vonnis RECHTBANK DEN HAAG Team handel Vonnis in hoofdzaak en vrijwaring van 3 juli 2024 in de zaak met zaaknummer / rolnummer: C/09/649257 / HA ZA 23-542 van ZORGFACTORY B.V., te Ter Apel, eiseres in conventie, verweerster in reconventie, advocaat mr. M.J.W. Hemmes te Drachten, tegen 1ZUIDPLAS CARE BEHEER B.V., te Nieuwerkerk aan den IJssel, gedaagde in conventie, advocaat mr. G.A. Krol te Rotterdam, 2. [bedrijfsnaam 1] B.V., te [vestigingsplaats 1] , gedaagde in conventie, advocaat mr. G.A. Krol te Rotterdam, 3. [naam 1], te [woonplaats 1] , gedaagde in conventie, eiser in reconventie, advocaat mr. G.A. Krol te Rotterdam, 4. [bedrijfsnaam 2] B.V., te [vestigingsplaats 2] , gedaagde in conventie, advocaat mr. M. Snoek te Den Haag, 5. [naam 2], te [woonplaats 2] , gedaagde in conventie, advocaat mr. M. Snoek te Den Haag, en in de zaak met zaaknummer / rolnummer C/09/655593 / HA ZA 23-948 van 1 [bedrijfsnaam 2] B.V., te [vestigingsplaats 2] , 2. [naam 2], te [woonplaats 3] , eiseressen, advocaat mr. M. Snoek te Den Haag, tegen 1 [bedrijfsnaam 1] B.V., te [vestigingsplaats 3] , 2. [naam 1], te [woonplaats 4] , gedaagden, advocaat mr. G.A. Krol te Rotterdam. In de hoofdzaak zullen partijen hierna afzonderlijk Zorgfactory, Zuidplas, [bedrijfsnaam 1] , [bedrijfsnaam 1] , [bedrijfsnaam 2] en [naam 2] genoemd. Gedaagden sub 1, 2 en 3 worden hierna gezamenlijk Zuidplas c.s. genoemd, en gedaagden sub 4 en 5 gezamenlijk [naam 2] c.s. 1De procedure 1.1. Het procesdossier in de hoofdzaak bestaat uit: - de dagvaarding van 6 juni 2023, met producties; - de incidentele conclusie tot oproeping in vrijwaring van [naam 2] c.s., met producties; - de incidentele conclusie van antwoord; - het vonnis in incident van 13 september 2023; - de conclusie van antwoord van [naam 2] c.s., met producties; - de conclusie van antwoord in conventie, tevens eis in reconventie tevens akte houdende producties van Zuidplas c.s., met producties; - de conclusie van antwoord in reconventie; - het tussenvonnis van 20 maart 2024, waarbij een mondelinge behandeling is bevolen; - de producties 24 en 25 van Zorgfactory. 1.2. Het procesdossier in de vrijwaringszaak bestaat uit: - de dagvaarding van 17 oktober 2023, met producties; - de conclusie van antwoord tevens akte houdende producties, met producties; - het tussenvonnis van 20 maart 2024, waarbij een mondelinge behandeling is bevolen. 1.3. De mondelinge behandeling van de hoofd- en de vrijwaringszaak heeft plaatsgevonden op 16 mei 2024. Partijen hebben over en weer hun standpunten verder toegelicht en vragen van de rechtbank beantwoord. De griffier heeft aantekeningen gemaakt van wat partijen tijdens de zitting hebben gezegd. 1.4. Ten slotte is de datum vastgesteld waarop dit vonnis wordt gewezen. 1.5. Op 28 juni 2024 heeft de advocaat van Zorgfactory de rechtbank bericht dat een regeling is getroffen met [bedrijfsnaam 2] en [naam 2] . Zij verzoekt de rechtbank de procedure tegen [bedrijfsnaam 2] en [naam 2] door te halen. [bedrijfsnaam 2] en [naam 2] hebben daartegen geen bezwaar gemaakt. De rechtbank acht daarom de hoofdzaak geëindigd tegen [bedrijfsnaam 2] en [naam 2] en zal in de hoofdzaak tussen Zorgfactory en [bedrijfsnaam 2] en [naam 2] geen vonnis wijzen. 2De feiten in de hoofd- en vrijwaringszaak 2.1. Zorgfactory houdt zich bezig met het in opdracht van zorgorganisaties uitvoeren van zorgtaken, het bieden van (thuis)zorg, en/of dagopvang aan ouderen en aan (andere) minder- of meerderjarige personen. Daarbij beoogt Zorgfactory werkgeversrisico’s en personeelsadministratie van zorgorganisaties over te nemen. Zorgfactory is landelijk actief. 2.2. Zuidplas is op 7 mei 2001 opgericht met [bedrijfsnaam 1] en [bedrijfsnaam 2] als bestuurders en aandeelhouders (ieder 50%). [bedrijfsnaam 1] en [bedrijfsnaam 2] zijn vennootschappen van [bedrijfsnaam 1] respectievelijk [naam 2] . 