← Nederland

ECLI:NL:RBDHA:2024:15698

Rechtbank DEN HAAG Zittingsplaats Gouda CJIB-nummer: [nummer] Registratienummer team straf: 11164733 MB VERZ 24-21146 Uitspraakdatum : 13 september 2024 Beslissing van de kantonrechter, tevens houdende het opgemaakte proces-verbaal van de zitting in de zaak van [betrokkene] wonende dan wel gevestigd te: [postcode] [woonplaats] [adres] , nader ook te noemen: betrokkene. Gemachtigde: mr. L.P. Kabel (Smart Advocaten). Het verloop van de procedure Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna te noemen: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond dan wel niet-ontvankelijk verklaard. Tegen die beslissing is beroep ingesteld bij de kantonrechter. De zaak is behandeld op de zitting van 13 september

  1. Op de zitting is de vertegenwoordiger van de officier van justitie verschenen. Betrokkene is ter zitting verschenen, samen met mr. Kabel. De kantonrechter deelt betrokkene mee niet tot antwoorden verplicht te zijn. Overwegingen Aan betrokkene wordt het verwijt gemaakt dat hij op 6 januari 2023 met het voertuig met het kenteken [kenteken] op de [straat] te Gouda heeft gereden terwijl het voertuig was voorzien van meer lichten of retroreflecterende voorzieningen dan is toegestaan, terwijl betrokkene toen de bestuurder van dit voertuig was. Hierop is betrokkene staandegehouden. Aan betrokkene is een sanctie opgelegd van € 159,00, inclusief administratiekosten. Namens betrokkene heeft mr. L.P. Kabel beroep ingesteld en hij heeft in het beroepschrift onder meer aangevoerd dat: in de Regeling voertuigen diverse bepalingen zijn opgenomen die gelden voor verlichte transparanten; betrokkene als taxichauffeur een dergelijk transparant mocht voeren; betwist wordt dat het transparant met reclame-afbeeldingen op de taxi niet was toegestaan; dit wel mag als het om reclame gaat voor het eigen bedrijf; verwezen wordt naar de pilot in de gemeenten Amsterdam, Den Haag, Rotterdam en Utrecht, waar toestemming is gegeven voor verlichte reclame op het dak van taxi’s. Een beroep wordt gedaan op het gelijkheidsbeginsel; om een proceskostenvergoeding wordt verzocht. Ter zitting heeft gemachtigde hieraan toegevoegd dat betrokkene niet heeft gereden met een voertuig terwijl het is voorzien van meer lichten of retroflecterende voorzieningen dan is toegestaan. De vertegenwoordiger van de officier van justitie heeft meegedeeld de beslissing waarvan beroep is ingesteld, evenals de verwerping van de bezwaren van betrokkene, te handhaven. Ter zitting is daar nog aan toegevoegd dat het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990) voorschrijft dat een verlicht transparant alleen de naam van het taxibedrijf en telefoonnummer mag voeren. Er is ook een kerstwens te zien op de afbeeldingen en dat is geen reclame. De bedoelde pilot betreft een hele andere situatie (andere kleuren dan mag en andere teksten dan toegestaan) dan de onderhavige, zodat het beroep op het gelijkheidsbeginsel niet opgaat, aldus de vertegenwoordiger. De kantonrechter heeft vervolgens op grond van de navolgende overwegingen een beslissing genomen. Het beroep is tijdig ingediend en er is zekerheid gesteld voor de betaling van de boete dus het beroep is ontvankelijk. Het voeren van verlichting die niet is toegestaan betreft een overtreding van artikel 5.2.65, eerste lid, onder a, van de Regeling voertuigen (feitcode 650). Deze bepaling luidt als volgt: “Personenauto’s mogen niet zijn voorzien van: a.meer lichten en retroreflecterende voorzieningen dan in de artikelen 5.2.51, 5.2.51a, 5.2.57 en 5.2.57a is voorgeschreven of toegestaan.” Artikel 5.2.57a, derde lid, van de Regeling voertuigen luidt als volgt: “Personenauto’s als bedoeld in artikel 41a van het RVV 1990, mogen zijn voorzien van verlichte transparanten die afzonderlijk zijn geschakeld en niet langer of breder zijn dan het betreffende voertuig. Artikel 41a, eerste lid, aanhef en onder e, van het RVV 1990 luidt als volgt: “Verlichte transparanten die informatie bieden over de bestemming of het gebruik van het voertuig mogen worden gevoerd door: e. taxi’s.” Uit dit samenstel van wettelijke bepalingen volgt dat sprake is van de gedraging als bedoeld in feitcode 650 wanneer de taxi een verlicht transparant voert met informatie die niet de bestemming of het gebruik daarvan betreft. Volgens de nota van toelichting bij artikel 41a van het RVV 1990 mogen taxi's zijn voorzien van verlichte transparanten die de informatie weergeven over tarieven, en de naam en telefoonnummer van het taxibedrijf. Hiermee wordt de kenbaarheid van de tarieven voor de consument vergroot. Het geeft de consument die op zoek is naar een taxi beter de mogelijkheid de onderlinge prijzen te vergelijken, hetgeen de positie van de consument verstevigt. Tarieven mogen alleen worden weergegeven wanneer de taxi zich bevindt op een taxistandplaats. Volgens het zaakoverzicht voerde de taxi die betrokkene bestuurde verschillende reclame-afbeeldingen en teksten, die steeds afwisselend werden afgebeeld. De kantonrechter begrijpt dat met “teksten” is bedoeld “reclameteksten”. Niet is vermeld welke afbeeldingen en teksten dit precies zijn geweest. Betrokkene heeft op zitting verklaard dat het ging om de naam van de website, een telefoonnummer, de verschillende diensten die werden aangeboden (waaronder een airportservice) en betrof het informatie van twee taxibedrijven, die onder één paraplu vallen. Voor zover de genoemde informatie het taxibedrijf betrof waar de taxi deel van uitmaakt, kan worden gezegd dat het om de bestemming en het gebruik van deze taxi ging. Dat is echter anders voor zover informatie werd gegeven over het andere taxibedrijf. In zoverre is sprake van de hiervoor genoemde overtreding met feitcode
  2. Ten slotte gaat het beroep op het gelijkheidsbeginsel niet op, reeds omdat de pilot waarnaar betrokkene heeft verwezen niet in Gouda plaatsvond en betrokkene niet aan deze pilot heeft deelgenomen. Het beroep zal ongegrond worden verklaard. Voor een proceskostenvergoeding is geen aanleiding. Beslissing De kantonrechter: - verklaart het beroep ongegrond; - wijst af het verzoek om een proceskostenvergoeding. Deze uitspraak is gedaan door mr. H.P.M. Meskers, kantonrechter, bijgestaan door D.C. Carsten, griffier en in het openbaar uitgesproken. De griffier De kantonrechter Als u het met de beslissing op uw beroep niet eens bent, dan kunt u binnen zes weken na toezending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem - Leeuwarden, maar alleen als: a. de u opgelegde administratieve sanctie meer dan € 110,00 bedraagt, of b. uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u niet of niet op tijd zekerheid heeft gesteld. Het beroepschrift moet worden ingediend bij de rechtbank Den Haag, Team Straf en dient door degene die het beroep heeft ingesteld of door zijn gemachtigde te zijn ondertekend. De wet gaat uit van een geheel schriftelijke procedure in hoger beroep, tenzij door u bij het beroepschrift uitdrukkelijk om een mondelinge behandeling van de zaak is verzocht. Het instellen van hoger beroep per e-mail is niet mogelijk.

🔗 Naar officiële bron

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.