RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht zaaknummer: NL22.8392 proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen [naam], eiser V-nummer: [nummer] (gemachtigde: mr. R. Deniz), en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: mr. S. Jalouqa). Procesverloop Bij besluit van 9 mei 2022 (het bestreden besluit) heeft verweerder de aanvraag van eiser tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd in de algemene procedure afgewezen als kennelijk ongegrond. Eiser heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. De rechtbank heeft het beroep, tezamen met de zaak NL22.8393, op 30 juni 2022 op zitting behandeld. Eiser en zijn gemachtigde zijn, met bericht vooraf, niet ter zitting verschenen. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde. Na afloop van de behandeling van de zaak ter zitting heeft de rechtbank onmiddellijk uitspraak gedaan. Beslissing De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk. Overwegingen
- De rechtbank ziet zich voor de vraag gesteld of eiser nog procesbelang heeft bij zijn beroep.
- Bij brief van 28 juni 2022 heeft gemachtigde van eiser meegedeeld dat eiser met onbekende bestemming is vertrokken. Zij heeft geen contact meer met eiser en voelt zich niet meer bepaaldelijk gevolmachtigde om eiser bij te blijven staan en zal daarom niet ter zitting verschijnen. Op zitting heeft verweerder de rechtbank meegedeeld dat hij op 28 mei 2022 bericht heeft ontvangen van het COA dat eiser met onbekende bestemming is vertrokken.
- Uit vaste rechtspraak van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State1 volgt dat wanneer een vreemdeling met onbekende bestemming is vertrokken zonder verweerder te laten weten waar hij verblijft, er in beginsel van uit wordt gegaan dat die vreemdeling geen prijs meer stelt op de door hem aanvankelijk verzochte bescherming in Nederland. Dit is alleen anders als de vreemdeling laat weten dat hij contact met zijn gemachtigde onderhoudt en dus nog prijs stelt op deze bescherming.
- Nu de gemachtigde heeft meegedeeld dat zij geen contact meer onderhoudt met eiser, moet ervan uit worden gegaan dat eiser geen prijs meer stelt op de door hem verzochte bescherming en op een beoordeling van zijn beroep. De rechtbank is daarom van oordeel dat eiser geen procesbelang heeft bij een inhoudelijke beoordeling van het door hem ingestelde beroep tegen het bestreden besluit.
- Het beroep is niet-ontvankelijk.
- Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding. Deze uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 30 juni 2022 door mr. E.F. Bethlehem, rechter, in aanwezigheid van mr. Ż.A. Meinert, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
- Zie bijvoorbeeld de uitspraak van 22 september 2019, ECLI:NL:RVS:2019:
- Dit proces-verbaal is bekendgemaakt op: Documentcode: DSR21302914 Rechtsmiddel Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen één week na de dag van bekendmaking van dit proces-verbaal.