2.3. Zuidplas is enig aandeelhouder en bestuurder van de besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid Zuidplas Care Villa Zoetermeer B.V. (hierna: Villa), Zuidplas Care W.L.Z. B.V. (hierna: WLZ), Zuidplas Care B.V. (hierna: Care) en Zuidplas Care Zorg B.V. (hierna: Zorg). Deze vennootschappen worden hierna gezamenlijk de Zuidplas Groep genoemd. 2.4. Care is opgericht op 3 juli 2019. Zij hield zich bezig met het verlenen van zorg. Op advies van externe adviseur zijn de activiteiten van Care in mei 2021 opgesplitst en ondergebracht in een holdingstructuur, waardoor de Zuidplas Groep is ontstaan. 2.5. In de Zuidplas Groep werden de inkomsten, die bestonden uit de vergoedingen van de zorgkantoren, ontvangen door Care. Het personeel was in dienst bij Zorg. In Villa waren de activiteiten van een zorgvilla te Zoetermeer ondergebracht. 2.6. In 2021 hebben Care, Zorg en Villa een winst behaald van respectievelijk € 36.993, € 2.367 en € 921. 2.7. Op 2 januari 2023 heeft [bedrijfsnaam 1] via de website van Zorgfactory een offerteaanvraag gedaan voor het uitbesteden van zorg aan Zorgfactory en het overnemen van personeel door Zorgfactory. 2.8. Zorgfactory heeft hierover telefonisch contact opgenomen met [bedrijfsnaam 1] . Naar aanleiding hiervan heeft [bedrijfsnaam 1] nadere informatie verstrekt. Vervolgens heeft Zorgfactory bij e-mail van 17 januari 2023 een offerte toegestuurd, welke offerte op 30 januari 2023 namens Zorgfactory en Care is besproken. 2.9. Op 8 februari 2023 hebben Zorgfactory en Care een overeenkomst van opdracht gesloten (hierna: de overeenkomst). De overeenkomst is namens Care getekend door [bedrijfsnaam 1] en [naam 2] en heeft als ingangsdatum 1 februari 2023. Hierbij is ook een incassomachtiging verleend aan Zorgfactory. 2.10. In de overeenkomst is onder meer bepaald dat Zorgfactory medewerkers zal overnemen. De voor overname benodigde gegevens heeft Zorgfactory eind februari 2023 van Care ontvangen. Per 1 maart 2023 zijn 20 medewerkers van Zorg in dienst gekomen van Zorgfactory. 2.11. Bij e-mail van 22 maart 2023 heeft de accountant van de Zuidplas Groep aan [bedrijfsnaam 1] en [naam 2] de concept-jaarrekeningen 2022 van Care, Villa, Zorg en WLZ toegestuurd en hierover onder meer het volgende meegedeeld: “Gewoonlijk salderen wij de onderlinge rekening-courant zodat de BV’s alleen een rekening courant met de BV hebben die erboven hangt en niet met de BV’s “ernaast”. Dit is ook in de jaarrekeningen van 2021 verwerkt. Per 1-1-2022 hebben we dit echter teruggedraaid om een duidelijker beeld te hebben tussen alle BV’s.” 2.12. Op 28 maart 2023 heeft [naam 2] telefonisch aan Zorgfactory meegedeeld dat Care naar alle waarschijnlijkheid niet aan haar betalingsverplichtingen jegens Zorgfactory zou kunnen voldoen. 2.13. Bij brief van 4 april 2023 heeft Zorgfactory aan [bedrijfsnaam 1] en [naam 2] onder meer laten weten dat voor de werkzaamheden voor Care over maart 2023 een te betalen bedrag openstaat van € 32.519,45, dat de automatische incasso daarvan niet is gelukt, dat duidelijk is geworden dat Care niet aan haar betalingsverplichtingen zal kunnen voldoen en dat Zorgfactory haar werkzaamheden voor Care opschort. Zorgfactory heeft haar werkzaamheden opgeschort per 11 april 2023. 2.14. Bij vonnissen van 18 april 2023 heeft deze rechtbank Care, Zorg en Villa in staat van faillissement verklaard. Deze faillissementen worden door de curator gezamenlijk afgewikkeld. 2.15. Zorgfactory heeft voor haar werkzaamheden onder de overeenkomst aan Care - door middel van facturen van 7 maart 2023 tot 24 april 2023 – in totaal € 91.475,59 in rekening gebracht. 2.16. Op 25 september 2023 heeft Zorgfactory ten laste van [bedrijfsnaam 1] conservatoir beslag laten leggen op de onverdeelde helft van de eigendom van de onroerende zaak staande en gelegen te Gouda aan de Moestuin 4. 