RECHTBANK DEN HAAG Zittingsplaats Middelburg Bestuursrecht zaaknummers: NL24.36515, NL24.36517, NL24.36519, NL24.36521, NL24.36523 en NL24.36525 uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaken tussen [verzoeker 1] , V-nummer: [V-nummer 1] [verzoeker 2] , V-nummer: [V-nummer 2] [verzoeker 3] , V-nummer: [V-nummer 3] [verzoeker 4] V-nummer: [V-nummer 4] [verzoeker 5] , V-nummer: [V-nummer 5] [verzoeker 6] , V-nummer: [V-nummer 6] [verzoeker 7] , V-nummer: [V-nummer 7] hierna gezamenlijk aan te duiden als: verzoekers (gemachtigde: mr. A.W.J. van der Meer), en de minister van Asiel en Migratie, voorheen de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder. Procesverloop Bij besluiten van 18 september 2024 (de bestreden besluiten) heeft de minister de asielaanvragen van verzoekers niet in behandeling genomen op de grond dat Kroatië verantwoordelijk is voor de behandeling daarvan. Verzoekers hebben tegen de bestreden besluiten beroep ingesteld. Zij hebben verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen, inhoudende dat de bestreden besluiten worden geschorst zolang de beroepen aanhangig zijn. In zijn brief van 30 september 2024 heeft verweerder verzocht om de verzoeken om een voorlopige voorziening met voorrang te behandelen. De voorzieningenrechter doet op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting. Overwegingen Op grond van artikel 8:81, eerste lid, van de Awb kan de voorzieningenrechter van de bestuursrechter die bevoegd is of kan worden in de hoofdzaak op verzoek een voorlopige voorziening treffen indien onverwijlde spoed dat gelet op de betrokken belangen vereist. De asielaanvragen van verzoekers zijn niet in behandeling genomen op grond van artikel 30, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000, omdat een andere lidstaat daarvoor verantwoordelijk is zoals bedoeld in de Verordening (EU) Nr. 604/2013 (Dublinverordening). Deze verordening stelt een termijn waarbinnen verzoekers dienen te worden overgedragen aan de ontvangende lidstaat. De voorzieningenrechter overweegt dat de beroepen van verzoekers naar verwachting niet kunnen worden afgehandeld binnen deze overdrachtstermijn. De uiterste overdrachtsdatum is namelijk 22 november
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.