertificeerde instelling het van belang dat een bijzondere curator wordt benoemd om de belangen van de kinderen te behartigen als de vader strijd heeft met de gecertificeerde instelling. Het is belangrijk dat het contact tussen de vader en kinderen wordt gestimuleerd, maar het is daarvoor noodzakelijk dat een deskundige betrokken raakt om een inschatting te maken van de veiligheid van de kinderen bij de vader. Indien de kinderrechter van oordeel is dat er geen noodzaak bestaat om een bijzondere curator te benoemen, dan is het van belang dat de regie over de omgangsregeling bij de gecertificeerde instelling komt te liggen. De moeder kan vanuit haar rol als moeder daarover geen beslissingen nemen voor de kinderen. De moeder heeft verweer gevoerd tegen de benoeming van een bijzondere curator. De moeder vindt het zorgelijk dat er geen duidelijkheid bestaat over de psychische gesteldheid van de vader, maar zij herkent wel een patroon. Daarnaast vindt zij het ook zorgelijk dat de er voor de kinderen nu veel onzekerheid bestaat over het contact met de vader. Het is voor de kinderen moeilijk te begrijpen, omdat zij het naar hun zin hebben op de momenten dat zij bij de vader in België zijn. De vader betrekt echter wel [minderjarige01] in de bestaande problematiek en dat heeft een negatief effect op [minderjarige01] . De moeder heeft haar twijfels bij de toegevoegde waarde die een bijzondere curator kan leveren, omdat de vader nu ook niet meewerkt met de hulpverlening. Het is ten zeerste de vraag of hij met een bijzondere curator wel tot samenwerking zou komen. De moeder het fijn als de regie over de omgang bij de gecertificeerde instelling komt te liggen, omdat dat voor haar als moeder gelet om de omstandigheden niet mogelijk is. De moeder hoopt dat er rust en voorspelbaarheid in het leven van de kinderen komt door deze maatregel. Beoordeling Benoeming bijzondere curator (ex artikel 1:250 BW) Op grond van artikel 1:250 BW kan de kinderrechter een bijzondere curator benoemen om een minderjarige, zowel in als buiten rechte, te vertegenwoordigen. De kinderrechter kan dit doen als - in aangelegenheden betreffende de verzorging en opvoeding of het vermogen van een minderjarige - de belangen van (een van) de met het gezag belaste ouders of voogd(
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.