3Het geschil in de hoofdzaak in conventie 3.1. Zorgfactory vordert thans, samengevat, dat de rechtbank bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad: I voor recht verklaart dat Zuidplas c.s. onrechtmatig hebben gehandeld jegens Zorgfactory en aansprakelijk zijn voor de als gevolg daarvan of in verband daarmee door Zorgfactory geleden en nog te lijden schade; II Zuidplas c.s. hoofdelijk veroordeelt tot vergoeding van die schade door betaling van € 184.310,88, te vermeerderen met de wettelijke (handels)rente daarover vanaf de vervaldatum van de verzonden facturen tot aan de dag van algehele voldoening, te voldoen binnen acht dagen na betekening van het vonnis; III tot betaling binnen acht dagen dit vonnis aan Zorgfactory van € 2.618,11 aan buitengerechtelijke kosten, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de dag van dagvaarding tot de dag van algehele voldoening; IV Zuidplas c.s. veroordeelt in de kosten van de procedure en de nakosten, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf 14 dagen na vonnisdatum. 3.2. Aan deze vorderingen legt Zorgfactory, samengevat, ten grondslag dat Zuidplas c.s. als (middellijk) bestuurders van Care onrechtmatig hebben gehandeld jegens Zorgfactory, nu Zuidplas c.s. bij het aangaan van de overeenkomst wisten of behoorden te weten dat Care niet aan haar betalingsverplichtingen jegens Zorgfactory zou kunnen voldoen en evenmin verhaal zou bieden. De geleden schade bestaat uit: de vergoedingen die Care verschuldigd was aan Zorgfactory voor de zorg verleend vanaf 1 maart 2023 tot en met 11 april 2023 van € 91.475; de loonkosten van de overgenomen werknemers over de periode 11 april 2023 tot en met 31 mei 2023 van € 74.870,04; en de transitievergoedingen die Zorgfactory aan deze medewerkers heeft moeten betalen van € 17.865,84. 3.3. Zuidplas c.s. concluderen tot afwijzing van de vorderingen. 3.4. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan. in reconventie 3.5. [bedrijfsnaam 1] vordert dat de rechtbank bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, Zorgfactory veroordeelt om het onder 2.16 bedoelde beslag binnen één dag na betekening van het vonnis op te heffen, op verbeurte van een dwangsom van € 5.000 voor iedere dag dat zij hiermee in gebreke blijft. 3.6. Zorgfactory concludeert tot afwijzing van de vordering. 3.7. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan. in de vrijwaringszaak 3.8. [naam 2] c.s. vorderen dat de rechtbank bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, [bedrijfsnaam 1] c.s. veroordeelt om aan [naam 2] c.s. te betalen al hetgeen waartoe zij in de hoofdzaak mochten worden veroordeeld, inclusief de proceskosten van de hoofdzaak, met veroordeling van [bedrijfsnaam 1] c.s. in de kosten van de vrijwaring. 3.9. Hieraan leggen [naam 2] c.s., ten grondslag dat zij door toedoen van [bedrijfsnaam 1] c.s. in de hoofdzaak betrokken zijn geraakt, terwijl [naam 2] c.s. ten aanzien van de de totstandkoming van de overeenkomst geen enkele betrokkenheid hebben gehad. [naam 2] c.s. hadden geen inzage in de administratie van Care en evenmin toegang tot de bankrekeningen. [bedrijfsnaam 1] c.s. hebben [naam 2] c.s. niet of onjuist geïnformeerd. [naam 2] c.s. hadden de overeenkomst nooit getekend als zij op de hoogte zouden zijn geweest van de werkelijke feiten en omstandigheden. 3.10. [bedrijfsnaam 1] c.s. concluderen tot afwijzing van de vordering. 3.11. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan. 4De beoordeling in de hoofdzaak in conventie Toetsingskader bestuurdersaansprakelijkheid 4.1. In dit geschil staat centraal of Zuidplas c.s. als (middellijk) bestuurders van Care op grond van onrechtmatige daad aansprakelijk zijn voor schade die Zorgfactory lijdt ten gevolge van het niet (geheel) nakomen door Care van haar betalingsverplichtingen onder de overeenkomst. 4.2. De rechtbank stelt voorop dat indien een vennootschap tekortschiet in de nakoming van een verbintenis, uitgangspunt is dat alleen de vennootschap aansprakelijk is voor daaruit voortvloeiende schade. Onder omstandigheden kan echter ook de bestuurder worden aangesproken door een benadeelde schuldeiser van de vennootschap als die bestuurder (
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.