RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht zaaknummer: NL22.263 uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen [Naam], eiseres V-nummer: [Nummer] (gemachtigde: mr. A. Agayev), en de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder. Procesverloop Bij besluit van 15 december 2021 (het bestreden besluit) heeft verweerder tegen eiseres een terugkeerbesluit en een inreisverbod voor de duur van twee jaar uitgevaardigd. Eiseres heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. De rechtbank doet met toepassing van artikel 8:54, eerste lid, van de Awb uitspraak zonder zitting. Overwegingen
- Eiseres stelt te zijn geboren op [Geboortedatum] en de Albanese nationaliteit te hebben.
- Bij het bestreden besluit heeft verweerder tegen eiseres een terugkeerbesluit uitgevaardigd en een vertrektermijn onthouden. Verweerder heeft daartoe vastgesteld dat eiseres niet rechtmatig in Nederland verblijft. Daarnaast heeft verweerder een inreisverbod tegen eiseres uitgevaardigd voor de duur van twee jaar.
- Eiseres is het niet eens met het bestreden besluit en voert daartegen het volgende aan. Verweerder heeft eiseres ten onrechte niet gewezen op de mogelijkheid om een asielaanvraag in te dienen. Verweerder had hierover moeten doorvragen tijdens het gehoor. Het bestreden besluit is daarom genomen in strijd met het Unierecht. De rechtbank oordeelt als volgt.
- Op de vreemdeling die niet of niet langer rechtmatig verblijf heeft rust van rechtswege de verplichting om Nederland uit eigen beweging te verlaten. Deze termijn bedraagt in beginsel vier weken en kan worden verkort. De vertrekplicht en de termijn waarbinnen daaraan gevolg moet worden gegeven worden aan de vreemdeling meegedeeld in een terugkeerbesluit. Aan vreemdelingen van wie een risico op onttrekking aan het toezicht wordt aangenomen kan een kortere termijn voor vertrek worden gegund of kan een vertrektermijn worden onthouden. Een inreisverbod wordt uitgevaardigd als aan een vreemdeling geen vertrektermijn is geboden.
- De rechtbank volgt eiseres niet in haar stelling dat verweerder haar had moeten wijzen op de mogelijkheid om een asielaanvraag in te dienen en hierover tijdens het gehoor had moeten doorvragen. Uit het gehoor kan niet worden afgeleid dat eiseres de wil had om in Nederland asiel aan te vragen. Eiseres verklaart namelijk dat zij in Engeland en Frankrijk asiel wil aanvragen. Een terugkeerbesluit houdt daarnaast slechts de vaststelling in dat het verblijf van een onderdaan van een derde land illegaal is en dat een terugkeerverplichting wordt opgelegd of vastgesteld. De rechtbank stelt vast dat niet in geschil is dat eiseres geen rechtmatig verblijf in Nederland heeft. Ook zijn geen beroepsgronden aangewend tegen de gronden die aan het terugkeerbesluit ten grondslag liggen. Verweerder heeft dan ook terecht een terugkeerbesluit uitgevaardigd en terecht een risico aangenomen dat eiseres zich aan het toezicht zal onttrekken. Verweerder was dan ook gehouden om een inreisverbod uit te vaardigen. De stelling van eiseres dat het bestreden besluit in strijd is met het Unierecht is niet nader geconcretiseerd en onderbouwd. De beroepsgrond faalt.
- Het beroep is ongegrond.
- Verweerder hoeft geen proceskosten te vergoeden. Beslissing De rechtbank verklaart het beroep ongegrond. Deze uitspraak is gedaan door mr. B.F.Th. de Roos, rechter, in aanwezigheid van mr. R. de Mul, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl. De uitspraak is bekendgemaakt op: Bent u het niet eens met deze uitspraak? Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden. Algemene wet bestuursrecht. Artikel 61, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw). Artikel 62, eerste lid, van de Vw. Artikel 62a, tweede lid, van de Vw. Artikel 62, tweede lid, van de Vw Artikel 66a, eerste lid, aanhef en onder a, van de Vw.